ZaNaBoZa.... de getikte avonturen van Paul & Marieke

Alle reizen
1 oktober 2014

Dat dan weer wel

Vonden we het gisteren nog niet zo’n probleem om acht uur in de regen te lopen, toen we deze ochtend uit het raam van de hotelkamer keken, leek het ons niet zo’n strak plan om hetgeen te gaan doen wat we eigenlijk gepland hadden. Na het reorganiseren en het wegen van de koffers, wilden we eigenlijk een wandeling gaan maken in een bos midden in Boston (zou op zich wel heel leuk zijn geweest als we dan ook een ton hadden gevonden in dat Bos, maar dat terzijde). Maar aangezien de sluizen naar de hemel wagenwijd geopend waren, bedachten we dat het wellicht verstandiger zou zijn om na het uitchecken onze heil te gaan zoeken in de dichtstbijzijnde Starbucks, en onder het genot van een kop cappuccino een spelletje zouden gaan doen. Zo gezegd zo gedaan. Alleen, bij de nabije Starbucks, hadden ze geen plek om te zitten. In een flits had ik gisteren nabij het metrostation JFK een nieuwe Starbucks gezien. Onderweg daarheen. Deze was gevestigd in een supermarkt, en in de supermarkt, hadden ze tafels en stoelen staan. Gelijk een broodje gekocht, en na het bestellen van de cappuccino begonnen aan een spelletje Sushi Go! (linksboven) De tijd ging vlotjes voorbij en nadat we het broodje gegeten hadden werd het tijd voor meer koffie en nog een spelletje Love Letter (rechterzijde) en Händler der Karibik (linksonder).

Voordat we het wisten was het tijd om richting het vliegveld te rijden om de auto in te leveren. Het bleek dat we slechts 4601,3 kilometer gereden hadden deze rondreis. Niet zo heel veel dus, als men bedenkt, dat we 2861 kilometer nodig hadden om langs alle locaties te komen, die we wilden zien. Dat betekent dat we dagelijks slechts 69612 meter extra dienden te rijden om onder andere te tanken, boodschappen te doen, te gaan eten en van het hotel naar de plaats van bestemming te komen. Hieruit kunnen we concluderen dat we duidelijk veel dichter bij de ingang van alle parken zaten, dan anders het geval is. Bij Franconia Notch SP (die van die dure wandeling) zaten we drie-en-een-halve kilometer van het park vandaan. Bij Acadia NP hadden we het nog beter voor elkaar, en zaten we slechts een kilometer van de ingang van het park vandaan. Bovendien viel het benzineverbruik van de auto ook nog eens heel erg mee. Een nette 1 op 11,49 scoorden we gemiddeld, wat resulteert iets meer dan 400 liter (400,46 om preciezer te zijn) brandstof. Met een prijs van ongeveer 75 (en dan zit ik aan de hoge kant) eurocent per liter, valt deze schadepost dus enorm mee dit jaar.

Na het afscheid nemen van de ‘benzineslurpende’, 3.6 liter, 6-cilynder, 292PK, Dodge Charger, was het tijd om te gaan inchecken. Hier maakten we wederom kennis met de ongemanierde manieren van de vliegveldmedewerkers in de VS. Maar ach, ook dat went. We maakten ons op voor het nagenoeg compleet uitkleden om door de douane te mogen. Het beantwoorden van totaal onzinnige vragen over de elektronica in de handbagage. Maar neen. Niets van dat alles. Riem uit? Waarom? Portemonnee uit de broekzak? Nergens voor nodig. Laptop open? Is dat nuttig dan? Tablet, E-Reader, Telefoon, GPSr, TomTom en Laptop elk in een apart bakje? Zoveel bakjes hebben we niet. Alles gewoon in de tas laten zitten en verder gaan. Na het passeren van de metaaldetector toch maar even gevraagd aan de douanemedewerkster of ze niet naar de metaaldetector diende te kijken. Als dank voor mijn oplettendheid mocht ik nogmaals door de metaaldetector lopen. Naar alle waarschijnlijkheid was mevrouw zwaar invalide, want ik hoorde alles piepen en zag dat de lampjes rood uitsloegen, maar mocht desondanks gewoon doorlopen. Wel waren mijn handen gecontroleerd op restanten van explosieven. Dat dan weer wel.
Lees het verhaal
30 september 2014

‘T kumt zoals ‘t kumt

Dag drie alweer deze reis. Regendag drie om precies te zijn. Morgen wordt dag vier. En dat is een hoeveelheid die we nog niet eerder hebben meegemaakt tijdens een rondreis in de VS. Het zou overdreven zijn, om nu te zeggen dat deze trip in het water is gevallen, maar toch heeft er een liedje de laatste weken enkele malen door mijn hoofd gespeeld.

Maar we laten ons niet tegenhouden door wat neerdalende druppels water. We gaan gewoon op pad naar Boston. We wilden nog enkele dingen bekijken, en die zouden er zeker en vast ook staan als ze vochtig worden door wat hemelwater. Eerste doel van vandaag was de openbare bibliotheek van Boston. Op het internet hadden we foto’s gezien, en die waren toch wel erg de moeite waard. Gisterenavond nog even het adres opgezocht, en deze ochtend vol goede moed op pad. Eenmaal gearriveerd bij de bieb, was het toch wel schrikken geblazen van hetgeen we zagen. Hoewel we er geen patent op hebben aangevraagd, lijkt het wel of alles waar we heen gaan verbouwd dient te worden.

Hevig teleurgesteld halen we onze schouders op, denkend we aan een paar regels uit een ander liedje. ‘T kumt zoals ‘t kumt. We besluiten om wat rond te kijken in de gedeeltes die wel toegankelijk zijn, en plotseling zie ik toch wel een mooi plaatje voor mijn ogen verschijnen. Ik pak mijn camera en klik.

We gaan doen waar een bibliotheek voor bedoeld is, en we pakken een paar boeken uit het rek. We hebben namelijk grote twijfels of we wel in de juiste bieb zijn aanbeland, dus is het maar goed dat ze hier gewoon reisgidsen van Boston hebben staan. We ontdekken al snel dat we toch echt op het juiste adres zijn aanbeland. Ook lezen we dat de bibliotheek een van de oudste bibliotheken van het land is. Mmmm, het gebouw dat we zijn binnengewandeld ziet er niet zo heel oud uit. We gaan weer naar buiten, lopen een klein stukje en ontdekken dat we een soort van bijgebouw zijn binnengewandeld. We gaan het pand dat we zojuist hebben ontdekt binnen, en al snel kunnen we opgelucht ademhalen. Dit is de plek die we gezien hebben. Al genietend lopen we door deze enorme bibliotheek heen, en maken we de foto’s die we willen maken.

We gaan weer terug de regen in. Verder op pad naar de dingen die we nog graag in deze fraaie stad willen zien. We passeren een tig-tal fraaie beelden, waarvan het ‘Make way for Ducklings’-statue toch wel het bekendste is. Dit is inderdaad een mooi beeld, en uiteraard leggen we ook dat op de gevoelige chip vast.

Dit beeld staat in het Boston Public Garden, waar we een gedeelte van een audiotour doen. Leuk, maar de regen maakt het er toch niet leuker op. Wel stoppen we nog even bij het beroemdste bankje van Boston, hier is een scene uit Good Will Hunting opgenomen, en men zegt dat door deze scene Robin Williams zijn oscar won.

We wandelen verder naar Old Boston, na bijna 8 uur wandelen in de regen, leggen we Acorn Street op de gevoelige plaat vast, en hebben we alles wat op ons lijstje stond bezocht in deze stad. Maar om met de woorden van het eerste liedje te eindigen. Alles ziet er anders uit, als de zon schijnt.
Lees het verhaal
29 september 2014

En dan word je gevraagd uitleg te komen geven op Yale

In onze carrière van avonturiers hebben we al veel meegemaakt. We mochten in Namibië bij wildvreemde mensen thuis dineren. We mochten kennismaken met de brandweerlieden die het eerst ter plekke waren bij het WTC in New York. We mochten een felbegeerde ‘zeldzame’ beker in ontvangst nemen in Wenen. Maar wat we vandaag mee mochten maken. Dat konden zelfs wij niet uit 10 dikke duimen zuigen.

Zoals we gisteren al kort tikten, hebben we gisteren een geocaching-evenement georganiseerd in New Haven. Deze plaats is de thuisbasis van een van de hoogst aangeschreven universiteiten van de wereld. Namelijk, Yale, maar dat terzijde. Voor ons was het slechts een tussenstop, bedoeld als overnachtingsplaats. Deze morgen vertrokken we dan ook in alle vroegte uit deze plaats, op weg naar onze laatste stop voor deze trip, Boston. Eerst nog even naar East Rock in New Haven, naar we gisterenavond gehoord hebben, krijg je daar een fraai uitzicht over de stad. En inderdaad, we kunnen dat alleen maar beamen.

We maken een korte omweg door de staat Rhode Island, om daar een paar geocaches te zoeken. Nadat we ze gevonden hebben, brengen we het totaal aantal staten waarin we een geocache hebben gevonden op 29. Nog maar 21 te gaan. We rijden verder. Boston voorbij, op weg naar het plaatsje Saugus. Hier bevindt zicht Saugus Ironworks NHS, oftewel, hier stond de eerste ijzerfabriek van de Verenigde Staten.

We hadden dit op internet gezien, en het leek ons wel interessant om daar even te gaan kijken. Ook hebben we gelezen, dat het allemaal te netjes zou zijn. De technieken die de mensen 350 jaar geleden gebruikten, kunnen dan wel minder geavanceerd zijn dan degene die we vandaag de dag gebruiken, maar ik ben er van overtuigd, dat de mensen ook toen al van het woord opruimen hadden gehoord. De mening dat het allemaal te netjes is, delen we dan ook niet. Dit moet men simpelweg zien als een openluchtmuseum. Gewoon rondlopen, lezen, leren en vooral genieten van al het fraais dat je voorgeschoteld krijgt.

Als we na een paar uurtjes in dit kleine museum zijn uitgekeken, gaan we op weg naar Fenway Park. Het stadion van honkbalclub de Boston Red Sox. Parkeren is lastig hier, maar gelukkig is er voor de deur nog één plekje vrij. Hebben wij mooi even geluk dat we maar één auto bij ons hebben vandaag. We gaan als eerste naar de fanstore. Het valt op dat het hier niet heel druk is. Als we een plek op enkele prijskaartjes hebben geworpen, begrijpen we waarom. Dertig dollar voor een standaard pet en tien dollar voor een simpel speldje is behoorlijk aan de prijs. We laten de shop dan ook de shop, en gaan een wandeling maken rond het stadion. We kijken nog even wat een rondleiding door het stadion kost. Hetgeen we al dachten na het zien van de prijzen van de souvenirs, blijkt inderdaad te kloppen. De prijs voor de tour is te gortig als je het ons vraagt. We lopen verder en maken wat foto’s. Marieke kan wederom een stadion van haar onbeschreven lijstje afstrepen.

Na het bezoek aan het stadion, gaan we nog op zoek naar een spellenwinkel, waarvan we heel ‘toevallig’ aan het adres zijn gekomen. Ook hier hebben ze een redelijke collectie, maar toch hebben ze niets in de winkel wat ons hartje begeert. Althans niet voor de juiste prijs. We besluiten, voordat we in het hotel gaan inchecken, een hapje te gaan eten. Eenmaal aan tafel, gaan we gezellig de mail controleren en het nieuws bekijken. Iets wat we in Nederland niet snel zouden doen, maar hier levert het ‘s avonds in het hotel toch weer tijd op. Ik worstel me door ruim 50 mailtjes heen. Lezen, weg. Lezen, weg. Lezen, bewaren. Lezen, weg. Dan kom ik bij een mailtje dat opvalt. Afkomstig van ene Jennifer. Werkend aan Yale University. Ze zijn geïnteresseerd in het fenomeen geocaching, en zouden graag willen hebben dat we daar over komen vertellen als we in de buurt zijn, zodat ze, aan de hand van onze woorden, een artikel over kunnen publiceren. In het hotel aangekomen, mailen we Jennifer terug dat we ons vereerd voelen, maar dat het nog wel enkele jaren kan duren voordat we weer in de buurt zijn. Tevens geven we haar de namen van de geocachers die we gisterenavond hebben leren kennen. Deze mensen wonen in de buurt van de universiteit, en kunnen veel beter met de eer van het artikel gaan strijken dan twee tikkende avonturiers uit Nederland.
Lees het verhaal
28 september 2014

Codename 2000-11. Sleepy Hollow. Accomplished

Waar in de wereld je ook bent
Je denkt terug aan dat moment
En weet niet waar je het van kent.
Maar opeens herinner je je weer,
Er was een eindeloze sfeer

Als we de afrit nemen, denken we dat we terecht gaan komen in een boek van Stephen King, dat handelt over twee dorpjes. Als eerste hebben we het ideale oord, Pleasantville. Aan de andere kant van de rivier ligt het donkere Sleepy Hollow. Terwijl we dichterbij de bestemming, gelegen in Sleepy Hollow, komen, neemt de spanning toe. Al snel blijkt dat we nergens voor bevreesd dienen te zijn, en dat ook Sleepy Hollow een alleraardigste plaats is. Tenminste dat nemen we aan, want verder dan de bossen nabij het dorpje zijn we niet geweest. Langzaamaan beginnen de herfstkleuren tevoorschijn te komen, en met het zonnetje dat door de bladeren heen schijnt, is dit een schitterend gezicht. Ook vandaag verwarmt de zon, deze stukje op de aarde weer tot 27 graden. Jammer dat de luchtvochtigheid enorm is, en dat de gevoelstemperatuur boven de 40 graden ligt. Hebben we het in Nederland wel eens over benauwd? Wel dat is niets vergeleken bij de benauwdheid die we vandaag mochten ervaren. Zou Stephen King hier dan toch een hand in hebben?

Maar we moeten op pad. Op weg om het volgende vakje van onze matrix dicht te maken. Deze missie slaagt.

We hebben we maar liefst 10 van deze vakjes tijdens deze rondreis kunnen inkleuren. Een aantal dat we zelf niet hadden verwacht voordat we weg gingen. Nog maar één vakje te gaan, en dan is het tabelletje dicht.

Morgen is het doel om enkele geocaches in de staat Rhode Island te vinden. Als dat lukt, dan hebben we tijdens deze trip in 14 staten een geocache gevonden. Daarmee verdubbelen we bijna het aantal staten waarin we een geocache hebben gevonden. Na de wandeling naar de oude cache, besluiten we om naar het hotel te gaan. Het is gewoon te benauwd vandaag. Als ik mijn linkervoet optil, dan begint er spontaan warm water op de rechterkant van mijn hoofd te stromen. Dat kan niet de bedoeling zijn. Na het eten gaan we naar het stadje New Haven, waar we wederom een event hebben georganiseerd. De laatste van deze trip, en misschien het, in onze ogen, wel het meest geslaagde van allemaal. De bedoeling was dat dit event een half uur zou duren. Toen we terug naar het hotel gingen, waren we anderhalf uur verder. Morgen wacht de laatste etappe op ons. Terug naar de plek waar het drie weken geleden allemaal begon. Boston.
Lees het verhaal
27 september 2014

New York in een dag

Toen we een maand geleden te horen kregen dat het concert van Big Head Todd & The Monsters niet doorging, hadden we plotseling een dag in ons schema over. Wat ermee te doen. We besloten om New York City nog een keer te bezoeken. In 2006 waren we ook al in die stad, en destijds heeft die een behoorlijke indruk op ons gemaakt tijdens de vijf dagen dat we daar waren. Alle ‘must-see’s’ hebben we toen al bezocht, dus ons lijstje van wat we perse wilden bekijken was erg kort. Na 2006 zijn er alleen het park The High Line en het 9/11-memorial bijgekomen in deze wereldstad. We waren ervan overtuigd dat we daar geen volledige dag voor nodig zouden hebben, dus de vraag die bij ons rees was eigenlijk vrij simpel. Zou het mogelijk zijn, om bijna alle hoogtepunten van deze stad binnen 24 uur te bezoeken? We wisten op voorhand al dat het Vrijheidsbeeld en een bezoek aan de top van het Empire State Building af zou vallen. Ook zouden we geen musea kunnen bezoeken, en zouden we er een behoorlijk tempo in dienen te houden. We hadden een wandelroute van ruim 15 kilometer uitgezet. Zou op zich niet zo’n probleem hoeven te zijn.

Het grote voordeel is natuurlijk dat een dag 24 uur heeft, en dat we daarom gisterenavond al konden beginnen met de route. Columbus Circle, aan de rand van het Central Park. Leuk pleintje. Altijd druk, en Central Park is natuurlijk ook niet verkeerd, al dienen we wel eerlijk te zeggen, dat we niet meer dan de rand van het park hebben gezien.

Daarna doorgewandeld naar het nog drukkere Times Square via Broadway. Ondanks de enorme mensenmassa heb je hier geen onveilig gevoel, en overal waar je kijkt is wel iets te zien. Op dit plein kom je letterlijk ogen tekort. Uren zou je jezelf hier kunnen vermaken. Helaas hebben we maar 24 uur, en we willen ook nog ergens wat slapen, we gaan dus terug naar het hotel.

We waren behoorlijk moe, dus we besloten om deze ochtend weer uit te slapen. De busreis naar het centrum neemt ongeveer een uur in beslag en iets na de klok van 10 uur, zijn we aanbeland op 42nd Street, waar het volgende doel ligt. Grand Central Station, in 2006 ook al geweest, en dit is gewoon een schitterend gebouw. Zowel van buiten als van binnen, is het hier gewoon genieten van de schoonheid ervan.

We gaan door naar het Empire State Building, waar we niets meer maken dan een fotostop van de buitenkant van het gebouw.

Hetgeen we interessanter vinden hier, is de buurman van het Empire State Building. Daar zit namelijk de enige spellenwinkel van Manhattan gevestigd. Altijd een genot om rond te snuffelen tussen honderden spellendozen, al wordt het naarmate onze spellenkast voller wordt, steeds moeilijker om leuke nieuwe spelletjes te vinden. Maar wees gerust, we zijn erin geslaagd, en voegden weer wat toe aan de collectie.

De klok is intussen het middaguur al gepasseerd, en de magen dienen een beetje gevuld te worden. Terwijl we op zoek gaan naar een budgetvriendelijke lunch, passeren we het Flatiron building. Ook de moeite waard om even op de foto te zetten.

Na de kleine lunch gaan we langzaam op weg naar het eerste nieuwe item op onze lijst, maar dan passeren we de Chelsea Foodmarket. We denken dat we vanavond ook wat dienen te eten, dus we besluiten om even een kijkje te nemen in deze tot Food Court omgebouwde koekjesfabriek. De mensenmassa binnen is enorm, en hierdoor is het zo goed als onmogelijk om van dit schitterende gebouw te kunnen genieten.

Na dit bezoek, belandden we uiteindelijk bij The High Line. Een oude spoorlijn die dwars boven de straten van Manhattan loopt, maar sinds de jaren 60 van de vorige eeuw niet meer in gebruik was, is omgetoverd tot een park voor de mensen. Na Central Park het grootste park van New York City, en een ware toeristische trekpleister. Aangezien we vandaag een missie hebben, kunnen we niet zo heel veel tijd inruimen voor dit leuke park.

We liggen achter op schema. Het is vandaag warmer (ruim 31 graden) dan verwacht. Ook is het drukker dan we dan we hadden verwacht, en moeten we op ieder kruispunt ruim een minuut wachten voordat we wit licht hebben om over te mogen steken. Door de combinatie van deze factoren, liggen we achter op schema, en we besluiten om onze wandelroute met een paar kilometer in te korten door de metro te nemen naar het 9/11 memorial. In 2006 was het hier nog een grote hoop met puin. Sinds 2012 is er een monument geopend. We gaan erheen, en de enorme waterpartijen laten precies zien waar de twee torens stonden. Hoewel het een heel sober monument is, maakt dit toch wel indruk, en zijn we even stil.

