ZaNaBoZa.... de getikte avonturen van Paul & Marieke

Alle reizen
14 september 2013

Eindhoven, Tennessee. Next to Japan

Ruim 9100 kilometer zijn we nu van huis verwijderd. Zo zuidelijk als we nu zijn, zijn we nog nimmer in de Verenigde Staten geweest. Ergens kriebelt het om nog 30 kilometer verder naar het zuiden te gaan, en dan Mexico te bezoeken. Maar Tijuana is niet de veiligste plek om dit land binnen te gaan. Toch ook wel vreemd om te bedenken dat slechts 30 kilometer verderop het geweld zo welig tiert. Dit verschil hebben we eerder meegemaakt, maar dat was dichter bij huis. Alhoewel het gevoel zegt dat de grens Namibië – Angola veel verder van huis ligt dan dat San Diego dat doet. San Diego…. Wat heeft het nu eigenlijk te bieden? Het heeft ons beiden nooit zo aangetrokken. Het is natuurlijk ook niet zo bekend zoals New York, San Francisco of Los Angeles zijn, maar de bezoeken aan Seattle en Denver heeft ons geleerd dat ook andere grote steden in de Verenigde Staten de moeite van het bezoeken waard zijn. Zo is het dus ook vrijwel zeker voor ons dat San Diego genoeg heeft wat de moeite van het bezoeken waard is, en de keuze om deze stad tijdens deze tour aan te doen is al snel gemaakt. Sea World en de Zoo zijn natuurlijk dé topattracties van deze stad met ruim 1,3 miljoen inwoners. En het zijn ook meteen het soort attracties waar wij niet zo van gecharmeerd zijn, omdat dergelijk bezienswaardigheden overal ter wereld te bewonderen zijn. Maar het is geen ramp voor ons om enkele topattracties te missen. We doen het ook voor wat minder. Het zijn vaak immers de kleine onbekende dingen die het onvergetelijk maken.

De eerste stop van vandaag was dan ook San Diego Old Town. Hier begon het ooit allemaal voor deze stad. Dit gedeelte is heel toeristisch, maar op de één of andere manier is het totaal niet storend. De mensen in de winkels zijn gekleed in de kleding die men 150 jaar geleden ook droeg. Overal worden kleine toneelstukjes opgevoerd in diezelfde klederdracht. Eigenlijk is het gewoon een groot openluchtmuseum, met talloze souvenirwinkeltjes. Maar voor ieder winkeltje dat er is, is er ook een mini-museum te bewonderen. Het meest bijzondere van dit geheel, is misschien nog wel het feit dat alles gratis toegankelijk is, inclusief het parkeren. Terwijl we door Old Town slenteren, stuiten we plotseling op een verborgen winkeltje dat luistert naar de naam Game Towne. Natuurlijk moeten we daar even naar binnen gaan. Na een tijdje gaan we weer naar buiten, zonder iets aan onze collectie te hebben toegevoegd. Ook d?t is gewoon mogelijk.

We lopen naar het station, en kopen daar een 2-dagen kaart voor het openbaar vervoer. Zoals bijna overal in de wereld met uitzondering van ons koude kikkerlandje, is een dergelijke kaart buitengewoon betaalbaar, en maakt het de keuze om het niet te doen bijna onverantwoord. We gaan met de tram naar het Gaslamp Quarter. Het historische stuk in de moderne stad van San Diego. Ook hier is het commerciëler dan ons lief is, maar ook hier stoort het niet. We kunnen volop genieten van de schitterende oude, zij het stedelijke, gebouwen. De ene nog fraaier dan de andere. Voor Marieke is het natuurlijk mooi meegenomen dat het honkbalstadion van de San Diego Padres ook in deze wijk ligt. Een bezoekje hieraan wordt dan ook meteen gemaakt. Evenals een bezoekje aan de shop om mijzelf van een nieuwe cap te voorzien. Langzamerhand begin ik toch al een behoorlijke collectie petten te krijgen.

Langzaam valt de avond in, en we pakken de tram terug naar Old Town, om daar een hapje te gaan eten. We hebben gelezen dat San Diego dé beste stad in de USA is om Mexicaans te eten, dus die kans willen we niet voorbij laten gaan. Of we gewoon pech hebben, óf we hebben geen verstand van goed Mexicaans eten, feit is dat we hetgeen we deze avond voorgeschoteld hebben gekregen niets bijzonders is vergeleken bij de geweldige maaltijd die we twee jaar geleden in El Molcajete in Scottsbluff gepresenteerd hebben gekregen.

We wandelen langzaam terug richting de auto. Nagenietend van een leuke dag. Net voordat we bij het voetgangerslicht zijn, komt er een jongen aangerend, én drukt snel op de knop van het verkeerslicht. “Beat you!”, roept hij tegen mij terwijl mijn wenkbrauwen dichter bij de maan komen en er een glimlach om mijn mond verschijnt. Hij lacht naar zijn vriend die enkele stappen achter hem loopt. We raken aan de praat, en al snel komt de gebruikelijke vraag, “Where you from?” We vertellen dat we uit Nederland komen. Er wordt enthousiast geantwoord dat ze dat kennen, maar sinds afgelopen maandag weten we dat het niet vreemd is dat men denkt dat Nederland naast Japan op de wereldkaart ligt. Waarschijnlijk wordt hetzelfde enthousiasme getoond als we in het vervolg antwoorden: “Eindhoven, Tennessee”.
Lees het verhaal
13 september 2013

Niet volgens het boekje

Route 1 hebben we volbracht. Althans hetgeen wat we ervan wilden bewonderen. Behoudens dan ??n klein parkje, maar misschien dat we dat op de weg terug nog even meepikken. Misschien ook niet. En dan komt er overleg. Wat nu? Of beter gezegd, waarheen nu? Uiteindelijk viel de keuze op een stadje een kleine 500 kilometer ten zuiden van de plaats waar we deze ochtend nog wakker werden. Grootste nadeel van die afstand was toch wel het feit dat de route ons dwars door Los Angeles zou leidden. Met de reputatie van stad met veel verkeer, zouden we deze liever mijden, maar ja. Niets aan te doen zullen we dan maar zeggen. Normaliter zouden we iets minder dan zes uur nodig hebben, om de afstand te overbruggen. Uiteindelijk bleken het er 9 te zijn geworden. Tel daarbij nog de nodige stops op (om dingen te bekijken ?n om de inwendige mens te versterken), en je kunt begrijpen dat we de hele dag onderweg zijn geweest.

Eén van de stops zorgde ervoor dat we dat we ruim twee uur mochten verblijven in het bekende Santa Barbara. In de reisgids die we bij ons dragen, stond een rondwandeling door het oude gedeelte van deze stad. Toen we halverwege waren, kon de wandeling ons niet echt bekoren. We besloten om wat geocaches te gaan doen, en zie daar. Nu zagen we de dingen die we eigenlijk willen zien in een stad. Nu konden we dwalen door kleine steegjes en terechtkomen in verborgen tuintjes of kleine pleintjes. Al deze fraaie plekjes stonden niet in een reisgids. Zo zie je maar, je hoeft niet altijd alles volgens het boekje te doen.
Lees het verhaal
12 september 2013

Je verwacht het niet

Jon Secada zong het al in 1992. Just another day. Tenminste dat is hetgeen je aan het begin van de dag denkt. Op het einde van de dag blijkt het vaak toch niet weer gewoon een dag te zijn. Er zijn dan allemaal van die dingen gebeurt waarvan je denkt: “Je verwacht het niet.”

Neem nu deze dag. Gewoon weer een dag. De wekker begint om half zeven te zingen. Ik stap soepel en sierlijk uit mijn bed. We ontbijten wat, en voor de klok acht uur slaat zijn we weer op pad. Op weg naar nieuwe avonturen. Na wat boodschappen te hebben gedaan, zoals het bij elkaar sprokkelen van de lunch en het aanschaffen van wat cafeïne voor onderweg, stoppen we voor het eerst vandaag in de alom bekende plaats Harmony. De metropool in Californië is vooral bekend om de hoge concentratie glasblazers die actief zijn in de gemeenschap. Je hebt er nog nooit van gehoord? Misschien ook niet zo verwonderlijk. En als ik je het aantal inwoners in zou fluisteren, zou je ook denken: “Je verwacht het niet.”

We vervolgen onze weg, en na een tijdje zegt Marieke tegen mij: “Dat zijn toch geen koeien?” “Nee,” zeg ik, “dat zijn zebra’s.” Marieke kijkt me aan alsof ik gek ben. Nu kan ik wel zeggen, dat je iets moet denken in de trant van: “Je verwacht het niet.”, maar ik ben bang dat de blik van Marieke weinigen zal verbazen. Want, wees eerlijk, om zebra’s in het wild te zien, dien je in Afrika te zijn en niet in de Verenigde Staten.

We toeren verder. Veel keuze hebben we niet, want om klokslag 12 uur worden we verwacht in Hearst Castle. Er volgen nog een paar korte cache-stops. Onder andere nabij het strand. Zo hebben we ook vandaag weer een heuse ‘stranddag’ gehad. Zonder gekheid, dat hebben we al genoeg vandaag, het uitzicht op de oceaan is weer schitterend. Ruim op tijd arriveren we bij Hearst Castle. en ondanks dat wachten niet echt ons ding is, zit er niets anders op dan de tijd tot 12 uur te doden in de souvernirshop. Alles bij deze attractie ademt commercie uit. De hoeveelheid toeristen, de prijzen in de souvenirshop en het kudde-gedrag van de groep. Maar ach, we hebben weinig keus. Hoewel we begrepen dat er ook een privé toer beschikbaar was. Helaas was deze niet weggelegd voor onze portemonnee. Om op eigen houtje door het kasteel te mogen dolen, moest je wel 750 dollar meenemen. En, “Je verwacht het niet niet”, dat bedrag is dan wel per persoon.

Dan maar keurig de groep volgen…. Klokslag 12 uur begon de bus aan een 5 mile drive tot aan het kasteel. uitstappen geblazen en verder lopen in de groep. Bij de toer die wij gekozen hadden kregen we 7 grote kamers te zien. Deze waren de moeite van het bezoeken waard. Hoewel het wel een allegaartje was, aangezien de eigenaar van het kasteel het motto had: alles is te koop, het is alleen een kwestie van betalen. Dit heeft hij dan ook gedaan en zo kwam er Antwerps tafelzilver voorbij, een pers vervaardigd in Frankrijk en een wandkleed naar een doek van Rubens. Na de toer mochten we zelf de tuinen bekijken. Als we alles denken te hebben gezien, begeven we ons naar de bushalte om weer naar de uitgang te gaan. Een bordje met een pijl wijst ons naar rechts, een gebouw binnen. We kijken elkaar aan en denken beiden, “Je verwacht het niet.” Dit is het tweede zwembad van het kasteel dat we te zien krijgen, en voor ons beiden, is dit misschien wel het fraaiste wat we hier hebben mogen bewonderen.

Nadat blijkt dat we deze audiëntie hebben overleefd keren we weer rustig aan terug naar het hotel. Gisteren passeerden we het plaatsje Morro Bay. Deze plaats heeft een gigantisch rotsblok net voor de kust staan, welke ons deed terugdenken aan onze trip van 2008 door Spanje, toen we in Calpe op een soortgelijk natuurwonder uitkeken. Marieke zei dat ze er wel een foto van zou willen maken, maar dat er helaas nergens plaats was om te parkeren. “Je verwacht het niet”, maar nadat we drie uitzichtpunten zijn gepasseerd, besluit ik op de vierde om de auto te parkeren, zodat Marieke haar felbegeerde foto kan maken.

Het wordt later en later, en nadat we onze magen gevuld hebben, wordt het langzaamaan tijd om het verhaal van de dag te tikken. Natuurlijk dienen dan eerst de foto’s bekeken te worden, omdat we soms wel eens vergeten hoe verschrikkelijk veel we op een dag zien. Zo ook vandaag weer, want bij het bekijken van één van de eerst gemaakte foto’s blijkt maar eens te meer: “Je verwacht het niet!”
Lees het verhaal
11 september 2013

Julia Pfeiffer Burns State Park

6:30 uur. De wekker gaat weer af. Ik zou haast willen zeggen dat ik meteen mijn benen soepeltjes over de rand van het bed zwier. Niets is echter minder waar, aangezien ik deze beweging al een half uur eerder heb gemaakt. Ik steek dus mijn arm uit, om vervolgens de wekker tot het zwijgen te brengen. Het ochtendritueel begint en iets meer dan een uur later zijn we gereed om op walvissenjacht te gaan. Niets spannends, want de walvissen die we willen gaan spotten zijn al jaren geleden overleden. Het enige wat ervan te zien is, zijn de skeletten die zijn overgebleven. Deze zijn op het strand opgezet, en blijken nog groter te zijn dan we hadden verwacht. Vervolgens gaan we op pad naar Natural Bridges State Park. Hier gaan we een natuurlijke brug bekijken, die in de oceaan staat. Rob had het idee dat deze jaren geleden ingestort was. Toen we ter plekke waren, bleek niets minder waar te zijn, en konden we de rotspartij in al zijn glorie bewonderen.

De klok moet nog negen slaan als we weer verder gaan om Highway 1 te volgen. Vandaag is het doel een bezoekje aan het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. Hier heb ik enkele foto’s van gezien die wel de moeite waard waren. Ook de wandeling die noodzakelijk zou zijn om deze foto’s te kunnen maken zou een mooie test voor ons beiden zijn. Maar voordat we daar zijn, maken we onderweg eerst nog enkele stops. Bij één van die stops ontmoeten we een oudere man. We raken aan de praat, en hij vraagt ons waar de reis ons naartoe brengt. Geen idee antwoord ik hem. Als ik even later in de auto zit, besef ik dat ik een gelukkig mens ben, die tijdens de vakantie kan genieten van hetgeen hem kruist op zijn pad. Vrijheid, blijheid dus eigenlijk. Enkele stops verder staan we de Bixby Bridge te bewonderen. Gebouwd in 1932, maar heden ten dage is het nog steeds één van de hoogste betonnen bruggen met een ononderbroken overspanning ter wereld.

Uiteindelijk arriveren we dan toch bij het Julia Pfeiffer Big Sur State Park. We beginnen aan de wandeling richting de waterval. Het is een niet al te lange wandeling van middelmatige zwaarte. Een ideale test dus voor ons beiden. Marieke kan kijken hoe het nu werkelijk met de kracht in haar linkerbeen is gesteld, en ik kan kijken hoeveel ik conditioneel heb ingeleverd. Nadat het de hele ochtend en het begin van de middag bewolkt is geweest, is ondertussen de zon goed beginnen te schijnen. Een mooie aanvulling op de test. Na een goede drie kwartier bereiken we de plek waar we moeten zijn. We zien een fraaie waterval. De foto’s worden gemaakt, en we gaan weer op de terugweg. Via een korte omweg naar een uitzichtpunt over een vallei zijn we weer terug bij de auto. Test geslaagd, en beiden zijn we het erover eens dat dit voor dit jaar wel het maximale is wat we qua afstand en zwaarte aankunnen.

We vervolgen de weg naar het hotel. Dit is nog ruim 3 uur rijden verwijderd van de plek waar we zijn. Omdat het al wat later is, besluiten we om het aantal stops te beperken tot een minimum. Wel jammer, want het ene uitzicht is nog fraaier dan het andere, maar eigenlijk wil ik proberen om voordat het donker wordt, bij het hotel te zijn. De weg is namelijk behoorlijk bochtig, en van straatverlichting hebben ze hier nog nooit gehoord. Plotseling zien we langs de rand van de weg iets wat lijkt op iets wat we niet verwacht hadden hier. We besluiten om toch een extra stop in te lassen. Korte tijd later maken we enkele foto’s van wat misschien wel de grootste verrassing van de dag te noemen is.
Lees het verhaal
10 september 2013

Tussen halve maan en een olfiant

Vandaag hebben we San Francisco achtergelaten. We zijn in deze, in onze ogen relaxte stad, bijgekomen van de jetlag en kunnen aan de rest van de vakantie beginnen. We hebben overigens geen idee of het relaxte gevoel dat je in San Franscisco voelt te maken heeft met de hoeveelheid wiet die je ruikt als je door de stad dwaalt. Maar goed, zoals gebruikelijk vroeg op pad, dat is inmiddels geen nieuws meer.

Onze eerste stop was op Half Moon Bay. De parkeerplaats die we middels een cache uitgezocht hadden, bleek afgesloten dus moesten we verder gaan zoeken. We kwamen uit op een dik betaalde parkeerplaats. Daar mochten we wel de hele dag ons rode monster parkeren, maar we wisten natuurlijk op voorhand al dat we het geen hele dag op een strand vol zouden houden, strandmensen als we zijn. Maar het fraaie uitzicht was zeer de moeite waard. Na een strandwandeling van ruim een uur, kon de reis verder zuidwaarts ingezet worden.

We hebben nog twee korte strand-stops gehad, waarvan één ervan onze verwachtingen overtrof. De prachtige stenen in combinatie met opspattende golven tegen de rotswand aan, gaf een fotogeniek plaatje.

De laatste strand-stop was melancholisch te noemen. Het uitzicht werd daar vergezeld door een jonge man welke op de piano trachtte te spelen.

De tijd begon al weer te dringen, omdat we om 18.00 uur met Rob afgesproken hadden in de spellenwinkel in San Jose. Dus op naar één van de 21 missieposten langs de kustroute, en wel die van San Juan Bautista. Dit zijn Spaanse missieposten opgericht door Spaanse franciscanen met als doel het Rooms-Katholieke geloof te verspreiden onder de bevolking. Het is het beste te omschrijven als een klein open luchtmuseum, maar geeft een goed beeld hoe de mensen er in 1797 geleefd hebben.

Nabij de missiepost lag een steen welke doet herinneren aan het feit dat je oog in oog staat met een deel van de San Andreas Breuk. Maar geen angst, er is geen aardbeving uitgebarsten op het moment dat net wij naar het bord stonden te kijken. Ook al zie je geen echte kloof in de grond, het was toch wel een bijzonder plekje.

Ruim op tijd arriveerden we bij de spellenwinkel. En hoewel onze magen wel iets konden gebruiken, konden we de verleiding niet weerstaan om even te checken welke spellen men in de winkel verkocht. Het was een brede collectie. Meer dan er bij ons in huis aanwezig is, en zelfs meer dan er bij Rob en Tracy aan spellen voorradig zijn. Tsja, en als je er dan een uurtje rondloopt en we ons toch wel verbazing over de hoge prijzen van de bordspellen, is er stiekem toch één klein spel aan onze handen blijven plakken. Het was een spel van Amerikaanse makelij dat niet in Nederland aangeboden wordt. En dan wordt het toch in eens weer interessant. Toen we alle drie tevreden naar buiten gingen (oeps, niets tegen Tracy zeggen…) was het dan echt tijd voor het diner. We hebben heerlijk gegeten in restaurant De Olifant.
Lees het verhaal
9 september 2013

Weggehaald

Dit jaar vertoeven we voor de 4e keer in San Francisco. Qua aantal dagen overtreft het nu het aantal dagen dat we in menige wereldstad hebben rondgedoold. Het is dus niet zo verwonderlijk dat er niet bar veel op het verlanglijstje stond om te bezichtigen. Jammer, zouden sommigen zeggen. Ideaal zeggen wij. Zo zullen we nimmer het gevoel krijgen dat we onze tijd aan het verdoen terwijl we druk bezig zijn met het verwerken van een jetlag. En behoudens dat. Het is alles behalve een straf om in San Francisco een dagje te moeten verblijven. Deze morgen als eerste op zoek naar een spelletjeswinkel. Niet dat die er veel zijn in het hart van de stad, maar de speelgoedzaak die er wel was, zou een redelijke collectie hebben. En inderdaad, het assortiment van de winkel wist ons toch wel te verrassen. Net zoals de prijzen trouwens, maar dan in negatieve zin. Ook dit is niet erg, aangezien we toch niet van plan waren om iets te kopen, maar het bezoeken van een spelletjeswinkel, begint langzamerhand een soortement van gelijke traditie te worden zoals die van het bezoeken van een stadion in een stad.

