ZaNaBoZa.... de getikte avonturen van Paul & Marieke

Alle reizen
17 september 2017

Breakfast in America

Zoals (bijna) iedere dag, hadden we ook vandaag weer ontbijt in het hotel. Of althans wat daarvoor door moet gaan, want wij, , verwende Europeanen als we zijn, zouden het thuis in een hotel de naam ontbijt vaak niet eens meegeven. Maar goed, ‘s lands wijs, ‘s lands eer zoals het zo mooi heet. We passen ons zo goed als mogelijk is aan. Zo bleek ook deze ochtend weer dat de gemiddelde Amerikaan geen ontbijtmens is. Snel een kop koffie en weg. Met een beetje geluk wordt er snel een donut meegenomen. En als men uitgebreid de tijd neemt om te ontbijten, dan is het vaak een wafel die drijft in de siroop. Alleen bij het idee al, heb ik al genoeg. Nee, ik hou het dan maar bij een paar sneetjes geroosterd brood. Met suiker, want beleg heb ik in de negen reizen door de VS nog nimmer ontdekt. Soms, heel soms, hebben we geluk en biedt het hotel een luxe ontbijt aan. We mogen dan een gekookt eitje uit de vriezer verorberen.

Na het ontbijt gaan we op pad naar Mesa Verde National Park. Een park waar we zes jaar geleden ook al twee dagen hebben doorgebracht. Voor ons heeft het park niets nieuws onder de zon te bieden, maar voor onze reisgenoten zeker wel. Jammer voor die twee dat het deze middag weer begon te regenen.


De huizen die in uitsparingen in de rotswanden zijn gebouwd, blijven indrukwekkend om te zien, zeker van een afstand. Helaas zijn er enkele wandelingen niet toegankelijk vanwege recente lawines. Maar we genieten daarom zeker niet minder.


We rijden terug naar Cortez in Colorado, om op tijd te gaan eten. Daarna gaan we door naar Monticelli in Utah. Hier is het volgende hotel en er dient weer wat kleding gewassen te worden. We gaan aan het werk, en voor we er erg hebben is het al weer laat. Tijd om naar bed te gaan. Morgen mogen we vroeg op. We hebben een redelijk druk, maar mooi programma voor de boeg. Ook dienen er weer de nodige kilometers gemaakt te worden. Inmiddels hebben we er 5431 op zitten.
Lees het verhaal
16 september 2017

Fille stupide

En daar zit je dan op je hurken. Op het midden van de weg. Drie… vier personen breed. Twee… drie rijen dik. Te wachten tot het beeld helemaal vrij is, zodat je de foto van Monument Valley kunt maken. Geduld is een schone zaak, en gelukkig zijn er ook nog mensen die opletten op het verkeer dat van de achterkant aan komt razen. Je zit te genieten, want dit is hét beeld dat iedereen heeft als hij een foto van Monument Valley ziet. Een lange, rechte weg waar op de achtergrond de beroemde bergen van Monument Valley verrijzen. Het beeld is bijna leeg, als er plotseling een of ander 20-jarig grietje bedenkt dat ze wel heel mooi is en voor de lens van iedereen op de weg springt. Als je zegt om een paar meter naar achteren te gaan, zodat ze ook in dezelfde rij staat als iedereen, kijkt ze je aan alsof ze het in Keulen hoort donderen en begint in het Frans te praten. Plotseling is mijn Frans goed genoeg om haar te vertellen dat ze hier Engels dient te praten. Gelukkig is ze er niet mee, maar ze gaat in elk geval van de weg af, en maakt op die manier een tiental mensen gelukkig. Ik ben bang dat ze zich daar niet van bewust is. Het is dan ook niet zo’n heel slim meisje.

Voor velen is het beeld van het Wilde Westen toch het beeld van Monument Valley. Het is dan ook niet meer dan logisch dat deze plek op het lijstje van te bezoeken plekken staat als je denkt maar een maal naar de Verenigde Staten te gaan. Voor ons was dit in 2006 dan ook niet meer dan logisch, en zo ook dit jaar is het een must-do. Echter, waar we in 2006 geen tijd voor hadden, hadden we vandaag ruimschoots de tijd voor. Een ritje door dit beroemde gebied. Een rit over een onverharde weg van 43 kilometer. Vele fraaie uitzichtpunten zien we deze ochtend en we genieten volop met zijn vieren.