De voetjes worden moe. We beseffen dat onze missie vandaag niet zal gaan slagen. We gaan naar Wall Street. Het finaciële hart van de wereld volgens velen. Marktkramers zijn het daar volledig mee eens een vragen hier voor een flesje water het dubbele van wat men elders in de stad voor een flesje water vraagt.

We wandelen naar de Brooklyn Bridge. Onze laatste stop voor vandaag. De drukte hier is ook enorm, en maken het haast onmogelijk om te wandelen over de brug. In 2006 was het hier heerlijk rustig. En konden we heerlijk genieten. Vandaag was het vooral uitkijken dat we niet omver gelopen of gefietst werden.

We bekijken Manhattan Bridge van een afstand en laten Chinatown voor wat het is.

New York City in 24 uur, is te doen. Daar zijn we van overtuigd. Maar aangezien we al bijna drie weken op reis zijn, begint de vermoeidheid langzaamaan toe te nemen. Ook hebben we de ‘pech’, dat het vandaag de warmste dag van onze vakantie dit jaar is. Nog niet eerder rees het kwik boven de 30 graden. Hoe dan ook, we hebben vandaag genoten, al heeft New York vandaag niet de verpletterende indruk achtergelaten die het 8 jaar geleden wel achterliet. Over een paar jaar misschien nog maar eens gaan kijken.
Lees het verhaal
26 september 2014

Aaaar joe from Nieeew Jursieee!?!?!

We tikken 2006, als we plotseling achter ons een vrouw deze vraag horen roepen. Of beter gezegd uitschreeuwen. Wat was het geval, destijds reden we een Ford Taurus, met een kentekenplaat uit de staat New Jersey. Geen idee meer waar het precies was, al kan ik de locatie nabij een meertje aan de linkerkant van de weg nog wel uittekenen. Het zal in ieder geval een eindje van de staat New Jersey vandaan zijn geweest. Ontkennend hebben we de vrouw beantwoord en uitgelegd dat het een huurauto was, en dat onze twee simpele zieltjes afkomstig waren uit Nederland. Hevig teleurgesteld ging ze weer verder. Gevolg van deze ontmoeting van minder dan een minuut is wel dat telkens als we op reis zijn door de VS en een nummerplaat uit New Jersey spotten, we uitroepen:

“Aaaar joe from Nieeew Jursieee!?!?!”
Als we deze traditie vandaag in ere hadden gehouden, dan hadden we op het moment van tikken geen stem meer overgehad. Nadat we deze ochtend Pennsylvania hebben verlaten, reden we voor de eerste keer door New Jersey heen. De ene na de andere auto met de juiste nummerplaat zagen we vandaag. Tradities zijn er om in ere te houden, maar vandaag even niet.

Zoals gezegd, hebben we Philadelphia achter ons gelaten, maar niet nadat we een bliksembezoek brachten aan het stadion van de honkbalclub de Philadelphia Philies. Ook haast een traditie te noemen inmiddels. Toen ik een medewerkster van de winkel om een ansichtkaart van het stadion vroeg, toonde ze me vol enthousiasme het lege rek van de ansichtkaarten van het stadion. Uitverkocht dus. “Maar!”, zei de vriendelijke vrouw, “Zou het niet veel beter zijn, als je zelf een foto van het veld en het stadion maakt?” Ervan overtuigd dat Marieke dit wel aardig zou vinden, antwoordde ik volmondig ja. Marieke geroepen, en twee minuten laten stonden we foto’s te maken op de tribune van het stadion. Sneak Peak noemde de mevrouw het. Marieke helemaal blij dat het wéér gelukt is om een stadion van binnen te bezoeken, zonder daar een volledige rondleiding voor te hoeven doen.

Daarna dus door naar New Jersey, inmiddels alweer de 12e staat die we deze reis aandoen. Voor het gemak tellen we DC ook maar mee als staat, terwijl dat natuurlijk geen staat is, maar dat terzijde. Doel voor deze middag is het Liberty State Park in Jersey City. Toen bleek dat het concert in Atlantic City niet doorging, dienden we een ander doel voor vandaag te zoeken. Al snel viel de keuze op New York City. Ook al snel bleek dat de hotels in New York City haast onbetaalbaar zijn, en al helemaal als je ook nog eens een auto wil parkeren bij het hotel. Dus maar aan de andere kant van de Hudson gezocht, en zodoende op een hotel in Fort Lee uitgekomen. Toevallig zag ik op internet een foto voorbijkomen van een monument ter nagedachtenis aan de gebeurtenissen aan 11 september 2001. Verder onderzoek leerde dat we vanuit dit park ook het Vrijheidsbeeld van de achterkant konden zien en dat we een fraai uitzicht hadden op de skyline van New York City.

Een wandeling van ruim zes kilometer zou ons langs al dit fraais leiden. Eerste halte in het park was het monument. Twee RVS wanden, waarvan de lengte gelijk is aan de hoogte die de twee torens van het WTC hadden. De richting waarin deze wanden wijzen, tonen de plek waar de wolkenkrabbers stonden. In de wanden zijn de namen van alle slachtoffers afkomstig uit New Jersey gegraveerd. Erg indrukwekkend allemaal. Een kindje vroeg aan de moeder waarom dit monument er was. “Dat is een lang verhaal, dat ik je later nog wel eens vertel.”, was het antwoord van de moeder. “Waarom nu niet?”, was het antwoord van twee turven hoog. Moeder begint aan het lange verhaal. Dit is nog maar 13 jaar geleden gebeurd, maar kinderen die nu naar de brugklas van de middelbare school gaan, waren ten tijde van de gebeurtenissen op de genoemde dag nog niet (of nog maar net) geboren. Zij dienen dus alles hierover uit de geschiedenisboeken te leren, net zoals wij alles over de moord op Kennedy en de eerste man op de maan uit de boekjes hebben moeten leren. We worden oud, bedenk ik me.

Door naar de achterkant van het Vrijheidsbeeld. Niets bijzonders, maar het is heerlijk weer vandaag. Met een graad of 23 misschien net iets te warm, maar alles beter dan de regen van gisteren. Lekker een stukje wandelen dus. Kunnen we gelijk een foto maken van ons tweetjes met dezelfde positie als die het Vrijheidsbeeld heeft.

De tijd begint te dringen, we gaan door naar het hotel, en iets voor de klok van zes uur, stappen we in de bus naar New York City. Bijna anderhalf uur later zijn we 10 kilometer verder in hartje stad aanbelandt. De tijd begint te dringen, want om 8 uur begint het derde event dat we hebben georganiseerd in de Verenigde Staten. Nog snel een hapje eten in de stad, en met de pasta net achter de kiezen, staan we keurig op tijd op Columbus Circle. De opkomst was minder hoog dan in Boston en Philadelphia, maar zeker niet minder gezellig. Daarna nog even gewandeld over Broadway en herinneringen opgehaald aan de eerste indrukken van 2006. New York City imponeert ons niet meer zo als dat ze destijds deed. Maar het is en blijft een bijzondere stad.
Lees het verhaal
25 september 2014

In de voetsporen van Rocky

De weervoorspellingen beloofden niet veel goeds voor vandaag. Waar we dachten de regen keurig achter ons aan te houden, zijn de druppels ons nu vooruitgesneld en hebben ze ons nagenoeg de heel dag bijgestaan door onze tocht door Philadelphia. Jammer, want alles ziet er toch altijd wat vriendelijker uit als de zon schijnt.

Vanochtend werden we al vroeg verwacht bij de Liberty Bell, ten minste dat dachten we. Maar nee, we bleken kaartjes te hebben voor de Independence Hall. Dan daar maar in de rij. En daar hebben we geen spijt van gehad. Een ranger van de National Park Service heeft ons in een half uurtje meer teruggenomen in de tijd en wel naar het jaar 1776. De zaal zoals die er in de tijd uitzag is nagemaakt met een viertal authentieke voorwerpen, waaronder de stoel van de president met daar in de rijzende zon. Niet alleen de onafhankelijkheidsverklaring werd hier getekend, maar ook de grondwet werd hier aangenomen. Dit is historisch gezien een van de meest belangrijke gebouwen van de VS, met gaat er vanuit dat hier de VS feitelijk ontstaan is. Ik vind het als Nederlander al bijzonder om dit te mogen aanschouwen, maar iedere Amerikaan dient er eigenlijk toch wel geweest te zijn, om dit belangrijke stukje geschiedenis met eigen ogen te zien. In de groep waren dan ook diverse Amerikanen uit diverse staten vertegenwoordigd.

Maar goed, al met al hadden we nu nog de Liberty Bell niet gezien. En aangezien we hier dus geen kaartjes voor hadden, moesten we alsnog in de rij. Gelukkig ging het allemaal vrij vlot en hing de bel op ons te wachten. Waar we het US Marine Corps Memorial groot en indrukwekkend vonden, viel de grootte van de klok wat tegen. We hadden hem veel groter verwacht. Maar het symbool van vrijheid is toch ook een belangrijk stukje geschiedenis. toen alle Japanners vertrokken waren, is het toch nog gelukt om er een foto van te maken.

Vervolgens hebben we de druppels trotserend de historische wandeling voortgezet, langs standbeelden, monumenten en grafstenen. Uit alles blijkt toch wel dat Benjamin Franklin, één van de belangrijkste figuren is geweest, want hem kom je op iedere hoek van de straat tegen.

Na alle historie werd het tijd om de meer hedendaagse geschiedenis op te gaan zoeken. De speelfilms van Rocky zijn in Philadelphia opgenomen en een aantal plekken uit de films zijn nog te bezoeken. Eén van de bekendste plekken zijn de Rocky-steps. Als een onderdeel van zijn trainingsprogramma rende de boksheld de 72 trappen voor het museum of Art op in welgeteld 10 seconden. Vandaag de dag zijn er diverse mensen bij de trappen die dit staaltje ook uit proberen, maar er niet in slagen. Ikzelf heb ook nog even overwogen om deze uitdaging aan te gaan, maar de trappen waren me toch iets te nat. En de kans dat je dan valt… Bovenaan de trap is de afdruk van de sportschoen van Rocky te zijn. En we zijn erachter gekomen dat hij maat 43 heeft.

Toen nog even naar het standbeeld van Rocky. Nou ja even, je kunt achteraan in de rij aansluiten. Ik heb net op internet gelezen dat dit een heel gebruikelijk fenomeen is, in de rij voor Rocky. Dan hadden wij vast geluk dat het een regenachtige dag was, want na een paar minuten waren we al aan de beurt.

Ondanks het tegenvallende weer zijn we er toch in geslaagd om een 15-tal kilometertjes te wandelen door Philadelphia. De stad heeft genoeg historie en is hier ook terecht trots op. Maar een super mooie stad, die je zeker bezocht moet hebben? Nee, dat nu ook weer niet.
Lees het verhaal
24 september 2014

Twaalf apen

Het wordt maar een kort tiksel deze keer. De klok kruipt al richting de twaalf, en morgen is het gewoon weer om half zeven opstaan. Slaap je toch gewoon uit zou je zeggen. Jammer maar helaas, want ook voor morgen hebben we een afspraak staan, waar we op uur en tijd dienen te zijn.

Vanochtend uitgecheckt in het hotel in Washington. Eerst nog even langs het US Marine Corps monument, om foto’s te maken van de zijde waarvan het gisteren nagenoeg onmogelijk was om foto’s te maken. Dit was weer zo’n moment, waarop we blij waren dat we niet georganiseerd op reis gaan, en zo goed als alles kunnen doen en laten wat we willen. Foto’s dus gemaakt en en passant langs het grootste gebouw ter wereld gereden. Inderdaad het Pentagon. En inderdaad, het is gróót.

Daarna een redelijke trip richting Philadelphia, waarbij een bezoekje aan een oude gevangenis op het programma stond. Geen idee wat ik daarvan moest verwachten. Ja, een oude gevangenis. Niet helemaal mijn ding, maar wel dat van Marieke. Zodoende dus op het programma. Zoals gezegd, wist ik niet wat me te wachten stond. Ik had van alles verwacht, behalve wat mijn ogen te zien kregen. Iedere Urban fotograaf zou dol zijn op deze plek om naar hartenlust te oefenen. Deze gevangenis is in 1971 gesloten, en toen aan zijn lot overgelaten, totdat in 1994 werd besloten om er een museum van te maken en open te stellen voor het publiek.

Alleen, er was niets gerestaureerd. Wel, niet helemaal waar, er was bijna niets gerestaureerd. Hier en daar een stukje plafond of een schildering. Verder was er alleen maar gezorgd, dat de toeristen veilig rond konden wandelen en kijken. Middels een audioguide, werd je op de hoogte gebracht van hoe het er allemaal aan toe ging vroeger, en dat dit de eerste gevangenis ter wereld was, waar getracht werd de gevangenen te hervormen, zodat ze weer verantwoord terug konden keren in de maatschappij.

Meer dan 300 gevangenissen in de wereld volgen het model van deze gevangenis. Maar zoals zo vaak het geval is, worden theorieën door de tijd achterhaald, en halverwege de vorige eeuw, was de gevangenis zodanig verouderd, dat werd besloten om er langzaam maar zeker een eind aan te gaan breien.

23 jaar werd er dus helemaal niets aan gedaan. Langzaam verviel het gebouw, en wat resteerde is vandaag de dag te zien. De cel van Al Capone is wel in oude glorie hersteld. Waarom hij zoveel privéleges had in deze gevangenis weet niemand te vertellen. Wel kan ik vertellen dat ik heb genoten vandaag in deze oude zooi, waar ook de film 12 Monkeys is opgenomen met Bruce Willes & Brad Pitt.

Later op de avond stond het 2e event dat we georganiseerd hebben op het programma. Ook hier was het weer gezellig. Overmorgen nog een event in New York City. Benieuwd wat het daar zal worden.
Lees het verhaal
23 september 2014

De wereld terugdraaien

“Good morning, Ma-am! Thank you for your beautiful smile!” Enthousiast zwaait Marieke terug naar de krantenverkoper bij de ingang van het metrostation, die op zijn beurt weer een lichte buiging maakt. Ik glimlach ook. Gisteren stond hij er ook al. Net zo enthousiast te roepen naar alle mensen die hem passeren. Niemand die hem een blik waardig gunt. Dit is iets wat hij zelf ook zal beseffen, en toch gaat hij door met zijn vrolijke begroetingen naar de mensen. We lopen het metrostation in, en terwijl we op de roltrap staan worden we gepasseerd door vele mensen. Rennende mensen op weg naar hun werk om precies te zijn. Op dat moment bedenk ik me dat dit precies is zoals het niet zou moeten zijn. Waarom zouden mensen wegrennen van een plek die ze lief hebben, naar een plek waar ze liever niet zouden zijn? Dit is de omgekeerde wereld. Ik moet denken aan het nummer Mad World van Gary Jules. Wat mogen we blij zijn, dat wij in staat zijn om voor ons tweetjes de wereld weer terug te draaien naar zoals hij zou moeten zijn. Dat we mogen rennen naar een plek waar we willen zijn. De metro is op de plaats van bestemming. We stappen uit.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Het Witte Huis. Deze ochtend hoorden we dat iemand afgelopen vrijdag over het hek is geklommen. Waarschijnlijk dat de beveiliging hier daarom zo zenuwachtig is. We zien dat er een extra rij dranghekken om het hoge hek is geplaatst. Ook zijn ze druk bezig om het hoge hek nóg hoger te maken. De toegang tot het park rondom Het Witte Huis is hermetisch afgesloten. We begrijpen niet goed waarom, aangezien we er gisterenmiddag nog gewoon doorheen zijn gewandeld. En ook al wisten wij toen nog niet dat die koekerd over dat hek was geklommen, toch had die het gedaan. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Terwijl we dat doen, ontdekken we de reden waarom alles rondom Het Witte Huis zo hermetisch was afgesloten. We kijken omhoog en zien de helikopter van de President over onze hoofden scheren. Obama, waarschijnlijk op weg naar een plek waar hij liever niet zou zijn. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Het Thomas Jefferson Memorial om precies te zijn. Ik weet dat hij een president van de VS is geweest, en tegelijkertijd verschijnt er een glimlach op mijn mond als ik aan een nummer van Harrie Jekkers denk, en een regel aan zijn Straatnaambordjesblues toevoeg. “Wat heeft die Jefferson nu precies gedaan, om hier met zo’n enorm standbeeld te mogen staan?” Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. De volgende stop is het Franklin Delano Roosevelt memorial. Ook al weer zo’n gigantisch monument, dat valt in de categorie groot, groter, grootst. De afgelopen dagen heb ik geleerd dat Franklin Delano Roosevelt de enige president is die vier keer is gekozen. En wikipedia leerde mij dat dit record niet meer verbroken kan worden, omdat in het 22-ste amendement is bepaald dat een president van de VS maar twee keer gekozen mag worden. Met een lengte van meer dan 250 meter is dit echt een enorm monument, waar je rond kunt wandelen. Mijn aandacht wordt getrokken door een beeld dat memoreert aan de jaren 30 van de vorige eeuw. Deze mensen doen precies zoals het hoort. Zij hebben geen haast, aangezien ze op weg zijn naar een plek waar ze liever niet heen willen gaan. Ik sluit aan in de rij. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Een kort stukje maar deze keer naar het Martin Luther King Memorial. Ook al weer zo’n enorm beeld. Opvallend hieraan is, dat het precies in het stramien van deze tijd past, en het de omgekeerde wereld laat zien. Het beeld van Martin Luther King is namelijk spierwit. Waarom? Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Wederom een kort stukje maar. De Japanse Lantaarn en de eerste kersenbloesembomen. Niet zo heel bijzonder om dit op dit moment te zien. Bij het bezoekerscentrum zagen we folders voor wandelingen in dit stukje in maart en april. De bomen staan dan volop in bloei. Ik ben er zeker van dat het dan wel een hele bijzondere plek zal zijn. Ik word aangesproken door een Japanse vrouw, die in gebrekkig Engels de weg naar het oorlogsmonument aan mij vraagt. Verbaasd wijs ik haar de weg naar het WWII-memorial. Wel vreemd dat ze juist daarheen wil. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Als we bij het Korean War Veterans Memorial zijn, bedenk ik me dat de Japanse vrouw misschien wel een Koreaanse was, die naar dit monument had willen gaan. Ook dit is weer een indrukwekkend monument. Het is haast onmogelijk om hier een fraaie foto te maken, aangezien het hier enorm druk is. Geen idee waarom. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Een grote etappe van bijna twee-en-een-halve kilometer ditmaal. Doel is het graf van John Fitzgerald Kennedy, waarbij een eeuwige vlam brandt. Wellicht is dit een van de bekendste Amerikaanse presidenten ooit, en toch heeft hij geen memorial gekregen in Washington DC. Vreemd toch? Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Het graf van de onbekende soldaat. Een bijzonder monument, dat 24 uur per dag, 7 dagen per week bewaakt wordt. Bijna continue worden hier ceremonies uitgevoerd. Hier heerst een doodse stilte. Indrukwekkend is dit. Ik denk niets.

En we rennen verder naar een plek waar we willen zijn. Het laatste monument dat we willen bezoeken tijdens onze paar dagen hier. Het US Marine Corps Memorial. Bij het zien van het beeld, zullen de meesten het wel herkennen. Zo ook ik. Alleen dit beeld is vele malen groter dan ik me had voorgesteld. Ik had een beeld voor ogen dat op ware grote zou zijn. Niets is echter minder waar. Deze figuren meten bijna 10 meter. De vlaggenmast is 18 meter lang. Ook hier is het welhaast onmogelijk om een goede foto te maken. Niet door de drukte, maar door de fel schijnende zon, die precies gestationeerd is achter de zijde van het beeld waarvan je het liefst een foto zou willen maken.