Na het bezoeken van de speelgoedwinkel én het nuttigen van een kopje koffie, was het tijd om op zoek te gaan naar Grace Cathedral. Één van de hoofddoelen van vandaag. Tijdens het lezen van het laatste boek van Dan Brown, kwam ik erachter dat de deuren van deze kerk een kopie waren van de deuren van het baptisterium in Florence (die op zijn beurt weer een kopie zijn van de originele deuren, maar dat terzijde), die gemaakt zijn door de bekende Italiaanse kunstenaar Lorenzo Ghiberti en die de door de nóg bekendere Michelangelo zijn genaamd tot de Poort van het Paradijs. Tijdens ons bezoekje aan Florence hebben deze deuren een behoorlijke indruk achtergelaten op ons, dus zouden we deze graag nog een keer met eigen ogen willen aanschouwen. Al ging het om slechts een kopietje. Na een redelijke wandeling arriveerden we dan uiteindelijk bij de kerk. Het eerste wat ons opviel, was dat ze ook hier een beetje rekening gehouden hebben met onze komst. Een beetje zullen velen denken. Inderdaad, een beetje, want overal waar we een kerk willen bezoeken, staat deze in de steigers. De kans is natuurlijk heel groot, dat ze dit doen om ons te plezieren, zodat we de kerk van zijn beste zijde kunnen bewonderen. Keerzijde van de medaille is dan wel weer, dat door een gebrek aan planning de renovatie nog niet helemaal klaar is. Of het is zo, dat het allemaal aan onszelf te wijten is, en dat we gewoon te vroeg gearriveerd zijn. Hoe het ook zij, het is zo. We besluiten om de binnenzijde van de kerk te bewonderen. Nu kunnen we zeggen dat dit meer dan de moeite waard is, al is het alleen maar om de werkelijk schitterende panelen over de geschiedenis van de kathedraal te bekijken. Als we al het fraais hebben gezien én een kaarsje hebben opgestoken, besluiten we om op zoek te gaan naar de Ghiberti-deuren. In ons beperkt logisch denkvermogen hebben we het idee dat de deuren ergens aan de buitenzijde zouden moeten zitten. We lopen rondom de kathedraal, maar zien niets. Weer naar binnen, maar behalve het kunstwerk van Keith Haring, dat we in eerste instantie over het hoofd hebben gezien, is er hier niets nieuws onder de zon. Korte tijd later komen we erachter dat de deuren er niet meer zijn in verband met de eerder genoemde restauratie. Zo jammer dat juist dàt is weggehaald. Hebben we voor niets die 8878,71 km afgelegd die de deuren van deze kathedraal scheiden van onze voordeur.

De tijd begint nu te dringen, en we moeten behoorlijk doortippelen om op tijd bij het video-spelletjes-museum te zijn. Om eén uur aldaar hebben we met Rob afgesproken. Met een beetje spanning komen we dichterbij het museum. Hoe we ook kijken geen Rob. Zou er nog een ander soortgelijk museum zijn denken we heel even. Nee, dat kunnen we ons niet voorstellen. We besluiten om naar binnen te gaan, om te kijken of Rob ook binnen is. Minder dan een minuut later zie ik Rob aan komen rennen. Marieke ziet niets, omdat zij met haar rug naar de ingang staat. Benieuwd naar haar reactie, besluit ik niets te zeggen, en een fractie van een seconde later vliegt Rob haar om haar nek. Marieke schrikt niet, iets wat me toch wel verbaasd. En na even kort te hebben bijgekletst, gaan we gezamenlijk genieten van een lunch. Tijdens de lunch blijkt maar weer op hoeveel kleine dingen Rob en ik toch op elkaar lijken, als hij aantoont dat ik niet de enige persoon op de wereld ben die van peper in zijn soep houdt. Na de lunch gaan we wandelen langs de kade in San Francisco. Al wandelend en keuvelend komen we langzaam nabij die andere, al eerder genoemde traditie, namelijk het bezoeken van een stadion. Ook hier zijn we nog nimmer geweest, dus met name voor Marieke is dit wel leuk om te zien. Nabij het stadion ligt ook een geocache, die, naar wat later blijkt, de 1900e geocache is die we vinden. We lopen verder, terug naar de speelgoedwinkel waar hedenochtend onze dag begon, om vervolgens langzaam terug te keren naar ons hotel. Daar pakken we onze auto, om terug te gaan naar Pier 39. Ruim vier mijl hebben we gedrieën gewandeld, en voor onze voetjes was dat genoeg voor vandaag. We dineren bij het Hard Rock Cafe en nemen afscheid van elkaar.

Voor een dag welteverstaan. Morgen hebben we afgesproken in Santa Clara. De locatie? Die kan niet zo heel moeilijk zijn. Een spelletjeswinkel natuurlijk.
Lees het verhaal
8 september 2013

Klein

Amerika, het land van de grote, benzineslurpende auto’s. Auto’s, waarvan de gemiddelde Nederlander een hartverzakking krijgt, als hij alleen maar het geluid van de motor hoort wanneer het gaspedaal wordt ingetrapt. Bijna iedereen heeft dit beeld op zijn netvlies staan. Ook wij, al moeten we zeggen, dat we sinds 2006, het jaar waarin we voor het eerst de VS hebben bezocht, het formaat van de auto’s wel hebben zien krimpen. Maar wat ons vandaag overkwam, kan men zich op het minst een cultuurshock van formaat noemen. Het leek wel of de auto’s nadat ze in de kookwas zijn gedaan, ook nog in de droger hebben gezeten. Bij het stoplicht zou je denken dat je je gewoon in een gemiddelde Europese stad bevond. Een paar Golfjes, een Mini. Een Smartje hier, een Audi A3 daar. Top of the Hill (letterlijk, want we waren bovenop de heuvel van het Golden Gate Park) was het feit dat we een Fiat 500 geparkeerd zagen stagen. Waar we de 1e keer nog met een kleine middenklasser rondtuften door de VS, hebben we nu het idee dat we in een vuurrode kampbak aan het cruisen zijn. Terwijl het toch echt gewoon hetzelfde model is, als we altijd hebben.

Maar dat niet alles in Amerika groot hoeft te zijn, bewees vandaag wel het Holocaust Memorial. Een vrij klein en eenvoudig monument, maar dat toch een onuitwisbare indruk achterlaat op degene die bekijken.
Lees het verhaal
ZaNaBoZa
5 oktober 2011

Back home

I’ve written it a couple of days ago. On average we have 67 readers of our adventures every day. We think that it’s pretty much for two simple people like us. Of those 67, about 5% translates our stories using Google Translate. And I know, that Google does a very bad job at translating Englisch into Dutch. So, to my idea, it is only fair to write one story in English for those 5%. And the other 95%? Well, use Google Translate, or do it yourself.

We left for this years trip on September 10th. We flew to Denver, and just after we arrived in The Mile High City, we picked up our car. The CD’s with Yellowstone Music were still hidden somewhere in our suitcases. Result: We turned on the radio, and the first song we heard, was Radar Love. Performed by the Dutch band Golden Earring. Great song, so turned up the volume and enjoyed it.

Today…. Last day of this years trip. Another great trip I should say, with many highlights and lots of nice suprises. Moments I will never forget. People I will never forget. People like Hans. The guy we met when we were in Cody, together with Rob & Tracy, at the Dug Up Gun Museum. Marieke hold his gun there, and now she wants to fire a gun one day. I know for sure, that dream will come true one day. Places, we didn’t expect, such as the Painted Mine Area, close to Colorado Springs. The pictures we made there don’t represent the beauty of the area, but it’ll be on our minds forever.

Also weird, is the fact that we know now for sure, that people don’t look at us if we were some tourists. Tracy said it to us, back when we were touring in Yellowstone. Since that day, people had offered a job to us. People asked us how they should drive to a particular place. People asked us, what they should do in the area, because they were only there for one day. People asked us, where the closest 7 Eleven was. And last but not least, this morning, during the first flight of today, a nice woman, asked at which part of the West-coast I live, and if I was originally from The Netherlands. Well, in the last part she is absolutely right, but I’m sure, my accent sounds very different then the people at the West-coast speak.

To make a long story a bit shorter. Since the day we arrived this year in the USA, since the moment I hear the song Radar Love, I can’t stop thinking about another song of the Golden Earring. The song they became famous (at least in The Netherlands.) with. I think nobody of our foreign readers know this song, and I also think a lot of Dutch people don’t know the song either. ‘Back home’ it is.

Back home….. As much as I love to travel around the globe. As much as I love to see new places. As much as I love to learn new things. It always feels good to be back home.

[youtube]b_2iQdIxB9U[/youtube]

But if somebody asked me, I would leave next Monday for another 4 week trip. Hawaii sounds good to me…..
Lees het verhaal
3 oktober 2011

Monsters

Gisteren bleek dat het kleine pad van de Grote Beer. toch iets te lang was om gisterenavond nog te lopen. Deze morgen dus terug en we hebben de resterende 8 kilometertjes eventjes gewandeld voordat we in gingen checken voor de vlucht van morgen. De powertrail zoals het allemaal met zo’n mooi woord heet, hebben we nu voltooid, al moet ik er wel bij zeggen, dat we n cache niet hebben kunnen vinden. De kans dat we er ooit voor teruggaan is nihil.

Na het inchecken, nog n maal richting Downtown Denver. Eerst eventjes bij een muziekwinkel binnengelopen om voor wat CD’s te kijken. Toen we weer naar buiten gingen, zullen de verkopers wel gedacht hebben, dat we hele grote fans van Big Head Todd & The Monsters zijn, aangezien we een tasje hadden met daarin een zevental tweedehandse CD’s van deze band. Nu nog wegstoppen in een hoekje in de tas, zodat ze heel thuis arriveren en alles komt goed. Na het inchecken, nog n maal richting Downtown Denver. Eerst eventjes bij een muziekwinkel binnengelopen om voor wat CD’s te kijken. Toen we weer naar buiten gingen, zullen de verkopers wel gedacht hebben, dat we hele grote fans van Big Head Todd & The Monsters zijn, aangezien we een tasje hadden met daarin een zevental tweedehandse CD’s van deze band. Nu nog wegstoppen in een hoekje in de tas, zodat ze heel thuis arriveren en alles komt goed.

Na de muziekwinkel verder naar het laatste doel van deze reis, namelijk een bezoekje aan het stadion van de Colorado Rockies. Aangezien het hierbij om sport gaat, lijkt het mij verstandiger, als mijn vingers ophouden met het beroeren van de toetsen, en het verder overlaat aan Marieke.

Coors Field dus, het thuishonk van de Colorado Rockies. Dit stadion was voor ons niet nieuw, zoals de oplettende en trouwe lezer al wist. Op de eerste dag in Denver hebben we al stiekem een blik mogen werpen in het stadion, het ging toen slechts om enkele minuten aangezien er die dag geen rondleiding verzorgd werd, omdat er een wedstrijd gespeeld moest worden. Nu is het seizoen inmiddels net afgelopen en hadden we vanmiddag de kans om het stadion en al zijn ins en outs te mogen zien in zo’n anderhalf uur. De Rockies hebben een zeer beperkte geschiedenis, aangezien zij pas sinds 1993 bestaan. Ook veel prijzen hebben zij nog niet in hun prijzenkast staan.

Maar niettemin hebben zij een mooi stadion met een capaciteit van ruim 50.000 zitplaatsen. Je kunt al een kaartje bemachtigen voor het luttele bedrag van n hele dollar. Er is tevens plaats voor 1000 rolstoelen en er kunnen zelfs ziekenhuisbedden neergezet worden met een goed zicht op het veld, zodat ook deze fans een wedstrijd kunnen zien.

Ook hier is, net als bij de Broncos, het eigen domein heilig en mogen gasten zich niet begeven in de kleedkamer en het clubhuis van de Rockies zelf. We hebben wel in de dugout van de Rockies plaats mogen nemen!

In het clubhuis van de tegenstander wordt goed voor hen gezorgd. Zij krijgen naast een maaltijd ook een ‘uitgebreide’ spelletjeskast om zich voor de wedstrijd te kunnen vermaken. In het clubhuis van de tegenstander wordt goed voor hen gezorgd.

Het afgelopen jaar zijn er 22 ballen naar binnen gevlogen en deze laten zichtbaar sporen achter. Uiteraard hebben we ook hier de eregalerij en de persruimtes mogen bewonderen. De persruimte staat in open verbinding met het veld, de ramen worden namelijk ingeklapt. Zo kan het gebeuren dat er wel eens een honkbal naar binnen vliegt. De doorsnee supporter zo met man en macht en met gevaar voor eigen leven deze bal proberen te vangen, maar dit geldt zeker niet voor het persgilde. Zij rennen met hun kostbare laptop onder de arm zo snel als mogelijk weg om er zeker van te zien dat hun spullen niet beschadigd raken.

Leuk om deze keer het stadion van binnen te hebben gezien, nadat we in 2006 al een wedstrijd van de Yankees hebben mogen bezoeken. Voor nu zit het er weer bijna op. Nog even alles opnieuw inpakken en reorganiseren in de koffer en we kunnen morgen beginnen aan de lange reis naar huis.
Lees het verhaal
2 oktober 2011

Het kleine pad van Grote Beer

Geen spannende indianenverhalen vandaag, al doet de titel misschien wel iets anders vermoeden. De meesten zullen de titel niet begrijpen, echter ik weet zeker dat er twee mensen zijn, die, als ze de titel vertaald hebben met Google Translate, zullen beginnen te lachen. Mogelijkerwijs gevolgd door een klap met de eigen hand op het voorhoofd, vergezeld met de kreet ‘ O, nee!’? Helaas moeten wij dan antwoorden met ” O, ja! En we vonden het nog leuk ook.’

Gemiddeld worden de zin en onzin van onze belevenissen in de VS door 67 personen per dag gelezen. Wellicht dat het verstandig is, om het een en ander uit te leggen voor de 65 personen die niets van de titel snappen. Voordat ik dit ga doen, eerst even een korte samenvatting van de rest van onze belevenissen vandaag, aangezien Het kleine pad van Grote Beer. (let op de punt achter Beer, die is van groot belang.), maar een korte tijd van onze dag in beslag heeft genomen.

Ieder jaar, dus ook dit jaar, wordt er een dag ingepland om te gaan shoppen. Het is gewoon een feit dat kleren goedkoper zijn hier in de VS dan in Nederland, dus ook al is het van geen van ons beiden een hobby, dit hoort er gewoon bij. Zo gezegd, zo gedaan. Een winkelcentrum uitgezocht, en op pad. Deze was relatief dicht bij, slechts 75 kilometer van ons hotel vandaan. Alle winkels die we wilden bezoeken, waren er Levi’s, Tommy Hilfiger, Lids, Columbia, Adidas en noem ze allemaal maar op. Winkel in, winkel uit. Helaas niet geslaagd, en met lege handen weer verder op pad. Terug naar Colorado Springs, want daar waren we toch in de buurt, om onze verlengsnoer op te halen die we in het vorige hotel vergeten waren (Ja, ik weet het, maar ik kan er echt niets aan doen. Vroeger ben ik blond geweest.).

Op internet vond ik op een of ander forum ook nog een spelletjeswinkel in Colorado Springs die, volgens het forum, een gigantisch grote collectie bordspellen had. Altijd leuk om het nuttige met het aangename te combineren, dus op pad naar de winkel. Daar aangekomen konden we onze ogen niet geloven. De enorme collectie, bestond uit maar liefst drie hele stellingen. En dan waren de spellen ook nog in de breedte uitgestald, deze spellen heeft bij ons een gemiddelde speelgoedzaak. Tja, waarschijnlijk zijn wij wel heel erg verwend, met winkels, waarin complete winkels gevuld zijn met bordspellen die gewoon gestapeld in de schappen staan, omdat het anders niet past. Als je daar een spel wilt bekijken, moet je eerst verschillende andere spellen van de stapel afhalen voordat je het uitgekozen spel kunt bekijken.

Echter, er was ??n spel dat, mede door de prijs van iets meer dan EUR7,50, onze aandacht wist te trekken: Classic Statis Pro Baseball van de uitgever Avalon Hill. Een uitgever die bekend staat om, over het algemeen, goede, zij het strategische, spellen. Op de doos konden we echter niets terugvinden over het aantal spelers voor dit spel. Dus dan maar naar de baliemedewerker om dat te vragen. Nu verwacht ik van een medewerker van een dergelijke speciaalzaak nu niet meteen dat hij een Board Game Geek is, maar ik vind wel, dat hij dient te weten wat hij in de winkel heeft, en dat hij er vol enthousiasme over kan vertellen, enkel en alleen door maar een blik op de doos te werpen. Helaas voor ons, niets van dit alles. Hij pakte de doos aan, bekeek de aan alle kanten en zei dat hij het ook niet wist. Dus toch maar teruggezet in het schap.

Maar nu de verklaring van de titel. Grote Beer., oftewel Big Bear. in het Engels, is een zeer aardige geocacher die we vorig jaar hebben leren kennen. Bij deze ontmoeting, heb ik een speldje van hem gekregen, dat ik sindsdien vol trots op mijn pet draag, maar dit terzijde. Zoals de meesten wel weten, houden wij vooral van de speurtochten, oftewel 10 kilometer lopen en onderweg puzzels oplossen, om dan een plastic bakje te vinden vol met rommel en een stukje papier waar je je naam op mag krabbelen als bewijs dat je er geweest bent. Big Bear. in tegenstelling, vindt het vooral leuk om zoveel mogelijk caches te vinden. Het aantal geocaches dat hij heeft gevonden, is op het moment van typen, 12766. Hij is verzot op wegen, waar iedere 161 meter een cache verstopt ligt. Deze, lange rechte, wegen, waarop vaak dan meer dan 500 geocaches verstopt liggen worden ook wel Power Trail genoemd. Hij heeft op zo’n Power Trail al een keer meer dan 1000 geocaches op een dag gevonden. Niet echt ons ding, maar toch… Het gegeven blijft me op de een of andere manier toch wel interesseren. Bij toeval stuitte ik vanmorgen op een kleine powertrail. 35 geocaches, langs een weg van 7 kilometer.? Toegang voor gemotoriseerde voertuigen was er verboden, dus met een kleine 14 kilometer wandelen, zouden we plotseling 35 puntjes rijker zijn.

Het leek ons wel leuk, om na een dag winkelen, een stukje te wandelen, dus na het bezoek aan de spellenwinkel gingen we op weg naar het begin van het pad. Helaas is het hier om 7:00 uur al aardedonker, en we waren vrij laat, dus het stuk dat we konden lopen, was beperkt. Na een wandeling van iets meer dan anderhalf uur, waarbij we genoten hebben van verschillende hertjes, prairiehondjes en een fraaie zonsondergang, konden we 11 puntjes op ons conto bijschrijven. Het is en blijft een feit dat we meer genieten van ??n puntje na een lange wandeling vol leuke puzzels, maar ook dit heeft zijn charme.? Morgen gaan we op weg om de rest van het kleine pad van Grote Beer. te lopen.
Lees het verhaal
1 oktober 2011

Oranje-Blauw

Ruim een week kijken we in iedere souvenirshop naar een kaart van een Football stadion om te kunnen versturen naar een voor ons onbekende vrouw, welke graag kaarten heeft van Football stadions. Let wel, het gaat hier niet om soccer stadions, want dan wordt het hier nog een graadje moeilijker om aan een kaart te komen, maar om een NFL-Stadion. Hoe we ook zochten, we konden niets vinden. Dat vonden we eigenlijk wel vreemd, want ieder zichzelf respecterend dorpje heeft een eigen footballclub. Niet altijd een professionele op hoog niveau, maar toch op zijn minst een high-schoolteam. (Deze zijn vaak net zo populair als de professionele teams en hebben een grote schare aan supporters).