Hierna maken we een korte stop bij de bekende rotsformatie Mexican Hat, alvorens we doorrijden naar Goose Neck State Park. Hier genieten we van het uitzicht over een dubbele 180 graden bocht. Qua kleur niet zo fraai als Horseshoe Bend, maar zeker niet minder spectaculair, en nog moeilijker om op de gevoelige kaart vast te leggen.


We maken een rit over een onverharde, steile weg naar een uitzichtpunt op de Moki Dugway. Niet iedereen in onze auto vindt de rit naar boven fraai, maar eenmaal boven is het wel genieten van het uitzicht over de vallei.


We keren om, en gaan weer naar beneden. De volgende onverharde weg van 27 kilometer leidt ons door Valley of the Gods, waar we ook vele fraaie rotsformaties kunnen bewonderen.


Flink door elkaar geschud, maken we een korte stop in Bluff om iets te drinken. Iets wat we normaal gesproken niet doen, maar na een dagje stofhappen en door elkaar geschud worden, hebben we dit wellicht toch wel verdiend.


Na de korte pauze gaan we door naar de laatste stop van vandaag. Het Four Corners Monument. Een bijzondere plek, aangezien hier vier staten bij elkaar komen. Nergens anders in de VS is dat het geval. Na de benodigde foto’s te hebben gemaakt, gaan we voldaan op weg naar ons hotel in de staat Colorado.
Lees het verhaal
15 september 2017

The easy way in

Voor vandaag hadden we een ‘druk’ programma. Na het ontbijt, togen we op weg naar de Navajo Officer om een vergunning te kopen zodat we een wandeling door Waterholes Canyon zouden mogen maken. Het gebouw dat op het adres stond was, zoals eigenlijk wel typisch is voor indianen, niet het juiste. Althans dat stond op de deur vermeld. Wonder boven wonder hadden ze een meter verderop wel een kaartje opgehangen waar het juiste gebouw zich wel bevond. Na het betalen van de $48 waren we in het bezit van de door ons felbegeerde wandelvergunning. We kregen een summiere kaart mee en enkele vage instructies over hoe we bij ‘the easy way in‘ zouden kunnen komen.


Dolgelukkig liepen we terug naar de auto. Als eerste passeerden we de parkeerplaats voor de Horseshoe Bend. We zagen dat het nog niet zo druk was in vergelijking met gisterenmiddag. We besloten om het programma aan te passen en als eerste dit natuurwonder te gaan bekijken. Na een korte en redelijk stevige wandeling stonden we dan aan het randje. Nu heb ik niet zo heel snel hoogtevrees, maar dit was toch wel heel erg hoog en steil naar beneden.


Op veilige afstand van de rand zag ik niets. Ik besluit op mijn buik te gaan liggen en mijn camera over de rand te houden. Jammer genoeg wierp de zon een forse schaduw over de binnenkant van de bocht, maar dat maakte het allemaal niet minder fraai.


Uiteindelijk op naar Waterholes Canyon. We parkeerden de auto en togen op weg. Op zoek naar ‘the easy way in’. Na bijna een kilometer gelopen te hebben, dachten we deze te hebben gevonden, maar dat klopte niet helemaal. Plotseling zagen we mensen in de canyon onder ons lopen. Ze vertelden ons de plek waar ‘the easy way in‘ zou moeten zijn. Meteen vertelden ze erbij dat deze ‘easy way in‘ ook niet zo easy was, maar wellicht beter te doen dan de plek waar wij waren. Op onze vraag of deze ‘easy way in‘ ook goed te doen was voor twee mensen van 67 & 70 moesten zij ons helaas een teleurstellend antwoord geven.


Op de terugweg richting het begin van ‘the easy way in‘ roep ik plotseling ‘slang‘ naar Marieke. Deze was niet zo heel erg groot, maar deed me toch behoorlijk schrikken. Het beestje schrok ook behoorlijk van ons. Gelukkig beschikken we dan allebei over een behoorlijke telelens, zodat we onze eerste ontmoeting met een ratelslang vanaf een veilige afstand op de gevoelige kaart konden vastleggen.