We hebben alles bezocht in Washington DC wat we graag wilden zien. We lopen op het gemakje terug naar de metro. Eenmaal daar aangekomen, valt het op dat veel mensen op het gemakje de roltrappen opgaan. Dit is precies zoals het niet zou moeten zijn. Waarom zouden mensen terug slenteren van een plek waar ze liever niet zijn, naar een plek die ze liefhebben? Dit is de omgekeerde wereld. Ik haal mijn schouders op en denk “Het zal wel”.
Lees het verhaal
22 september 2014

E Pluribus Unum

Voor deze reis hebben we zeer tegen onze gewoonte in, veel van te voren gereserveerd. Zo ook het bezoek aan het Capitool dat voor deze ochtend gepland stond. Als we dit niet van te voren gereserveerd hadden, zou het zo maar kunnen dat we uren in de rij zouden moeten staan alvorens we een rondleiding konden krijgen. Dat vonden we zonde van de tijd, dus maar een reservering voor 9:30 uur in de ochtend. Dat houdt in dat je wel een half uur van te voren aanwezig moet zijn, 9:00 uur dus. Op zich niet zo’n probleem ware het niet dat we er nog met de metro naar toe moeten gaan en dat we net op tijd gelezen hadden dat er geen eten of drinken mee naar binnen mocht. Dus de ingeslagen lunch moest dus ergens anders opgeslagen worden. Lockers waren er niet voor handen, dus maar om via het centraal station om daar voor 4 dollar per uur de tas met eten achter te laten. Of we wel even van te voren aan wilden geven hoe lang we de tas opgeslagen wilden hebben. We dachten met drie uur ruim voldoende te hebben, maar later bleek dat dit toch aan de te krappe kant gerekend was.

Uiteraard hebben ze speciaal voor ons bezoek de koepel in de steigers gezet. Meestal als wij ergens een kerk of een ander speciaal gebouw willen gaan bekijken, zetten ze het voor onze komst snel in de steigers. Zo ook het Capitool. Het werd tijd, want er was vanaf 1959 niets meer aan de koepel gedaan. Nu, dan hadden ze toch ook begin oktober kunnen starten met het weer in orde maken van de koepel. Niet dus.

Toen we binnen waren hadden we nog genoeg tijd over om eerst een bezoek aan het museum in het Capitool te brengen waarna we vervolgens een anderhalf uur durende rondleiding door het Capitool kregen. Deze startte met een film over het ontstaan van de VS en de opbouw van de leden welke zitting hebben in de senaat en het huis van afgevaardigden. Alle staten zijn erin vertegenwoordigd, zodat men het idee krijgt dat alle inwoners via de senatoren en afgevaardigden iets te vertellen hebben over het wel en wee dat de VS bezighoudt. De ene staat is namelijk de andere niet en de ideeën kunnen ook nog al eens verschillen in de diverse staten. Toch is het ze gelukt om er één geheel van te kunnen maken, en volgens mij zijn ze daar wel trots op.

Er staan opvallend veel standbeelden binnen. de gids maakte terecht de opmerking dat ze dol zijn op standbeelden en dat ze stuk voor stuk geschonken zijn. Alle staten afzonderlijk hebben een standbeeld geschonken, van een meestal mannelijke, inwoner van de staat welke voor hen belangrijk geweest is. Hier is het verschil tussen de staten nog goed te zien. Waar aan de ene kant een statige generaal staat, staat aan de andere kant een cowboy.

Het bezoek was meer dan de moeite waard, maar geen unieke excursie te noemen, daar er 2,5 miljoen bezoekers per jaar langskomen voor een rondleiding!

Inmiddels was de dag al weer bijna half om was het tijd om het tweede stuk van de Mall te lopen. Het Space and Air museum is het meest populaire museum van het Smithsonian, dus hebben ook wij maar een bezoek gebracht. Al is ruimte en luchtvaart niet zo ons ding, we hebben ons er toch een hele tijd vermaakt. Je ziet ten slotte niet iedere dag een Apollo of het pak dat Yoeri Gagarin droeg tijdens zijn ruimte reis.

We hebben onze dag volgemaakt met het bezoeken van de minder bekende plekjes, welke vaak verrassend leuk zijn. Morgen is het weer tijd om de meer bekende monumenten op te zoeken.
Lees het verhaal
21 september 2014

Dromenverteller versus verhalentikker

Dromenvertellers zijn de schrik van ieders ontbijttafel heb ik wel eens ergens gelezen. Vaak begint zo’n gesprek dan met “Ik heb vannacht toch zo raar gedroomd.”, gevolgd door inderdaad iets wat geheel ongeloofwaardig is. Zelf herinner ik me dromen zelden tot nooit, en vertellen doe ik ook al zelden. De relazen die ik hier regelmatig achterlaat, worden zo hier en daar ook ietwat geromantiseerd. Nee, ik zou me eerder een verhalentikker noemen dan een dromenverteller. Dat, en het feit dat ik niet op 39-jarige leeftijd ben neergeschoten, is waarschijnlijk gelijk de reden dat ik niet zo bekend ben als Martin Luther King. Deze goede man, vond het nodig om, iets meer dan 51 jaar geleden, over zijn droom te vertellen op de trappen van het Lincoln memorial aan ruim 200.000 mensen. En om het iedereen duidelijk te maken vertelde hij maar liefst 8 keer dat het een droom is.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Ik keek ook richting het Washington Monument, waar we eerder op de dag een trip naar boven hadden genomen, om vanaf daar Washington DC van bovenaf te bewonderen.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Ik zie het WWII-memorial, iets wat er 51 jaar geleden nog niet was, en we eerder deze ochtend hebben bewonderd. Immens groot. En op een bepaalde manier ook erg indrukwekkend.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Ik zie de Reflecting Pool voor me liggen. Vergeleken met de 200.000 mensen die hier ruim 51 jaar geleden waren, is het maar rustig vandaag. Ook jammer, dat ze bij het begin aan het werk zijn, zodat het niet mogelijk is om de trappen centraal te fotograferen over die vijver.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Als ik me omdraai, komen er weer herinneringen naar boven, aan de eerste keer dat we hier waren, in 2006 en een foto van dat enorme beeld van Abraham Lincoln probeerden te maken in het donker. Toen was er bijna niemand. Vandaag is het er redelijk druk.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Ik kijk weer richting het Washington Monument. Als ik een klein beetje naar links ga staan, zie ik in de verte het Capitool, en bedenk me dat we gelijk hebben, als we op TV beelden van dit stuk Washington DC zien, elkaar aankijken en tegelijkertijd zeggen: “Dat is ver”. Ik vraag mezelf af hoe we het in 2006 voor elkaar hebben gekregen om dat hele stuk in vier uur te bekijken en te fotograferen.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. Links voor me liggen verscholen nog verschillende oorlogsmonumenten die we later vandaag gaan bekijken. Ook het Einstein-monument is daar. Welhaast vergeten lijkt het, als we zien hoe weinig bezoekers daar zijn. Tegen de muur van het Vietnam monument staat een brief. Geadresseerd aan Paul Robert Edmond, 23w/119 – Heaven. Ik moet even slikken.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen. In de verte zie ik het Smithsonian liggen. Een immens museum over de geschiedenis van Amerika. Ook hebben ze daar de vlag waarop het volkslied van Amerika, “The Star Spangled Banner” is geïnspireerd, jammer dat je daar eigenlijk geen foto’s van mag maken.

Vandaag sta ik op diezelfde trappen……
Lees het verhaal
20 september 2014

De ene waterval is de andere niet

Dacht ik gisteren nog dat ik deze ochtend een ietsepietsie uit kon slapen, bleek daar deze ochtend niets van terecht te komen. Voor alle zekerheid zijn we namelijk maar op de normale tijd opgestaan om er zeker van te zijn dat het veertig koppen tellende busgezelschap voor te zijn bij het ontbijt en bij de lift. Dus zo kon het gebeuren dat we al weer om 9.00 uur de lunch ingeslagen hadden en al weer in het bos rondstruinden. Uiteraard op zoek naar een aantal schatten. En zoals zo vaak de laatste dagen zat er bij deze serie een ‘oudje’ bij om zo weer een maandje af te kunnen strepen. Het merendeel van de caches liet zich goed vinden in dit mountainbike gebied. Bij één van de omschrijvingen werd een note geplaatst dat de cache zich bevindt in de nabijheid van een wespennest. Deze opmerking werd geplaatst in augustus, daarom maar even uitgekeken. Hoe vaak wordt er niet gezegd dat in de VS alles ‘bigger’ is, nu dat geldt ook voor de wespen. Er zate reuze wespen in het nest. Maar we hebben heelhuids de cache tevoorschijn kunnen halen en ook weer prima kunnen verstoppen. Na ruim een uur fijn gewandeld te hebben, vonden we dat we de cappuccino wel weer verdiend hadden.

Dit was slechts een deel van het dagprogramma voor vandaag. Great Falls Park was de grotere attractie voor vandaag. Met enige twijfel gingen we op weg naar deze grote watervallen. We hebben deze vakantie al diverse watervallen bezocht, waaronder ook een erg grote, dus hoe groot kunnen deze dan wel niet zijn. Maar wat we hier te zien kregen, hadden we nog niet eerder gezien. Ook al kunnen we een collage maken van alle watervallen welke we samen al gezien hebben, deze is uniek in zijn soort. Zo zie je maar, dat de ene waterval de andere niet is. De drie uitzichtpunten boden ieder weer een andere kijk op de rivier en de watervallen. Tussen al het fraais door hebben we ook nog maar even een multi-cache opgelost. Dit is zeer uniek, want er liggen normaliter geen caches in de nationale parken. Vervolgens hebben we een mooi plekje uitgezocht om onze magen te vullen met de lunch. Deze lunch komt toch wel in de top 10 van ons rijtje lunchen- met- een -fraai-uitzicht.

Voordat we naar ons hotel in Arlington gingen, wilden we nog even de Cathedraal van Washington bezoeken. Maar helaas deze bleek om 4 uur gesloten te zijn en om nu 20 dollar uit te geven om een kwartiertje de kerk van binnen te mogen aanschouwen, daar zijn we nu net iets te pinnig voor. Maar de buitenkant zag er ook fraai uit en daar gaan we het maar mee doen.

Na een korte stop bij het uitzichtpunt dat alvast een voorproefje op Washington moet geven, hebben we weer tevreden een fijne dag afgesloten. Morgen wacht Washington. Voor ons een nieuwe ervaring om deze stad met daglicht te aanschouwen.
Lees het verhaal
19 september 2014

Gevonden!

Het is een mooie zomerdag. Ideaal voor een wandeling in het bos. Vader, moeder, zoon en dochter. Dochterlief heeft geen zin om mee te gaan wandelen. Ze zit liever thuis op de bank te snoepen. Maar dochterlief moet gewoon gezellig mee gaan wandelen, zin of niet.

“Pa-a-a-p, ‘k-heb dorst.”
Pap stopt, en schopt tegen een boom. “Wat denk je nu, dat er cola uit komt vallen?”

Bovenstaand is een hele grove samenvatting van een verhaal waarvan we allebei genoten hebben, en sindsdien hebben we vaak tegen een boom geschopt als we in het bos aan het wandelen waren en weer eens dorstig waren. Nimmer hadden we geluk, tot vandaag.

Vandaag hadden we een rustdag. Eerst lekker uitslapen tot half acht, en daarna op het gemak op weg richting het volgende hotel. Niets stond er vandaag op de planning, behalve een paar oude geocaches oprapen. Het tabelletje heeft immers nog enkele vakjes open. Gisteren wisten we er al eentje dicht te maken, en als alles een beetje voorspoedig verloopt, gaan er vandaag wederom vier dicht. Eerste stop van vandaag is in West-Virginia. Het is natuurlijk heel jammer, als je door deze staat heenrijdt en er geen enkele geocache zou gaan zoeken. Bij een welkomscentrum van een staat ligt meestal wel een geocache. Zo ook bij dat van West-Virginia. De eerste laat zich snel vinden, en de hint bij de tweede luidt: “Onder het toiletpapier.” Mmm, klinkt terecht als een zogenaamde schijtcache. Toch maar even snel een blik werpen. Even later vinden we een van de leukste microcaches die we ooit hebben gevonden.

We gaan verder naar het dorpje Martinsburg. Het geluk is echter niet aan onze zijde in dit dorpje, en we weten maar liefst vier geocaches achter elkaar niet te vinden. Maakt eigenlijk ook niet zo heel veel uit. We hebben genoten in dit alleraardigste dorpje, en met een parkeertarief van tien (!) dollarcent per uur is daar ook nog overheen te komen.

De volgende stop is ook nog in West -Virginia, en wel bij de cache met de meeste favorieten in de staat. We vinden een gigantische muizenval. Inderdaad een hele leuke geocache. Dienden hier alleen maar snel de container te pakken, voordat de val ons te pakken zou hebben. Dat dat gelukt is, valt af te leiden aan dit getikte verhaaltje dat je nu zit te lezen. Of wacht, waar is Marieke?

Het middaguur is ondertussen al eventjes gepasseerd, en het wordt tijd om wat vakjes dicht te gaan maken, zoals we het zelf noemen. De eerste stop is bij een stenen huis. Niets bijzonders zeggen de meesten van jullie. Hier is het echter behoorlijk bijzonder, aangezien het gros van de huizen van hout is gemaakt. Project 2001-08 is geslaagd.

We gaan verder naar een groot meer. Daar ligt al sinds 17 december 2000 een geocache verstopt. We zijn niet de eerste die deze container vinden, en zeker niet de laatste, maar ook project 2000-12 ronden we succesvol af.

We gaan op pad naar de volgende. Project 2001-02 genaamd voor ons. We weten dat hier bij de container een behoorlijke afwijking zal zijn, en ook dat het een redelijke wandeling zal zijn van de parkeerplaats naar de cache. Maar 1 ster terrein is niet zwaar, dus dat zal geen probleem zijn. Normaal gesproken dan. Want de 1 ster terreinwaardering die bij de cacheomschrijving staat vermeld, blijkt in de praktijk niet helemaal te kloppen. Dit is minimaal een terrein van 2.5 sterren. Ook dat lukt wel, maar we zijn blij als we onderweg de colaboom weten te vinden. Na een tijdje weten we ook dit project succesvol af te sluiten. Nog maar drie vakjes te gaan. En zie, daar is Marieke weer.

We checken in, in het hotel. Als we onze spullen willen gaan halen uit te auto, besluiten we eerst een hapje te gaan eten, aangezien er 40 man in de rij bij de lift staan te wachten om hun koffers naar de vierde etage te brengen. Dezelfde verdieping als waar wij moeten zijn. Na het eten gaan we even langs een spellenwinkel. Alhoewel deze de naam spellenwinkel eigenlijk niet waardig is. Het assortiment is redelijk uitgebreid, dat is het probleem niet. Maar veel van de dozen zijn dusdanig verkleurd, dat het zeker is, dat deze al enkele jaren in de schappen staan. Dit hoort niet, en iedere zichzelf respecterende winkel zou niet durven om hier het volle pond voor te vragen. Al met al hebben we, aangezien we niets hebben gedaan, een geweldige en vermoeiende dag gehad.
Lees het verhaal
18 september 2014

Als je wint...

“Daarna hebben we nog een stop gemaakt in Gettysburg. Hier is in de burgeroorlog een ware veldslag geweest. Het hele dorpje is hierop ingericht en kan er waarschijnlijk zijn brood mee verdienen. Het is zeer de moeite waard. Er staan tal van grote gedenkstenen, welke aan de veldslag doen herinneren. Helaas was de autoroute langs alle gedenkstenen 40 mijl lang. Daar hadden we geen tijd voor. Maar we hebben wel de sfeer geproefd.”

Het bovenstaande tikte Marieke op 21 augustus 2006. En de proefronde heeft destijds genoeg indruk gemaakt dat we er nog een keer van wilden proeven. Dienden we in 2006 nog bijna 440 mijl te rijden tijdens ons bliksembezoek aan Gettysburg, vandaag waren het slechts 90 mijlen die we totaal dienden af te leggen. Ruim voldoende tijd dus, al dienen we wel te bekennen, dat de gehele route langs alle gedenkstenen te lang is om op 1 dag te doen. Het tempo van het verkeer ligt onder de 10 mijl per uur, en als je dan ook nog bedenkt dat er 16 punten zijn waar je kunt stoppen en dingen kunt bezichtigen (waarbij je toch al snel 15 tot minuten per locatie kwijt bent), dan kan men zich wel voorstellen dat het haast onmogelijk is om de tour te volbrengen voordat het weer donker is. Die illusie hadden wij ook al snel opgegeven, nadat we aan de autotour waren begonnen rond de klok van 1 uur.

Zo laat pas zul je nu wel denken. Ja, inderdaad. De eerste stop deze ochtend was het bezoekerscentrum, alwaar we een film over de geschiedenis van de slag om Gettysburg hebben bekeken. Daarna mochten we nog even het panorama bewonderen. En aansluitend hebben we het museum bezocht. Het museum viel wat tegen, het panorama daarentegen, was een toppertje van de bovenste plank. Men zegt dat panorama Mesdag ook heel fraai is. Als dat maar half zo mooi is als dit, dan zullen we er toch echt een keertje heen moeten gaan.

Zo laat pas dus, en al snel staan we de eerste monumenten van dichtbij te bewonderen. De ene nog fraaier dan de ander. Maar toch ontstaat al snel de indruk dat ook hier overdaad schaadt, en dat het haast lijkt of ieder onderdeel van elk leger enkele tientallen monumenten heeft gekregen.

Bijna aan het einde van de rondrit ligt de Nationale Begraafplaats. Deze willen we toch even gaan bekijken. En al snel wandelen we tussen de ruim 7000 grafstenen en staan we bij de plek waar Abraham Lincoln op 19 november 1863 de beroemde woorden “Four score and seven years ago…” uitsprak. Al met al is dit een plek die ongetwijfeld een onuitwisbare indruk achterlaat.

Zoals Marieke in 2006 al tikte, staan er hier tal van gedenkstenen. En toch hebben we het geocachen nodig om de gedenksteen van George W Sandoe te ontdekken, aangezien de officiële route hier ons niet langs leidt. Waarom zou je dat dan willen zou men kunnen denken. Wel George was een echte winnaar. Hij was namelijk de eerste die het leven liet op het slagveld van Gettysburg. Dan maar geen winnaar en lekker wat rondhobbelen op deze aardkloot.

Langzaamaan wordt het later. Hetzelfde geocachen heeft ons gewezen op een monument voor omgekomen brandweerlieden dat op de route naar het hotel ligt. Een stop waardig dus. Helaas voor ons is het vinden ervan wat moeilijker dan aanvankelijk was gedacht. Uiteindelijk zien we een ienie-mienie bordje langs de weg staan. We parkeren de auto en melden ons bij de bewaking. Nadat we ons geïdentificeerd hebben, mogen we doorrijden naar de parkeerplaats nabij het monument. We mogen zolang blijven als we willen, maar tegelijkertijd wordt er wel verteld dat iedere stap die we zetten wordt gefilmd. Ach, het maakt het monument er niet minder indrukwekkend om.

Op het gemakje rijden we richting het hotel. Onderweg besluiten we nog een korte boswandeling te doen. O en mocht je toevallig ooit in Hagerstown, Maryland komen, dan kunnen we ten zeerste El Ranchero aanbevelen om een hapje te gaan eten.
Lees het verhaal
17 september 2014

Honkballen in klederdracht

Een paar jaar geleden heb ik op tv een documentaire gezien over de Amish. De opnames waren gemaakt in Lancaster. Na de grote capitool erop na geslagen te hebben, kwam ik tot de ontdekking dat er een paragraaf opgenomen was over deze plaats. Ooit bedacht ik me toen, zou ik wel eens met eigen ogen willen aanschouwen hoe de Amish vandaag de dag nog leven.