Maar zoals gezegd, konden we geen kaart vinden. Dan maar wachten tot we in Denver zijn, zodat we daar konden kijken naar een kaart van de plaatselijke footballtrots: Denver Broncos. Het leek ons beter om naar het stadion te gaan en via de offici?le merchandisingweg een briefkaart te kopen. En ach nu we er toch waren, hebben we maar direct gekeken of het niet mogelijk was om een rondleiding te krijgen. En dit maal geen korte priv?-rondleiding, maar een heuse stadiontour. Zo gezegd, zo gedaan en om klokslag 11.00 uur konden we aansluiten in een groepje.

De eerste vraag welke door de dame van de rondleiding gesteld werd, was de vraag van welke NFL-team je een fan was. O, o, dachten wij toen, we hebben in Nederland helemaal geen Amerikaans Football team. Maar toen zij hoorde dat we uit Nederland kwamen, klonk er slechts een ‘WOW’, en was de aandacht al afgeleid van het football-team. We hebben netjes verteld dat we geen echte fans zijn van het spelletje. (Hoewel ik hier wel op de TV het een en ander probeer te volgen).

De rondleiding was erg interessant en zat vol met leuke feitjes. De mascotte van de Broncos is een wit paard. Zijn beeltenis staat boven op het stadion. Een beeld van 9 meter hoog, dat per helikopter vanuit het oude stadion overgebracht is naar het huidige stadion. Bij iedere thuiswedstrijd loopt er een paard langs de lijn alvorens het spel begint. Wanneer de Broncos gescoord hebben, komt dit paard uit de gang van het stadion en loopt lichtelijk provocerend langs de lijn nadat hij de dug-out van het bezoekende team heeft gepasseerd (Er staat een paard in de gang… zeg maar. Maar dan niet bij buurvrouw Jansen, maar bij de Broncos.).

Het nieuwe stadion staat er nu zo’n 10 jaar en heeft een slordige 400 miljoen dollar gekost. Een miljoen is bekostigd door de naamgever van het stadion, 120 miljoen is ‘bij elkaar geraapt’ (lees: heeft een cheque uitgeschreven) door de eigenaar van de club en het overige is bekostigd middels belastinggeld van de inwoners van Denver. (In Eindhoven mopperen ze al als het slechts om een lening gaat!!).

Een plekje bemachtigen in het stadion valt niet mee, zo leerde de rondleiding. Het is voor 95% uitverkocht aan seizoenkaarthouders. Er is een tevens een wachtlijst van 30.000 mensen, die ook in aanmerking willen komen voor een seizoenskaart. Het lijkt dus verstandig om je pasgeboren baby alvast op te geven!!

Er zat trouwens nog wel een Nederlands tintje aan het stadion. Het fiberturfgras is afkomstig uit Haelen! (Een Limburgs-tintje wel te verstaan). Zij beschikken als enige stadion uit de NFL over deze perfecte grasmat.

Het was wel jammer dat we niet in de spelerstunnel en de kleedkamers van de thuisploeg mochten komen. Deze waren niet voor gasten.

Minder indrukwekkend dan Nou Camp, maar zeker de moeite van het bezoeken waard (Misschien het meest verbazingwekkende was nog wel, dat deze woorden uit de mond van Paul kwamen.).

En de kaart…. die was er wel, maar met de oude naamgever van het stadion er nog op. Maar ja, beter iets dan niets, dachten we.

Daarna? nog even naar de stad gegaan. En daar struikelden we over blauw-oranje kaarten. De clubkleuren van…… De Denver Broncos! Met stadion en wel.
Lees het verhaal
30 september 2011

Rotsschildpad

Opschieten, opschieten, flits het door mijn hoofd. Moet het verhaal van de dag op tijd klaar hebben vandaag. Het moet toch ??n keer lukken?

Hedenochtend is mij ter oren gekomen, dat het eerste wat er iedere morgen gedaan wordt, is ons verhaal van de vorige dag lezen. Helaas, soms diende er gewacht te worden, tot het moment daar was, dat er een verlossende e-mail op de digitale deurmat plofte. En als het eenmaal zo ver was, en eindelijk het verhaal gelezen kon worden, dan wordt het net een kinderverhaaltje. Want na het verhaaltje dan…. Inderdaad naar bed.

Goed, dus snel typen, want de seconden tikken weg, en de deadline nadert steeds dichter naarmate de letters onder mijn vingers, abacadabra voor de meesten vormen. En dan ben ik nog eens niet aan het verhaal van de dag begonnen. Een dag waaruit ik honderduit over zou kunnen verhalen, maar helaas is dat niet mogelijk, want die tikkende klok.

Honderduit verhalen over vandaag. Waar moet ik beginnen? Het meest logische zou zijn, om de eerste twee lettergrepen van deze alinea te nemen. Honderd….
Vandaag is het de honderdste dag dat wij in de Verenigde Staten rondreizen. Honderd dagen waarin we honderden dingen hebben gezien en beleefd. Groot en klein. Honderd dagen waarin we honderden mensen hebben leren kennen. De meesten snel vergeten, enkele die weer naar boven komen, bij het teruglezen van de verhalen, en een paar die dagelijks in ons hoofd zijn. Honderd dagen. Ze zijn voorbijgevlogen.
Ik zou ook zomaar twee lettergrepen voor de eerder genoemde twee lettergrepen kunnen zetten. Vijftien…
Vijftienhonderd zou het dan worden, en dat is dan weer het nummer van de mijlpaalcache die we vandaag hebben gevonden. Een nummer dat niets zegt, en toch zoveel betekent voor ons. Vijftienhonderd van die tupperwarebakjes, fotorolletjes, munitiekisten, enz. die we tevoorschijn hebben weten te toveren. Soms 1 cache na een wandeling van 16 kilometer, terwijl we op een andere dag, zoals bijvoorbeeld vandaag, 16 kilometer wandelen en dan onderweg 16 keer een naam op een stukje papier hebben mogen krabbelen.

Nog steeds niet aan het verhaal van vandaag begonnen, en die verdraaide klok. Snel iets nuttigs bedenken dan maar. Eergisteren, of was het gisteren? Ik weet het niet meer (op het moment dat ik deze 5 woorden tik, flitst er een sketch van Bert Visscher door mijn hoofd.), maakt eigenlijk ook niet uit welke dag het was. We houden het voor het gemak maar op de dag voor gisteren. Eergisteren dus, passeerden we een bord, met daarop de tekst Red Rock Canyon Open Area. Interessant klonk dit in onze oren, en in het hotel gearriveerd, zochten we dit op. Leek ons wel aardig om te gaan bekijken, dus deze morgen in alle vroegte op pad naar de Red Rock Canyon Open Area. Heerlijk gewandeld en genoten van de fraaie natuur. Niet zo fraai als die in de Garden of Gods gisteren, maar toch zeer fraai. Ander voordeel van dit park was het feit dat er geocaches lagen. Bij de ingang gekeken naar de wandelingen die er waren, en h??, zie daar, er is zelfs een rotsschildpad. Dat zullen veel mensen leuk vinden, en ??n in het bijzonder denk ik.

Er zijn veel wandelroutes in het park. Teveel om uit te kiezen, we besluiten dan ook om van geocache naar geocache te lopen. Het eerste pad is alles behalve geschikt als rotsschildpad. Veel te steil en te veel rotsen. We vinden onze eerste cache en we gaan verder naar nummer twee. Deze is te vinden op de kam van een rots, en biedt een schitterend uitzicht. We vervolgen onze weg, en de weg wordt geleidelijk aan vlakker. Helaas zal het nog een zware klus worden om dit te beschouwen als een rotsschildpad. Het pad bestaat immers uit een soortement van gravel. We komen bij een grasveldje aan, en hier zijn mensen het spel Cornhole aan het spelen (ik wilde een filmpje uploaden, maar het zou circa 52 uur duren voordat deze online stond. En tja, die tikkende klok, maar gelukkig is er YouTube, dus zie het filmpje hieronder), we blijven even staan kijken en vervolgen onze weg.

[youtube]WdbOMzLKdbA[/youtube]

Meer caches, aangezien het vandaag onze honderdste dag in Amerika is, lijkt het ons wel leuk om ook onze 1500e geocache vandaag te loggen. Moeten er dan nog wel 11 vinden in totaal vandaag, en dat is voor onze doen behoorlijk veel. Snel verder dus. We arriveren bij Newspaper Rock, en inderdaad, er is hier zoveel in de zandstenen rots gekrast door Jan en Alleman, dat het wel een krant lijkt. Helaas, hoe we hier ook zoeken en turen, we vinden geen cache en als rotsschildpad is het hier al helemaal niet geschikt. Op weg naar de volgende dan maar. Een behoorlijk pittige aldus de beschrijving. En inderdaad, als we vlakbij de cache zijn, dan blijkt dat de plek waar we moeten zijn, een oude steengroeve, onder water te staan. Aangezien mijn schoenen zijn beste tijd hebben gehad en allesbehalve waterdicht zijn, besluiten we om de cache vanaf de andere kant te benaderen. Welke kant dat is? Tja, als iets niet van onderaf te benaderen is, dan moet het maar van bovenaf. Zo gezegd, zo gedaan, en enkele minuten later, schuifel ik voetje voor voetje over een richel langs de wand van de steengroeve.

Het klinkt allemaal spannender dan het is, want zo hoog is het niet, en het richeltje is niet zo heel smal, maar je kunt het ook geen rotsschildpad noemen. Ik pak de cache, Marieke verzorgt de fotografie en we loggen deze.

Nog maar 7 geocaches te gaan. Ik ga niet alle caches in dit park beschrijven, maar in totaal hebben we hier ruim 6 kilometer gelopen. Het meeste over behoorlijk pittig en alles behalve geplaveid terrein. Dus een rotsschildpad? Nee, niet echt.

Gisteren (en dit weet ik zeker) moest Marieke naar het toilet. Op zich is dit niet zo heel spectaculair, want iedereen heeft wel eens de behoefte om een sanitaire stop te maken. Terwijl ik sta te wachten, blader ik een tijdschrift door, en zie daarin een kleine foto staan, met daarbij de tekst: Painted Mine. Niets meer, niets minder. Opgezocht, en het gebied ligt op een uurtje rijden vanaf Colorado Springs.

We komen daar aan, bekijken het routebord, en zijn verbaasd, als blijkt dat er ook hier een rotsschildpad zou moeten zijn. We kiezen een route uit, en beginnen aan de wandeling. Wat we hier te zien krijgen, is niet iets wat we hadden verwacht. Kleirotsen vermengd met ijzeroxide. Het resultaat is een schitterend, maar fragiel, kleurenspektakel. Het meest verbaasd zijn we nog wel over het feit, dat je gewoon over en tussen deze tere rotsen mag wandelen. Maar ook hier telt eigenlijk hetzelfde als deze morgen. Geen rotsschildpad. We genieten ten volle, en alle woorden die ik zou kunnen verzinnen, schieten te kort om afdoende te beschrijven wat we hier te zien krijgen. Dit is weer een typisch voorbeeld van zo’n onverwacht pareltje dat je te zien krijgt. Tijdens de wandeling van 10 kilometer die we hier maken, lukt het ook nog eens om voor de vijftienhonderdste keer een geocache te loggen.

We hebben vandaag een bijzondere, schitterende dag beleefd. Als we nu ook nog een rotsschildpad te zien hadden gekregen, dan zou dit een perfecte dag zijn geweest.

Op de TV is nu een bokswedstrijd aan de gang, en ik word zenuwachtiger telkens als de gong op de TV klinkt. De klok die tikt, ik heb nu niet heel veel tijd meer, maar ik ben ervan overtuigd dat er niet heel veel mensen zijn die iets begrijpen van het bovenstaand. Om het voor eenieder duidelijk te maken, vervang overal in het bovenstaande verhaal het woord rotsschildpad door het woord rolstoelpad, en het wordt plotseling helemaal een duidelijk, en alles behalve nonsens-verhaal.

Het mooiste is als iets rond is, inmiddels ben ik ervan overtuigd dat ik op tijd klaar ben met typen. Ook ik ben klaar, heb niets meer te vertellen. Hoef eigenlijk alleen nog maar een eind te breien aan dit relaas. Gelukkig hebben ze daar een mooie oplossing voor gevonden in een kinderverhaaltje. Wat is er dan gemakkelijker om die ook maar gewoon te gebruiken? Niets eigenlijk, dus bij deze dan maar:

En toen kwam er een olifant met een hele lange snuit, en die blies dit verhaaltje uit.

Slaap lekker!
Lees het verhaal
29 september 2011

Onverwacht

Normaal gesproken word ik wakker omdat ik gewoon klaar ben met slapen, deze morgen werd ik iets eerder wakker door iets wat ik niet thuis kon brengen. Telkens klonk er een door merg en been scherend… piiiiieeeeep… door de kamer. Maar opgestaan, het was immers al bijna kwart voor zes, om te gaan onderzoeken wat dit geluid zou kunnen zijn. Al snel trok ik de conclusie dat de harde wind (zeg maar gerust storm), de lamellen van de airconditioning langzaam op en neer bewoog. Aangezien we op de vijfde verdieping zitten, kon ik niet zomaar even naar buiten om dit probleem op te lossen door de lamellen te blokkeren. Maar wat mail gaan lezen, en wat recensies van bordspellen (inderdaad: Alien Frontiers, het blijft toch kriebelen) gelezen.

Daarna op zijn elf en dertigst van het ontbijt genoten, en overlegd wat we vandaag zouden gaan doen. Het originele plan? leek immers niet meer zo’n strak plan om te gaan doen met de harde wind buiten. De keuze viel uiteindelijk om als eerste een grot te gaan bezoeken. Deze stond eigenlijk voor deze middag op de lijst, maar ondanks dat de grot, Cave of the Winds heet, hadden we het idee dat het daarbinnen niet zo hard zou waaien. Daarna zouden we wel weer verder zien.

Zo gezegd, zo gedaan en we gingen op weg naar de grot. Iets meer dan een kwartier parkeerden we de auto, en daar kwam ik tot de ontdekking dat ik mijn fototoestel was vergeten mee te nemen. Terug naar het hotel, camera opgepikt en weer terug. Doordat we nu wat later waren, misten we de eerste tour van 10 uur. Gelukkig, want op het moment dat wij naar binnen mochten voor onze rondleiding, kwam de groep van 10 uur net terug. Een hele meute gillende kinderen kwam voorbij. Ik zou nu dus met een gerust hart kunnen zeggen dat ik mijn camera met voorbedachte rade was vergeten.

Maar goed, de rondleiding door de grotten. Ondanks dat het in een grot aardedonker is, bood deze grot weinig nieuws onder de zon. Het was allemaal wel leuk en mooi, maar als je Grotte Di Frasassi hebt bezocht, dan moet je eerlijk zijn, en bekennen dat deze grotten minder fraai zijn. Hoe dan ook, we hebben genoten van de wandeling, en zelfs nog enkele fraaie foto’s kunnen maken.

Op het moment dat we weer verse lucht inademden, merkten we dat deze niet meer met grote snelheid binnenkwam. Dus de wind was nagenoeg helemaal gaan liggen. Dit was iets wat we wel hadden gehoopt, maar niet hadden durven dromen. We besloten dat het nu tijd was om naar Garden of the Gods te gaan. We hebben wat leuke folders gelezen, en ook de Capitool Reisgids, was uitermate positief hierover (al moet ik bekennen dat ik na het Pueblo avontuur iets minder vertrouwen in deze reisgids heb.). Op pad dus maar.

Colorado Springs, is een van de meer toeristische gebieden die we ooit hebben bezocht in de VS. Dit laat zich in alles terugzien, de bewegwijzering, de vele reclameborden langs de weg, de prijzen. Waarschijnlijk komt dit omdat er hier zoveel op een hoopje te zien is, en dat veel van deze dingen privaat bezit zijn. We waren dan ook aangenaam verrast, toen bleek dat de entree voor Garden of the Gods, gratis is. Dit is iets on-Amerikaans in onze ogen. Al na de eerste bocht wachtte een fraai fotomoment op ons. We maken de foto’s, en gaan op pad richting het bezoekerscentrum. We zoeken daar een paar kortere wandelingen uit, en we gaan op pad. Tijdens de drie uitgezochte wandelingen genieten we van het vele natuurschoon, dat dit, relatief kleine, park te bieden heeft. Het meest bijzondere is toch wel op dit gebied, als het ware uit het niets, rode rotsen zijn. Alle bergen in de omgeving zijn grijs/wit, maar dit gebied is rood. Hier en daar is de overgang tussen de verschillende soorten rots te zien, maar het rood in combinatie met het groen, is een genot voor het oog.

Al met al weer een hele leuke dag. Mooie grotten, mooi park en ‘s avonds weer lekker gegeten. Wat kan een mens zich nog meer wensen?
Lees het verhaal
28 september 2011

Veilige manieren

Vandaag stond er een toeristische attractie op het programma, namelijk Pike’s Peak Cog Railway. Normaal gesproken is een toeristische attractie niet echt ons ding, maar volgens de Capitool is een rit met deze trein zeer de moeite waard.

Pike’s Peak is 14115 feet hoog, of te wel 4.302 meter.? Het is niet de hoogste berg van Colorado, maar is ook geen tuinkabouter te noemen. Ondanks het feit dat we graag onze wandelschoenen aandoen en houden van een uitdaging, hebben we besloten om de berg toch maar niet te voet te beklimmen, maar om zoals gezegd, de trein te nemen.

Ongeveer 5 minuten te laat (ach, de NS heeft meer vertraging) ging de trein beginnen aan de reis omhoog. Na een tijdje leek het of de trein niet meer recht op zijn rails stond, maar als je omkeek stond de trein een tikkeltje overeind. De waterflesjes die niet goed vastgehouden werden door de passagiers, rolden dan ook met regelmaat door de trein. Geen echte aanrader voor mensen met hoogtevrees. Dat bedacht onze overbuurvrouw te laat, waardoor ze de gehele weg (ruim een uur enkele reis) met angst in haar ogen heeft zitten kijken. En hele stukken zelfs niet heeft durven kijken.

Nou zo spannend vonden wij het nu ook weer niet, maar het uitzicht was vaak erg fraai. Boven aangekomen hadden we drie kwartier de tijd om van het uitzicht te genieten en ondertussen nog een cache te vinden, alvorens de trein weer naar beneden ging. We hadden zelfs de mogelijkheid gehad om sneeuwballen te gooien!! Na ruim een uur waren we weer terug bij het station. We hebben ons goed vermaakt en genoten van het uitzicht. Ik denk dat we bovendien nog nooit een cache gevonden hebben op zo’n hoogte. Weer een nieuwe uitdaging erbij;? zoek een nog hoger gelegen cache!!