Uiteindelijk vinden we ‘the easy way in‘. Jack & Elly besluiten heel wijselijk om niet mee te gaan. Ik ben ervan overtuigd dat ik op mijn zeventigste dit pad ook niet meer zal afdalen. Als we eenmaal beneden zijn genieten we volop van een wandeling door een slotcanyon. Deze is misschien nog wel fraaier als het zo geroemde Antelope Canyon. Vooral ook omdat je hier in alle rust rond kunt wandelen en niet opgejaagd wordt door gidsen. We kunnen alleen maar hopen dat dit in de toekomst zo zal blijven. Zeker een plekje om ooit nog eens terug te komen. We wandelen terug en vinden al snel ‘the easy way out“.


Als laatste gaan we naar Marble Canyon. We rijden met de auto langs de Colorado rivier. Hier begint de Grand Canyon die door deze rivier is gevormd. We maken een korte wandeling langs de rivier. Voor we er erg in hebben is de dag alweer voorbij en kunnen we wederom terugkijken op een schitterende dag.
Lees het verhaal
14 september 2017

Klikspaan

Vijf dagen geleden reden we door Death Valley National Park richting Nevada. Net over de staatsgrens gingen we op zoek naar een cache. In die cache vonden we een CD van Ray Wylie Hubbard getiteld Snake Farm. Nog nooit van gehoord? Shame on you. Wij ook niet. Maar zoals gewoonlijk nemen we een CD mee, om die in de auto te luisteren. Zo ook bij deze. De eerste noten klinken door de auto en onmiddellijk worden we allevier gegrepen door het titelnummer van deze CD. Het klinkt als het origineel waar JW Roy, Björn van der Doelen en Ad van Meurs hun inspiratie vandaan hebben gehaald. Kortom, een mix van Americana, Blues, Folk en Country. Voor ons genieten en al snel zingen we het refrein van dit nummer mee. “Snake Farm. Snake Farm.” We luisteren de CD twee keer en leggen hem in het handschoenenkastje. We vinden de CD te goed om deze al weer snel in een volgende cache achter te laten. Op internet leren we dat deze artiest inmiddels de grens van 70 is gepasseerd en dat het populairste nummer van hem op Spotify, Snake Farm is.

Vijf dagen zijn inmiddels gepasseerd, en de CD is niet meer afgespeeld, als we deze ochtend afreizen naar Grand Canyon NP. De afstand die we naar het park dienen te overbruggen is behoorlijk. Juist voordat we de grenzen van Grand Canyon National Park binnen rijden, denk ik weer aan de CD en Marieke haalt deze tevoorschijn. De muziek begint weer te klinken door de auto. Juist als we het refrein mee willen gaan zingen, begint Jack aan zijn eigen, Nederlandstalige, versie van het nummer Snake Farm. “Klikspaan. Klikspaan.” klinkt er op de maat van de muziek door de auto. De CD zal nog wel vaker afgespeeld worden, maar telkens zal in mijn hoofd deze Nederlandstalige versie klinken.

We gaan naar het bezoekerscentrum en beginnen aan de eerste wandeling. Onze verwachtingen zijn laaggespannen, aangezien we niet erg onder de indruk waren van de Grand Canyon toen we deze in 2006 voor de eerste keer bezochten. We maken de ‘verplichte’ foto’s en dan plotseling gebeurt het. We worden gegrepen door de Grand Canyon en zijn grootsheid. Het gevoel van WOW! is er plotseling en we genieten volop. De foto’s die we maken voelen niet meer als verplicht.

Na de eerste wandeling gaan we op weg naar de volgende wandeling. Deze hebben we lange tijd geleden al uitgezocht en leek ons zeer leuk om te doen. Als we na bijna een uur rijden bij het startpunt arriveren, is het weer omgeslagen. Het regent, onweert en waait dat het een lieve lust is. De geplande picknick met uitzicht wordt een boterham in de auto, en we besluiten om de wandeling niet te gaan doen. Te gevaarlijk over de smalle paden met de harde wind en de onweer. Zelfs wij worden nog wel eens verstandig.