We hebben weliswaar in 2006 bij de Niagara watervallen een gezin in authentieke klederdracht gezien, maar dat zegt nog niets over het dagelijks leven. De documentaire schetste een beeld dat de mensen nog altijd met paard en wagen over de wegen rijden en geen verlichting voeren, omdat ze geen gebruik wensen te maken van elektriciteit etc. Vandaag was het dan zover om eens zelf te gaan zien wat er allemaal van waar is.

Maar voordat we de Amish gingen ‘zoeken’, hebben we een bezoek gebracht aan het openluchtmuseum dat een blik zou geven over het leven in de Landis Valley. Zoals gebruikelijk stonden we weer net na openingstijd voor de deur te trappelen. Dit bleek ook vandaag geen overbodige luxe omdat er maar liefst 8 groepen een rondleiding gingen krijgen. We mochten gerust aansluiten bij de groepen om er zo zeker van te zijn dat we niets zouden missen. Er werden volop demonstraties gegeven van oude ambachten, op zich bijzonder op een doordeweekse dag na het seizoen, maar we waren er erg blij mee. Het brengt toch meer leven in de brouwerij. Natuurlijk hebben we een groot aantal ambachten in de diverse andere openluchtmusea al eens gezien, maar nog nooit werd ons uitgelegd hoe een geweer gemaakt werd, want een gun-shop is in Europa een niet zo alledaagse winkel.

De knipkunst daarentegen is in Nederland wel bekend, maar deze vrouw maakte ook ware kunstwerken met schaar en papier. De vele patronen welke ze had, zo vertelde ze, had ze gekocht in Nederland bij Joke Varkevisser. Haar vriendin, waarmee ze al jaren de knipkunst beoefende kwam van origine uit Nederland, en je raadt het al: uit Eindhoven. We hebben een aantal uren rondgelopen en ons uitstekend vermaakt, maar een beeld van hoe de Amish vandaag de dag leven hebben we nog niet gekregen.

Hiervoor dachten we naar downtown Lancaster te moeten afreizen, maar een blik op de site van Ontdek Amerika leerde ons dat dit niet het geval was. Meer kans om een paard en wagen te zien met daarin mensen in klederdracht zouden we hebben op de landweggetjes rondom Lancaster. En inderdaad, we hadden geluk. Een stuk of 20 paard en wagens zijn we onderweg tegengekomen. Maar ook een nog groter aantal auto’s. De Amish leven namelijk tussen de ‘gewone’ mensen in. Dus zo kan het zijn dat er op de oprit van het ene huis een bolide staat en bij het andere huis een kar. Maar het moet gezegd, ze hebben zich wel degelijk van de moderne gemakken voorzien, zoals een heuse tractor. Daar zitten ze dan wel op in klederdracht. Dit geldt ook voor het beoefenen van sport. Het geeft toch wel een bijzonder gezicht om kinderen in klederdracht te zien honkballen.

Toen we genoeg hadden van de blik terug in de tijd, stond er nog een laatste attractie op het programma. Bij het zoeken op internet kwam ik de Pretzel-bakkerij, Julius Sturgis tegen, welke opengesteld was voor het publiek en alwaar een rondleiding door de fabriek gemaakt kon worden. Dit leek ons wel een leuke afsluiting van de dag. en niets bleek minder waar.

Er werd werk gemaakt van de 30 minuten durende rondleiding waarin we zelf de kans hebben gekregen om een Pretzel te maken. En ja, we hebben beiden ons diploma behaald, en zijn nu officieel professioneel pretzelmaker.
Lees het verhaal
16 september 2014

Noodzakelijk kwaad

Ieder jaar hebben we er een dag tussen zitten waarop we niets gaan bewonderen. Waarom niet? Omdat er dan geshopt dient te worden. Het is en blijft immers nog steeds zo, dat de kleren in VS stukken goedkoper zijn dan in ons koude kikkerlandje.

Geluk is met de dommen zegt men wel eens. Nou, dan zijn wij blijkbaar niet zo slim, want over het algemeen, begint het dit jaar hier te regenen op het moment dat wij uit de streek vertrekken. Zo ook vandaag weer. De laatste grote rit stond op het programma. Vanaf nu, is het dagelijks nog maar een paar uurtjes of minder rijden. En het groot voor vandaag viel an sich ook wel mee. Grofweg een 400 kilometertjes dienden er weggetrapt te worden. Tussendoor nog even naar een Mall om daar de kledingkast weer een beetje mee aan te vullen. En als dat gebeurd is, dan is het tijd om naar het hotel te gaan, zodat de vuile kleren gewassen kunnen worden.

Heel ‘toevallig’ bevindt zich op de route van de Mall naar het hotel een spellenwinkel. Uiteraard dienen we daar even te stoppen, aangezien er toch nog een drietal ‘Amerikaanse’ titels op het programma staan.

We gaan naar binnen en kijken wat rond. Maar hoe we ook kijken, geen ‘Blue-Prints’, geen ‘Marvel Dice Masters: Avengers vs. X-Men’ en al helemaal geen ‘Thunder Alley’. Jammer, maar niets aan te doen. En dan zie je plotsklaps een spel liggen, dat bij ons niet te vinden is, of je moet er het dubbele bedrag of meer voor over hebben. Inclusief Nederlandstalige spelregels en al. En dat je dan met dat doosje naar buiten loopt? Het gebeurt…
Lees het verhaal
15 september 2014

Codename 2001-04. Forty miles of bad road. Succes.

“Als het geen moertje is dan is het dus de bout.”

De oplettende lezer heeft al meteen door dat we wederom een maand in ons tabelletje hebben weten dicht te maken. De nog oplettendere lezer heeft ook al ontdekt dat de bovenstaande zin uit het nummer “Eenvoud” van Het Goede Doel is, en dat het liedje in de titel van Duane Eddy is. Als je nu echt goed gegoogeld zou hebben, dan weet je deze Grammy-award winnaar afkomstig is uit het plaatsje Corning in de staat New York. Laat dat nu toevallig het stadje zijn waar wij momenteel vertoeven. Ook zou je ontdekt hebben dat Duane Eddy uitsluitend instrumentale nummers op plaat zette. Tja, dan wordt de link naar een Nederlandstalig liedje moeilijk zou je zeggen. Valt wel mee. Muziek zonder een songtekst is niet zo moeilijk te maken zou JW Roy zeggen. Denken we dan verder, dan wordt niet zo moeilijk, eenvoudig. En dan zit je al snel op het nummer van Het Goede Doel.

Eenvoudig is ook precies wat we van deze cache verwacht hadden. Één ster moeilijkheid en één ster terrein (oftewel de wandeling zou met de rolstoel te doen moeten te zijn). De afstand zou ongeveer 4 kilometer bedragen. Appeltje-eitje zou je dus zeggen. Niet dus. Wat we voor onze kiezen kregen, voelde meer als 40 mijl slechte weg. Maar uiteindelijk wisten we het kistje dan toch te vinden, en konden we wederom een maandje afstrepen. Nog maar 7 maanden te gaan, en dan is de tabel vol. Dan is het alleen nog maar een kwestie van bijhouden, zodat alles vol blijft. Gelukkig was het ven aan het einde van de wandeling wel heel fraai, en hebben we daar op ons gemakje even zitten te genieten van het fraaie uitzicht.

Uiteraard was dat maandje niet het doel van vandaag. Dat was wel Watkins Glen State Park. Wederom een park met watervallen. De eerlijkheid gebied ons wel te zeggen, dat we de afgelopen week al wel heel veel watervallen gezien hadden, en dat we daarom een beetje sceptisch waren om hierheen te gaan. Maar wederom kunnen we zeggen dat deze watervallen toch ook wel heel fraai waren. Ruim 400 traptreden dienden we te beklimmen om alle 19 watervallen in dit park te kunnen zien. Ook vandaag was weer te merken waarom het zo fijn is als je ‘s morgen op tijd je bed uitgaat, zodat je bij de opening van een dergelijk park aanwezig bent. Nagenoeg niemand was er aanwezig, zodat we in alle rust foto’s konden maken, zonder dat er iemand op de foto aanwezig was.

Nadat we alle watervallen bewonderd hadden, zijn we, al geocachend weer naar beneden gewandeld. Om daar even te stoppen bij de oorspronkelijke start/finish lijn van het Watkins Glen circuit. En laat precies op het moment dat ik mijn foto wil maken, een Porsche voorbij scheuren. Voorzien van racenummer en al. Mooier kan het haast niet.
Lees het verhaal
14 september 2014

En dan zeggen ze, dat wij moeten uitkijken

“Als ik van die waterval af duik, maak jij dan foto’s?”

“Natuurlijk….”, stamelde ik, ondertussen vol ongeloof kijkend naar de voet van de waterval waar het water toch echt niet meer dan een meter diep zou kunnen zijn. Mijn woorden waren nog niet compleet uitgesproken, of mijnheer sprintte al weg. Op weg naar de top van de waterval.Echt hoog waren de watervallen niet. ‘Slechts’ een metertje of vijf. Daar maakte ik me niet zo’n zorgen over. Maar de (on)diepte van het water onderaan, om daar in te duiken, met wellicht nog rotsblokken die onderin verschoven waren, dan moet er toch iets in je bovenkamer niet helemaal vast zitten. Mijnheer was ondertussen bijna midden op de waterval gearriveerd. Meteen vertelde zijn kameraad, dat ik maar beter kon zorgen dat ik mijn camera in de aanslag had, want mijnheer zou niet twijfelen. Nee, mijnheer zou springen. En of dat we wel wisten dat mijnheer al drie keer een zware hersenschudding had opgelopen terwijl hij van de waterval af dook. En of we wel wisten dat mijnheer zelfs een keer bewusteloos was geraakt bij het duiken van de waterval. Uiteraard wisten we dat niet, maar we waren er wel van overtuigd dat bij mijnheer iets los zit in zijn hoofd. Voordat we het wisten stak mijnheer zijn duimen omhoog en dook hij, met ware doodsverachting naar beneden. We hielden de adem in, terwijl mijn fototoestel ratelde. En daar kwam mijnheer weer boven water. Na een tijdje gingen mijnheer zijn duimen weer omhoog. Terug aan de kant vertelde mijnheer dat hij iets geraakt had met zijn hoofd, en dat het allemaal genoeg was voor vandaag. En dan zeggen ze dat wij moeten uitkijken! Met de belofte dat we de foto’s naar mijnheer zouden mailen, namen we afscheid.

Bovenstaande gebeurde terwijl we nog geen 100 meter Taughannock Falls State Park waren ingelopen. We konden eigenlijk alleen maar hopen dat dit geen voorbode zou zijn, wat we de komende twee-en-een-halve kilometer zouden kunnen verwachten. Korte tijd later daalden we voorzichtig af, om een stukje te gaan wandelen op een ondergrond die in een lang vervlogen tijd een zee was geweest. Voor mij leek het meer op een opgedroogde rivier dat terzijde, maar fraai, en op een bepaalde manier spectaculair, was het wel. Zeker nu het zonnetje weer volop schijnt, wat het toch allemaal net wat mooier maakt dan die grauwe regen van gisteren.

Korte tijd later, dienden we weer terug naar de kust te gaan, omdat de rivier de plek van de zee had overgenomen. Rustig wandelend lopen we over een brug. Als we naar links kijken, zien we iets wat pas echt spectaculair te noemen is, en wat ons alle watervallen van de afgelopen week doet vergeten.
Lees het verhaal
13 september 2014

Ontberen

Als vast ritueel, ga ik ons ‘s ochtends uitchecken en stelt Paul de navigatie in voor de volgende bestemming. Zo ook deze ochtend. De vrouw aan de balie vroeg mij of alles naar wens geweest was. En toen ontstond de volgende conversatie:
Ik: “Ja, behalve dan de muis in de ontbijtruimte”
Vrouw aan de balie: “O, wanneer zat de muis er dan?”
Ik: “Gisterenochtend”
Vrouw aan de balie: “Sorry daarvoor, maar daar kunnen we niets aan doen. In onze achtertuin beginnen de bossen en daar zitten muizen. En de deur staat open, dus kunnen ze naar binnen. De deur wordt opengelaten door de gasten. Maar ja, we leven hier in het noorden en we zien ook regelmatig beren.”
Ik: “O, die heb ik vanochtend niet in de ontbijtruimte gezien.”

Tot zover de conversatie en weer verder op pad. Als eerste stond vandaag de toeristische route op het programma, die ons door het zuiden van de White Mountains zou leiden. Het was een schitterende route met mooie uitzichtpunten op de bergen. De route zal in de herfst, als de bladeren gekleurd zijn een nog mooier schouwspel geven, maar daar waren wij net iets te vroeg voor, hoewel het rood hier en daar al te voorschijn begon te komen. Het was vanochtend wel koud, het kwik zal niet boven de 6 graden celsius gekomen zijn.

Na een aantal korte fotostops, bracht de eerste grotere stop ons tot aan de watervallen van Sabbaday, precies op de juiste dag hebben we deze watervallen bezocht, juist op zaterdag, Sabath. Ondanks het feit dat we al een paar watervallen hebben mogen aanschouwen, was ook deze waterval weer het bekijken waard.

Als extraatje stonden er in de rivier een groot aantal stenen torentjes, zoals we deze regelmatig tegenkomen als we aan het wandelen zijn. Is het er normaal zo maar eentje, nu waren het er legio. Deze steenmannetjes werden van origine gebruikt door wandelaars welke in onherbergzaam gebied liepen en aan de hand van de mannetjes de weg konden vinden. Onder het lopen kwamen we ook nog ogenschijnlijk verse berenpoot afdrukken tegen, maar de beer zelf was in geen velden, wegen of bossen te bekennen.

Ondertussen moesten ook onze magen nog gevuld worden. Hiervoor zijn we gestopt in het dorpje Sandwich. Want wat is er nu leuker om een sandwich te eten in Sandwich? Ware het niet dat we een ander soort van brood meegenomen hadden.

Na de watervallen en de lunch werd het tijd om een aantal covered-bridges te gaan zoeken. Ze lagen wel iets verder uit elkaar dan gedacht, maar waren ook de moeite van het omrijden waard. Jammer genoeg begon het halverwege de middag te regen en is het niet meer opgehouden tot aan het avondeten. Dat maakt het toch allemaal wat minder vriendelijk, maar niet getreurd, morgen om 11.00 uur zou het volgens de verwachtingen droog moeten zijn. Dus maar hopen dat de Amerikaanse versie van Piet Paulusma het allemaal goed gezien heeft in zijn glazen bol.
Lees het verhaal
12 september 2014

Dooh Nibor

Het doel voor vandaag was Franconia Notch State Park. Een hele mond vol, maar op de een of andere manier toch gemakkelijk om te onthouden. Als eerste naar het bezoekerscentrum. We hadden van te voren gelezen, dat het hier ontzettend druk kon zijn, dus we waren op het ergste voorbereid. Hetgeen we aantroffen toen we arriveerden, waren slechts enkele auto’s op de parkeerplaats. Blijkbaar heeft het dus toch nut om ook tijdens de vakantie gewoon op tijd op te staan, zodat je ook tijdig op je bestemming kunt zijn.

De wandeling die je moet doen, als je hier bent, is de Flume Gorge. Hiervoor dien je kaartjes te kopen, en als de vriendelijke dame aan de kassa me vertelt dat ik 30 dollar dien af te rekenen voor ons tweeën, moet ik toch wel even slikken. Zoveel hebben we nog nooit betaald voor een wandeling van een kilometertje of vier. Twijfel slaat op zo’n moment toch wel even toe. Zouden we dat wel doen? Ach, wat zou het ook. Als het fraai is, weten we over een paar jaar waarschijnlijk geeneens meer hoeveel de entree was. En als het niets is, was het alleen maar duur. Onder het mom van ‘Du lever bara en gång‘, wordt de creditcard overhandigd, en gaan we op weg. En toch voelt het een beetje als een omgekeerde Robin Hood, men steelt van de armen en geeft het aan de rijken. Al snel worden we getrakteerd op de aangename aanblik van de Flume Gorge Covered Bridge.

We volgen het pad verder omhoog, en naarmate we verder stijgen, wordt het steeds smaller en smaller. Op een bepaald moment, is het van wand tot wand nog maar een meter of zes breed, en gaan de paden over houten planken die aan een van de wanden zijn bevestigd verder. Maar wat we te zien krijgen is gewoon een schitterend spektakel. Met mos begroeide granieten wanden. Zeldzame schimmelsoorten en bovenal de ene na de andere spectaculaire waterval.

Voordat we het weten staan we bovenaan de Flume Gorge, en waar de meesten omdraaien om weer terug richting de ingang te gaan, besluiten wij om rechtsaf te slaan en het pad verder te volgen, wetende dat er zich ergens nog een covered bridge moet bevinden. Hoewel de route minder spectaculair is, is deze zeker niet minder fraai. Nog regelmatig worden we verrast door een fraaie waterpartij. Na een tijdje zien we de Sentinel Pine Covered Bridge. Het uitzicht hierop is indrukwekkend te noemen. Zeker met het zonnetje, dat ons al de gehele dag vergezelt, erop schijnend.

Dertig dollar armer, maar een geweldige herinnering rijker, gaan we op weg naar het volgende punt in het park, The Bassin. Gisteren hier een fotootje van gezien, en ik kan alleen maar zeggen dat die zeer fraai was, dus dit was zeker iets dat in het programma voor vandaag opgenomen diende te worden. Waar de meeste mensen het hier na een kwartier wel gezien hebben, vermaken wij ons hier toch ruim een uur.

De volgende stop is de Cannon Tramway en de Old Man of the Mountain wandeling en museum, een kilometer of tien verderop. Op dit korte stukje, is de temperatuur van 17 naar 6 graden gedaalt, iets wat toch wel fris te noemen is. In het ‘museum’ komen we tot de ontdekking dat de Old Man of the Mountain, een granieten rotsformatie, die het symbool van New Hampshire is en nog in alle toeristenwinkels op ieder niemendalletje te zien is, in mei 2003 is ingestort. We besluiten om de wandeling te laten voor wat die is, en nemen de kabelbaan naar de top van Mt. Cannon. Hoewel de top van de berg in de wolken ligt, genieten we enorm van de wandeling hierover.

Zeker aangezien we voor de eerste keer een 5-sterren terrein geocache vinden, die ook nog eens onze 2400-ste vondst blijkt te zijn.

Laatste wandeling van de dag is een korte rondwandeling genaamd Artists Bluff. Kort maar verrassend zwaar. Waar we normaliter voor een wandeling van drie kilometer een uurtje nodig hebben inclusief vele fotostops, hebben we hier aan twee uur maar net genoeg met daarin slechts enkele fotostops. Dit fraaie rondje, tijdens welke ook de eerste foto van dit verhaal is gemaakt, was met recht een echte kuitenbijter te noemen.
Lees het verhaal
11 september 2014

Een perfecte dag

De totale route voor dit jaar is niet zo heel lang in vergelijking met andere jaren. Na de rit die we vandaag hebben gemaakt, hebben we al meer dan een derde van de totale afstand die we gaan rijden erop zitten. Bijna terug bij het beginpunt zullen we dan maar zeggen. Het einddoel van vandaag is Franconia Notch State Park in de staat New Hampshire. Dit park staat voor morgen op het programma. Voor vandaag hadden we een bezoekje gepland aan de Step Falls, ergens halverwege de route.

De weergoden waren ons niet goedgezind voor vandaag. Na een bezoekje aan enkele oorlogsmonumenten te hebben gebracht, begon het al snel te regenen. De ruitenwissers op de auto werken in ieder geval goed, daar zijn we inmiddels wel achter. Toen we eenmaal gearriveerd waren bij het startpunt van de wandeling, leek het alsof we het ergens toch wel verdiend hadden, want het werd zowaar droog.