Alvorens we naar Pike’s Peak gingen, zijn we nog even bij de supermarkt gestopt. De trein zou namelijk om 14.00 uur weer aankomen en dan zou het wel eens tijd kunnen zijn om onze inwendige mens te verzorgen. Elke keer als we bij de Safeways komen, vraagt men aan de kassa naar onze voordeelpas. Die hebben we niet en dus helaas voor ons geen aanbiedingen. Dit doet mij telkens zeer, als ik die paar centen korting niet kan krijgen. Tot vandaag. Want we hebben een voordeelpas gekregen!! Nu kunnen ook wij profiteren van de voordelen en op de kleintjes letten zeg maar. Eerder lukte het ons niet om zo’n kaart te krijgen, omdat onze postcode van 4 cijfers, niet past in de vakjes van de 5-cijferige postcode van de USA. Vandaag was het dus geen probleem en over 8 weken is ons telefoonnummer aan de pas gekoppeld, zodat we ook kunnen profiteren van de korting als we onze pas vergeten zijn!

Voor het avondeten hebben we nog even rondgelopen in downtown Colorado Springs. Niet heel bijzonder te noemen, maar wel aardig, met een paar mooie beelden, winkeltjes en galeries.
Lees het verhaal
27 september 2011

BGG's

Het oorspronkelijke plan was om van Cortez, CO, richting Great Sanddunes NP te rijden. Echter gisterenavond besloten wij, onder invloed van de belachelijke hoge prijs van de hotels in de omgeving en van het feit dat de foto’s van het park ons niet echt hebben kunnen overtuigen, om iets verder door te rijden naar het noorden, zodat we in Colorado Springs zouden eindigen. Klein nadeel van dit, was wel dat het een behoorlijke rit zou zijn, van ongeveer 600 kilometer. Voordeel ervan is, dat we nu een dag hier kunnen blijven. In deze omgeving is behoorlijk veel te zien, en we zijn er dan ook van overtuigd dat we ons hier zullen vermaken de komende dagen.

Zo rond de klok van 3 uur arriveerden wij in Colorado Springs. Dit was de tijd waarop wij hoopten om hier te zijn, zodat we nog een bezoekje aan een museum zouden kunnen brengen. De keuze viel op Ghost Town Museum. Gisteren de site al bekeken, en toen waren we al overtuigd, dat de naam van het museum, beter Wild West Museum zou kunnen zijn. Hetgeen zij lieten zien, was een overdekt openluchtmuseum (sorry, het is krom, maar beter kan ik het niet uitleggen in een paar woorden.), waarin getoond werd, hoe er ongeveer 150 jaar geleden (ten tijden van de goudkoorts.) in deze regio werd geleefd. Het museum was heel leuk van opzet, en we genoten dan ook volop. Helaas was het niet zo heel erg groot, zodat we na een uur al weer buiten stonden. Op naar het hotel dan maar, en een stukje gaan wandelen.

Daarna de stad in om een hapje te gaan eten. Via een site die recensies van restaurants bevat, kwamen we bij Rasta Pasta uit. De navigatie ingesteld, en downtown gereden. Aldaar gearriveerd, de auto geparkeerd, en terwijl we de straat oversteken, valt mijn oog op een winkeltje. Nu zijn wij niet zo van het winkelen, maar er is een bepaald soort winkels, dat op ons een grote aantrekkingskracht uitoefent. Afgelopen week, in Santa Fe, was het ook al gelukt, om ergens achteraf een winkel te ontdekken (zonder er veel moeite voor te hoeven doen) waar ze deze items verkochten. Natuurlijk naar binnen, en doos na doos in onze handen gehad. Had de winkel in Santa Fe nog een indrukwekkende collectie. Vanavond kregen we, zelfs voor Amerikaanse begrippen, een vrij standaard assortiment voorgeschoteld. Catan, 7 Wonders, Dominion, enzovoorts. Al moet ik zeggen, dat, de bij ons zeldzame, doos van Alien Frontiers wel heel erg aanlokkelijk was. Zelfs de prijs van deze viel niet tegen. Maar helaas moet ik Rob teleurstellen. Geen plek in de koffer.

En Rasta Pasta? Snel vergeten maar, niets bijzonders.
Lees het verhaal
26 september 2011

Slapers

Gisteren leerde de Ranger ons tijdens de wandeling door Balcony House dat de indianen geen tijdlijn kennen. Vandaag werd ons hetzelfde verteld, tijdens de wandeling door Cliff Palace. De indianen kunnen niet zeggen, hoelang geleden iets gebeurd is, maar alleen maar dat het is gebeurd. En dat is hetgeen dat telt, de gebeurtenis, niet wanneer en/of hoelang. Ik weet natuurlijk niet hoelang men daar over heeft gedaan, om dit feit te ontdekken, maar volgens mij kan het niet zo heel veel moeite hebben gekost. Wij hebben er namelijk maar twee dagen over gedaan om te ontdekken, dat de Indianen geen tijd kennen. Afgelopen week tijdens de zoektocht naar de Pueblo’s hebben wij dat voor het eerst ontdekt. Volgens de site van de indianen, en volgens het bordje op de deur, zou deze om 8 uur ‘s morgens opengaan. Toen wij echter om iets over 10 passeerden, was alles nog gesloten. Toen we iets later, zo rond de klok van elf, opnieuw passeerden, kwam er een beetje leven in de brouwerij. Een dag eerder, in Santa Fe. Tientallen indianen, hadden een kleedje uitgestald om hun spullen te verkopen. We hadden het idee, dat ze behoorlijk vroeg met uitstallen van hun spulletjes waren begonnen. Enkele kleedjes verder werd al snel duidelijk hoe de indianen hun truc deden. Ze blijven ‘s nachts gewoon slapen. Dekentje over het lijf, rug tegen de muur en maffen maar. En de winkel? Die gaat gewoon open als ze wakker zijn.? Enkele dagen later, op weg richting Cortez, Colorado, afslag Mesa Verde NP, langs de weg, waren een paar kraampjes van indianen. Hier hetzelfde beeld, indianen die in stoeltjes zitten te slapen. Autokraampjes die opengaan als ze wakker zijn. Wanneer dat gaat gebeuren? Geen idee, toe we ‘s avonds weer voorbijreden, zaten ze nog steeds in hun stoeltje. Inderdaad, te slapen. Tijdens de wandeling met de Ranger gisteren, hebben we geleerd dat de indianen ruim 20 jaar deden om een huis te bouwen, haast kenden ze niet. Zouden ze eigenlijk wel gehad moeten hebben destijds, want de gemiddelde levensverwachting was 30 jaar. Ook leerden we dat de namen die de blanken aan de indianen hebben gegeven, door hen als een belediging worden beschouwd. Wel, ze zouden gelukkig moeten zijn met die namen, want de naam die wij aan de indianen hebben gegeven, zullen ze wel helemaal beschouwen als een belediging. Ach, wat maakt het hen nu eigenlijk uit. Ze weten toch niet hoelang ze onze naam al hebben, alleen dat ze hem hebben. Slapers….

Maar zoals gezegd, vandaag weer op pad naar Mesa Verde NP. Dit maal om enkele wandelingen te doen, die we gisteren niet hebben gedaan, en om een wandeling onder begeleiding van een Ranger te doen. Ditmaal door een ander gedeelte van het park. Helaas geldt ook hier dat het niet mogelijk is om de wandeling in je uppie te doen. We vinden het wel begrijpelijk, want anders zou het een grote puinhoop worden, en zou deze plek binnen afzienbare tijd verdwenen c.q. vernield zijn. Het verhaal dat tijdens deze tocht werd verteld, had grotendeels dezelfde strekking als het verhaal van gisteren. Interessant, dat wel, maar eigenlijk niets nieuws onder de zon. Schitterende uitzichten over de oude dorpen die hier zijn gebouwd in de canyonwanden. Nog steeds verbaasd over het ongelooflijke aantal kamers dat de indianen op een klein oppervalk wisten te bouwen, en vooral respect voor de kennis van architectuur die ze klaarblijkelijk toch wel hadden. Echter toen we aan deze wandeling begonnen, hadden we het idee dat we de bekende foto’s zouden zien in real-life. De foto’s van de in loodrechte canyon-wanden gebouwde dorpjes. Niets was echter minder waar, want ook nu liepen we er weer midden doorheen.

Na de wandeling begonnen aan een rondrit, waarbij we allemaal zeer korte wandeling voor onze kiezen kregen, maar toch wandelingen van een behoorlijk inspannend niveau. Bij elke stop, kwamen we een bus tegen met toeristen daarin. Telkens als wij arriveerden, gingen zij weer weg. Bij een van de laatste wandelingen, passeerden wij hen en gingen ze achter ons aan. Bij het allerlaatste punt van de rondrit aangekomen, kregen we de plaatjes voorgeschoteld die in alle reisgidsen staan. De dorpjes op de loodrechte wanden. In de verte zag ik de bus aankomen. We versnelden onze pas om de meute voor te zijn, maar al snel bleek dat niet nodig te zijn. De bus stopte, gaf iedereen welgeteld 10 seconden de tijd om te kijken, en reed weer verder. Nou ja zeg! Zoals gezegd, hier waren de plaatjes te zien uit de reisgidsen, en dan zomaar doorrijden. In mijn ogen is dit net zoiets als bij ieder archeologische vondst in de omgeving van Pisa te stoppen en uitleg te geven, en dan bij de beroemde toren, plankgas doorrijden.

Daarna door naar de laatste wandeling van vandaag. Spruce House. Toen ik aan het begin deze maand een foto tegenkwam, van Mesa Verde tijdens het inscannen van een reisgids, was ik toch wel erg gecharmeerd van deze foto, en wilde ik deze situatie graag zelf zien. In de tussentijd gevonden waar de foto gemaakt was, en vandaag was het dan zover. Een behoorlijke afdaling bracht ons naar Spruce House, en al snel zagen we het punt waar de foto gemaakt was. Helaas afgesloten voor publiek, dus onmogelijk om het met eigen ogen te zien, maar er was wel een soortgelijk punt. Een paar kleine details verschilden, maar een kniesoor die daar op let. Ik wachtte totdat iedereen de ruimte had verlaten en gaf mijn eigen huispitbull, Marieke, de opdracht om de toegang even te bewaken, zodat ik de tijd had om eventueel zelf een foto te maken. Eenieder die Marieke een klein beetje kent, weet dat deze taak haar wel is toevertrouwd, en zodoende daalde ik met een gerust hart af in de kleine ruimte. Snel een paar foto’s gemaakt, en geroepen dat Marieke ook kon komen kijken. Ook zij kon nog enkele foto’s maken voordat er meerdere mensen naar beneden kwamen en het daardoor onmogelijk werd om een foto van de ruimte te maken. Of het mij is gelukt? Ik vind dat ik een voldoende heb gehaald, maar smaken verschillen.

Twee dagen Mesa Verde NP dus. Een onvergetelijk park, en eigenlijk een must om te bezoeken als je in de buurt bent (voor ons is dat binnen een straal van 500 km.). Werkelijk een schitterend, indrukwekkend en leerzaam park. We weten nu veel meer over Slapers….
Lees het verhaal
25 september 2011

Mesa Verde National Park

Vandaag staat Mesa Verde NP park op het programma. H?t park dat dit jaar bij ons allebei hoog op het verlanglijstje stond. Deze ochtend eerst een rit van 2? uur richting het park. Om de ??n of andere reden, schiet het vandaag niet zo op hebben we allebei het idee. We waren al wat later weg dan gewoonlijk, zo rond de klok van half negen, moesten nog wat boodschappen doen onderweg, maar toch stonden we voor 12 uur in het park. Even het een en ander bekijken en vragen in het bezoekerscentrum, en daar krijgen we te horen dat er een gedeelte van het park sinds vandaag is afgesloten. Dit in verband met te weinig bezoekers. Daar valt ons plan toch wel een beetje in duigen, want het gedeelte dat is afgesloten, hadden we voor vandaag in de pijplijn zitten. Change of plans dan maar.

We besluiten het programma van morgen op te splitsen in twee dagen, en vandaag slechts ??n wandeling te doen. Deze wandeling is uitsluitend in groepsverband te doen. Wel jammer en niet echt ons ding, maar ja, we hebben geen keus. En als je iets wilt zien, dan zul je zo af en toe toch een compromis moeten sluiten. Netjes in de rij dus, om de wandeling naar Balcony House te doen. Volgens de, alleraardigste, ranger, valt de grootte van de groep erg mee. Volgens ons valt hij tegen, want Marieke telt maar liefst 32 personen. Normaal gesproken, drentelen we een beetje achter de groep aan, maar helaas is dat niet mogelijk. De ranger wacht totdat iedereen het hek is gepasseerd, en sluit het dan af, nadat de laatste persoon er doorheen gelopen is.? We krijgen een geweldig goede uitleg over hetgeen we zullen gaan zien, en vervolgens gaan we op pad naar het tweede afgesloten hek.

Nu weer hetzelfde verhaal. Alhoewel bijna het zelfde verhaal, want hetgeen de ranger op dit punt vertelt, is toch wel iets anders. Maar ik denk dat iedereen de strekking begrijpt van hetgeen ik bedoel. Als we de volgende poort passeren, moeten we een houten trap op van 10 meter hoog. Indrukwekkend, om op zo’n manier een loodrechte canyonwand te bestijgen. Als we boven zijn aangekomen, krijgen we precies dat te zien waarvoor we zijn gekomen.

Het meest verbazingwekkend vind ik nog wel, dat zowat alles wat we zien nog in originele staat is. Hier staan huisjes met nog strakke muren al meer dan 800 jaar. Zoals ik al eerder heb gezegd, indrukwekkend. De huisjes zijn klein. Zeer klein. Op een inham in de canyonwand van 60×6 meter, hebben circa 60 mensen gewoond en gewerkt.

Er was maar ??n manier om er te komen, en dat was ook nog eens niet de meest gemakkelijke. Wij verlaten dit dorpje via de weg die de indianen die hier vroeger hebben gewoond, gebruikt hebben om binnen te komen.

O ja, terwijl we in het dorpje waren, stopte mijn camera er weer mee. Een noodgreep maakte dat hij het weer deed. Maar liefsts 2 foto’s kon ik maken voordat 350 weer dienst weigerde. Weer de noodgreep. 10 foto’s. Noodgreep. Niets. Noodgreep. Niets. Nu ben ik niet zo van de verbale verwensingen, maar op dat moment heb ik zo ongeveer alles en iedereen inwendig verwenst? die maar enigszins een beetje heilig is.

We besluiten dat er eigenlijk maar een oplossing is die afdoende zal werken. Een nieuwe body. Zo gezegd, zo gedaan, dus we gaan op pad naar Wal-Mart om naar een nieuwe body te kijken. Ik heb nog even zitten twijfelen over een compactcamera, maar wist eigenlijk diep van binnen wel, dat ik daar uiteindelijk spijt van zou gaan krijgen. En hier juichen we voor het eerst de 24/7 economie toe van de VS. Want waar lukt het in Nederland om op een willekeurige zondag, om kwart over zes ‘s avonds een nieuwe spiegelreflexcamera te kopen? Bij mijn weten nergens. Hier is het geen enkel probleem. Enige minpunt is dat ze geen losse body verkopen. Alleen een set in combinatie met een lens die ik al heb. Niet echt interessant dus en we kijken nog even verder.

Lang leve 24/7 dus. Alhoewel het mij toch nog steeds blijft verbazen, hoe het kan dat er mensen zijn die ‘s nachts om 1 uur in bed liggen te slapen, wakker worden en besluiten om op dat moment een GPS te gaan kopen.

Enkele dagen geleden, toen we nog in Santa Fe verbleven, zagen we overal souvenirs met daarop luchtballonnen. Een vriendelijke mevrouw vertelde ons dat volgende week het grootste luchtballonnen festival ter wereld plaatsvind in Albuquerque. We namen het allemaal voor waar aan, maar toen we dat via Skype vertelden, kregen we toch wel de vraag of we daar niet even langs gingen om te gaan kijken. Het antwoord, was dat het ruim 1000 kilometer rijden is, omdat we dan in Denver zitten, en dat alle hotels in Albuquerque al een jaar volgeboekt zijn. Maar wie zouden we zijn, als we niet alles doen om iedereen tevreden te houden, en proberen om een oplossing te bedenken?

Deze avond dus, op speciaal verzoek, een luchtballonnenfestival bezocht. Hieronder een kort filmpje. Ik hoop dat iedereen nu gelukkig is.

[vimeo]29585960[/vimeo]
Lees het verhaal
24 september 2011

350, 127, 013 of toch maar een ander getal?

Afgelopen zomer zagen we de? film 127 hours, een film over een jongen die over en door kleine canyons klimt en springt en uiteindelijk vast komt te zitten onder een rotsblok. Niemand die hem hoort of ziet, en uiteindelijk lukt het het hem om zichzelf uit zijn benarde situatie te bevrijden door met behulp van een zakmes zijn arm te amputeren. Indrukwekkende, waargebeurde, film, die we iedereen kunnen aanraden om een keer te kijken. Op 26 augustus, werden bekenden van ons toch wel iets of wat benauwd over onze trip van dit jaar, toen ze het nieuws lazen, dat een Tilburger en zijn vriendin waren omgekomen in Joshua Tree NP. Beide verhalen, hoe dramatisch ook, zijn toch een gevalletje van eigen schuld, dikke bult. In het eerste geval, is het een kwestie van overmoed, onvoorzichtigheid en het afwijken van de gebaande paden. In het tweede geval een kwestie van dommigheid. Je dient immers altijd meer dan voldoende water mee te nemen, en op het moment als je met de auto vast komt te zitten, in de auto blijven wachten.

Ik zal niet zeggen, dat ons niets zal gebeuren. Natuurlijk is er altijd iets mogelijk, maar afwijken van de gebaande paden doen we niet, en we zorgen er altijd voor dat we geen weg inrijden, waarbij staat aangegeven dat deze uitsluitend geschikt is voor een 4WD aangedreven wagen. Ook zorgen we er altijd voor, dat als we gaan wandelen, dat we ruim voldoende water bij ons hebben.

In het geval van de Nederlanders, hadden we toch wel een beetje moeite om het te begrijpen. Tot we vandaag aan een wandeling begonnen, en voor ons twee mensen zagen lopen met teenslippertjes aan, een een half flesje water (circa 250 ml) in de hand. Om nu te zeggen, dat ze erom vragen dat er iets gebeurt, gaat wel een beetje ver, maar het is verre van slim. Nee, dan wij. We liepen ieder met een rugzak: EHBO-spullen, ruim 3 liter water, een GPSr voor het geval dat we verkeerd mochten lopen, extra batterijen, stevige wandelschoenen, bescherming voor het hoofd (pet) zodat deze niet oververhit raakt. En dat allemaal voor een wandeling van een uurtje of twee. Waarschijnlijk verklaart men ons wel voor gek, maar goed, dat is hun keus. Wij willen morgen ook graag nog mooie dingen zien. Het gehalte gek zijn, werd waarschijnlijk nog hoger, op het moment dat wij de benodigde vergunning invulden (naam, adres en welke route we gingen lopen), en deze netjes voor het raam van onze auto plaatsen, zoals vereist was. Wie doet nu zoiets? Aan de auto’s op de parkeerplaats te zien, niet veel mensen, want ik zag bij slechts ??n auto een permit voor het raam liggen. Tja, hoe dom kun je zijn?

Maar goed, uiteindelijk op pad. Op aanraden van een Park Ranger van het Chaco Culture NHS, kozen we voor een pad van gemiddelde zwaarte. Op het moment dat we een kleine kilometer hadden gelopen keken we elkaar aan, en zagen we voor de eerste keer deze trip, een pad zoals wij ze graag hebben. Niet geplaveid, maar ook niet onverantwoord op op te klimmen en af te dalen.

[vimeo]29546061[/vimeo]

Het pad zou ons uiteindelijk leiden naar een uitzichtpunt over een oude stad van de indianen. Gebouwd tussen 800 & 1200AD. Het uitzicht over deze stad was inderdaad adembenemend. Ik maak een paar foto’s. Klik, klik, niets…

Niets, inderdaad. Mijn camera houdt er mee op. Err99 zegt het beeldscherm. Batterijen verwisseld. Geen resultaat. Lens verwisseld. Geen resultaat. CF kaart verwisseld. Geen resultaat. Wat ik ook deed, mijn Canon 350 bleef in alle talen zwijgen.