We rijden richting het volgende punt dat we willen gaan bekijken. Een kleine twee uur rijden buiten het park. Onderweg zien we langs de kant van de weg sneeuw liggen. Eergisteren liepen we nog te puffen bij 35 graden, nu is het rond het vriespunt.

De volgende stop is bij Cliff Dwellers. Hier bewonderen we enkele oude rotswoningen. We lopen inmiddels weer in een heerlijk zonnetje bij een mooie blauwe lucht. We rijden verder via de Navajo Bridge naar ons hotel. Onderweg wisselen we verschillende keren van tijdszone. Het hotel ligt bijna precies op de grens van twee tijdzones. Inmiddels hebben we geen idee meer hoe laat het nu eigenlijk is. Ach wat maakt het ook uit. We hebben immers de tijd aan onszelf. En wee degene die de juiste tijd aan ons vertelt. Wees gewaarschuwd, anders sturen we gewoon de Nederlandstalige Ray Wylie Hubbard op je af. “Klikspaan. Klikspaan.”
Lees het verhaal
13 september 2017

No, you did not

Deze ochtend was het echt uitslapen. Althans voor Jack en Elly dan. Ze hoefden zich pas om kwart voor negen bij de auto te melden. Wij niet, wij wilden eerst nog heel Panguitch leegcachen. Niet dat dat een hele grote uitdaging was, aangezien er slechts drie geocaches die actief zijn in het plaatsje liggen. Daarna gingen we op weg naar Bryce Canyon NP.

Het plaatsje Panguitch ligt op slechts 35 minuten rijden van het park vandaan. We zijn er dus bijtijds. Bryce Canyon is niet echt een geweldig park als je niet van een paar hele pittige wandelingen houdt. Natuurlijk is het genieten van ieder uitzichtpunt dat er is, maar die heb je op zich al snel gezien. We genieten van een korte, maar daarom niet minder fraaie, wandeling en bezoeken verschillende uitzichtpunten. Op het einde genieten we van een welverdiende picknick en daarna gaan we weer op pad.

Voor zover Jack en Elly het weten gaan we op weg naar het hotel. Een behoorlijke rit. Maar zoals gezegd, voor zover zij het weten. Gisterenavond hebben we nog een ander park om te bezoeken uitgezocht. Cedar Breaks National Monument. Net zoals Bryce Canyon NP is dit park niet geschikt om te wandelen, maar biedt het slechts enkele uitzichtpunten. Waar Bryce Canyon er enkele tientallen te bieden heeft, heeft Cedar Breaks NM er slechts drie in de aanbieding. Gelukkig hebben we een Nationale Parkpas, want anders was dit park met zijn entreeprijs van $6 per persoon per dag toch echt te hoog geprijsd. In vergelijking, in Bryce Canyon NP betaal je $30 entree voor een auto met daarin maximaal 7 personen voor een hele week. Het uitzichtpunt is wel zeer fraai, en we genieten dan ook volop van deze, voor Jack en Elly, bonus.

Als we zijn ingecheckt bij het hotel, gaan we eten bij het lokale Mexicaanse restaurant. We bestellen, en als het eten wordt uitgeserveerd, krijgen Jack en ik het verkeerde gerecht. We krijgen een grote burrito met kip terwijl we twee kleine burrito’s met varken en rund hebben besteld. Als we dit melden bij de serveerster zegt ze dat ze toch echt aan ons gevraagd heeft of we kip wilden. Aangezien ik niet van kip houd, ben ik er zo goed als zeker van dat dit niet juist is. We twijfelen of we het gerecht willen houden, maar besluiten dan, dat we toch echt liever het gerecht hebben dat we hebben besteld. Als de serveerster nogmaals zegt dat ze toch echt gevraagd heeft of we de kip wilden, moet ik meteen aan Rob denken. Ik zie hem naast ons zitten, en hoor hem op een belerende en uitgesproken wijze zeggen: “No, you did not.”
Lees het verhaal
12 september 2017