Een week of vier geleden kwam ik per toeval een klein fotootje van deze watervallen tegen ergens op het internet. Na een tijdje had ik de naam én de locatie erbij gevonden, en was dan ook blij verrast dat we dit jaar hier in de buurt zouden komen. Nog geen 30 kilometer dienden we hiervoor onze route aan te passen.

Nu is het altijd afwachten of onze ogen hetgeen voorgeschoteld krijgen wat ze op zo’n klein fotootje hebben gezien, en zeker als het een grijze en grauwe dag is. Al snel zouden we het weten, want de wandeling naar het einde van het pad zou iets minder dan een kilometer zijn. Gestaag vorderden we het pad omhoog. Gelukkig bleek de klim naar boven niet al te zwaar te zijn, want sinds het gebruik van bijna 600 traptreden afgelopen maandag heb ik toch een behoorlijke spierpijn in mijn kuiten. Na een tijdje zagen we de voet van de waterval. Inderdaad was het een zeer fraai gezicht.

Met de naam van de watervallen, Step Falls, in mijn achterhoofd, begon ik aan de wandeling over de rotsen naar het midden van de watervallen, in de hoop zo een mooiere foto te kunnen maken. Na een korte tijd daar vertoefd te hebben, begon het weer zachtjes te regenen. Terug naar het pad, en verder omhoog. Wie weet wat er nog allemaal voor fraais zou volgen.

Toch maar weer een wandeling over de rotsblokken gaan maken, en ditmaal was ik nog aangenamer verrast dan iets daarvoor. Dit was gewoonweg schitterend. Toch Marieke maar geroepen en haar overtuigd dat ze ook de wandeling naar het midden van de ‘rivier’ moest maken, want zo mooi als het uitzicht hier was, was het aan de kant toch echt niet. Even later moest ze dat bevestigen.

Het laatste stukje naar boven was fysiek het zwaarste van de hele tocht. En uiteraard, ook hier weer even gaan klauteren. Het uitzicht was hier iets minder imposant, maar genoten dat we beiden hebben. Juist op dat moment stopte het met zachtjes te regen, en aanvaarden we de terugtocht naar beneden. Gelukkig zijn we in het bezit van waterdichte cameratassen, jassen en schoenen. En wachterdichte broeken? Neen, helaas niet, wel sneldrogend, maar dat is eigenlijk nutteloos als de aanvoer van vers water behoorlijk groot is.

En hoe een dag die regenachtig is verlopen toch perfect kan zijn? Is niet zo heel moeilijk. Heb weer een schitterend plekje op deze aardkloot mogen bewonderen met de persoon aan mijn zijde die ik daar het liefste heb. Kan niet beter toch?
Lees het verhaal
10 september 2014

No Moose

Vanochtend redelijk op tijd uit de veren. Maar met een veel kleinere reistijd dan gebruikelijk, op naar Acadia Natonal park. We hadden de luxe om op een steenworp afstand van het park in een hotel te verblijven. In het bezoekerscentrum naar een aantal korte wandelingen gevraagd en op pad.

De eerste stop bij een wild tuin, was niet zo ons ding. Hier sloeg even de twijfel toe, welke we ook hadden toen we dit park in de route opgenomen hadden. Ondanks het feit dat er in de reisgidsen gesproken werd van één van de mooiste en drukbezochte parken van het land, konden we er toch niet echt hoogte van krijgen.

Op naar de volgende stop dan maar, Cadillac Mountain. Misschien zijn we wel wat verwend, of liever gezegd gewend, maar deze stop konden we zeker waarderen. Het uitzicht vanaf de berg mocht er zijn.

In de bolide maar weer en op naar het strand. Want wat is een vakantie nu zonder strand. voor velen misschien heel vervelend, voor ons een minder groot probleem. Maar even flaneren langs de oceaan is nu ook weer geen straf te noemen. En als je het getijde in de gaten houdt, kun je ook nog even een klein stukje oversteken en vandaar een mooie wandeling over de rotsen maken, waardoor het uitzicht almaar fraaier wordt. Na twee uurtjes klim, klauter en daalwerk werd het tijd om onze magen te vullen. Na dit gedaan te hebben, stonden er nog twee wandelingen op het programma, alvorens onze rit naar het volgende hotel in te zetten.

Maar eerst nog een blik werpen op Thunderhole, want dat is het bekendste plekje van het park. Als je goed luistert kun je hier de donderslag horen. Dit wordt veroorzaakt door het water dat terugslaat vanuit een gat in de rotsen. We hadden niet het meest spectaculaire geluid, want daarvoor waren we niet op het goede tijdstip, maar hebben toch een donderslagje mogen horen.

Met name de wandeling bij het meer liet maar weer eens zien hoe afwisselend het landschap in Acadia is. Opvallend was ook het grote aantal kajakken welke we gezien hebben. Het lijkt erop dat je er in deze hoek van het land niet bij hoort als je niet in het bezit bent van een kajak.

In alle souvenirwinkels wordt Acadia vertegenwoordigd door een afbeelding van een eland, het was dan een teleurstelling te noemen dat we de hele dag niet één eland hebben gezien. Jammer maar helaas, no moose today!
Lees het verhaal
9 september 2014

Dat Maine je niet

Voor vandaag stond een grote rit op het programma. Maar liefst 1/5 van het totaal aantal te rijden kilometers zou verslonden zijn aan het einde van de dag. Dat houdt dus in, dat we vandaag voornamelijk in onze grijze bolide hebben vertoefd, en dat er maar weinig tijd overbleef om andere dingen te doen. Alhoewel, een cache vinden in New Hampshire, om zodus gelijk een staat af te vinken, in een leuk plaatsje, waarna genoten kan worden van een kop koffie is natuurlijk geen straf.

Na deze korte stop, was het doel Acadia National Park in de staat Maine. Komt meteen het overzicht van de National Park Service dat ik vorige maand heb gedownload voor gebruik op de TomTom van pas. Het bezoekerscentrum van het park opgezocht bij Nuttige Plaatsen, en op weg erheen. Voorspoedig liep de reis, en we waren toch wel heel erg blij dat we dit bestandje hadden gedownload, aangezien ook hier de bewegwijzering van de Nationale Parken niet, om het zachtjes uit te drukken, optimaal te noemen was. Tot het moment dat Tommie voor de laatste keer meldde ‘Sla links af’, en we over een zandpad uitkeken, naar een oude vervallen stal. We keken elkaar aan, en spontaan kwam de titel van dit relaas bij ons beiden naar boven. Al hadden we toen de woordspeling nog niet bedacht.

Ook wij weten dat het overal wat minder gaat, en dat overheidsinstellingen minder geld te besteden hebben aan onderhoud, maar dit was toch wel erg overdreven te noemen. We weten niet wat hier gevestigd was, maar als we één ding wel wisten, was het wel het feit dat hier zeker geen bezoekerscentrum te vinden zou zijn. Ons plan om na 600 kilometer gereden te hebben nog een uurtje of anderhalf te gaan wandelen valt in duigen. We besluiten om richting het hotel te gaan, en aldaar uit te zoeken waar het bezoekerscentrum daadwerkelijk gevestigd is. Gelukkig is het hotel dat we hebben geboekt vlak bij de ingang van het Nationale Park te vinden, dus we zouden er op korte termijn moeten kunnen zijn.

Niet helemaal dus. Als we het adres in de GPS hebben ingevoerd, blijkt dat we op een ander schiereiland zitten, en dat we nog meer dan een uur naar het hotel moeten rijden. Weer klinkt er een: “Dat Maine je niet!” door de auto. We besluiten om op het gemak richting het hotel te rijden en onderweg hier en daar te stoppen, want hoe groot de domper ook is, het landschap dat we hebben doorkruist is wel heel erg de moeite waard.

Vlak bij het hotel vinden we inderdaad de ingang van het Nationale Park én het bezoekerscentrum. Het gedownloade bestand blijkt eigenlijk dus gewoon waardeloos te zijn. Als we bij het bezoekerscentrum arriveren, blijkt dat het al geruime tijd is gesloten. Zachtjes wordt er nog een keer vandaag gepreveld: “Dat Maine je niet…..”
Lees het verhaal
8 september 2014

Gaan naar daar waar iedereen ons kent

Soms slaat het in als een bom. Je hebt een geweldige dag gehad, en je weet niet wat te tikken. Meestal gebeurt zoiets als we al een paar weken onderweg zijn. Dat zoiets me op de tweede dag overkomt is nieuw, en ook nog eens totaal onverwacht.

De titel van het verhaal is niet zo moeilijk te verklaren voor degenen die iets ouder zijn dan wij en bekend zijn met de serie Cheers. De titelsong van deze serie, die zich in een café in Boston afspeelt, eindigt met de zin “You want to go where everybody knows your name”, oftewel je wilt gaan naar daar waar iedereen je kent. Natuurlijk worden wij daar nieuwsgierig van, en in de verwachting dat men ons uitgebreid zou staan te begroeten op het moment dat wij in het zicht van de beroemde bar zouden komen, baanden we ons een weg door het oudste park van de Verenigde Staten naar Cheers. Een teleurstelling overkwam ons in een dusdanige grootte dat het Empire State Building vergeleken daarbij klein is. Niets van:” Hey Paul! Hey Marieke! Hoe is het met jullie?” Eigenlijk hadden we dat ook wel kunnen weten, aangezien veel van hetgeen op TV te zien is, nep is.

Dan maar op pad naar de Boston Freedom Trail. Deze wandeling leidt je langs alle bezienswaardigheden van Boston. Voor de geschiedkundigen onder ons, is dit een waar snoepreisje te noemen. Voor de rest, waaronder wijzelf, is dit gewoon een leuke wandeling aangevuld met een beetje geschiedenis over hetgeen je te zien krijgt. De wandeling die aangegeven wordt, door een rij rode bakstenen in de grond leidt je op het einde naar het letterlijke hoogtepunt van deze rondtocht. Na het beklimmen van 294 traptreden krijg je een fraai overzicht over Boston te zien.

De grote onbekende wachtte op het einde van de dag op ons. We hadden namelijk voor de eerste keer zelf een geocache evenement georganiseerd. Gewoon een simpel ‘Meet & Greet’ samenzijn van mensen met dezelfde hobby. Van te voren hadden we geen idee hoeveel mensen er op af zouden komen. Al snel na het op internet bekendmaken van dit evenement kwamen de eerste aanmeldingen. Uiteindelijk kwamen vanavond 11 mensen opdagen. En plots beseften we dat we de plek in Boston waar iedereen ons kent gevonden hadden.
Lees het verhaal
7 september 2014

Planes, Trains & Automobiles

Vandaag weer op weg naar de VS. Voor de 6e keer om precies te zijn. Deze ochtend in alle vroegte richting Schiphol gereden om daar langzaam maar gestaag op weg te gaan naar Boston. We hadden geen idee wat ons te wachten stond, aangezien de regels omtrent de elektronica voor degene die zijn weg naar Amerika wil zoeken wederom veranderd zijn. Gelukkig voor mij, wist ook de douanier niet wat hem te wachten stond, toen hij vroeg of ik alles wat ook maar enigszins op een kabel leek apart in een bakje wilde leggen. Ik verzocht hem om het kleine bakje dat hij mij aanreikte om te wisselen naar twee grotere bakken, waardoor hij een beetje verward uit zijn ogen ging kijken. Toen de laptoptas van de kabels was ontdaan, waren de twee bakken vol. Enthousiast vertelde ik de douanier dat ik nu klaar was om aan de volgende tas te beginnen. Nog net niet naar adem snakkend reikte hij weer twee grote bakken aan, waarop ik hem verzocht om er nog een paar meer aan te geven. ‘Komt er nóg meer?’, stamelde hij verbaasd, terwijl zijn blik afdwaalde naar de achter mij groeiende rij met mensen. ‘Sommige hobby’s komen nu eenmaal met veel kabels’, antwoordde ik, en stoïcijns ging ik door met het uitpakken van mijn tas. Uiteindelijk toch vlotjes door de veiligheidscontrole heen gekomen en voordat we het wisten zaten we in het vliegtuig op weg naar Boston.

De vlucht verliep voorspoedig, en voordat we het wisten zagen we de Amerikaanse vlag al wapperen op het vliegveld. Na een korte sanitaire stop, was het aansluiten in de rij en na vijf kwartier stonden we bij een niet zo vriendelijke vrouwelijke douanier, die voor ons al verschillende mensen terugstuurde om vage redenen, de gebruikelijke vragen te beantwoorden. Marieke eerst.
Douanier: ‘Werk?’
Marieke: ‘Ambtenaar.’
Douanier: ‘Vind je dat leuk?’
Marieke: ‘Ja.’
Douanier: ‘Ik niet.’
Na het afstaan van een kopie van de 10 geboden, was het mijn beurt.
Douanier: ‘Werk?’
Ik: ‘Verpakkingsindustrie.’
Douanier: ‘Dat doet mijn man ook. Maak jij ook van die verpakkingen die je niet open krijgt?’
Ik: ‘Misschien een mes gebruiken?’
Douanier: ‘Is een goed plan. Veel plezier in de VS.’

Tot zover dus de Planes in dit verhaal, dan de Trains, al moet ik wel zeggen, dat chronologisch gezien nu eerst de auto’s zouden komen, maar als ik me daaraan zou houden, strookt het verhaal niet meer met de naar de film genoemde titel van dit verhaal. Maar aangezien dat sommigen toch al denken dat ik niet spoor, is de stap naar het tweede deel niet zo heel groot. Treintjes dus. Afgelopen week was ik op zoek naar geocaches die ‘hot’ waren. Daarbij viel mijn oog op een cache in het plaatsje Needham, vlak in de buurt van Boston, genaamd The Depot. Foto’s die hierbij waren geplaatst, toonden miniatuurbouwwerkjes, en een grote modelspoorbaan. En dat allemaal midden in de bossen. Genoeg reden dus om dat deze middag eens met eigen ogen te gaan bewonderen. Al snel zagen we de eerste bewaker, gewapend met een heus kanon, staan om al dit fraais te beschermen.

Is het iets om speciaal voor deze kant op te gaan? Nee, absoluut niet. Was het de moeite van het bezoeken waard? Absoluut wel. We hebben genoten, en dit was ideaal om een korte tijd te overbruggen tussen vliegtuig en diner.

Tja, en dan de auto. Om eerlijk te zijn, droom ik al jaren van een ‘echte’ Amerikaan om mee rond te toeren. Nimmer hadden we de kans, tot vandaag. Ééntje stond er te pronken in de rij van auto’s waaruit we mochten kiezen. Niet een Chevrolet Impala of een andere burgermansauto, maar een heuse Dodge Charger. Zo’n geweldige Muscle Car, zo’n benzineslurper, zo’n auto waarbij je bij het zien ervan denkt, ‘dit is één van de redenen waarom ik naar Amerika wil gaan.’
Lees het verhaal
1 oktober 2013

Tell & Lacey

Vandaag waren de weergoden ons erg goed gezind. Een zonnetje, prima temperatuur en geen wind. Een uitgelezen dag om te gaan schieten. Iets dat al erg lang op mijn verlanglijstje staat om tenminste eens in je leven meegemaakt te hebben. In ons kleine kikkerlandje komt er dit niet van omdat het moeilijk is om een betrouwbare en betaalbare schietbaan te vinden. Bovendien is buiten schieten ook nog iets anders dan op de schietbaan. Rob en Tracy weten al langer van deze wens, dus indien mogelijk zouden we dit jaar gaan schieten. Voor Paul is het niet zo zijn ding, maar wil mij met alle liefde gezelschap houden. Zo gezegd, zo gedaan. En na de auto volgepakt te hebben met schietschijven, kogels en uiteraard de diverse wapens op weg naar het gebied waar geschoten mag worden. Het was vandaag niet druk, dus sta/zit je elkaar niet in de weg en heb je geen last van rondvliegende kogels. Dit laatste is zowieso geen probleem, want er gelden duidelijke afspraken. Je laat de ander weten als je naar je schietschijven wilt lopen en andere hobbyisten houden keurig hun wapens gedeisd totdat het ‘sein’ weer op groen gaat.

Om te beginnen hebben we met een geweer geschoten. Om het wat makkelijker te maken, wel vanuit de luie stoel, zodat ik dit toch wel zware wapen niet vast hoef te houden. Na enige oefening, is het me gelukt om de \’metalen\’ beestjes de spreekwoordelijke nek om te draaien. Uiteraard metalen-beestjes want daarvoor zijn we net iets teveel dieren-liefhebber. (Op die ene eekhoorn na, maar daarover later meer…). Nadat ook Paul nog een aantal magazijnen leeggeschoten had, was het tijd om een ander wapen ter hand te nemen.

Op naar het eerste pistool. Een .22. Een redelijk licht wapen, dat zelfs voor mijn beperkte spierbundels te hanteren is. De terugslag viel enigszins mee, en na enige oefening lukte het ook hier om de schietschijf in het midden te raken. Natuurlijk was een bulls-eye teveel gevraagd van het goede. De mensen naast ons waren inmiddels aan het schieten met zwaarder geschut en dat maakte dat ik erg blij was met de blitse roze oorbeschermers.

Het beste hadden we voor het laatst bewaard, zoals dat hoort. Rob had nog een Glock in de aanbieding. Eén van een zwaarder kaliber dan wij in Nederland gewend zijn. Met grotere kogels, meer geluid en de daarbij behorende sterkere terugslag. Uiteraard was ik hierop voorbereid, maar je weet niet op welk moment die gaat komen en daardoor komt het toch nog onverwachts. Na het schot gelost te hebben stond het wapen niet meer horizontaal, maar verticaal. Dat zal wel niet de bedoeling zijn, en ik heb het met dit wapen dan ook maar bij één poging gehouden. Maar gek genoeg was die poging wel mijn beste pistoolschot van de dag. Hiermee is een wens in vervulling gegaan en indien de kans zich voordoet, ga ik graag nog een keer op herhaling.

_________________________________________________________________________

Voor mij geen aspiraties om Lacey te versterken als ze op pad gaat. Bovendien dient Lacey vergezeld te worden door haar vrouwelijk partner Cagney. En aangezien ik de laatste keer dat ik heb gecheckt niet aan het genoemde criterium van vrouw voldeed, ben ik blij dat Rob & Tracy ook de mogelijkheid boden om ver terug in de tijd te gaan. De middeleeuwen om precies te zijn. Na het schieten met vuurwapens gingen we op weg naar de schietbaan voor de klassieke pijl en boog. Alhoewel klassiek. Het monster waarmee geschoten diende te worden, zag er alles behalve klassiek uit. Het was een model dat ik in Nederland nog nooit gezien hebt. Volgens mij zou je er in een gemiddelde actiefilm niet mee voor schut lopen.

Nu is het om goed en gericht te schieten niet echt verstandig om te doen alsof je in een actiefilm speelt. Veel te gevaarlijk ook nog bovendien. Nee, dit is ander koek dan schieten met een pistool, waarbij het ‘slechts’ een kwestie is van mikken en de trekker overhalen. Dit vergt spierkracht gecombineerd met opperste concentratie en een gebalanceerde ademhaling.

Na een gedegen uitleg over hoe het allemaal werkt, werd het tijd om het eerste schot te lossen. De afstand tot de roos? Iets meer dan negen hele meters. Ik zag mezelf de pijl al mijlenver overschieten, maar nee, wonder boven wonder raakte ik het doel. En nog eens niet zo slecht ook. Na een paar pijlen geschoten te hebben, vond Rob het tijd om de boog iets beter af te stellen. Opnieuw schieten, maar nu van een dubbele afstand. Wonder boven wonder ging ook dit boven verwachting goed, en had ik het lef om de afstand tot 30 yard te vergroten. Hoewel ik nu toch al een behoorlijk aantal pijlen had afgeschoten, verbaasde ik me over het feit dat het spannen van de boog me, gevoelsmatig, minder kracht kostte dan de eerste keren. De pijlen bleven netjes doel treffen in de gewenste groepjes, en na de 40 yard, werd besloten om de afstand te vergroten tot 60 yard (iets meer dan 55 meter). Het doel was nu toch wel behoorlijk ver weg, en ik verwachtte dan ook dat het nu toch echt tijd werd dat ik het doel zou gaan missen. Niets was minder waar.