We vervolgen het pad, en we doen nog een paar wandelingen. Ondertussen samen brainstormend over wat er nu mis zou kunnen zijn met het toestel. Ondertussen gewoon genieten van dit juweel van een park, want dat zouden we bijna vergeten in alle commotie.

Als we in het hotel zijn aangekomen, probeer ik op internet op te zoeken wat de remedie is voor mijn camera. De meeste berichten die ik lees, is dat het eigenlijk gewoon het beste afgeschreven kan worden, en laat dat nu net niet het bericht zijn, dat ik wil lezen. Dan ziet Marieke een post staan, dat er mogelijk een contact van de lens vuil is. Niet geschoten is altijd mis, en ik probeer deze zuiver te maken. Herplaats de lens, en wonder boven wonder. De camera werkt weer. Voor hoelang. Geen idee, maar het zal wel tijd worden, om eens te gaan nadenken wat ik wil als mijn camera echt gehemeld is.

En over het getal. De 350 doet het nog wel een tijd hoop ik, en we hebben geen behoefte aan 127 of 013. We doen het wel op onze eigen manier. Een beetje uitdagend, verantwoord en volgens de regeltjes. En als dat een getal moet hebben. Ach, doe dan maar 040.
Lees het verhaal
23 september 2011

Madrid en de indianen

Ieder jaar hebben we wel een dag die op het moment van de dag zelf een beetje als verloren voelt. Dit jaar was dat vandaag. Vandaag was het niet zo’n dag, maar een zo-zo dag.

Enkele reisgidsen hebben we ingescand om zodoende gewicht te kunnen besparen. Daarbij hebben we ook nog onze vertrouwde reisgids van de gehele USA meegenomen ?n nog een Engelstalig reisgids van de Nationale Parken van Amerika. Tel daarbij ook nog eens miljoenen internetpaginas op. Aan inspiratie geen gebrek dus, zou men zeggen, en dat klopt ook. Maar twee dagen de tijd in Santa Fe, en een lijstje gemaakt voor minsten drie dagen. Keuzes maken dus. Geen enkel probleem. De Indiaanse Pueblos leken ons wel leuk om te bezoeken. Pueblos zijn oude Indiaanse nederzettingen die door de Indianen in stand worden gehouden, door middel van de inkomsten die gegenereerd worden door het toerisme. Het behouden van geschiedenis is belangrijk, en graag willen we dit zelf aanschouwen, dus dit is iets wat we willen gaan doen. Eerste stap is natuurlijk om uit te zoeken waar je heen moet. Het navigatiesysteem was niet op de hoogte van deze pueblos, dus dan maar even opzoeken op het internet. Oeps, volgens de site van de pueblos, is het adres 100 kilometer ten zuiden van waar wij zitten, terwijl op de kaart het ongeveer 35 kilometer ten noorden zou moeten liggen van de plaats waar wij zitten. Na een uurtje surfen toch iets gevonden waar we mee verder konden (lang leve de geocaches), en deze ochtend dus vol goede moed op pad. Spoedig werd de juiste afrit gevonden, en gingen we op weg naar de Indianen. Althans, dat dachten we. Het enige dat we vonden, was een rots in de vorm van een kameel.

Tien kilometer verderop maar weer omgedraaid, en weer teruggereden. Nu weten wij ook wel, dat de Indianen vroeger meesters in het camoufleren waren, maar dit slaat werkelijk alles, we zien helemaal niets. Geen pueblo te bekennen. We passeren nogmaals, de kameel en bedenken dan dat er 8 pueblos hier zijn. Geen nood dus, we gaan gewoon naar de volgende. Wel zijn we benieuwd hoe we nu de toegangsprijs voor deze tour moeten betalen, aangezien we volgens het internet deze dienden te betalen in de eerste Pueblo. Ach, we zullen wel zien en de volgende pueblo laat zich wel gemakkelijk vinden, en al spoedig rijden we stapvoets door het dorpje. Een reisgids leerde ons, dat deze pueblo gelegen is in een vruchtbaar dal aan een meer, met uitzicht op watervallen en een bizonranch. Yeah, right.

De omschrijving klopt niet helemaal met hetgeen we in werkelijk op onze netvliezen zien. Men zo in een reisgids over Nederland over Spoordonk kunnen schrijven: “Deze metropool, met een grote internationale luchthaven en enkele van de hoogste gebouwen van het land, is wellicht de belangrijkste stad van het land.” Jammer, maar helaas, n?t niet dus. Hetgeen we wel te zien krijgen, is niets meer dan een dorp met huisjes die we gisteren ook al gezien hebben in Santa Fe. Met dezelfde slapende mensen erbij.

Als we deze lichte teleurstelling aan het verwerken zijn, passeren we een bord met de duidelijke (foutieve) Engelse tekst “No taking pictures”. Op dat moment heb ik het helemaal gehad met die Indianen. Als ik ergens een grondige hekel heb, dan is het aan mensen die niets anders doen dan hun handje ophouden om aan geld te komen. En hier zijn ze zelfs d??r te beroerd voor. Hebben wel goed het spreekwoord in hun oren geknoopt “Slapende rijk worden”. Maar dan toch niet van onze centen. Thuis doet Marieke er alles aan om te voorkomen dat mensen dat doen, en dan zouden we ze hier geld gaan geven? Dacht het niet.

Goed, op weg naar het volgende item van de lijst. Op internet was Marieke gestuit op een spookstadje niet ver van Santa Fe. Aangezien we al verschillende spookstadjes hebben bezocht, en dat altijd wel leuk vonden, besloten we om deze te gaan bezoeken. Madrid heet dit stadje, en er zouden nog een paar mensen wonen die het stadje nog enigszins bestaansrecht geeft. Slechts iets meer dan 100 kilometer van de plek waar we ons op dat moment bevinden. Geen enkel probleem en we gaan op weg naar Madrid. Onderweg doen we nog een paar korte wandelingen (geen hikes, maar letterlijk korte wandelingen). We draaien de laatste bocht om naar Madrid.

Op het moment dat we dat doen, valt onze mond open van verbazing. De site waar Marieke het stadje op heeft gevonden, heeft waarschijnlijk ergens een minuscuul foutje gemaakt met het vertalen van de bronpagina. Wat we te zien krijgen voldoet niet helemaal aan de omschrijving die we gelezen hebben. Het komt meer overeen met: “Als u door Volendam loopt, zult u genieten van de stilte in dit altijd rustige plaatsje.” Jammer, maar helaas. Het is niets anders dan een rij aaneengeschakelde toeristenwinkeltjes. Af en toe een verlaten gebouw ertussen.

We besluiten om terug te gaan naar Santa Fe om een stukje te gaan wandelen. Onderweg komen we een plaatsje tegen waar een oude spoorbrug ligt.

De rest van het plaatsje lijkt welhaast uitgestorven. Hier en daar staat een auto, en we zien een perfect onderhouden kerk in adobe stijl. Dit lijkt wel een combinatie van de twee plekken die we eerder deze dag hadden gehoopt om te zien.

Ach, nu we de avondmaaltijd weer achter de kiezen hebben, valt het eigenlijk allemaal ook wel mee. Kunnen we gewoon terugkijken op een dag, waarvan we toch wel genoten hebben. Ook al was het van andere dingen dan we hadden verwacht.
Lees het verhaal
22 september 2011

Sint Drogo of Sint java?

Vandaag hebben we een bezoek gebracht aan de naamgever van een mooie auto; Santa Fe. Over auto’s gesproken, opvallend is trouwens dat we in dit deel van de VS relatief veel Europese auto’s gezien hebben. Bovendien hebben veel van de auto’s volledig geblindeerde ramen.

Maar goed, dit terzijde. Santa Fe dus. De oudste staatshoofdstad van Noord-Amerika gesticht door Don Pedro de Peralta, die hier in 1610 een kolonie vestigde. Enerzijds doet het in alles meer denken aan de beelden die je voor ogen hebt bij Mexico dan bij de VS. Anderzijds is ook het cowboy-gehalte hier aanwezig. Dit geeft het effect dat er aan de ene kant van de straat, Mexicaans aandoende mensen hun waren willen slijten achter hun kleedjes (sommige van hen zaten letterlijk te slapen achter deze kleedjes!!) en aan de andere kant van de straat wilden cowboys hun hoeden etc, kwijt.

Veel van de huizen en gebouwen zijn gemaakt van Adobe-steen. Voor degene die niet weten om wat voor steen het gaat, volgt hier de definitie: een bouwmateriaal bestaande uit zand, water, klei en organische materialen zoal stro en mest. Het heeft een rood-bruine kleur welke je ook in Spanje tegenkomt.

Het oudste huis van de VS is hier te vinden. Zo ook de oudste kerk van het land.

Santa Fe is een hele toeristische plaats. Wel hadden we het idee dat er niet veel Europeanen komen, maar wel veel Amerikanen. Dat het toeristisch is was ook te merken aan de vele souveniersshops en de hogere prijzen. We hebben een kerk en een kapel bezocht en voor beiden moest entree betaald worden. De kapel hadden we in enkele minuten gezien, maar had wel een hoogtepunt. Een wenteltrap gemaakt uit ??n stuk hout en deze wordt zonder spijkers of steunpilaren in de lucht gehouden. Het was een dure trap, maar wel leuk om gezien te hebben en uiterst knap gemaakt.

Af en toe moest ook het vochtgehalte op peil gehouden worden, want het kwik is de laatste dagen weer gestegen. Gelukkig hebben ze hiervoor de Starbucks uitgevonden.

Bij het Travel-bug caf? dat we tegen kwamen (voor de ge?nteresseerden GCK21R), hebben we bovendien weer wat geleerd.

Er is een beschermheilige voor de koffiedrinker! Een beeld van deze Sint Java staat parmantig voor de deur. In het hotel aangekomen hebben we even het internet geraadpleegd en deze heilige bestaat echt. Hij wordt wel verward met Sint Drogo. Maar dit is de beschermheilige van de koffiehandelaar en de koffie. (Ook niet onbelangrijk, want zo blijft de koffie zijn juiste smaak behouden!).? We hopen dat Sint Java ons, samen met de heilige Christoffel, nog lang zal vergezellen zodat we een veilige route langs vele Starbucks kunnen volgen.
Lees het verhaal
21 september 2011

Prairie-blindheid

Vandaag al vroeg uit de veren. Nog voordat de zon opkwam en alvorens de (Angry) Birds gingen fluiten, waren wij al op weg. Om 6.40 uur wel te verstaan hebben we de auto gestart. Dit was nog zo’n 10 minuten later dan gepland, aangezien de receptie nog niet geopend was, alhoewel deze om 6.00 uur al geopend zou moeten zijn. Ze nemen het hier niet zo nauw en kijken blijkbaar niet op een kwartiertje. (Zeg maar gerust een Oakley’s halfuurtje).

Het werd vandaag een lange reisdag, zo’n 9 uur reistijd. Aangezien het zitten nog altijd niet een van de favoriete bezigheden is voor mijn rug, nemen we de tijd voor deze reis. Ieder uur er even uit en dan is het goed vol te houden. Gelukkig ligt er dan bij iedere stop wel een cache, zodat ons cache gemiddelde ook op peil blijft. E?n ervan was niet zo bijzonder als Mingo van gisteren, maar had toch wel iets speciaals. Deze cache lag namelijk bij een grenspaal van drie staten: Texas, New Mexico en Oklahoma. Zo kunnen we in ieder geval zeggen dat we ook in Texas zijn geweest.

Het uitzicht is enerzijds fraai te noemen. Thuis in ons kikkerlandje hebben we geen uitzicht op de prairies, met hier en daar een hert of en vos. Maar na negen uur over rechte wegen en aan weerszijden prairies, heb je deze ook wel gezien. Als ik de prairies groen denk, en de zwarte koeien vervang door de bonte versie, dan verschilt het landschap niet meer zo veel van het onze. En waar wij polderblindheid kennen, heeft men hier gegarandeerd last van prairie-blindheid!

Al met al schoot het toch wel goed op, waardoor we zelfs nog tijd over hadden om een nationaal monument te bezoeken. (Eerlijkheid gebied wel te zeggen dat we een uur teruggegaan zijn in tijd, toen we New Mexico binnenkwamen, dus dat hadden we mooi verdiend). Tijd over dus om naar Fort Union te gaan. We kwamen dit bord tegen langs de weg en besloten om er even kort een kijkje te nemen. In dit fort zijn ru?nes van de gebouwen te vinden welke vanaf 1863 in gebruik zijn genomen door het leger als uitvalsbasis.
Lees het verhaal
20 september 2011

Angry Bird City

Vandaag op weg om De Grote Vier in de wereld van het geocachen compleet te maken. De eerste drie hebben we in 2009 al gedaan, en vandaag staat het tupperwarebakje op het programma dat het langste geleden is verstopt. Op 11 mei 2000, verstopte iemand in Kansas als 7e op de wereld een geocache. De 6 caches die eerder zijn verstopt, zijn verdwenen kort nadat ze verstopt waren, en dat maakt deze cache toch wel bijzonder. Althans voor ons dan.

Sinds 18 augustus 2007 zijn we bezig met dit spelletje, en we zijn behoorlijk verslaafd al zeggen we het zelf. Enkele maanden nadat we voor de eerste keer een emmer in de grond van de Oirschotse heide hadden gevonden, zagen we een lijstje met de 100 oudste caches die actief zijn. Deze stond bovenaan de lijst en daarmee kwam het voor ons allebei op een lijst om op een dag onze naam op een stukje papier te mogen krabbelen in dit tupperwarebakje. Maar ja, het lag in Kansas, en Kansas is nu eenmaal niet het meest bereisde gebied in de Verenigde Staten van Amerika. We zouden er een keertje voor om dienen te rijden. In 2009 wilden we de westkust doen, en destijds hebben we drie caches gedaan, die in de Wereld der Geocachers, noemenswaardig te noemen zijn. Namelijk de Ape-cache, Original Stash Tribute Cache & een bezoekje aan het hoofdkantoor van Geocaching.com. Vorig jaar kwam het er ook niet van, destijds hadden we het te druk met het vieren van een ander hoogtepunt, het vinden van onze 1000e cache, in Anderson, Califoni?.

Bij het plannen van de trip van dit jaar, bleek al snel dat het dit jaar in de mogelijkheden lag. We hoefden er maar een omweg van iets meer dan 1000 kilometer voor te maken. De beslissing was snel gemaakt, en een bezoekje aan deze cache werd ingepland. Vandaag was het dan eindelijk zover. Een ritje van ruim 500 kilometer zou ons bij het plaatsje Mingo brengen, waar we dan de cache Mingo zouden kunnen gaan vinden.

Onderweg raakte onze TomTom enkele keren zodanig van de wijs, dat het vertrouwen in hem dusdanig is gedaald, dat we na deze trip afscheid van hem gaan nemen. We waren lekker aan het rijden, en dienden over 159 kilometer linksaf te slaan. Op het moment dat we hiervan 158 kilometertjes hadden afgelegd, bedacht Tom dat hij er niet zo’n zin meer in had, en stuurde ons letterlijk het veld in. Gelukkig is het een hulpmiddel, en werken de ogen en de hersens gewoon door, maar voordat we het juiste pad weer gevonden hadden, duurde een tijdje. Later tijdens het rijden van Nebraska naar Kansas, had Tom werkelijk geen idee hoe hij ons over de staatsgrens zou kunnen brengen. Hij wilde ons over wegen sturen die niet bestonden. Zoals gezegd werken de ogen en de hersens wel gewoon door en kon de weg toch gevonden worden, en al snel reden we richting Kansas. Bird City om precies te zijn.

Op dat moment hadden we het dusdanig met Tom gehad, dat deze plaats door ons werd omgedoopt tot Angry Bird City. Een half uurtje verder arriveerden we bij deze wereldplaats, en was alles al weer vergeten, behalve de door ons aan deze stad gegeven naam. We parkeerde de auto, en gaan een paar kilometer lopen. Als Marieke in een winkel vraagt om gebruik te mogen maken, krijgt ze een simpel antwoord (het is altijd simpel, aangezien er maar twee mogelijke antwoorden op zo’n vraag mogelijk zijn.) te horen. Nee. De gekozen naam, komt hoger op haar lijstje te staan, en we wandelen verder. Onderweg vinden we op zo’n vijf plekken in de stad tupperwarebakjes. Bij de school aangekomen, stelt Marieke nogmaals haar vraag en als die hier positief beantwoord wordt, ebt de naam weer een beetje weg. Na een toiletgebruik ter waarde van minimaal $10,- vervolgen we onze weg, en vinden we het laatste doosje in deze stad.

We gaan verder op weg. Op weg naar Mingo. Als we daar aankomen, parkeren we de auto en zien onmiddellijk hetgeen we zoeken. We halen de tupperware tevoorschijn, en krabbelen onze naam in het boekje. 2015 mensen (groepen/teams) zijn ons voorgegaan. We staan daar en denken: “Nou, dat is het dan”. We leggen alles weer terug, en vervolgen de route naar het hotel.

Onderweg bedenk ik dat dat het ook wel leuk zou zijn, om de eerste geocache te bezoeken die in Europa is geplaatst. Misschien moeten we De Grote Vier veranderen in De Grote Vijf. Zo blijft er tenminste wat te doen in de wereld die geocachen heet.
Lees het verhaal
19 september 2011

Wie helpt zoeken?

Scottsbluff, Nebraska…..

Wie heeft er nog nooit van gehoord? Om heel eerlijk te zijn. Wij. En toch kiezen wij ervoor om hier twee dagen te blijven. Omdat het zo’n mooie stad is? Inderdaad, staat Scottsbluff vermeld in de lijst met Historische Plaatsen (wij vragen ons af waarom, maar dat terzijde.), maar nee, niet daarom. Omdat er in de omgeving van deze stad zo gigantisch veel te zien is? Nou, nee, niet daarom. Natuurlijk is er wel wat te zien, maar dat is niet de reden. Eigenlijk is het gewoon heel simpel allemaal. Het ondergoed moet weer een keer gewassen worden.? Nu kunnen we natuurlijk wel heel het zooitje omdraaien, maar dat is nu niet echt ons idee van fris, dus kleren wassen.

Natuurlijk is het zo, dat er overal iets moois te zien is, zolang je het maar wilt zien. Alles is tot het meest simpele te reduceren, zo is de Grand Canyon gewoon een gat in de grond, maar als je zo gaat denken, dan kun je net zo goed thuisblijven. Het midden van Amerika staat niet bekend om zijn gigantisch schitterende nationale parken, maar gisteren hebben we het tegendeel gezien. Gisteren hebben we een gebied bezocht, waar we ons zomaar een paar weken zouden kunnen vermaken.

Voor vandaag hadden we dan ook verschillende opties. Uiteindelijk kozen we ervoor om Chimney Rock te bezoeken, en vervolgens cultuur te gaan snuiven in hartje Scottsbluff.

We rijden een half uur naar het bezoekerscentrum van deze rots. We betalen de toegang, en worden uitgenodigd, door een man die alle kenmerken van een Mormoon had, om een 16 minuten durende film te gaan zien. Hij start precies 30 seconden nadat wij het willen. Tja, zoiets kun je simpelweg niet weigeren, en volmondig stemmen wij dan ook in met het gaan bekijken van deze film. Zestien minuten later kunnen we terugkijken op een zeer interessante film, over de periode 1850-1900, toen ruim 350.000 Amerikanen richting het Westen trokken met hun huifkarren. We bekijken en passant ook nog de tentoonstelling over de geschiedenis van deze, zoals Marieke het noemde: Elanden Piemel, en leren hoe deze rots is ontstaan. Wat nog het meest verbazingwekkende is, is dat ik nu het vermoeden heb dat Marieke Indiaanse voorouders heeft, want de indianen noemen deze rots vroeger? Inderdaad, Elanden Piemel. Maar de migranten vonden dat niet zo gepast, en besloten om de naam te veranderen in Schoorsteen Rots.