Zion op zijn breedst

Een echte Nederlander heeft altijd wat te zeiken. Nu weet ik niet of ik een echte Nederlander ben, maar ik kan eigenlijk net zo goed gelijk met de deur in huis vallen. Zion National Park heeft een groot nadeel. Het is smal. Zo smal, dat je eigenlijk automatisch de neiging hebt om je camera 90 graden te draaien. Ja en? zullen de meesten nu denken. Wat maakt dat nu uit. Helemaal niets, maar de opbouw van onze site is nu eenmaal zo, dat aan de bovenzijde van elk getikt avontuur een horizontale foto wordt geplaatst.

Soit, over tot de orde van de dag. Zion National Park, na alle nadelen opgenoemd te hebben, kunnen we nog steeds niet genoeg krijgen van dit park. In onze ogen is het, het op een na mooiste National Park van de Verenigde Staten (Yellowstone NP staat onbetwist op 1). Mijn bucketlist is niet zo heel erg lang, maar twee wandelingen op dat korte lijstje liggen in dit park. Geen van beide stond voor vandaag op het programma. Dit omdat we met zijn vieren op vakantie zijn, en we graag gezamenlijk de dag doorbrengen. Zo nu en dan een korte wandeling afzonderlijk doen kan natuurlijk altijd, maar om nu een wandeling van een halve dag met zijn tweeën te doen, terwijl Jack en Elly ergens op een bankje zitten te wachten zien we eerlijk gezegd niet zo zitten. Geen probleem, want zoals gezegd, dit park is een schitterend park en er zijn voldoende andere mogelijkheden om te genieten van al dat fraais.


De ochtend weer op tijd vertrokken bij het hotel. Want behalve het feit dat we drie uur dienden te rijden, passeerden we ook nog eens een tijdzone, waardoor we een additioneel uur verloren. Op de klok zou de heenreis dus vier uur in beslag nemen, wat de tijd die we in het park door kunnen brengen natuurlijk behoorlijk beperkt. Na een parkeerplaats te hebben gevonden bij het bezoekerscentrum nemen we de bus naar de eerste stop. Een korte wandeling met een fraai uitzicht over drie bergtoppen.


Hierna gaan we genieten van een lunch met uitzicht voordat we aan een andere wandeling beginnen. De wandeling brengt ons schitterende uitzichten over deze smalle canyon en we worden getrakteerd op een waterval die als een douche van een rotswand heen naar beneden klettert.


Als laatste doen we nog een fraaie wandeling naast de rivier die deze canyon heeft gevormd. Deze ochtend vertelden we nog aan Jack en Elly dat we nergens zo veel slangen hebben gezien als in Zion. Tijdens deze wandeling worden we getrakteerd op twee van deze glibberige vriendjes.
Lees het verhaal
11 september 2017

Get your fish at Route 66

Het gebeurd niet zo heel vaak als we op reis zijn. Uitslapen. Vandaag mocht het dan toch een keertje, al zullen de meesten het naar alle waarschijnlijkheid nog steeds vroeg vinden om op te staan. Maar voor ons is het dus gewoon uitslapen. Om zeven uur ging de wekker. Niet dat die nodig was, want ik was er op dat moment al ruim een uur uit de veren. Het avontuurtje van gisteren diende immers nog getikt te worden.

Nee, degenen die echt uit mochten slapen waren onze reisgenoten. Pas om half negen dienden zij zich te melden voor het ontbijt. De planning voor vandaag was niet zo heel spannend. De was diende te drogen, maar daar had al het stof onze hulp niet bij nodig. Wij hadden als het ware dus vrijaf. Het leek ons wel leuk om een oud spookstadje te gaan bezoeken en een stukje van de oude Route 66 te gaan rijden.

Als eerste stop vandaag stond Nelson Ghosttown op de planning. Ook hier geldt dat spookstad eigenlijk een te groot woord is. Het is een bonte verzameling van oude dingen die in de buurt van elkaar zijn neergeflikkerd. Her en der staan er nog oude verroeste auto’s tussen, en dat is het dan. En toch genieten we hier ten volle van.