Ondertussen was Rob gezellig tezamen met mij aan het schieten, toen hij achter zich een eekhoorn spotte op 63 yard (57.6 meter), zittend op een betonnen rand. Hij besloot om een poging te wagen. Op het moment dat Rob de boogpees losliet, floot Tracey. De eekhoorn schrok hiervan op, en daardoor miste Rob op een haar na de eekhoorn. Drie man blij dat het beestje vanavond gewoon weer met zijn kinderen kan spelen. Één man balend over het feit dat zijn pijl gebroken was op het beton.

Vol zelfvertrouwen vroeg ik aan Marieke of ze het fruit uit de auto wilde halen, en een appel op haar hoofd te zetten. De laatste keer dat Marieke heeft gecheckt, was ze niet mijn zoontje. Dus kon ik het vergeten om voor Willem Tell te spelen.
Lees het verhaal
30 september 2013

Waar een Willis....

Wie kent er ondertussen niet het verhaal van Marieke en haar poging om Bruce Willis te imponeren? Velen waren destijds behoorlijk geschrokken van deze belabberde poging, die de heer Willis niet dusdanig onder de indruk liet zijn, dat hij haar even met een bezoekje kwam vereren in het ziekenhuis in zijn geboorteplaats Idar-Oberstein. Diezelfde mislukte poging deed haar een half jaar later, terwijl we in Spanje vertoefden, besluiten om niet ondergronds te gaan en de grotten van Nerja te bewonderen. Te gevaarlijk werd er door Marieke geoordeeld. Zodoende en zodus is het nu ruim anderhalf jaar geleden dat Marieke een trap afdaalde om op die manier het daglicht achter haar te laten. Maar ze wist dat eens de dag zou moeten komen dat ze daadwerkelijk die stap over die drempel zou moeten zetten, om zodoende weer af te kunnen dalen in Moeder Aarde. Vandaag was de dag. Gelukkig was dit niet voorbereid, anders zouden wellicht de zenuwen al lange tijd door haar keel gegierd hebben.

Afgelopen zaterdag hebben we de strandvakantie voor dit jaar achter ons gelaten, en zijn we het binnenland van Californië ingegaan om een paar dagen uit te rusten en bij te tanken in Cottonwood. Iets wat de meesten wellicht precies andersom zouden doen, maar goed, we zijn wel vaker tegendraads geweest, dus waarom niet zo? Helaas voor ons, werkt het weer niet echt mee. De wind giert door de bomen de laatste dagen, en de dreiging van regen is dusdanig groot, dat het niet verstandig is om buiten dingen te gaan doen. Gelukkig voor ons, herbergt het huis van Rob & Tracy meer dan genoeg bordspelletjes, om de tijd toch nuttig mee door te komen.

Vanmorgen werd er na een kort overleg besloten om de grotten van Shasta met een bezoekje te vereren. De internetsite zag er schitterend uit, en de rit van 45 minuten erheen was, alhoewel deze over de snelweg leidde, de moeite waard. Eenmaal bij de grotten aangekomen, vroeg de dame aan de balie of één van ons problemen had met trappen. Vol overtuiging werd de vraag door ons allen met nee beantwoord. Ook stond het Shastameer dusdanig laag, dat er in totaal maar liefst 800 meter extra gelopen diende te worden.

Aangezien ook dit voor ons geen enkel probleem was, werden de tickets betaald, en gingen we, na een korte tijd gewacht te hebben, op weg naar de eerste stop. De aanlegsteiger van de boot. Deze bracht ons naar de overzijde van het meer, alwaar we weer omhoog dienden te wandelen naar de tweede stop. De bushalte. De buschauffeur was zo vriendelijk om even op ons te wachten, zodat we ondertussen even een geocache konden loggen. De bus bracht ons een heel stuk omhoog, naar de ingang van de grotten. Onderweg konden we genieten van een schitterend uitzicht over het meer. Eenmaal in de grotten leidden vele traptreden ons naar fraaie locaties binnenin de grotten.

Waarschijnlijk was Marieke zo onder de indruk van al dit fraais, dat het geen moment bij haar is opgekomen om Bruce Willis te imponeren. Ik ben ervan overtuigd dat velen opgelucht adem zullen halen als ze weten dat zelfs de kapitein van de boot zo blij was dat Marieke heelhuids terug was, dat hij stond te juichen op de loopplank van zijn boot.
Lees het verhaal
27 september 2013

Sacramento

Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Alsmaar tiktikken om dat busje hier links voorbij te tiktikken. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Waarom moet je daarvoor tik-tikken vraag je je misschien af? Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Eigenlijk heel simpel. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Als ik niet ,tiktik, voorbij het busje, dan kan ik geen, tikkertik, foto plaatsen. Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Wel, ik kan het, tiktik, wel, maar er valt dan een, tikjetik, stukje weg. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. En dat zou, tiktik, jammer zijn, nietwaar? Tiktik. Tiktikkertik. Tiktdetikkerdandetikkertikt? Tikkerdetikkerdetik. Iedere dag maar weer iets, tikgetikt, bedenken om voorbij die kl…-tiktik-te bus te tikken. Tikkerdetikkerdetik. Tiktdetikkertikkerdandetikkertikt?. Tiktikkertik. Tiktik. Gelukt….

Vandaag was het eerste doel om de grote inkopen voor thuis te doen. Met andere woorden winkelen. Nu weet iedereen die ons een klein beetje kent, dat winkelen bij ons geen dagtaak is. We weten wat we willen. Hoeveel we willen. Wat we daarvoor uit willen geven, en misschien nog wel het belangrijkste: Waar we dat denken te kunnen volbrengen. Gewoon een kwestie van plannen en voorbereiden of zoiets, en dan kun je de garderobe weer gemakkelijk aanvullen binnen twee uurtjes. Nog voldoende tijd blijft er dan over voor leuke dingen te doen. Zoals het bezoeken van een of ander stadje, genaamd Sacramento.

Nou ja, stadje… Twee keer Eindhoven, Tennessee is geen stadje te noemen. We zijn hier al in 2009 en in 2010 geweest, dus we verwachten niet veel nieuws onder de zon te zien. In elk geval hebben we maar twee doelen alhier. De eerste is het bezoeken van een spelletjeswinkel. Dat doel werd snel volbracht, en ook hier zijn we weer met lege handen naar buiten gegaan. Het wordt welhaast normaal om een spelletjeswinkel binnen te gaan en niets te kopen. Gelukkig komt Essen eraan volgende maand. Zeker weten dat het dan niet lukt. Het tweede doel, was het zoeken van een geocache die we in de eerder genoemde jaren niet konden vinden. Nu iets beter voorbereid aan deze queeste begonnen en al snel was het prijs en konden we onze naam op het papiertje bijkrabbelen. Geeft toch wel een voldaan gevoel om deze uiteindelijk als gevonden te kunnen noteren.

Hierna even een pitstop bij de Starbucks. Voor de ene duurde die wat langer dan voor de andere, maar dat hoort erbij, om vervolgens al geocachend op zoek te gaan naar nieuwe leuke plekjes in Sacramento. Al bij de eerste is het prijs. Het gerechtsgebouw. Werkelijk schitterende kleine bronzen beeldjes staan hier, geflankeerd door allemaal wijze uitspraken over het recht. Verder naar de volgende, en we vallen van de ene verrassing in de andere. Dan is het weer op een schitterende manier verstopt, dan staat er plotseling weer een fraai beeld. Nee, het is en blijft een feit. Geocachen laat je leuke plekjes zien, waar je anders zo aan voorbij zou lopen.

Als laatste nog een korte pitstop bij de Starbucks. Als ik een cappuccino bestel, zegt de dame aan de kassa: “Another cappuccino? Do you have to drink them all by yourself?” De legendarische woorden van de bekende grijze filmster flitsen door mijn hoofd. “Nespresso…”. Zou de dame in kwestie denken dat ik hem ben? Maar dan bedenk ik dat dat niet juist is, maar dat het “How else?” dient te zijn. Bijna…

Langzaamaan komen we dichter bij Cottonwood. Morgenmiddag worden we daar \’verwacht\’. Eerst hebben we nog een paar dingen te doen. Zo moet er nog cacheonderhoud gepleegd worden bij enkele van de door ons hier in de omgeving geplaatste geocaches. Vervolgens willen we nog even ons maandrecord, van meest in een maand gevonden aantal geocaches, verpulveren. Ook ligt er hier vlakbij nog een oude cache, geplaatst in September 2000. Dat is een maand die nog niet voorkomt in onze Jasmer-matrix (ik verwacht niet dat iemand dit begrijpt, en ik verwacht ook niet dat iemand behoefte aan uitleg hierover wil hebben (zo wel, kom een keertje in Eindhoven, Tennessee langs zou ik zeggen en dan leg ik het met liefde en plezier persoonlijk allemaal aan je uit), dus dat doe ik dan maar ook niet), en we zodoende weer een vakje kunnen inkleuren. Als laatste hebben we nu al ruim drie jaar een munt in bezit. Deze heeft als doel om zo langzaam als mogelijk te reizen. De munt hebben we drie jaar geleden opgepikt tijdens het event dat Rob en Tracy voor ons hebben georganiseerd voor onze 1000e geocache. Nu wil het toeval dat morgenmiddag, enkele meters verder dan het event destijds, een geocaching evenement wordt georganiseerd. Ideaal dus, om deze munt enkele meters te laten reizen. En daarna? Op naar Rob, Tracy, Guiseppe, Sydney & Callie. We kijken er naar uit. Wel dien ik er even bij te zeggen, dat ik niet weet wanneer er weer een nieuw avontuur van ons gepubliceerd wordt. Misschien morgen, misschien overmorgen maar in ieder geval volgende week als we weer op weg naar huis gaan.

Tot tikkerdetiks.
Lees het verhaal
26 september 2013

Oceaan

Vandaag de tweede dag in Point Reyes National Seashorse. Eigenlijk hadden we voor vandaag andere plannen, namelijk het bezoeken van twee stranden, die zoals de foto’s deden vermoeden de moeite van het bezoeken waard waren. Maar gisteren hadden we al besloten dat deze stranden zullen moeten wachten tot een volgende reis, aangezien Point Reyes ons dermate kon bekoren, dat we er nog een dagje van wilde genieten. En we hebben niet het idee dat de stranden weg zullen drijven, dus kunnen die best voor een later moment bewaard worden. Er moet immers nog iets te wensen over blijven. Na gisteren de schitterende Lagune gezien te hebben, waren we zeer benieuwd wat voor moois we deze dag voorgeschoteld zouden krijgen. Na een kort bezoek aan het bezoekerscentrum zuidwaarts gereden naar de vuurtoren. Dit is het bekendste plekje van het park en prijkt dan ook op veel souveniers. De weg ernaartoe was wat winderig, ondanks dat er minder wind stond dan gisteren. De temperaturen bleven wel onder die van gisteren hangen. Boven op het platform aangekomen met zicht op de vuurtoren, hebben we zelf kunnen ervaren dat dit het meest winderige stukje langs de oceaan is. Maar ook hier gold, het uitzicht was fantastisch. De oceaan was vanaf dit punt opmerkelijk rustiger dan van beneden afgezien.

Na een paar foto’s geschoten te hebben, weer terug richting auto om een volgende wandeling te gaan doen. Onderweg zijn we nog twee jonge wampities tegen gekomen. Dit zijn niet de enige dieren de we vandaag hebben mogen zien. Ook een verdwaalde olifanten-zeehond en een groep olifanten-zeehonden hebben we mogen aanschouwen. evenals vele mooie vogels. Als iemand als hobby ‘vogelen’ heeft, kan hij hier zijn hart ophalen (note van Paul: Voor onze Belgische lezers, Marieke bedoelt hier de Nederlandse betekenis van vogelen en niet de Vlaamse). 45% van alle voorkomende vogelsoorten in de VS komen in dit park voor.

De volgende wandeling bracht ons naar chimney-rock. Hier kon je echt merken dat je op het uiterste puntje land stond. Ook hier waaide het weer erg hard. De bordjes waarschuwen dat je niet te dicht bij de rand mag komen, het kan namelijk zo maar eens gebeuren dat je een paar passen naar voren geblazen wordt, waardoor je het idee hebt dat je over de oceaan kunt vliegen. Ik denk echter dat je bedrogen uitkomt en er van een zachte landing geen sprake meer is. Onze voeten dus maar even stevig op de grond gezet voor een foto te maken en vlug weer terug naar het eigenlijke pad. Op het einde van het pad stonden een paar bankjes en we vonden dit wel een mooi plekje voor het nuttigen van een kleine lunch. Het komt ten slotte niet iedere dag voor dat je kunt lunchen met uitzicht op de oceaan.

Ook het uitzichtpunt op de zeehonden hebben we maar even vluchtig bekeken. Er lagen inderdaad een aantal zeehonden, maar het aangezicht was lang niet zo fraai als langs Highway 1. Zo verwend als we zijn, mogen we dit toch wel concluderen. Waar ze bij Highway 1 aan onze voeten lagen, hadden we hier welhaast een verrekijker nodig. De wandelingen in dit park waren met tijden lastig te noemen. Het was niet zozeer de lengte ervan, als wel de zwaarte. We besloten om nog enkele korte stops te maken en vervolgens het park te verlaten. Een van de laatste stops, liet ons weer een heel ander landschap zien. Het laat zich het beste vergelijken met een patchwork deken, maar dan van diverse vetplanten tegen een heuvel geplakt met op de achtergrond de oceaan.

Moe maar zeker voldaan zijn we al cachend teruggegaan naar het hotel. Maar niet zonder een stop te maken bij de Starbucks om daar even op ons gemak een potje Haggis te doen onder het genot van een welverdiende cappuccino.
Lees het verhaal
25 september 2013

Stront aan de knikker

Het weer tijdens onze rondreis door de Verenigde Staten van Amerika, is niet het weer dat we doorgaans gewend zijn als we hier vertoeven. Niet dat we iets te klagen hebben, met temperaturen van om en nabij de 20 graden, maar toch. Eigenlijk is het over het algemeen zo van dat twijfelweer. Zo van zal ik wel of géén korte broek aandoen. Op de vier dagen rondom Palm Springs na (waar het kwik dagelijks boven de 40 graden uitkwam), heb ik gekozen voor géén korte broek. Voordeel van het weer dit jaar, is wel dat we tot op heden (ik klop nu even af onder aan het bureau waar ik aan zit, in de hoop dat de onderkant daarvan ongelakt is.), nog geen druppel regen hebben gehad. Andere jaren hebben we altijd wel een dag regen. We kunnen alleen maar hopen, dat die ongein ons ook de laatste week zal blijven bespaard. En de temperaturen? Laat die ook maar zo. Is eigenlijk best wel ideaal weer. Alhoewel het vandaag toch wel heel erg hard waaide. Morgen voor de zekerheid toch maar een shirt met lange mouwen in de rugzak.

Zoals gezegd, de wind waaide nogal stevig vandaag. Ideaal om een dagje naar de kust te gaan. Point Reyes National Seashore om precies te zijn. Tot een paar dagen voordat we vertrokken in Nederland, hadden we nog nimmer van dit park gehoord. We besloten om, na het zien van een paar foto’s, een bezoek aan dit park, indien het zo zou uitkomen, in te passen in onze trip van dit jaar. De verwachtingen van hetgeen we hier voorgeschoteld zouden krijgen, waren dan ook zo ongeveer van het niveau nulkommanul.

Na een bezoekje aan het bezoekerscentrum te hebben gebracht, waar we van een hele enthousiaste parkmedewerker advies kregen over hetgeen we zeker moesten gaan bekijken, gingen we op pad. We besloten om eerst het noordelijke deel van het park te doen. Eerste stop was een lagune. Zonder verwachtingen parkeerden we de auto, en gingen we op pad naar…. Tja, dat zouden we vanzelf wel te zien krijgen.

De foto hierboven spreekt voor zichzelf denk ik. De contrasten tussen de kleuren waren enorm. Zelden heb ik ergens het water zo blauw gezien. Waarschijnlijk net zo vaak, heb ik de waterplanten zo groen gezien. Nog nooit zag ik deze explosie van kleuren afgezet met het beige van zandduinen, gemarkeerd met een vleugje bruin van verdord riet. En daarbij op de achtergrond een oceaan, maakt het allemaal wel tot een héél bijzonder geheel. Nee, dit was genieten van iedere stap die gezet werd. Het ‘geluk’ werd helemaal compleet, toen een otterfamilie besloot om speciaal voor ons, een paar minuten in het zand te gaan liggen zonnen. Nu hebben we al wel vaker otters gezien, maar nog nooit in het wild. Wat dat betreft konden we hier ons hart uitleven. Vele vogelsoorten hebben we hier vandaag mogen zien. Van een kolibrie tot een havik. Op het einde van de dag zagen we zelfs nog diverse Wapiti’s (de op de eland na, het grootste rendiersoort).

We besluiten om morgen hier terug te gaan, om dan het zuidelijk deel van het park te bekijken, maar eerst gaan we nog een strandwandeling maken. Voor ons, niet de meest gebruikelijke bezigheid, maar we genieten ook hier van de bijzondere natuur die hier geboden wordt. Ook duidelijk is aan de golven hier te zien, dat het toch wel erg hard waait vandaag.

Om kort samen te vatten kan ik eigenlijk alleen maar zeggen dat we vandaag, zeer onverwacht, genoten hebben van een schitterend stuk natuur. Het liefste zou ik met deze zin willen afsluiten, maar ik weet zeker dat er verschillende mensen op deze aardbol rondwandelen die zeer nieuwsgierig zijn naar de titel. Mensen die dachten bij het lezen:”O nee, wat nu wéér!” Die mensen kan ik gewoon gerust stellen met ons niets. Met wie dan wel? Geen idee, maar toch maar even uitleggen. Op het moment dat we bijna bij de auto terug waren na de eerste wandeling van vandaag, zien we twee brandweerwagens met zwaailichten voorbij racen richting het onbekende. Een vijftal minuten later gevolgd door nog twee andere brandweerwagens. Toen we in de auto reden op weg naar de volgende wandeling, werden we ingehaald door een politiewagen. Korte tijd later, zagen we tijdens een fotostop een helikopter landen bij een boerderij in de verte. Wat er precies aan de hand was, weten we niet. Wel was duidelijk dat er stront aan de knikker was. Het enigste wat we nog nodig zouden hebben, om ons verhaal van de dag af te sluiten was een bijpassende foto. Dat was bijna gelukt. Jammer dat ik geen knikker kon vinden.
Lees het verhaal
24 september 2013

Park-park

Nooit gedacht dat het zesendertighonderzevenendertig komma één kilometer rijden zou zijn van het vliegveld van San Francisco, naar het begin van de Golden Gate Brug. Ook was het best wel spannend, want de TomTom gaf aan dat er tol betaald diende te worden. De ervaring van de eerste keer in de VS rondrijden met een auto over een tolweg zit dan nog vers in het geheugen. Ik hoop dan ook vurig dat ik over de juiste baan rij als er betaald dient te worden, en niet zoals in het 2006, het eerder genoemde jaar, toen ik over de fasttrack reed, en met geen mogelijk van rijbaan kon wisselen. Destijds was het gevolg dat ik voor het gebruik van enkele kilometers tolweg, het volle pond diende te betalen voor de complete tolweg. Maar hoe goed ik ook oplette, ik zag nergens ook maar een tolpoortje of iets dergelijks staan. Met het idee van het zal wel, reed ik de Golden Gate Brug op. Gewoon een brug zoals zovele andere, maar toch. Die overbekende, gigantische oranjerode pijlers met de mansdikke staalkabels geven een toch wel speciaal gevoel als ik over de middelste baan rijd. Nog net niet King of the Road, maar toch. Het heeft wel iets. In ieder geval een stuk specialer voor mijn gevoel, dan over het voetpad wandelen.