Als we weer naar buiten gaan om richting deze rots te lopen, worden we hevig teleurgesteld. Een hek. Geen pad dat richting de rots leidt. Niets van dat. Gewoon een foto maken vanaf het terras, en dat is het dan.

We besluiten om nog een paar geocaches te doen in de omgeving, en ons oog valt op twee dingen. Namelijk 1, een leuke wandeling van een paar kilometer, en 2 een bordje dat waarschuwt voor ratelslangen.

Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dus met zijn vieren beginnen we aan de speurtocht. De 18 vragen worden in een oogwenk opgelost en al snel weten we waar de schat zou moeten liggen. Geen enkel probleem, dus we gaan op pad. Thuis zouden we zeggen, we gaan op de hei wandelen, hier gaan we een stukje kuieren op de prairie. Een 20cm breed pad geeft ongeveer aan waar we heen moeten. Voorzichtig plaatsen we telkens onze voeten, en na drie canyons doorkruist en evenveel heuvels beklommen te hebben staan we met het kistje in onze handen. We leggen alles weer terug, genieten van het uitzicht en gaan dezelfde weg weer terug. Iets minder dan in totaal twee uur hebben we gedaan over deze tocht. Toch wel behoorlijk vermoeiend bij een temperatuur van bijna 30 graden.

30? Maar een paar dagen geleden regende het nog, zullen verschillende van jullie nu wel denken. Dat klopt inderdaad, maar men moet niet vergeten, dat we ondertussen al meer dan 2000 mijl (3200 kilometer) hebben gereden. In dat stukje kan best wat verschil in het weer zitten.

Daarna terug naar Scottsbluff. We rijden naar het centrum en kijken elkaar aan. Mmmm, dit is niet ons idee van Historisch verantwoorde locatie. We parkeren de auto op een gigantisch parkeerterrein en besluiten een stukje langs de rivier te gaan wandelen. Mmmm, je kunt net zo goed in Dierenrijk Europa gaan wandelen, maar dan 30 jaar terug in de tijd. Oftewel een vuilnisbelt. Nee, dit is niet onze stad. Er staan wel leuke gebouwen tussen, zoals het theater en diverse andere, maar we hebben weinig goesting om ons hier nog veel langer te vermaken. We besluiten om door te gaan naar Scotts Bluff National Monument (De oplettende lezer heeft nu vast wel door hoe deze stad aan zijn naam komt.)

We rijden richting Scots Bluff NM, en gaan, daar eenmaal bij het bezoekerscentrum aangekomen een film bekijken. De film leert ons dat tussen 1850 & 1900 250.000 Amerikanen van de Oostkust naar de Westkust trokken in huifkarren. Interessant. Gelukkig voor ons kunnen we hier wel een stukje wandelen. En met een stukje bedoelen we nu ook een stukje. Alles bij elkaar hebben we hier ongeveer een halve kilometer gekuierd en onderwijl genoten van een prachtig uitzicht. In de verte zagen we Chimney Rock staan, waar we eerder deze dag zijn geweest.

Nat van het zweet, gaan we terug naar het hotel om ons op te frissen. We bekijken wat we gaan eten, en op aanraden van diverse mensen op het Internet, kiezen we voor een Mexicaans restaurant genaamd, El Molcajete (in goed Nederlands, De Vijzel.).? De mensen die dit restaurant aanraden, waarschuwen meteen dat je niet op de buitenkant af moet gaan, en gewoon naar binnen dient te stappen. We zien dit wel een beetje als een klein avontuur, en gaan op weg. Voor de zekerheid nog maar wat andere restaurants bekeken. Na een korte rit, arriveren we bij het restaurant. Eerlijk is eerlijk, wij zouden hier niet voor kiezen als we dit zouden passeren op een willekeurige maandag. We parkeren de auto, overleggen nog even kort of we nu wel of niet naar binnen gaan, stappen uit, doen de deur open, en we stappen binnen in een andere wereld. De wereld van een net Texaans-Mexicaans restaurant. We kiezen allebei een gerecht uit, en terwijl we zitten te wachten, zijn we benieuwd naar wat komen gaat. Een klein half uurtje later wordt ons eten geserveerd, en we genieten van werkelijk een van de beste, zo niet de beste, Mexicaanse maaltijd die we ooit hebben gehad. Een volle buik rijker en 17 euro armer, rijden we terug naar het hotel.

Eenmaal daar aangekomen begin ik met het typen van dit verhaal van de dag. Het komt allemaal niet zo goed op gang vandaag, want er is maar ??n ding waar ik me zorgen om blijf maken. Van Chimney Rock naar Scotts Bluff National Monument is maar iets meer dan 35 kilometer. Waar zijn in hemelsnaam die 100.000 Amerikanen gebleven!
Lees het verhaal
18 september 2011

Halve maan boven Mount Rushmore

Gisteren besloten we om het vandaag rustig aan te doen. De volgende stop zou slechts 300 kilometer verderop zijn, volgens de navigatie iets meer dan 3 uur rijden. Tijd genoeg dus om nog andere dingen te doen vandaag dus. Een leuk State Park, genaamd Custer hadden we uitgezocht, en op de route naar het hotel lag ook nog een ander park, waarin we een grot zouden kunnen bezoeken.

Maar zoals gebruikelijk lopen planningen bij ons wel eens anders dan de bedoeling was. In ons bestand met daarin 210.912 geocaches in de VS, zagen we een cache met een leuke naam: “Wrinkled Rock:What really is behind Mt. Rushmore?”. Op internet hadden we al wel foto’s gezien, maar we hadden zo het idee dat dit niet helemaal klopte met de werkelijkheid.

Tja, en toen zagen we de naam van eerder genoemde geocache. In de stille hoop dat bovenstaande foto waar was, togen we op naar Mount Rushmore, het gigantisch grote monument, dat we in 2006 al hebben bezocht. Bij de eerste blik op de vier presidenten besluiten we te stoppen. Ik parkeer de auto, en als ik uitstap, komt er een glimlach op mijn gezicht. Terwijl ik kijk naar het beeldhouwwerk, zie ik een halve maan op klaarlichte dag. Met weemoed denk ik terug aan de afgelopen week.

Maar goed, verder dus naar de eerder genoemde cache. Wat is er nu werkelijk achter Mount Rushmore? Onderweg stoppen we nog een paar keer om het beeld vanuit weer een andere hoek te fotograferen, maar uiteindelijk kunnen we dan toch aan de wandeling, c.q. klauterpartij beginnen. Wat we te zien krijgen is niet echt verrassend. Bomen en stenen, maar al met al, was het toch de moeite van de wandeling waard, want dit bos is werkelijk schitterend. De bergen hier zijn van graniet, met daarin kwarts. Overal liggen kleine stukjes afkomstig van deze berg, en alles glinstert je dan ook letterlijk tegemoet. Als je van Bling-Bling houdt, dan is dit de place-to-be.

We vervolgen onze route naar Custer State Park. De weg kronkelt de bergen in, en is werkelijk schitterend. Bruggetjes waar je ternauwernood met ??n auto overheen kan. Tunnels die maar net breed genoeg zijn voor een auto. Op het moment dat we ??n van deze tunnels hebben doorkruist, krijgen we een blik op Mount Rushmore voorgeschoteld, dat we nimmer meer zullen vergeten. De zon maakt het welhaast onmogelijk om een goede foto te maken, maar we wagen toch een poging.

We rijden het State Park binnen. Volgens de reisgids, het grootste ongerepte natuurgebied van South Dakota. Of het waar is weet ik niet, maar wat ik wel weet, is dat het zeer fraai is. Het ene uitzicht is nog meer de moeite waard dan het andere. Langzaamaan wordt het later en later en voordat we het weten, kruipt de klok al richting vier uur. Vanaf het park is het nog ruim 3? uur rijden naar het hotel, en we wilden nog wel op tijd in het hotel zijn. We breken ons bezoek aan het park af, maar juist voordat we het park verlaten, krijgen we eerst nog een uitzicht op een kudde buffels voorgeschoteld. Onze dag is meer dan geslaagd.
Lees het verhaal
17 september 2011

Close Encounters of Annie

Vandaag kregen we een behoorlijke rit voor de kiezen van bijna 800 kilometer. We hebben meer dan tijd genoeg om onderweg nog het een en ander te doen, aangezien we al om 5:30 uur opstaan. Zo vroeg? Ja, zelfs voor ons is dat bijtijds, maar het was noodzakelijk omdat we Rob & Tracy dienden weg te brengen naar het vliegveld, en ik diende nog een SMS te sturen naar Annie, die vandaag jarig is. Goed en wel aangekomen op het vliegveld, kreeg ik een SMS van haar terug, waarin ze bedankte dat ik aan haar verjaardag dacht. Na een, moeilijk, afscheid, waren we rond de klok van 7 weer terug bij de Bed & Breakfast. Er stond een zakje klaar met ons ontbijt. Wel zo handig, aangezien het ontbijt pas om 8 uur was, en we dan op zijn vroegst pas om half negen weg zouden zijn. Op deze manier konden we al bijna anderhalf uur hebben gereden, tegen de tijd dat we anders de spullen pas zouden hebben gaan pakken. Voordat we vertrokken met de auto, ontvingen we een berichtje. Annie… Ze stuurde een SMS, waarin ze bedankte dat ik aan haar verjaardag dacht.

In het donker, stuurden we de auto langzaamaan Cody uit. We passeerden het vliegveld, zouden we even stoppen om nog een keer gedag te zeggen tegen Rob & Tracy? We besloten om het toch maar niet te doen, hoe graag we het ook wilden. Op dat moment kregen we een berichtje. Annie… Ze stuurde een SMS, waarin ze bedankte dat ik aan haar verjaardag dacht.

Vijf jaar geleden zijn we door het Bighorn National Forrest gereden. Destijds hebben we erg genoten van de Shell Falls. Toen we een mogelijkheid zagen, om vandaag deze route in omgekeerde volgorde af te leggen, grepen we die kans ook met beide handen aan. Het zou wel langer rijden zijn, maar de schitterende route, zou dat meer dan goed maken. En natuurlijk weer even stoppen om te genieten van de fraaie Shell Falls. Op het moment dat ik onze Chevrolet de parkeerplaats op draaide, ontvangen we een berichtje. Annie… Ze stuurt een SMS, waarin ze bedankt dat ik aan haar verjaardag denk.

We vervolgen onze weg in de regen, die al de hele ochtend neerdaalt. Telkens lijkt het weer op te klaren, maar dan komt er weer een bocht, en wordt het weer net zo donker als voorheen. We besluiten om de auto te parkeren en een korte wandeling te gaan maken. We parkeren de auto en beginnen aan de wandeling. Juist op dat moment ontvangen we een berichtje. Annie… Ze stuurt een SMS, waarin ze bedankt dat ik aan haar verjaardag denk.

We rijden het Bighorn National Forrest uit en de snelweg op. We gaan verder richting het volgende doel van deze trip. Devils Tower National Monument. Vijf jaar geleden hebben we dit park rechts laten liggen, maar eigenlijk hadden we daar toch wel een beetje spijt van. We hebben dan ook besloten om deze monoliet, die vooral bekendheid kreeg door de film van Steven Spielberg, Close Encouters of the Third Kind, vandaag met een bezoek te vereren. Het is wel ruim 100 kilometer om, maar we hopen dat het de moeite waar zal zijn. We draaien de snelweg af, en als we na een tijdje plotseling Devils Tower zien, maakt dat toch wel een indruk op ons. Ondanks de regen, besluiten we om de auto te parkeren en wat foto’s te maken van dit natuurschoon. We rijden weer verder, en onderweg ontvangen we een berichtje. Annie… Ze stuurt een SMS, waarin ze bedankt dat ik aan haar verjaardag denk.

Als we bij de voet van Devils Tower zijn aangekomen, beginnen we aan een korte rondwandeling van een paar mijl rondom de voet van deze berg. Onderweg ontvangen we nog een berichtje. Annie… Ze stuurt een SMS, waarin ze bedankt dat ik aan haar verjaardag denk.

Ik geloof niet dat ik al ooit zoveel SMS berichten heb ontvangen op ??n dag, en al helemaal niet hetzelfde bericht om mij te bedanken. Ik denk dat Annie wel heel erg blij is, dat ik haar vandaag een SMS heb gestuurd.
Lees het verhaal
16 september 2011

Yellowstone National Park

Vandaag was het tijd voor de tweede dag in Yellowstone. Gisteren was een mooie dag qua weer, maar een mindere dag wat betreft het wild spotten. Slechts ??n eenzame bizon hadden we gespot. We waren werkelijk in de veronderstelling dat het overige wild op vakantie was. De dag begon met een stralende zon, maar naarmate we dichter bij het park kwamen stapelden de donkere wolken zich op. We hebben nog wel nagenoeg droog twee caches op kunnen rapen in Montana, zodat er weer een staat van het lijstje af kan waar we een cache hebben gevonden. We hebben nu al in meer staten in de VS geocaches gevonden als onze Amerikaanse vrienden!

Uit de stapelwolken kwamen druppels uit de hemel naar beneden vallen. Eenmaal in het park bleek dat de bizons zich niets aantrekken van regendruppels. Blijkbaar is de familie vandaag teruggekeerd van vakantie, want we hebben door de dag heen een aantal kuddes met bizons gezien, rennend en wel.Verder hebben we nog wat herten gezien, (voor Rob en Tracy is dit niet heel bijzonder want die lopen bij hen gewoon in de tuin en eten de nectarines op), een eekhoorn en een wezel. Helaas voor ons geen rendier mogen spotten. Misschien een volgende keer.

Na de watervallen en de stinkende modderpoelen bezocht te hebben, zijn we weer begonnen aan de twee- en- half uur durende autorit terug naar Cody.? Al met al weer een geslaagde dag. Helaas was het geen echt wandelweer vandaag.

Morgen brengen we Rob & Tracy in alle vroegte naar het vliegveld.? Afscheid nemen is nooit leuk.? Maar ik weet nu al wat ik het meest zag gaan missen, na drie fantastische dagen. Het uitzicht op een halve maan op klaarlichte dag!
Lees het verhaal
15 september 2011

Doris D en andere stukken

Vijf jaar geleden hebben we Yellowstone al met een bezoekje mogen vereren. Als je dat aan mensen vertelt, dan is meestal de eerste reactie, hoe was Old Faithful. Ehhhh…., die hebben we niet gezien moeten we dan zeggen. Tja, en als je die Oude Trouwe niet hebt gezien, dan heb je Yellowstone niet gezien, want dit is toch wel d? nummer ??n attractie in het park. Om het maar kort te zeggen, zonder deze geiser geen Yellowstone. Maar goed, dus eigenlijk hebben we Yellowstone nimmer bezocht voor vandaag. En dat alleen maar omdat vijf jaar geleden de regen met bakken tegelijk uit de lucht kwam vallen, zodat je in 30 seconden doorweekt zouden zijn. Destijds vonden wij die situatie een aardig goede reden om Old Faithful links te laten liggen.

Gisteren dus ook regen, en we werden bang dat Yellowstone niet aan ons gegund was. Je zou haast zeggen dat we bijna radeloos werden. maar toen we deze ochtend het ontbijt verorbert hadden (heb hier mijn reputatie ook al opgebouwd, toen ze met de glazen met fruit kwamen aandragen dacht ik nog “Vergeet me, g??n fruit voor Paultje”, maar gelukkig hebben ze dat onthouden van gisteren.), was het schitterend weer, en gingen we met zijn vieren op pad. Ongeveer twee uur zou de rit naar het gebied van de geisers in beslag nemen. Een behoorlijke rit, maar ja, dat krijg je ook als je gaat rondtoeren in een gebied ter grootte van Brabant, en een maximumsnelheid van 55. Het is in elk geval iets wat we van te voren wisten. De 1e alinea in ogenschouw genomen, was het voor ons vandaag De eerste X Yellowstone.

Na een korte film, is het tijd om naar Old Faithful te gaan kijken, want ze weten op ongeveer 10 minuten, wanneer deze geiser gaat erupteren. Na een tijdje kijken begint het spektakel, en na 2? minuut is het voorbij. ‘Is dit alles?’, is eigenlijk het enigste dat ik op dat moment kan bedenken. Begrijp me niet verkeerd, het was een fraai en indrukwekkend schouwspel, maar stiekem had ik toch iets meer verwacht. Wat? Geen idee.

We vervolgen onze route, en we gaan kijken bij de volgende geiser. Deze hebben ze op circa een half uur nauwkeurig voorspeld, en ook hier waren we keurig op tijd. Helaas, drie kwartier nadat dit wonder der natuur zijn water in de lucht zou hebben moeten gooien, hebben we niets gezien. Tja, de natuur blijft de natuur. En tijd genoeg? Ik zou willen dat we het hadden, maar helaas, we weten allemaal wel beter.

Laatste stop in dit stuk park is de Ochtend Glorie Poel, niets van verwacht, werd dit stuk natuurgeweld met openvallende ogen aanschouwd. Als je dit vijvertje in ??n woord samengevat zou moeten worden, dan is dat eigenlijk heel eenvoudig: “Prachtig”.

We zijn nu uren verder, en we besluiten dat we de rondrit afmaken. Een rit van bijna 3 uur terug richting B&B. We hopen onderweg nog wat dieren te zien. Okee, we hebben wel iets gezien vandaag buiten een eekhoorn om, maar die ene verdwaalde buffel van vanochtend telt niet echt mee. Stilletjes hoop ik dat ik buiten een gigantisch grote kudden buffels ook een als Winnetoe verklede acteur te zien krijg, die ons het een en ander haarfijn uit kan leggen over deze gigantische dieren, maar eigenlijk wist ik al meteen dat dat wel een stille hoop zou blijven.

We kwamen dichter en dichter bij de uitgang van het park, en hoe we ook keken, geen buffels. Qua dieren, is vandaag een echte nachtmerrie geworden. Morgen misschien meer geluk.
Lees het verhaal
14 september 2011

Wal-Mart roddels

Soms is het moeilijk om te beginnen met het verhaal van de dag. De indrukken die je dacht te hebben opgedaan die dag, heb je al op een rijtje gezet. En dan gebeurt er weer iets, dat t? bijzonder is om niet te vertellen, maar aan de andere kant drukt het alle andere gebeurtenissen van de dag dan naar de achtergrond.

Zoals elke dag, vakantie of niet, begint de dag met het vrolijke gezang van de wekker. Uitslapen vandaag, want het gebl?r begint pas om 7 uur. Ontbijt om 8. Een B&B is dan toch wel iets anders dan een hotelketen.? Het ontbijt wordt voor je gemaakt en bij aankomst in de eetkamer stond het daar op me te wachten. Een cocktail van aardbeien en banaan. Vol verwachting op wat nog ging komen, heb ik de cocktail onaangeroerd laten staan. Er volgden nog een heerlijke pastei van aardappelen, en een toast met daarop ei. Aardappelen op nuchtere maag is nieuw voor mij, maar ik moet eerlijk zeggen, dat het me goed is bevallen. Daarna het overleg wat vandaag te doen. Het lijkt er wel op, dat Yellowstone niet aan ons is besteed. Net zoals 5 jaar geleden, daalden ook vandaag de regendruppels naar beneden. Een blik vanaf het balkon, leerde ook nog eens, dat het zicht niet geweldig was, daar wij vandaag geen enkele berg konden zien, terwijl we gisteren een schitterend uitzicht hadden op een berg. Aangezien we drie dagen hier hebben, hebben we ook een keus, en na een kort overleg werd besloten om vandaag een dagje cultuursnuiven te gaan doen. We kozen ervoor om een bezoek te brengen aan maar liefst vijf musea.