De weg wordt vervolgd, en we rijden een stukje van de oude Route 66. Een groot misverstand dat er is, is het feit dat veel mensen zeggen dat ze Route 66 gaan rijden. Maar vandaag de dag, kan dat helemaal niet meer omdat Route 66 in 1985 is opgeheven. Veel oude gedeeltes van de weg zijn echter nog wel gewoon met de auto te rijden, alleen hebben de wegen andere namen. We arriveren in het dorpje Oatman. Ook daar genieten we, al is het alleen maar om het feit dat hier schattige ezeltje los op straat rondlopen.


We rijden verder, en plotseling zien we een schitterende vergezicht. We kijken snel voor een geschikte plek om te stoppen en maken de nodige foto’s. Ook hier is het weer volop genieten.


Het zal niemand verbazen dat hier ook een geocache ligt. Deze ligt wat hoger, en ik klauter naar boven. Ik kan het bakje tupperware echter niet ontdekken. Plotseling zie ik een waterbekken. Als ik goed kijk zie ik allemaal visjes wegschieten. Een nadere inspectie doet mijn mond van verbazing opengaan. Ik knipper een keer met mijn ogen. Schud een keer mijn hoofd. Knijp in mijn arm. Schud nog een keer met mijn hoofd, en net als ik ergens anders in wil knijpen, weet ik honderd procent zeker dat ik goed wakker ben. Ik zie goudvissen zwemmen midden in de woestijn! Het moet niet gekker worden.
Lees het verhaal
10 september 2017

Valley of Fire State Park

Vandaag verlaten we Californië en rijden we de volgende staat binnen. Nevada, de staat van verderf. Als je een klein beetje bekend bent met deze staat, weet dat de volgende bestemming waarschijnlijk Las Vegas zal zijn. Iemand die ons een klein beetje kent, weet ook dat we daar niet heen zullen gaan om te gokken. Degenen die dat wel hadden gedacht. Sorry, verkeerd gegokt,

Eerste stop van vandaag is Valley of Fire. Een ‘klein’ park, waar we al eerder over hebben gelezen, maar nog nooit zijn geweest. Aangezien het vandaag ook tijd is om te wassen, hebben we niet zo heel veel tijd in dit park. De vier uurtjes die we hebben, genieten we dan ook volop, en het is zeker de moeite waard om hier nog eens een keer terug heen te gaan.


Daarna is het tijd om de kleren te wassen. Na dit karweitje te hebben gedaan en het diner te hebben verorberd gaan we naar The Strip. We zijn hier nu al twee keer eerder geweest, maar al die casino’s blijven een bijzonder gezicht om te zin. Rond de klok van enen zijn we weer terug in het hotel. Tijd om te gaan slapen zoals men begrijpt.
Lees het verhaal
9 september 2017

Death Valley National Park

“Hello Sir! Is this your first visit to Death Valley? No? Well, then you just know that today it’s nice and cool weather here! Just nice and cool…” Nu ben ik ervan overtuigd dat niemand thuis het met de jongeman eens zal zijn, als ik vertel dat het 39°C was vandaag. En toch heeft de jongeman helemaal gelijk. Toen we hier in 2006 voor het eerst waren, was de temperatuur 48°C. Een paar jaar later, was het iets meer dan 45°C. Dus het was in vergelijking met de vorige bezoeken inderdaad: “Just nice and cool…”


Death Valley National Park dus. Een van de warmste plekken op deze aardbol, en wij, die erom bekend staan dat we liever bij een graadje of twintig gaan wandelen, gaan deze plek voor een derde keer bezoeken. Nu moet ik zeggen, dat 39°C nog steeds gewoon ontzettend warm is, maar dit park blijft een bijzondere plek om te vertoeven.

Toen we net het park ingereden waren deze ochtend, werden er enkele coyote’s gespot. Deze hebben we tijdens onze reizen door de VS nog nimmer gezien, dus we hadden geluk. Of we dat geluk hebben te danken aan het feit dat Jack en Elly ons vergezellen? Ik weet het niet. Feit is dat we deze reis ook al een bultrug hebben gezien. Als het aan die twee ligt, dan kan ik helemaal niet wachten tot het moment dat we in Yellowstone zijn.