Hierna door naar Muir Woods National Monument. Hier hadden we al wat aardige foto’s van gezien op internet, en we wisten dat we hier grote bomen te zien zouden krijgen. Net zoals in 2009 in Redwood National Park. In 2009 vielen de grote bomen toch wat tegen op het moment supréme zelf, maar achteraf was het toch wel een hele indrukwekkende ervaring. Een soortement van herhaling dus zeg maar. Als eerste het verplichte aandenken aangeschaft, en vervolgens entree betaald, voor dit hele drukke park. En eerlijk is eerlijk, het moment supréme van 2013, is hetzelfde als dat van 2009.

Inderdaad, het valt tegen. Duidelijk is te merken dat dit park op korte afstand van de Bay-area ligt, en dat het ideaal is voor toeristen om de grote Redwood bomen, die wel 115 meter hoog kunnen worden, te zien. De paden zijn afgezet met hekken. Overal hangen bordjes dat niet van de bebaande (lees: geasfalteerde) paden mag worden afgeweken. Waar je ook kijkt, overal zie je mensen. Bij de ingang had ik al een donkerbruin vermoeden van hoe het zou zijn, want er werd geen uitleg gegeven. Hier moest afgerekend worden. Verder niet zeuren, hup de volgende in de rij. Er waren drie wandelingen te doen over de bebaande paden. De langste was anderhalf uur. We besloten om die maar te gaan lopen, en daarna wel weer verder te zien. We gingen op pad in wat we maar noemden een park-park.

Na iets meer dan drie kwartier wandelen en toch wel genieten van het fraaie licht tussen de hoge bomen, komen we op een splitsing. Hier staat een bord, en die geeft nog een paar andere wandelingen aan. We besluiten om een route te lopen die het geheel met anderhalf zou verlengen. Als we een kwartiertje op dit pad lopen, zien we de hekken verdwijnen. Mensen zien we al een tijdje niet tot nauwelijks meer. We passeren een bordje dat we Muir Woods National Monuments verlaten.

De navigatie geeft geen paden aan, maar dat is niets nieuws onder de zon in de parken. Het licht is nog even fraai, maar hier kun je wel net dàt ene stapje verder naar links zetten om de foto te maken die je wilt maken. De paden worden ondertussen ook minder vlak, en geasfalteerd zijn ze ook al een tijdje nier meer. Naarmate de tijd vordert, worden de paden smaller. Hier heb je het idee dat je in een bos loopt in plaats van in een park. Hier is het pas echt genieten.
Lees het verhaal
23 september 2013

Olifant-zeehond op herhaling

Vandaag vervolgen we onze weg over de Highway 1, langs de kust. Het rijden van deze bochtige weg, is op zich al een hele ervaring. In 2006 hebben we ook een stuk over deze weg gereden, totdat ik te veel last kreeg van wagenziekte en we er uiteindelijk toch vanaf konden en onze weg via de snelweg konden vervolgen. Maar deze reis ging het een stuk beter. Lang leve de acustraps van de ANWB. Deze wonder-polsbandjes zouden ervoor moeten zorgen dat je geen last meer had van wagenziekte. Het klinkt als een fabel, maar ze werken perfect. Maar goed, we dwalen door dit reclameblokje af, van onze werkelijke reis.

Het ene uitzichtpunt dat we passeren is nog mooier dan het andere. Dus met regelmaat de auto uit voor een foto-stop en als het even kan ook nog een cache meepikken. Dit is ons een aantal keren gelukt, zodat we zachtjes aan richting de 2100ste gevonden cache gaan.

Anderhalve week geleden hebben we deze weg ook gereden en werden toen verrast door de zeehonden-kolonie die op het strand lag te zonnen. Ook vandaag zijn we even gestopt om te kijken of ze nog altijd massaal op het strand lagen. En ja, ook vandaag waren ze thuis. Het blijft een leuk gezicht. De zeehonden dit hier liggen, zijn zogenaamde olifanten-zeehonden. Herkenbaar aan hun bijzonder ogende neus. Deze is veel platter dan van de doorsnee zeehond. Een beetje een Louis van Gaal look-alike zeg maar. Op het eerste gezicht is het niet altijd even goed te zien, maar bij het bestuderen van de foto’s is het wel degelijk waar te nemen.

Na wat leuke plaatjes geschoten te hebben, rijden we verder naar het Julia Pfeiffer Burns State Park. Onderweg merken we op, dat ook de zebra’s thuis zijn vandaag. We bekijken ze ditmaal vanuit de auto en vervolgen onze weg naar Julia Pfeifer. Dit park hebben we op de heenweg moeten laten schieten en dat vonden we toch wel jammer. De foto’s die we ervan gezien hebben, waren de moeite waard. Dus besloten we om vandaag dit park aan te doen. We hebben in ons leven al een aantal mooie watervallen gezien, maar nog nooit een die op het strand uitkomt en dan zo de oceaan in stroomt. Het was werkelijk prachtig.

Dat vonden meer mensen, want het was best druk en de parkeerplaats stond overvol. Om niet het idee te hebben dat we voor één foto het hele eind gereden hadden, hebben we nog wat meer van het park bekeken. Ook de tweede waterval in het bos was de moeite van de wandeling waard. Maar was natuurlijk minder bijzonder te noemen dan de eerste waterval.
Lees het verhaal
22 september 2013

Deense boter

De tijd vliegt, maar toch ook weer niet. De dagen zijn lang, en we zien weer ontzettend veel. Zo veel, dat we niet eens meer weten wat we twee weken geleden hebben gezien. Waarschijnlijk komt dat gedeeltelijk ook door het feit dat we vaak ‘s morgens geeneens weten wat we de volgende dag gaan zien. Twee weken zijn we nu alweer aan het rondtoeren, nog maar eventjes te gaan. Het programma dat we hadden gemaakt, is bijna helemaal afgevinkt. Dan moet ik er natuurlijk wel bij vertellen, dat het programma niet zo heel erg lang was. We laten onszelf liever verrassen door hetgeen wat er op ons pad komt. Neem nu als voorbeeld vandaag. Nadat we gisterenavond behoorlijk laat terug in het hotel waren na de wedstrijd van UCLA tegen New Mexico State, dienden we nog het hotel voor deze avond te boeken. We hadden globaal een paar ideeën. Één daarvan zou ons helemaal naar Santa Cruz leiden, maar eigenlijk vonden we dat te ver om te rijden op een dag. Aangezien we toch nog tijd genoeg hebben, besloten we om de etappe in tweeën op te splitsen. Zo gezegd, zo gedaan, en halverwege een hotel gezocht.

Nog steeds niet wetende wat we vandaag zouden gaan doen, gingen we onszelf ten ruste leggen. Deze ochtend de reisgids erbij genomen, in combinatie met google maps. Na wat gesleep en gescroll (fout Nederlands, ik weet het, maar vergeef me), zag ik een interessante naam voorbij komen op het scherm: Painted Cave. Marieke zocht het op in de reisgids, en we besloten dat dit onze eerste stop zou worden. En de eerlijkheid gebied te vertellen, dat deze stop de moeite waard was, ondanks dat je er binnen 5 minuten was uitgekeken.

Ander doel van vandaag was het loggen van onze 2000e geocache. Deze zouden we onderweg ergens doen. Hiervoor hadden we, ondanks dat het toch wel weer een mijlpaal is, niets bijzonders in gedachten. Toen Marieke Painted Cacve in de reisgids had opgezocht, viel haar oog op het stukje over Solvang. Een plaatsje dat in 1911 werd gesticht door Deense immigranten, en dat bijna geheel in Deense stijl was gebouwd. Dit zou onze tweede stop voor vandaag worden.

Toen we het plaatsje binnenreden, werden we verrast door het feit dat het zeer druk was. De kopie van De Kleine Zeemeermin, was bijna niet te zien. Nu weet iedereen dat het beeld dat origineel in Kopenhagen hoort te staan niet zo heel groot is, de versie die zich hier bevindt is nog kleiner. De drukte werd veroorzaakt doordat de Deense Dagen dit weekend gevierd werden. Een jaarlijks terugkerend evenement in Solvang, dat in het teken staat van de Deense folklore. We zijn weer eens met onze neus in de boter gevallen. Deense boter welteverstaan.
Lees het verhaal
21 september 2013

Onverwacht

Vandaag stonden twee dingen op het programma. Het eerste deel, was een foto maken van de Walt Disney Concert Hall, en het tweede deel omhelsde het bezoeken van een American Football wedstrijd tussen UCLA Bruins en New Mexico State in de Rose Bowl. Meest bijzondere van het tweede deel is waarschijnlijk nog wel dat het een idee van Paultje was.

Met betrekking tot het eerste deel, was misschien nog wel het meest opvallende dat bijna alles gesloten was. En dat voor een doodgewone zaterdag in een van de grootste steden van de Verenigde Staten. Het geheel gaf toch wel een klein beetje een absurde aanblik, en ik moet zeggen, dat ik toch wel blij was dat we uiteindelijk een plekje vonden waar we de warme hap voor vandaag naar binnen konden werken. Hetgeen daarvan dan weer behoorlijk onverwacht is, dat het ons gelukt is, om een voortreffelijke warme maaltijd inclusief drinken voorgeschoteld te krijgen voor het lieve bedrag van EUR4,23 per persoon.

Het eerste deel was zo gepiept, en aangezien het tweede deel pas om half acht ‘s avonds begon, hadden we nogal wat tijd tussen de twee over. Aangezien we totaal niets van Los Angeles wilden zien, besloten we ons door een aantal geocaches door Downtown L.A. rond te laten leiden. Zo gezegd, zo gedaan, en voordat we het wisten begon de tijd te dringen, en was het tijd om met de metro terug richting hotel te gaan. 15 keer hebben we onze naam gekrabbeld op een stukje papier, en ik mag toch wel zeggen dat in 14 van die gevallen we toch iets vonden vanwaar we een onverwacht fraai plekje konden bezichtigen in Los Angeles. Deze stad heeft ons vandaag aangenaam weten te verrassen met het tonen van een onverwachte schoonheid.

Inmiddels was het al 16.00 uur geworden en werd het zoetjes aan tijd om ons op te gaan maken voor onze eerste American Footballwedstrijd. Dat lijkt misschien wat overdreven, 3,5 uur voor aanvang van de wedstrijd, maar we wisten natuurlijk niet of het verkeer ons gunstig gezind was. Bovendien ging het parkeerterrein al om 13.30 uur open. We dachten dat dit niet voor niets zo vroeg geopend was, aangezien het stadion een capaciteit heeft van bijna 100.000 plaatsen. Bij het stadion aangekomen, werd het duidelijk dat we niet onder het betalen van 25 dollar uitkwamen om onze auto te stallen. Alle zijstraten waren vakkundig afgesloten, met voor ieder hek een mannetje of een vrouwtje. Nadat de auto een plekje gevonden had, zijn we richting stadion gegaan. Dat was nog zo’n 300 metertjes lopen. Bij de fanzone even rondgekeken en vervolgens hebben we onze ogen uitgekeken. Inmiddels was het etenstijd geworden en werden de BBQ’s uitgestald, de campingtafels neergezet, de TV’s aangesloten en al het etenswaar uitgepakt. Hier en daar werd nog een spelletje gespeeld, en op deze leuke manier kwamen de fans de tijd door totdat de wedstrijd ging beginnen. Wij keken er vreemd van op, maar het leek daar de gewoonste zaak van de wereld te zijn.

Rond de klok van 18.00 uur hadden we onze stoeltjes gevonden. We waren in het stadion aanbeland, inclusief flesje water en fototoestel. dat was allemaal geen enkel probleem. In eerste instantie leek het niet zo druk te worden, maar tegen 19.30 uur was het stadion toch voor driekwart gevuld. Alleen de goedkopere plaatsen waren nog niet geheel bezet. Na een indrukwekkend volkslied en een moment van stilte voor een recent overleden speler, kon de wedstrijd beginnen. Voor ons leken was het al lastig genoeg om in de gaten te houden waar de bal uithing. en voordat we het goed en wel in de gaten hadden, had ‘onze’ club al gescoord. Natuurlijk was ik niet te beroerd om even mee te juichen en ook het aanmoedigingsdeuntje zat er al snel in, hooligan als ik tenslotte een beetje ben.

We hebben ons prima vermaakt, en zijn een ervaring rijker, maar de eerlijkheid gebied te zeggen dat het toch wel een lange zit was op niet zo’n comfortabele bankjes zonder rugleuning. Daar komt nog bij dat het steeds kouder werd, naar gelang er meer mensen huiswaarts keerden. Na drie kwarten van de vier gespeeld te hebben, was het een gewonnen race voor de USCA Bruins en bleven de punten keurig in de Rose-Bowl. en hoewel het volkomen tegen mijn principes in is, om de club voortijd in de steek te laten, won de kou het van de principes en hebben we het einde niet afgewacht. Niet te min was het een leuke dag en een geweldige avond.
Lees het verhaal
20 september 2013

Op zoek naar de kleine oude vrouw

Velen zullen bij het lezen van de titel denken dat we om die te vinden geen 9000 kilometer van huis af dienen te zijn, maar dat we die heel gemakkelijk 2 hoog voor op minder dan 200 meter van onze voordeur kunnen vinden. Dat is inderdaad helemaal waar, maar wij wilden op zoek gaan naar een andere kleine oude vrouw. En niet zomaar eentje, maar juist die beschreven wordt in onderstaande songtekst.

And everybody’s saying that there’s nobody meaner

Than the little old lady from Pasadena

She drives real fast and she drives real hard

She’s the terror of Colorado Boulevard

Om heel eerlijk te zijn, denk ik dat bij de meesten geen belletje gaat rinkelen als ze de woorden lezen. Maar als ze de muziek erbij horen, dan wordt het ineens allemaal een stuk bekender. Daarom heb ik hieronder de video (met de songtekst zodat iedereen voluit mee kan zingen als ze nog niet helemaal bekomen zijn van Ameezing Eindhoven) geplaatst.

De kleine, gemene, snelle, oude scheurneus uit Pasadena dus. Tja, en bij het woord gemeen, weet iedereen al dat we niet de kleine oude vrouw vlak bij onze voordeur zoeken, want die voldoet totaal niet aan die omschrijving. En Pasadena ligt nu eenmaal ruim 9000 kilometer van onze voordeur vandaan, dus was het wel nodig om zover te reizen. Maar waar zouden we die terroriste kunnen vinden? Volgens de songtekst scheurt ze op en neer over de Colorado Boulevard. Wat is er dan gemakkelijker om dan een hotel te boeken, helemaal aan het begin (of aan het eind, het is natuurlijk maar van welke kant je het bekijkt) van die Colorado Boulevard? Niets eigenlijk. Leuke bijkomstigheid is dat aan diezelfde boulevard ook nog een spelletjeswinkel is gesitueerd.

Al met al leek het ons dat dit niet de meest moeilijk queeste is die we onszelf hebben opgelegd. Voldoende tijd over dus om nog andere leuke dingen te doen. Maar wat, want verder heeft deze regio (Los Angeles), niet zo heel veel naar onze goesting te bieden. Uiteindelijk viel de keuze om het graf van de bekende Marilyn Monroe te bezoeken. Zo gezegd, zo gedaan. Groot nadeel van het Westfield Memorial Park, is dat de ingang hiervan moeilijk te vinden is. Maar gelukkig hebben we daarvoor speurneus Marieke in dienst genomen. Haar taak neemt ze dusdanig serieus, dat nadat we de auto hebben geparkeerd binnen 3 minuten en 27 seconden de ingang van het kerkhof hebben gevonden. Wat we daar te zien kreeg viel een beetje tegen. En om eerlijk te zijn, vinden wij beiden het totaal niet de moeite van het bezoeken waard. Maar goed, we kunnen nu zeggen dat we de grafsteen van Marilyn Monroe hebben gezien.

Meteen nog even op zoek naar een beeldentuin. Hierover had ik Marieke vooraf niet ingelicht, dus deze liet zich wat moeilijker (lees: niet) vinden. 36 minuten later en $6.75 parkeergeld armer gingen we weer verder. Op zoek naar die kleine oude vrouw van Pasadena. In 2006 hebben we al ontdekt dat het verkeer in LA niet echt het meest soepele verloop kent dat er is. Een overdaad aan verkeersborden voorzien van een overdaad aan informatie maken het geheel zo onduidelijk dat iedereen genoodzaakt is om langzaam te rijden. Een afrit links, een afrit op de afrit van een afrit en dat verdeeld over een breedte van een tiental rijstroken. Niets is ze hier te dol. Uiteindelijk komen we aan bij het hotel in Pasadena, en als we eenmaal geïnstalleerd zijn, gaan we naar het oude centrum van Pasadena. Hier hadden we niets verwacht, en werden we dusdanig aangenaam verrast door de schoonheid van de gebouwen, dat we niet begrijpen dat we nooit eerder op het idee zijn gekomen om dit ‘dorpje’ met een bezoekje te vereren.

En plotseling zagen we haar. Wachtend bij het stoplicht. Hoe zou ze eruit zien? De ramen van haar auto spiegelden zo erg dat we niets binnenin konden zien. Het enige wat we hoorden was het pruttelen van de dikke acht-cilinder telkens als het gaspedaal werd ingedrukt. Aan de auto was duidelijk te zien dat deze al vele malen de Colorado Boulevard op en neer was gescheurd.

Het stoplicht springt op groen. Van nieuwsgierigheid van wat er in de auto zit, vergeet ik foto’s te maken. Misschien maar goed ook, want in de auto zit geen klein oud vrouwtje, maar een of andere Mexicaan. Teleurgesteld gaan we terug naar het hotel, om verder informatie op te zoeken over het vrouwtje. We komen erachter dat het stukje muziek uit 1964 dateert. We ontdekken dat het oude vrouwtje eigenlijk Kathryn Minner heet, ?n dat ze 26 mei 1969 op 77-jarige leeftijd is overleden. Wellicht dat we haar beter hadden kunnen zoeken naast Marilyn Monroe, eerder vandaag.
Lees het verhaal
19 september 2013

Alle duizend redenen

Vandaag voor de derde dag op rij naar het Joshua Tree National Park. Hoewel we de dagen voor ons gevoel hebben ingekort, in verband met de, welhaast absurd te noemen, hoge temperaturen, valt dat in de praktijk eigenlijk wel mee. De aanrijtijd naar de ingang van dit park is aanzienlijk korter dan we normaal gewend zijn. Resultaat is dat we er vroeger zijn dan normaal, logisch gevolg is dan ook dat je de ‘gebruikelijke’ bezoektijd eerder op de dag hebt weten te bereiken. De tijd die we nodig hebben om weer terug bij het hotel komen is dientengevolge ook korter dan normaal het geval is. Al deze redenen bij elkaar opgeteld hebben als bijzonder gevolg dat we deze middag voor de derde dag op rij aan de rand van het zwembad vertoefd hebben. Nu is dat niet meteen een reden om het Eindhovens Dagblad te contacteren, want de totale tijd die aan de rand van, en in, het zwembad zijn gespendeerd zullen zeer zeker de 60 minuten niet halen.