Het 1e museum, was het wapenmuseum. Indrukwekkend, we wisten niet eens dat er zoveel wapens op de wereld waren. Daarna gingen we naar het Yellowstone museum, dat handelde over de geschiedenis van, en de dieren die er leven. Het derde museum, was het Buffalo Bill museum. We kenden de naam van de boeken, maar wisten om heel eerlijk te zijn, niet dat de man ook echt heeft geleefd. Daarna naar het museum voor Western Kunsten. Net zoals ieder museum met kunst, kun je het heel simpel kwalificeren als mooi, of niet mooi. Gelukkig was er behoorlijk wat moois te bewonderen. Het laatste museum, was het museum over de indianen. Ook hier weer heel fraai opgezet, en educatief.

Na al deze verrijkingen van de grijze massa een stukje wezen wandelen, alvorens te beginnen aan een bordspel. Le Havre…. We kenden het nog niet, maar hadden er al wel vaker van gehoord. Na een geweldige uitleg, konden we beginnen aan het spel, en eigenlijk is het een vrij eenvoudig spel. Slechte keuzes zijn er eigenlijk niet, maar omdat er zo ontzettend veel keuzes zijn, wordt het moeilijk om te beslissen wat de juiste strategie kan zijn. Enkele uren verder sloot Rob het spel winnend af, op de voet (1 punt) gevolgd door Marieke.

De avond is ondertussen al ingevallen, en voordat we gaan eten, krijgen we te horen van de eigenaresse van de B&B, dat ze in de supermarkt heeft gehoord, dat het sneeuwt in Yellowstone. Ach, sneeuw hebben we 2 jaar geleden ook al gehad in Lassen NP. Het kan best wel mooi zijn, maar ook koud. We besluiten ter plekke dat we morgen toch naar Yellowstone gaan.

Een lasagne verder, wandelen we op het gemakje terug naar de B&B, om nog een spel te gaan spelen. We passeren het Dug Up Gun Museum (Opgegraven Geweren Museum). We gaan naar binnen, en zien daar allemaal geweren, pistolen en nog meer van dat wapentuig dat decennia onder het zand heeft gelegen. Dat verklaart ook meteen de naam van het museum.

Rob raakt aan de praat met de eigenaar van het museum, Hans. Hans heeft twee paspoorten, een Amerikaans en een Duits, en vertelt honderduit over wapens en de geschiedenis. Terloops komt het gesprek op vandaag de dag, en voordat Marieke het goed en wel weet, staat ze daar midden in het museum, met het geweer in haar hand, dat Hans net uit zijn broekzak heeft gehaald. Gelukkig heeft hij er wel voor gezorgd, dat we er zeker van waren dat er geen kogels meer in het pistool zaten. En ik? Ik heb het wapen behandeld, gelijk de cocktail van vanmorgen.

Zoals gezegd, wordt de dag afgesloten met een indrukwekkende gebeurtenis. En de sneeuw die in Yellowstone gevallen zou zijn? Wal-Mart roddels…..
Lees het verhaal
13 september 2011

Cody

Vandaag op weg naar Cody, Wyoming om Rob & Tracy te ontmoeten. Ruim 800 kilometer rijden vanaf Denver. Gisteren een leuke dag gehad, met als hoogtepunt toch wel de oude gevangenis. Vandaag stond vooraf al vast wat het hoogtepunt zou worden.

Eenmaal in Cody aangekomen, hebben we nog wat tijd over, en gaan we een openluchtmuseum bezoeken. Old Trail Town. Leuk opgezet, maar degene die het beheert is een beetje doorgeslagen in zijn verzamelwoede. Vergelijk het met het museum in Barneveld (mensen die er geweest zijn, weten welk museum en wat ik bedoel). Daarna naar de Bed & Breakfast, om onze spullen af te gooien, voordat we doorrijden naar het vliegveld.

Daar ontmoeten we Terry & Sondra, en zij weten ons te vertellen, dat Rob & Tracy wat problemen hebben gehad. Het 1e vliegtuig van vandaag was kapot. Daarom moesten ze naar het vliegveld, twee uur rijden verder, in Sacramento, om aldaar in het vliegtuig naar Denver te stappen. Het vliegtuig zou vier minuten later aankomen, dan het vliegtuig van Denver naar Cody zou opstijgen. Hierdoor zouden ze 4 uur later in Cody arriveren. Gelukkig voor hen, hadden ze wind mee, en hadden ze maar liefts 9 minuten de tijd om het vliegtuig te halen, wat ze wonderwel nog gelukt is ook. Helaas de koffers niet, dus die kwamen met de volgende vlucht mee.

Gezellig wat samen wezen eten, en daarna de koffers opgehaald. Al met al een vermoeiende, maar geslaagde dag.
Lees het verhaal
12 september 2011

Jailhouse Rock

Elvis is overleden, op 16 augustus 1977.? Een dinsdag, die de geschiedenisboeken is ingegaan als een sombere, zwaarbewolkte dag,? waarop zo nu en dan regen viel. Hij werd slechts 42 jaar oud. Te jong dus om Abraham te mogen aanschouwen. Ook ik ben daar nog te jong voor, maar vandaag heb ik wel het geluk gehad dat ik Abraham hebben mogen bewonderen. Overrompelt door deze plotselinge ontmoeting, nog vergeten te vragen waar ik de mosterd moet gaan halen. Maar goed dat ik helemaal niet van mosterd hou.

Een titel en ??n alinea, en ik heb alle kernwoorden voor vandaag gebruikt. Eenieder die af en toe geen touw kan vastknopen aan mijn gedachtengang, heb ik ??n troost. Soms lukt het mij ook niet om mezelf te volgen, maar dat terzijde. De kernwoorden voor vandaag zijn: Gevangenis (Jailhouse), Rots (Rock), Abraham (Lincoln), regenachtig. Wat Elvis er dan mee te doen heeft? Simpel, hij was de zanger van de titel, en hij is overleden op een sombere dag, voordat hij 50 werd. De connecties mag je dan verder zelf bedenken.

————————————————————————–

Ik snap heel goed dat jullie Paul’s gedachtengang niet altijd begrijpen, dus zal ik in het kort de steekwoorden verduidelijken. Regenachtig, dat was het vandaag zo nu en dan. Er stond ook nog een behoorlijke wind en het donderde en bliksemde af en toe (alleen de meters bier ontbraken nog).

Onderweg zijn we plotsklaps Abraham Lincoln op de snelweg tegengekomen, we konden hem niet missen, aangezien hij van een hoogte op ons neerkeek.

Het bijzondere aan een de genoemde rots welke we vandaag gezien hebben, is dat er een boom op groeit welke normaliter alleen op zachte ondergrond groeit.

De gevangenis, betrof Wyoming Territorial Prison State Historic Site. In deze gevangenis zat Robert LeRoy Parker gevangen. Beter bekend als Butch Cassidy. Wereldberoemd, er is zelfs een film over hem gemaakt, en toch werd hij maar ??nmaal in zijn leven veroordeeld.
Lees het verhaal
11 september 2011

Niet zomaar zo'ndag

Vanmorgen in alle vroegte op TV, Obama die een toespraak houdt in New York. We zitten te ontbijten, en met een half oog volgen we de toespraak. Met de andere helft, kijken we naar de Amerikanen en hoe die reageren op de toespraak. Het oog dat we over hebben (de oplettende lezer weet dat een gemiddeld mens twee ogen heeft, en dat wij er pas ??n (2x?) in gebruik hebben), wordt gebruikt om het ontbijt in de gaten te houden. Maar goed, we hadden het over hetgeen de andere helft van het ene oog aan het volgen was. De reacties van de Amerikanen. Ze werden er niet warm of koud van… niets bijzonders… niets aan de hand… zomaar Zo’ndag

Na het ontbijt, gingen we het centrum van Denver met een bezoekje vereren. Niet veel verkeer op de weg. Geen mens in de stad. Rust was het toverwoord van de dag leek het wel. Zomaar Zo’ndag.

Vreemd vonden we het wel, helemaal niets wat er op wees, dat het vandaag 10 jaar geleden is, dat de VS, een grote klap te verduren kregen. Niks…. Nakkes…. Nada…. Zomaar Zo’ndag.

De grote gebeurtenis van vandaag was wel het feit, dat de Colorado Rockies vandaag thuis moesten honkballen. Zomaar Zo’ndag, ware het niet, dat Marieke het toch maar voor elkaar wist te krijgen dat ze even het stadion van binnen mocht bekijken, maar met het gebouw van de EU in het achterhoofd, is dat eigenlijk ook niet zo heel bijzonder…. zomaar Zo’ndag.

We wandelen verder door hartje Denver. Links een paadje, rechtdoor over een Avenue, rechtsaf door een steegje, het kenmerkende gedrag van een geocachende toerist in een stad…. zomaar Zo’ndag.

Denver is op zich niet zo’n bijzondere stad. Leuk dat wel, en het grote contrast tussen oud en nieuw, maakt het ook wel weer apart. Gelukkig zijn er dan ook overal bankjes, waar ik met een gerust hart op kan liggen, om een foto te maken van de wolkenkrabbers. Foto’s zoals ik ze al vaker heb gemaakt…. zomaar Zo’ndag.

We gaan verder, we willen het capitool ook nog even zien. We steken de straat over en gaan de trap op. We maken de verplichte foto en draaien ons om. Langzaam gaat onze onderste kaakhelft naar beneden. Op ons netvlies tekent zich iets af, wat we niet meer verwacht hadden. Zou het dan toch…. niet zomaar Zo’ndag?

Een groot plein, voorzien van een groot podium, is zich aan het vullen met een grote massa mensen. De straten rondom het plein, zijn afgezet. De voorkant van het plein wordt geflankeerd door twee ladderwagens van de brandweer. De ladders zijn omhooggericht en uitgeschoven. Boven wapperen trots twee vlaggen…. niet zomaar Zo’ndag.

We besluiten om ons tussen de mensenmassa te begeven. We zien de gebruikelijke verkopers die allerlei rommel aan de man proberen te brengen. Plots steekt een man over. Zijn gezicht geschminkt met de Amerikaanse vlag. Rood-wit-blauwe sokken aan. Een Amerikaanse vlag dragend over zijn linkerschouder, zijn rechterhand uitgestoken, om de brandweerlieden te bedanken voor wat ze 10 jaar geleden hebben gedaan…. niet zomaar Zo’ndag.

Muziek begint de omgeving te vullen. ‘Piano Man’, uitgevoerd door een vrouw, klinkt door het park. Zou dat dan niet ‘Piano Woman’ moeten zijn…. niet zomaar Zo’ndag.

We begeven ons tussen het publiek. Vele zijn getooid met Amerikaanse vlaggen, de sfeer is ingetogen. We komen er achter dat de Beach Boys vandaag op zullen treden, om de gebeurtenissen van 10 jaar geleden te herdenken…. niet zomaar Zo’ndag.

Tevreden, dat dit niet zomaar vergeten wordt, buiten de rampgebieden, verlaten we het park. We hebben vandaag genoten van een bijzondere wandeling door een stad waar oud en nieuw naadloos zijn samengesmolten tot ??n geheel… niet zomaar Zo’ndag.
Lees het verhaal
10 september 2011

Denver

Vorig jaar dachten velen nog dat ik een klap van de giek had gehad op de eerste dag van onze vakantie toen ik een ode aan een dementerende koe op onze site plaatste. Niets was minder waar, we hadden toen gewoon genoten van een geweldige dag in Amsterdam, de dag voordat we richting de VS vlogen. Inspiratie genoeg destijds, dus dit jaar ook maar weer een op waarheid gebaseerd onzinverhaal op onze site plaatsen?

Tja, helaas heeft de crisis ook hier toegeslagen, en hebben we besloten om deze reis niet een dagje voor vertrek, lekker luxe met de trein richting Amsterdam te reizen, om vervolgens deze stad ‘onveilig’ te maken en daarna ons te ruste leggen in een hotelletje, zodat we ‘s morgens goed uitgerust in een paar minuten op Schiphol zijn, maar gewoon, in alle vroegte het bed uit, om vervolgens zoals iedere gemiddelde Nederlandse vakantieganger om kwart voor zes richting Schiphol te kachelen. Daar aangekomen, konden we, net alsof het hoogseizoen was, in de rij aansluiten om de koffers te deponeren op een lopende band (keurig elk tot vijftien kilootjes weten te beperken), om vervolgens in de volgende rij bij de paspoortcontrole aan te sluiten (ruim een uur). Nadat we deze rij hebben getrotseerd, zijn we toe aan de laatste Nederlandse rij bij het aan boord gaan.

Korte tijd later (relatief gezien dan, aangezien we een uur sneller dan verwacht op onze tussenstop waren), begeven we ons naar de Amerikaanse paspoortcontrole in Minneapolis. Dan onze koffers even van de lopende band halen, om deze een kleine vijftigtal meters verder op een andere lopende band te deponeren. En dat zijn en blijven van die momenten dat die verdraaide uitspraak van Obelix in mijn hoofd rond blijft malen. Rare jongens, die Amerikanen…..

We genieten van een bakje cappuccino, en we gaan op naar de volgende gate, om verder te vliegen naar onze eindbestemming, Denver. Een korte vlucht van iets meer dan een uur. Net zoiets als Eindhoven – Londen dus.

Nadat we ons een klein uurtje door het luchtruim bewegen, neem ik een kijkje door het raam. Plotseling zie ik iets, waar de mensheid al jaren over aan het discussi?ren is…. Groene mannetjes.

Twijfelend zeg ik het tegen Marieke, ik weet zeker dat voordat ze een blik naar buiten heeft geworpen, ze me voor gek heeft verklaard. Maar dan ziet ze ze toch ook… Groene mannetjes.

We besluiten om verder geen paniek te gaan zaaien, en alles te laten voor wat het is. Wel maken we snel nog even een foto van die… Groene mannetjes. Pacmannetjes wel te verstaan.
Lees het verhaal
6 oktober 2010

Een eeuwigheid voorbijgevlogen

Bijna vier weken zijn we nu in Amerika geweest. Vier weken waarin we vanalles en nog wat gezien & gedaan hebben. Zo veel dat we bijna niet eens meer weten wat gedaan hebben. Het lijkt wel een eeuwigheid geleden dat we zaten te luisteren naar de ode aan de koe, maar als ik aan die avond in het theater terugdenk, dan lijkt het alsof het gisteren was dat we zaten te luisteren en te kijken naar de verrassende optredens aldaar. We hebben veel gezien deze ronde. Weinig nieuwe dingen al met al deze reis, maar wel eentje met vele hoogtepunten. Het meest verrassende nieuwe park dat we deze ronde bezocht hebben is Pinnacles NM, maar natuurlijk mogen we Cedar Breaks ook niet uitvlakken. Om alle parken die we deze ronde gezien hebben, zal ik ze allemaal moeten typen in de volgorde van de route die we hebben afgelegd. Yosemite NP, 1880 Railroad Town, Lassen NP, Bodie NM, Mono Lake, Cedar Breaks NM, Bryce Canyon NP, Zion NP, Sequoia NP, Kings Canyon NP en als laatste Pinnacles NM. Nu ik dit lijstje zit te typen blijf ik toch het idee houden dat ik iets vergeten ben. Misschien toch maar even de foto’s terugkijken.

Zoals hierboven al gezegd, we hebben zo ontzettend veel gezien en gedaan, dat het wel lijkt alsof we ik weet niet hoelang zijn weggeweest. De flexibiliteit van het ook boeken van een minimum aantal aan hotels, bleek ook dit jaar weer een gouden greep te zijn. Enkele malen hebben we onze reis aangepast aan de wensen die we op dat moment hadden. Hierdoor hebben we iets meer gereden dan de 6000 kilometer die we vooraf gecalculeerd hadden. Het zijn er 7250 geworden om precies te zijn. Indien we niet terug waren gegaan naar Katoenbos ?n geen kleren hadden gekocht boven Sacramento, maar gewoon in Las Vegas, dan waren we zelfs onder de 6000 kilometer uitgekomen, maar de tweede keer Katoenbos hadden we voor geen goud willen missen. In totaal zijn we ruim vier dagen daar geweest en ook voor daar geld, het lijkt wel een eeuwigheid dat we daar zijn geweest, zoveel hebben we gedaan. Maar ook hier telt, de tijd vloog voorbij. We hebben het waarschijnlijk al wel vaker getikt, maar dit was voor ons beiden toch h?t hoogtepunt van deze trip. Zelfs zo’n hoogtepunt, dat het heel waarschijnlijk is, dat we onze toekomstige reizen naar de VS zullen aanpassen zodat we weer een bezoekje kunnen brengen aan Katoenbos. Meteen kan ik er dan bijzetten dat juist d?t reisdoel er bij de volgende trip naar de USA niet in zal zitten. Want Amerika is meer dan alleen maar het Westen van het immense land. We hebben al zitten denken over een reis van LA naar Miama. Of van Denver naar Dallas. Of van….. ??n ding zal in elk geval wel duidelijk zijn, we zijn hier voorlopig nog niet uitgekeken. Nog vele dingen willen we zien, nog vele dingen willen we hier doen. Nog vaker willen we een eeuwigheid voorbij laten vliegen.
Lees het verhaal
5 oktober 2010

Bijna?

Na drie en halve week is de laatste dag van onze vakantie al weer aangebroken. Dat wil zeggen de laatste dag dat we nog iets kunnen ondernemen. Morgen staat de vliegreis op het programma en doordat we met de tijd mee vliegen, komen we pas donderdag in Nederland aan. Deze dag voelt dus als de laatste echte vakantiedag. Het was vandaag tijd om de auto in te leveren welke zo”n 7250 kilometertjes heeft afgelegd. Vervolgens de trein nar het centrum gepakt om nog een dagje San Francisco te doen. Aangezien we hier al twee keer eerder geweest zijn, hoeven we de echte toeristenplekjes niet meer te bezoeken en hebben we de tijd om de wat minder bekende plekjes te bezoeken.

Een van die wat minder bekende plekjes is het Cable-car museum. Dit gratis toegankelijke museum laat je de machinerie?n achter (of liever gezegd onder) de cable-car zien. Grote rollen met kabels zijn er nodig om de vier lijnen aan te kunnen drijven. Al sinds 1873 rijdt, dit unieke vervoermiddel, al rond in de stad. Even leek het erop dat de ouderwetse en niet effici?nt genoeg zijnde cable-car plaats mets maken voor een bussysteem. Echter in 1946 reden de cable-cars weer als vanouds.) Al hebben de cars wel veel te leiden gehad onder de aardbeving in 1906. Zo leer je nog eens iets. Het is niet zo dat dit museum bij een eerste bezoek aan San Francisco op het programma moet staan, want dan is er wel iets meer te zien. Maar na drie keer is dit een leuke en verrassende toevoeging aan al hetgene dat de stad te bieden heeft.

Net als vorig jaar wilden we een bezoekje brengen aan de oude speelmachines. Ook dit jaar hebben we er ons weer goed vermaakt en een aantal oude (en moderne) machines middels een paar kwartje aan de praat weten te krijgen. Terwijl we druk bezig waren om ons te vermaken met al deze oude apparaten, was het plotsklaps tijd om in te checken voor de vlucht van morgen. Zo gezegd, zo gedaan, en in het speelautomaten museum hebben we even in zitten checken in het vliegtuig. Nu hopen dat de stoelen ook op een dusdanig gunstige plaats staan, zoals het plaatje op de telefoon aangaf.