Als we door de bergen zijn, beginnen we aan de afdaling naar een van de laagste plaatsen op aarde. Bad Water. Onderweg stoppen we hier en daar. De eerste stop is bij de Sand Dunes. Hier zijn wij nog niet eerder geweest en we genieten volop van het fraaie plaatje dat we hier zien.


Daarna volgen het bezoekerscentrum, waar we de hierboven genoemde jongeman aan de praat raken als we aan de kassa bij het bezoekerscentrum staan, Devils Golfcourse en Bad Water. Ondanks dat het warm is, genieten we volop.


We rijden verder via Artists Drive naar de uitgang van het park. Het volgende doel is Rhyolite. Een klein spookstadje op de grens van Caliornië en Nevada. In 2006 hebben we dit spookstadje bezocht, en hebben we genoten. We hebben destijds genoten en hebben er toen ruim een uur rondgestruind zonder iemand te hebben gezien. Helaas heeft ook hier de commercie toegeslagen, en er is inmiddels een gift-shop. Er staan picknicktafels en er zijn toiletten. Vandaag vond er zelfs een heuse fotoshoot plaats. Veel is nu ge-egaliseert en wegen zijn geasfalteerd. Dit heeft veel van de charme weggenomen, maar ik denk dat Jack en Elly wel hebben kunnen proeven van een spookstadje.


De laatste stop van vandaag was bij een voormalige locatie waar destijds dames van lichte zeden aan het werk waren. Bij de ingang ligt het wrak van een vliegtuig. Het verhaal gaat dat het vliegtuig neerstortte toen hij laag overvloog om naar de dames te kijken. Of het verhaal nu waar is of niet, maakt niet zo veel uit. Het blijft een bijzonder plekje. Om met de woorden van de jongeman te spreken: “Just nice and cool…”
Lees het verhaal
8 september 2017

Boomknuffelen

Toen we gisterenavond laat de planning voor vandaag aan het controleren waren, viel het oog van Marieke op een klein stukje tekst op de website van de National Park Service. Het was niet meer dan de melding ‘Road Closure‘ en tevens de laatste melding in een rijtje met belangrijke meldingen. De eerste waarschuwde je voor het feit dat je kunt verdrinken als je gaat zwemmen in een rivier. De twee melding vertelde je dat het ten alle tijde verboden was om vuurwerk in het park af te steken. Beide meer dan logisch en niet perse noodzakelijk om zoiets bij belangrijke zaken te vermelden. De derde melding was echter interessanter. Er werd melding gemaakt dat tussen de ingang van het Sequoia National Park en het gedeelte dat wij wilden gaan bekijken een stuk weg van 2 mijl was afgesloten. Men diende van zaterdag tot en met donderdag rekening te houden met vertragingen van 20 tot 30 minuten. O ja, op vrijdag was de weg compleet afgesloten. Laat vrijdag nu net de dag zijn dat we het park willen gaan bezoeken. We gaan op onderzoek uit, en ontdekken dat we het park ook via een andere ingang kunnen bereiken. Het is een omweg van minimaal 90 minuten. Enkele reis welteverstaan.

In onze planning hadden we rekening gehouden met een aanrijtijd naar het park van ongeveer 60 minuten. Twee uur in totaal dus. Dat werden nu vijf uurtjes. Daarna nog een uur rijden naar een restaurant om vervolgens nog eens twee uur te rijden naar ons hotel. Vandaag zou dus plotseling een dag worden, waarop behoorlijk wat gereden diende te worden.

Omdat Sequoia NP heel hoog op het wensenlijstje, of bucket list zoals dat vandaag de dag zo mooi heet, staat, was er geen twijfel over om een alternatief voor vandaag te zoeken. Een nieuwe planning werd gemaakt, en we hoopten dat we voldoende tijd zouden hebben om alles te kunnen doen.

Ondanks dat het een rit van ruim twee-en-een-half uur was, verliep de heenreis zeer vlot, en waren we bij het park voordat we er erg in hadden. We parkeren de auto en wandelen richting Generaal Sherman. Oftewel de meest volumineuze boom ter wereld. 1487m³ maar liefst. Daar kan iemand heel wat winters zijn kachel van stoken. Hoewel we hier in 2010 ook al waren, zijn we toch weer onder de indruk van deze gigantische bomen.