De eerste stop deze ochtend was midden in het park. Een wandeling van iets meer dan vier kilometer stond op het programma. De eerder genoemde absurd hoge temperaturen (die het kwik ruim boven de 40 graden laten aangeven), was voor ons voldoende reden, om deze route in de ochtenduren te lopen en niet op het heetst van de dag, iets na de middag. En dat was maar goed ook, want de tocht was toch iets zwaarder dan verwacht. Veel los zand in combinatie met een toch redelijk te noemen hellingspercentage, maakte dat het voor ons genoeg reden was om op regelmatige basis het vocht van het voorhoofd te verwijderen. Na een tijdje te hebben gewandeld, staan we plotsklaps op een camping. Helaas voor ons, geen routebordje. Én wonder boven wonder, geen kampeerders. Aangezien we twee richtingen uit kunnen lopen, is dat voor ons genoeg reden om even te overleggen. We besluiten om linksaf te slaan, en die weg te volgen.

Iedereen die een beetje logisch kan nadenken, weet dat de gemaakte keuze de verkeerde keuze is geweest, anders zou ik geen reden zien om de keuze hierboven te vermelden. Echter hebben wij er bijna 500 meter voor nodig om daar achter te komen. Het bereiken van het einde van de camping was eigenlijk de enige reden die ons daar op dat moment achter deed komen. We keren om, en vervolgen onze weg, om een tijdje later picknicktafels tegen te komen. Het fraaie uitzicht hier, geeft ons een reden om even een kort spelletje te spelen, wat toch in mijn rugzak zit.

De route wordt al weer snel duidelijk, en we kunnen met een gerust hart verder. Reden genoeg om zo nu en dan weer een foto te maken, en vooral te genieten van het schitterende landschap. Pas op het einde van de route wordt ons de reden bekend waarom deze wandeling de naam Skull Rock Trail heeft meegekregen.

We gaan met de auto naar het uitzichtpunt over de vallei van Joshua Tree NP. Hier is duidelijk de San Andreas breuk te zien. Iets wat we stiekem ook al zo duidelijk hoopten te zien toen we onze eerste missiepost tijdens deze rondtoer bezochten in San Juan Baptista. De wandeling die hier te volbrengen was, mag eigenlijk geen wandeling heten. Daar is die simpelweg te kort voor.

We rijden de route weer terug, maar halverwege zien we dat er een geocache is. Reden genoeg om te stoppen en even te gaan kijken. We komen terecht bij een graf van iemand die hier is vermoord in 1925. Vlak aan de rand van de weg, maar ver genoeg er vandaan om dit klein monument niet te kunnen zien staan, als je er passeert.

Terwijl we verder rijden, schalt de Pastorale van Shaffy en List uit de luidsprekers. Het landschap in combinatie met het nummer, smeden het tezamen tot een bijzonder geheel. Na de Pastorale volgt er een nummer van Van Dik Hout. Het bekende Stil in mij (wat anders). Om de één of andere onbekende reden, blijft een ander nummer van Van Dik Hout in mijn hoofd rondzingen.

Nog één wandeling staat op het programma voor vandaag. Een korte van iets meer dan twee kilometer. Genoten heb ik de afgelopen dagen van dit, tot mijn verrassing, zeer gevarieerd National Park. Er was eigenlijk maar één ding wat er hier miste. En dat was water. En laat datzelfde water nu net de reden zijn, dat we deze wandeling hebben uitgezocht. Uiteraard blijft het altijd afwachten of het water er nog wel is. Zeker als het al zo’n lange periode zo warm is geweest. Maar we hebben geluk, en na een tijdje kijken we uit over een klein meer.

Op de terugweg worden we getrakteerd op enkele petrogliefen. Reden genoeg om deze wandeling als een echte aanrader te markeren. Wat wel jammer is, is het feit dat er altijd van die onverlaten zijn (in dit geval waren het Duitsers (misschien dat ze hun voorouders willen imiteren en was de bedoeling deze primitieve kunstvorm mee terug naar het thuisland te nemen.)), die van mening zijn dat ze deze tere schilderingen van dichtbij te gaan bekijken.

Zoals gezegd, terug naar het hotel. Na het rondje zwemmen, komen we tot de conclusie dat we niets van Palm Springs hebben gezien. Reden om te kijken of er een leuk restaurantje in het centrum van de stad zit. Geluksvogels als we zijn, is het niet meer dan logisch dat de complete binnenstad is afgesloten. Reden? Een lesbienne en homo filmfestival dat deze avond werd geopend.
Lees het verhaal
18 september 2013

Bee-alert

Ook vandaag steeg het kwik weer tot grote hoogtes. Het kwam ietsje lager uit dan gisteren, maar het haalde toch gauw een graadje of 38 a 39. Deze temperaturen hebben inmiddels zijn sporen op onze armen achtergelaten. Je kunt wel direct zien dat we geen zonaanbidders zijn en niet lui op een strandstoel gaan liggen en om het half uur even in beweging komen om ons om te draaien. Nee, daar doen we niet aan mee, met het gevolg dat de bovenkant van onze armen bruin getint is en de onderkant, in mijn geval, nog altijd wit uitslaat.

Ondanks de hoge temperatuur, wilden we toch meer van Joshua Tree park gaan zien. Want na gisteren hadden we niet het idee dat we al uitgekeken waren op de bomen. Bovendien heeft de afwisseling in het landschap ons verrast en is zeker de moeite van een tweede en waarschijnlijk morgen een derde bezoek waard. Ik moet er wel bij zeggen dat de dagen een aanmerkelijk stuk korter zijn dan normaliter het geval, Dit heeft te maken met de hoge temperaturen. Code oranje, zeg maar. En verstandig als we zijn gaan we onze lijfjes niet de hele dag blootstellen aan de forse uv-stralen. Dit maakt dat we kortere wandelingen plannen en er drie keer een (hele ruime) halve dag van maken.

Vandaag stond de cactus-tuin op het programma. Het was een bijzonder gezicht om zoveel van dezelfde cactussen te aanschouwen. Er was slechts ??n nadeel, je kon er niet te lang bij stilstaan, want dan zaten er al drie bijen in je oor. Niet voor niets werd er bij het begin van het pad een Bee-alert afgegeven. Gelukkig was de wandeling niet al te lang, zodat we al zoemend weer in de auto plaats konden nemen.

In het gedeelte van het park dat we vandaag bezocht hebben, waren minder Joshua Trees te zien, maar dit werd ruimschoots goedgemaakt met tal van andere bomen die er ook mochten zijn. De Arch rots viel ons eerlijk gezegd een beetje tegen, maar misschien zijn we ook wel een beetje verwend, omdat we enkele jaren geleden Arches NP al bezocht hebben. En daar zijn de bogen toch net een beetje indrukwekkender te noemen.

Na nog een paar korte wandelingen meegepikt te hebben, werd het stilaan weer tijd om de verkoeling van het zwembad op te gaan zoeken. een beetje verhit, maar zeker voldaan van alle fraaie plaatjes die we hebben mogen schieten, lieten we ons het koele water welgevallen.

O ja, het was vandaag ook nog tweemaal een gevalletje van ‘dat verwacht je niet’. Vanochtend hebben we, volgens ons voor het eerst van ons leven, een kolibrie mogen aanschouwen. Het is werkelijk een ieniemienie vogeltje. Het had zichzelf opgesloten in de supermarkt. en diervriendelijk als de mensen hier zijn, hebben ze de automatische deuren maar even gesloten en het vogeltje zachtjes weer naar buiten gemanoeuvreerd. Je verwacht het niet, een kolibrie die boodschappen wil gaan doen.

Het tweede gevalletje van ‘je verwacht het niet’, gebeurde vanmiddag in de Starbucks. Een keurig nette man zag mij aan voor een beroemde zangeres, met een blijkbaar geweldige stem. Toen ik hem vertelde dat ik waarschijnlijk niet de gene ben die hij voor ogen had en dat ik niet goed kan zingen, was hij enigszins teleurgesteld en wachtte zijn bestelling af.
Lees het verhaal
17 september 2013

Found what I was looking for

103 weken is het nu geleden dat ik een verhaaltje tikte waarvan de titel de eerste 3 cijfers van deze zin bevatte. 103, oftewel 013. In dat verhaal had ik het kort over de twee Nederlanders die een maand eerder waren overleden in Joshua Tree National Park, door uitdroging. Een gevalletje van eigen schuld tikte ik toen. Vandaag was het zover dat wij voor de poorten van dit park stonden. Natuurlijk gaan dan de gedachten uit naar de dramatische gebeurtenissen van iets meer dan twee jaar geleden. Zeker aangezien de temperatuur vandaag, en de komende dagen, ver boven het gemiddelde uitkomen, van hetgeen normaal is voor deze tijd van het jaar. Normaal gesproken blijft het kwik steken op een kleine 33 graden. Vandaag zou het kwik op 40 graden en meer uitkomen. Raadzaam dus om het wat rustiger aan te doen en geen route uit te zoeken van een kilometertje of 14. Op naar het bezoekerscentrum om informatie te vragen over korte routes die de moeite waard zijn. We kregen een viertal routes voorgesteld, én het advies om ervoor te zorgen dat we genoeg brandstof in de auto hadden, en dat we ruim voldoende water mee zouden dragen, gezien de hoge temperaturen. Ook wordt ons verteld dat het raadzaam is om stevig schoeisel te dragen. Op het moment dat we met de auto het toegangshek passeren, krijgen we wederom hetzelfde advies.

Wederom trek ik dezelfde conclusie over de twee Nederlanders. Gevalletje eigen schuld. Als we korte tijd later bezig zijn met onze eerste wandeling, verbaas ik mezelf over de domheid van sommige mensen. Slippers aan de voeten en niets op de rug of in de handen. De discussie wat goed schoeisel is, kan ik nog enigszins begrijpen, omdat het slechts een relatief begrip is. Maar het begrip ‘ruim voldoende water’, betekent in mijn ogen toch echt dat je meer mee moet nemen dan helemaal niets.

Als je de naam Joshua Tree hoort, hoef je toch echt geen grote muziekliefhebber te zijn, om aan het gelijknamige album van U2 te denken uit 1986. Het verhaal wil, dat de twee eerder genoemde Nederlanders op zoek waren naar de boom die de hoes van het album siert. Om heel eerlijk te zijn, heb ik daar geen moment aan gedacht, maar toen ik deze avond wat meer informatie over het album wilde weten, leek het me wel een leuke queeste te zijn, voor de dag van morgen of overmorgen.

Een zoektocht van minder dan vijf minuten op het internet, leerde me enkele dingen. Hoewel de gebeurtenis van twee jaar geleden uitermate triest is, het gevalletje eigen schuld werd alleen maar sterker bevestigd, aangezien de bewuste boom zich niet in Joshua Tree National Park bevindt, maar in Death Valley National Park. Laatstgenoemd park ligt toch enkele honderden kilometers verder naar het noorden. En ik mag toch aannemen dat je voorbereiding toch wel degelijk te noemen is, als je in een park van bijna 3200km² op zoek gaat naar één enkele boom. Ik denk dat ik in vijf minuten al heb gevonden waar ik naar zocht, en weet dat we morgen gewoon weer gaan genieten in een park waar de straten geen naam hebben.

Ik kan me voorstellen, dat sommigen het wellicht iets overdreven vinden, als we zeggen dat we voor een wandeling van een kleine twee kilometer twee liter water per persoon meenemen. Beter teveel dan te weinig, denk ik dan maar. Het laatste waar ik behoefte aan heb, is het feit dat over iets meer dan een maand iemand zit te tikken, ‘duidelijk een gevalletje van eigen schuld’.
Lees het verhaal
16 september 2013

Cuyamaca: Men zou voor minder een gat in de lucht springen

Zelfs wij luisteren wel eens naar anderen. En niet alleen luisteren, maar we verwerken hetgeen verteld wordt tegen ons in onze grijze massa, én we doen er vervolgens nog wat mee ook. Wat kan een mens die lekker thuis of op het werk achter zijn scherm dit avontuurtje zit te lezen zich nog meer wensen? Niet veel toch? Op aanraden van anderen (wel om eerlijk te zijn, hadden we dit in mei zelf al besloten, maar je moet niet iedereen meteen gerust stellen), hebben we besloten om die laatste kilometers naar de Mexicaanse grens te laten voor wat ze zijn, en verder te reizen naar het noordoosten. De eindbestemming van vandaag klinkt zelfs wat decadent in de oren. Palm Springs. Als ik het uitspreek, dan ga ik mezelf welhaast beter voelen. Tot het moment dat ik, als we eenmaal in Palm Springs zijn gearriveerd, de auto uitstap. Op dat moment voel ik me als een tegenstander van Timothy Bradley (wie kent deze bekende bokser die in Palm Springs opgroeide niet?), die een mokerslag in zijn gezicht krijgt. Maar dan van de temperatuur. Een blik op de thermometer leert me dat het 42° celsius is. En om eerlijk te zijn. Dàt is best warm.

Eigenlijk zou dat iets moeten zijn om helemaal beneden aan het avontuur te tikken, want ik ben al aan het einde van de dag belandt, op het moment dat ik net verteld heb wat we niet zijn gaan doen vandaag. De reis van San Diego naar Palm Springs vergt op zich niet zo heel veel tijd. Ruimte genoeg dus om vandaag nog een of ander park te gaan bezoeken. Maar welk? Er zijn er zoveel hier in de omgeving te vinden dat het moeilijk kiezen is. Uiteindelijk valt de keuze op Cuyamaca Rancho State Park. Eerlijk is eerlijk, ik heb die naam zelf ook al -tig keer opgezocht, en ik kan hem niet onthouden. Als het beestje maar een naam heeft nietwaar? Het park an sich is niet zo heel groot. Er lopen wat wandelingen, maar de informatie die we op internet kunnen vinden, is heel summier. We besluiten om de Azalea trail te gaan lopen, na het lezen van wat logjes op geocaching.com. Deze trail wordt genoemd als één van de mooiste routes van het park. Onderweg kunnen we ook nog wat geocaches tijdens deze wandeling van iets meer dan 10 kilometer oppikken.

Iets wat we ook lezen, is dat in het park een grote brand heeft gewoed, en dat de gevolgen, nu 10 jaar later, nog steeds goed zichtbaar zijn. We denken dat in deze periode de brandlucht wel verdwenen zal zijn, en we besluiten definitief om deze wandeling te gaan lopen. Een blik in ons programma met geocaches, leert ons dat het mogelijk is dat we drie keer een FTF kunnen scoren. Voor degenen die het niet weten, een FTF is een First To Find, oftewel degene die een geocache voor de eerste keer vindt. 12 keer is dat ons al gelukt de afgelopen 6 jaar, dus op zich is het wel bijzonder als we hier in de VS maar liefst drie keer op een dag een cache voor de eerste keer kunnen vinden.

Als we eenmaal op weg zijn, zien we de gevolgen van de brand in 2003 nog goed. Op zich maakt het wel dat het landschap eentonig is, maar waar is het dat niet als je een relatief korte route loopt? Wat wel goed zichtbaar is, is het feit dat eerst grassen zich gaan ontwikkelen, daarna de struiken en daarna pas de bomen weer. Nu, 10 jaar later, zijn de struiken zich aan het ontwikkelen. Ben toch wel benieuwd hoe het er hier over een jaartje of 10 uitziet.

Eentonig of niet, we genieten van een schitterende wandeling, die ons op het lijf lijkt te zijn geschreven. Niet te zwaar, niet te licht. Een beetje stijgen, een beetje dalen. Niks geen klauteren vandaag. Daar is het ook nog te vroeg voor. Hetgeen nu belangrijk is, is dat we kilometers in de benen krijgen. De temperatuur is met een kleine 35 graden ook niet echt verkeerd te noemen om een stukje door de bergen te wandelen. Al moet ik wel zeggen, dat ik na het wegklokken van enkele flesjes water toch wel zin krijg in een kop koffie. Marieke probeert nog tegen een boom te schoppen om te kijken of daar misschien koffie uitkomt, maar helaas. Het blijkt tevergeefse moeite te zijn.

Met iedere stap die we zetten lijkt het wel of er tientallen beesten wegschieten in het struikgewas. Op het einde van de dag hebben we honderden Bluebirds, -tig eekhoorns, hagedissen en wilde kalkoenen gezien. Evenals enkele tientallen herten.

Onderweg lukt het ons om in totaal 16 geocaches te vinden. En inderdaad ook de drie FTF’s is ons gelukt. En daar kan ik toch wel een beetje blij van worden.
Lees het verhaal
15 september 2013

Rocky was er niet

Vandaag hebben we nog een hele dag te gaan in San Diego. Nadat we gisteren de oude stad en het nieuwe centrum al bezocht hadden, stond vandaag het Balboa-park op het programma. Dit stadspark laat zich moeilijk vergelijken met ons eigen stadswandelpark, al was het alleen al omdat dit park 490 hectare groot is. Niet voor niets rijdt er een gratis park-tram die je op verschillende plaatsten in het park brengt. We hebben op het einde van de dag dankbaar van deze tram gebruik gemaakt, toen onze voetjes al weer de nodige kilometertjes getippeld hadden.

Het park biedt voor ieder wat wils, variërend van een sportmuseum, luchtvaartmuseum, een poppentheater tot een wereldpaviljoen met diverse huisjes uit alle uithoeken van de wereld. Het idee van deze huisjes was leuk, maar de afwerking ontbrak toch wel naar onze bescheiden mening. De gebouwen in het park mochten er zijn. De ene nog fraaier dan de andere.

Zoals Marieke hierboven al vermeldde, is het Balbao-park niet te vergelijken met het stadswandelpark in Eindhoven. Maar niet alleen door de grootte is het onvergelijkbaar. Ook het gebrek aan een vijver of enkele fraaie beelden maken het dat deze twee parken onvergelijkbaar zijn. Met name een vijver vond ik persoonlijk wel een gemis voor een park. Het brengt toch wat gezelligheid met zich mee in mijn ogen.

Ook het verschil in gebouwen is aanzienlijk, dit keer in het voordeel van het Balboa-park. In Eindhoven moeten we het stellen met het observatorium, hier kunnen we schitterende gebouwen bewonderen zoals het Museum of Man, Park Carrousel, House of Pacific Relations International Cottages, San Diego Hall of Champions en wellicht wel de meest bekende de San Diego Zoo.

En dan het aantal geocaches dat zich in beide parken mogelijkerwijs laat vinden. In ons eigen Eindhoven kunnen we met wat geluk maar liefst één keer een cache loggen, terwijl we in San Diego bijna 100 keer onze naam op een stukje papier zouden kunnen krabbelen.

Ondanks het gebrek aan een vijver, gaat mijn voorkeur toch uit naar het park in San Diego, al was het alleen maar om de grote variëteit die zich hier laat zien en de oppervlakte, die enorm is, van het park. Als we elkaar vertellen dat onze voetjes behoorlijk moe zijn, neemt een eekhoorn de moeite om ons uit te lachen.

Ruim 14 kilometers pad hebben we vandaag belopen in dit park. Op het einde van de dag, ging Marieke heel verstandig wat rusten, terwijl ik een 3-sterren terrein geocache ging loggen. Inderdaad de speelgoedrobot die Marieke hierboven al noemde, al heeft ze die alleen maar kunnen bewonderen aan de hand van de foto die ik ervan heb gemaakt.

Na de gratis parktram, de bus genomen naar de naar de stad, om daar verder met de tram te gaan naar Old Town. We wilden toch nog een poging wagen om een onvergetelijk Mexicaans restaurant te vinden in deze stad. Iets wat ik kan zeggen dat wel gelukt is.

Geen Sea World en geen San Diego Zoo voor ons. En ik weet bijna zeker dat we die ook niet gaan bezichtigen als we hier nog eens ooit terug mogen komen. Er is nog genoeg te zien om enkele dagen mee te vullen. En om heel eerlijk te zijn, vind ik tachtig dollar voor een dierentuin toch nét iets te té veel van het goede. O, en de titel. Ik neem aan dat iedereen weet welke Rocky wij bedoelen, en wat zijn achternaam is.
Lees het verhaal