Na een Japanse maaltijd genuttigd te hebben werd het weer tijd om ons hotel op te gaan zoeken en ons voor te gaan bereiden op de reis van morgen.
Lees het verhaal
4 oktober 2010

Nu even niet?

Gisteren al genoten va Pinnacles National Monument. Zoals gezegd zouden we vandaag terug gaan om Condors te gaan kijken. Condors?, zullen sommigen van jullie misschien wel zeggen? Inderdaad Condors. De Californische Condor om precies te zijn. In heel de VS (Californi?) leven 188 van deze gigantische vogels, 96 daarvan leven in de omgeving van Pinnacles National Monument. Toen we deze morgen op weg gingen, hebben we enkele van deze gigantische vogels mogen spotten. Althans, dat denken we bijna zeker te weten. Degene die we, hoog in de lucht, hebben zien vliegen, voldoen aan alle kenmerken waaraan een Condor dient te doen.

Vol goede moed begonnen we aan de Condor Gulch Trail met als doel het dicht(er)bij zien van deze zeldzame dieren. Een wandeling van een kleine 6 kilometer, met een gemiddeld stijgingspercentage van bijna 6%, stond op ons te wachten. Snel de jas aangedaan en we waren klaar om op pad te gaan. Jas aan? Ja, vandaag was het koud (we zijn nu jaloers op het mooie weer in Nederland.), slechts 15 graden Celsius. Een verschil van 20 graden met gisteren. Warm weer? Nu even niet…..

Ach, misschien is dat ook wel prettig met de wandeling die we voor onze kiezen gaan krijgen. Genietend lopen we in een gestaag tempo omhoog. Hier en daar wordt een foto moment ingelast (lees: rustpauze), want de klim is toch behoorlijk inspannend. Al snel besluiten we om de jassen weer uit te doen en in onze rugzakken op te bergen. Na ruim anderhalve kilometer, komen we bij een uitkijkpunt aan. Schitterend uitzicht, met een fraaie donkere wolkendeken erboven, maar helaas…. Geen Condor te zien. We hebben nog ruim dan een kilometer te gaan tot het einde van het pad alvorens we weer om dienen te keren om aan de afdaling te beginnen en onderweg nog wat Condors te zien. Het begint langzaam wat harder te waaien. Genietend van het steeds wisselende fraaie uitzicht en de schitterende planten komen we op de top aan. We maken een paar foto”s en doen onze jassen aan omdat de harde wind toch behoorlijk fris is. Nog steeds geen Condor te zien.

De afdaling gaat voorspoedig en na twee-en-een-half uur, staan we weer bij het begin van het pad. En de Condors? Nu even niet…..

We beginnen aan de volgende wandeling van vandaag. Een relatief korte tocht van vier kilometer zal ons door de Bear Gulch leidden. Het stijgingspercentage is hier maar een paar procent, maar zal toch vrij intensief worden. Een gedeelte van de tocht gaat namelijk, net zoals gisteren, door een grot. Ook hier weer een grot, waar je zelf je weg dient te zoeken, met behulp van een zaklamp en wat pijlen. Wat ons te wachten staat, weten we niet, maar vol goede moed beginnen we aan de tocht. Bij de grot aangekomen lijkt het allemaal mee te vallen en de route is goed te doen. Fraaie trappen en relingen om je aan vast te houden. We zijn er van overtuigd dat we spoedig het licht aan het einde van de tunnel zullen zien. Helaas.? Nu even niet…..

Na een korte tocht is het gedaan met de trappen en de relingen. Net zoals gisteren is het klimmen, klauteren en kruipen, over, onder en langs de rotswanden. Op een bepaald moment wordt de doorgang dusdanig nauw, dat we blij zijn dat we niet groter van postuur zijn. We zijn er van overtuigd dat het mogelijk moet zijn, dat sommige mensen hier vast kunnen komen te zitten als een kurk in een fles. We besluiten om ons niet te laten kennen, en al tijgerend gaan we verder. Normaal gesproken zijn deze grotten gesloten voor publiek, omdat ze dan volzitten met zeldzame vleermuizen. Wij hebben het geluk dat deze beestjes hebben besloten om in een andere grot te gaan bivakkeren, zodat we niet bang hoeven te zijn dat deze beestjes ons lastig zullen vallen. Het lukt ons om heelhuids door de nauwe tunnel te komen en het ergste hebben we gehad. Voordat we er erg in hebben staan we buiten de grot, onderaan een gigantische, in de rotsen uitgehouwen trap. We hebben twee keuzes, of omdraaien en opnieuw de grot doorworstelen, of de trap te gaan beklimmen. We besluiten voor de tweede optie te gaan. Eenmaal boven aangekomen wacht ons een aangename verrassing. We krijgen een schitterend uitzicht over een meer voorgeschoteld. De verrassing is bijna net zo groot, als toen we vorig jaar de heuvel van Crater Lake hadden beklommen. We vervolgens onze weg terug naar het begin van de route. Onderweg genietend van de schitterende dingen die de natuur hier ons voorschotelt. En Condors? Nu even niet…..

Alles is voorspoediger gegaan, dan we gisteren hadden ingecalculeerd, en hierdoor staan we een uur eerder dan verwacht terug bij de auto. Wandelingen van deze tijdsduur zijn er helaas niet, en dus besluiten we om op ons gemak richting de laatste stop van de reis te gaan. Ook de reis naar San Francisco vergaat voorspoedig, en met behulp van de Car Pool strook weten we de drukte van de spits te omzeilen. Snel wat eten en naar het hotel, een verhaaltje typen en dit op internet zetten. Snel? Nu even niet….

De internetverbinding hier is dusdanig traag, dat de telefoonverbindingen die we een jaartje of tien geleden nog kenden, vallen in de categorie High Speed Internet. Dus opzoeken welke spin van 10cm we vanmiddag hebben gezien? Nu even niet…..
Lees het verhaal
3 oktober 2010

In het nauw

Vanmorgen in alle vroegte vertrokken vanuit het hotel iets ten zuiden van Katoenbos, op weg naar het laatste Nationale Park dat we gaan bezoeken deze vakantie. Wederom een kleine 500 kilometer rijden, maar dat mag de pret niet drukken.

Mede op aanraden van Rob nemen we een zaklamp mee, en dat is maar goed ook blijk al snel als we aan de wandeling in het Westelijke gedeelte van het park zijn begonnen. Een deel van de route leidt ons namelijk door grotten. Grotten die iets anders zijn dan wij ze gewend zijn. Gewoon een gat waar je naar binnen gaat, en als het te donker wordt, dan knip je de zaklamp aan, en ga je op zoek naar een witte pijl die ergens op een rotsblok is geschilderd om de route te vinden. Geen gemakkelijke paden, maar gewoon klimmen, klauteren en kruipen over, onder en langs de rotswanden.

Na een tijdje hebben we alle obstakels overwonnen en staan we aan de andere zijde van de grot weer buiten. Een geweldige ervaring die om meer roept.

Morgen gaan we daar gehoor aan geven door naar het Oostelijke deel van het park te gaan. Als eerste staat daar op de planning om Condors te gaan spotten. Als we dat eenmaal hebben gedaan, gaan we zoek naar de Kloof van de Beer (Bear Gulch).
Lees het verhaal
2 oktober 2010

Terug naar Katoenbos

Op 14 juni jongstleden sloot ik een verhaaltje af met de zin: “En wat als het wel klikt? Tja, dan zullen we waarschijnlijk nog wel een keer terug gaan naar Katoenbos.”

En het klikte. Het klikte dusdanig goed, dat toen het moment eenmaal daar was, dat we tijd over hadden in ons schema, we besloten om nogmaals een kleine omweg (ongeveer 400 kilometer) te maken, om terug te gaan naar Cottonwood. De laatste keer dat we daar waren, logden we voor de 1000e keer een geocache. Aangezien het schatzoeken de afgelopen weken voortvarend ging, leek het ons wel leuk als we hier voor de 1100e keer onze naam op een stukje papier konden krabbelen.

Zogezegd, zogedaan. Vanmorgen in alle vroegte vertrokken om de laatste 16 schatten te zoeken. Helaas hadden we net iets meer moeite. De eerste 10 schatten wilden zich niet laten vinden, dus we waren al een behoorlijke tijd onderweg, voordat we ?berhaupt iets op een papiertje konden krabbelen. Net op het moment dat we de moed opgaven, begon het allemaal te lopen en werd het ene na het andere kistje gevonden. Voordat we het wisten stond de teller op 1099 en konden we op pad voor de volgende, voor ons speciale, geocache.

Daarna eventjes terug naar het hotel voor een snelle opfriscursus en daarna op pad naar drie mensen die in enkele dagen tijd een definitief plekje in onze hart hebben weten te veroveren. Rob, Tracy & Arne.

Hoewel men in Amerika het woord niet kent, kunnen we toch wel zeggen, het was gezellig. Nu weet ik dat deze blog iedere dag vertaald wordt, zodat onze Amerikaanse vrienden, ook onze avonturen kunnen volgen, ?n ik weet ook dat het woord gezellig vertaald wordt. Maar hetgeen ik nog meer weet, is dat die vertaling de lading van het woord niet dekt. Gewoon omdat het woord gezellig uniek is voor de Nederlandse taal, en er geen enkele andere taal is, die een woord heeft dat precies d?t weergeeft, wat het woord ook daadwerkelijk inhoudt. Maar ik ben ervan overtuigd dat ze alledrie precies weten wat het inhoudt. We hebben vandaag genoten van een drietal, voor ons nieuwe, spellen. Het ene wat leuker dan het andere, maar dat maakt helemaal niets uit. Zolang je maar een leuke tijd hebt, en die hadden we.

Een gevleugelde uitspraak hier is: Time flies when your having fun. En dat deed de tijd dan ook. Al snel was het tegen middernacht en was het tijd om weer afscheid te nemen. ??n ding weten we zeker. Het was een tot ziens, en niet een vaarwel.
Lees het verhaal
1 oktober 2010

Koude oren

Het lijkt welhaast onmogelijk om bij temperaturen van 35 graden of meer?? te denken aan koude oren, maar toch is dat precies hetgeen ons vandaag bezig heeft gehouden

Vandaag geen wilde beesten die ons pad kruisten. Geen schitterende vergezichten of spannende klauterpartijen. Geen bruisende stad die is bezocht tot diep in de nacht. Helaas, we werden volledig in beslag genomen door andere dingen die soms noodzakelijk zijn. Sommigen zullen zeggen dat het zo ongeveer de dagelijkse gang van zaken is tijdens een vakantie, maar voor ons is het geen pretje. Goed het is geen straf, maar ieder zijn meug om het maar eens netjes te zeggen. Gelukkig ook maar dat alle mensen verschillend zijn, anders zou iedere winkel of ieder natuurpark uitpuilen van mensen, en dan was er ook geen lolletje meer aan.

Na onze dag in Las Vegas, zijn we al wezen winkelen. Maar de prijzen vielen ons dusdanig tegen dat we snel besloten om deze Shopping Mall achter ons te laten en verder te reizen. Vorig jaar hadden we immers iets boven Sacramento ook een alleraardigst (uhum) winkelcentrum gezien, waar de prijzen bijna 40% lager waren dan in het winkelcentrum in Vegas. Voor ons dus reden om daar even een kleine omleiding voor te maken en zelf te gaan kijken of dat het prijsverschil nog steeds zo groot is. Zo groot is het niet meer, maar het scheelt nog altijd 25% met Las Vegas. De moeite van de korte omleiding waard dus.

Beladen met tassen kwamen we weer terug bij de auto om vervolgens te gaan genieten van mijn nieuwe muts in het hotel.
Lees het verhaal
30 september 2010

Trap naar de hemel

De meeste van de Nationale Parken in de Verenigde Staten hebben ons hart veroverd. De parken Kings Canyon & Sequoia NP behoren helaas niet tot dat illustere rijtje. Dit is niet te wijten aan de prachtige natuur die hier te zien is, maar meer met het beleid dat hier gevoerd wordt. Of beter gezegd, het beleid dat hier niet gevoerd wordt. In ieder NP (Nationaal Park) dat we tot op heden in de VS hebben bezocht, zijn de Park Rangers enthousiast over het park waarin ze werken. Als je ze wat summiere informatie geeft, vertellen ze met liefde en plezier welk wandelingen je het beste kunt doen. En dat niet alleen, ze vertellen ook nog waar je op dient te letten, in welke richting je het beste kunt lopen en bovendien tekenen ze, terwijl ze praten, op een blaadje met de routes ook alles nog eens uit.

Dus hetgeen wat we normaliter altijd doen, is nadat we onszelf ingelezen hebben, naar het informatie centrum gaan en daar onze gedachten aan de Rangers te vertellen. Vaak wordt dan bevestigd wat we zelf bedacht hebben, aangevuld met n?t dat beetje extra informatie dat in geen enkel boek terug te vinden is.

Voor Kings Canyon & Sequoia NP deden we gisteren dus het zelfde. Het antwoord op een vraag van degene die voor ons stond: “Als ik jullie was, zou ik maken dat ik ging rijden. De weg is afgesloten en gaat maar 1 keer per uur open. Dan is die weer voor een uur dicht en het is een half uur rijden. Ik zou dus maar snel gaan.” Verbouwereerd waagde onze voorganger nog een poging door aan de Ranger te vragen wat hij kon doen als hij dat niet haalde. Antwoord: “Dat wil je wel halen.” Einde discussie.

Ook wij besloten om maar snel verder te gaan en dit eerste informatie centrum achter ons te laten. Inderdaad, een klein half uur rijden verder was de weg afgesloten en konden we aansluiten in de rij. Op het hele uur ging de weg open en konden we stapvoets verder naar het volgende informatiecentrum. Daar gearriveerd vroegen wij welke wandelingen de moeite waard waren in de omgeving als we X mijl wilden lopen en er Y tijd over wilden doen met een moeilijkheidsgraad Z. Kort kregen we antwoord. Alhoewel antwoord. Op een geplastificeerd kaartje werd in hoog tempo enkele mogelijkheden aangewezen, een uur rijden verder. Willen we de routes hebben? Natuurlijk kan dat ? $3,50 per stuk. $3,50 per stuk? Maar zojuist is er toch al $20,- entree afgetikt? In ieder ander park worden deze gegeven. Hier niet. Ok?, dan geen routes, we hebben tenslotte principes ??n een GPS.

Het volgende probleem is dat ze in dit park niet zo veel moeite hebben gedaan om aan te geven waar de wandelingen beginnen. Ach, we komen er wel uit, maar het is zonde van de tijd.

Vandaag maar weer een poging gewaagd bij een ander bezoekerscentrum in het park in de hoop dat we gewoon pech hadden met een sikkeneurige Ranger. Helaas, niet dus. Het is hier standaard. Zelfde vraag, zelfde korte antwoord. Maar wat schertst onze verbazing. De route die wordt aangewezen, ligt ongeveer 600 meter bij het bezoekerscentrum vandaan. Het bezoekerscentrum waar we gisteren stonden welteverstaan. Het bezoekerscentrum waar geen woord (of wijzende vinger) over deze route werd gerept.

Het is hier dus vooral een kwestie van zelf uitzoeken. Even naar het toilet voordat we vertrekken. O ja, dat is gesloten, het is immers al half september geweest. Graag even naar de volgende toiletten lopen, een kilometer verderop.

Na het een en ander uitgezocht te hebben, besluiten we om de dag te beginnen met de beklimming van de Moro Rock. Nu heb ik niet vaak last van hoogtevrees, maar deze klim van 400 traptredes deden mijn knie?n toch wel even knikken zo nu en dan. Maar eerlijk is eerlijk. Het is een schitterende klim naar boven, die met grote regelmaat bovenin de donkere wolken, die vandaag boven onze hoofd hangen, lijken te eindigen. Eenmaal boven aangekomen, worden we getrakteerd op een fabuleus uitzicht.

Daarna nog even kijken bij de Tunnel Boom. Een tunnel die gemaakt is voor de auto’s door een omgevallen boomstam. Ook willen we nog even naar Redwood Canyon, maar gelukkig verteld een aardige mevrouw in het park dat dit is afgesloten. Deze informatie hadden ze natuurlijk ook in het bezoekerscentrum kunnen verstrekken, maar waarom zouden ze. Dat ziet iedereen toch vanzelf wel.

Verrijkt met deze informatie besluiten we om dan maar naar de Tokopah watervallen te gaan. Een schitterende wandeling met fantastische uitzichten. Een kleine teleurstelling is het wel als we eenmaal bij de watervallen zijn aangekomen, en het blijkt dat men de kraan bijna helemaal heeft dichtgedraaid. Ik heb nog een poging gewaagd om de natuur een handje te helpen, door mijn natuur zijn gang te laten gaan, maar helaas het mocht niet baten.

De dag komt ten einde en we wandelen op het gemakje terug naar de auto. Onderweg worden we getrakteerd op tientallen hagedissen. Een paar herten die op hun dooie akkertje staan te grazen. En als we dan plotseling eekhoorns druk bezig zien om hun wintervoorraad op peil te brengen is het allemaal weer compleet voor vandaag. We hebben genoten van een geweldige en heerlijke dag.
Lees het verhaal
29 september 2010

Het moet niet gekker worden

Twee verhaaltjes op een dag. Het moet niet gekker worden. Natuurlijk was het hoogte punt van vandaag het op de gevoelige plaat vastleggen van een beer. (De tweede deze vakantie, maar de eerste welke ons niet te vlug af was om het fototoestel voor de dag te halen). Natuurlijk hoop je hier op, maar je weet dat de kans zeer gering is. Sequoia NP blijft voor ons voor altijd verbonden met het beeld van die beer.

Maar we zouden Sequoia NP te kort doen om het succes van het park op te hangen aan de confrontatie met dit beest. Toen we in eerste instantie door dit park reden, dachten we allebei: ”Is dit nu alles?”. Maar toen we door het bos zelf wandelden waren de mamoetbomen toch wel erg indrukwekkend. En niet zo zeer door de grote van de bomen, als wel door de enorme omvang en de hoeveelheid hout dat er aan deze bomen zit. Een voorbeeld hiervan is de beroemde General Sherman Tree. Deze woudreus heeft een stamdoorsnede van 9 meter (op borsthoogte) en is 84 meter hoog. Hij bevat ongeveer 1487 kubieke meter hout, voldoende om 85 Amerikaanse eengezinswoningen te bouwen. Een van de bovenste takken is 2 meter dik en 24 meter lang. Als je je dan ook nog eens bedenkt dat 1.487.000 liter water, genoeg is om ??n persoon 27 jaar lang een bad te laten nemen, dan krijg je misschien een beeld over de omvang van deze boom.

Tot zover een stukje Aardrijkskunde les, maar het geeft wel een goed beeld hoe groot en breed deze bomen zijn. Vorig jaren hebben we de bomen in Redwood NP al mogen zien, en deze zijn een stuk groter, dit zijn ECHT Hoge Bomen. Maar deze dikke jongens mogen er ook zijn.

Als je dan een wandeling door het mamoetbomenbos maakt, dan voel je je pas echt klein. Door een persoon bij een boom te plaatsen, is pas enigzins zichtbaar over welke doorsnede we het hebben.

We hebben in de loop der jaren al wat verschillende bomen gezien, Redwood-bomen, Sequoia”s en Joshua-trees. Maar we zijn het er wel over eens dat niets kan tippen aan de Baobap welke we in Afrika hebben gezien. Het feit dat je bovenop een boomwortel zit en je voeten in het niets bungelen, is toch wel erg speciaal.
Lees het verhaal