De volgende stop is Moro Rock. Ook hier waren we in 2010. Toen regende het, waaide het stevig en was er de dreiging van onweer. We hebben deze monoliet destijds beklommen en op de top waren we toen alleen. Vandaag scheen het zonnetje, en waren er wat meer mensen. De klim via 350 traptreden leidt je naar de top van een granieten monoliet waarvandaan je een prachtig uitzicht hebt. Terwijl Elly beneden op ons bleef wachten, vergezelde Jack ons naar de top.


Voldaan keren we weer terug bij de auto en gaan we naar Tunnel Log. Een omgevallen Sequoia, waar men een gat in heeft gemaakt waar je met de auto doorheen kunt rijden. Dat laatste hebben we in 2010 niet gedaan, maar vandaag stonden we keurig in de rij om ook met onze auto door deze boom heen te rijden.


Na nog een wandeling door het Giant Forrest en het versneld in de praktijk brengen van de cursus boomknuffelen, was het al weer tijd om terug te rijden via Kings Canyon NP. Twee korte stops leiden ons het park uit, en we konden de reis naar het restaurant aanvaarden.


Als we ‘s avonds iets voor de klok van tienen inchecken in ons hotel, kunnen we terugkijken op een geslaagde dag.
Lees het verhaal
7 september 2017

Een ansicht en herinneringen

Wie kent hem niet? De slager J. van der Ven. Inderdaad die slagerij uit dat sombere liedje dat gaat over het tuinpad van mijn vader en dat begint met een regel over een ansichtkaart die ik thuis nog heb. Het laatste couplet sluit af met de uiterst trieste regel: “dit is al wat er bleef voor mij: een ansicht en herinneringen.”

Eigenlijk zou het helemaal niet triest mogen zijn, maar uitermate vrolijk. Want is dat waar die regel over handelt niet precies hetgeen we allemaal eigenlijk het liefste doen? Het verzamelen van mooie herinneringen! En dat is precies wat we vandaag gedaan hebben. Niet om op te scheppen, maar we hebben vandaag weer vele fraaie ansichten mogen aanschouwen met onze eigen oogjes.

Gisteren werden we minder aangenaam verrast in Yosemite NP door de aanwezige rook. We hoopten dat deze vandaag minder aanwezig zou zijn en dat we iets meer zouden kunnen zien. Als eerste reden we naar Glacier Point. Een uitzichtpunt op 2200 meter hoogte over Yosemite Valley. Hier was nog behoorlijk wat rook aanwezig, maar stukken minder dan gisteren. Genoten van het uitzicht, en we kunnen ons voorstellen dat het nog meer genieten is, als het zicht helder is.


Vervolgens door naar Tunnel View. Een lager gelegen uitzichtpunt. Gisteren zagen we hier nagenoeg niets, maar vandaag was het nagenoeg helder. Het beeld dat onze ogen mochten aanschouwen zou op geen enkele postkaart misstaan.


Daarna nog een wandeling gemaakt door de vallei, waar we konden genieten van alle hoogtepunten van het park. De Yosemite Falls, El Captain en Half Dome.


Als laatste nog een leuk uitzicht over een riviertje. De ansicht die zich hier ontwikkelde was de spreekwoordelijke kers op de taart.


Het park wordt verlaten en tijdens de rit naar het volgende hotel blijft het refrein uit dat andere liedje over ansichtkaarten door mijn hoofd rondzingen: “Van de wereld weet ik niets. Niets dan wat ik hoor en zie.”

Liefs uit… de VS
Lees het verhaal
6 september 2017

Onoverzichtelijk

Dat de afstanden in Amerika iets groter zijn dan wij gewend zijn, is algemeen bekend. Voor vandaag stond een bezoek aan Yosemite NP op het programma. Van ons hotel naar de ingang van het park was het bijna twee uur rijden, wat automatisch betekend dat je ook weer twee uur terug dient te rijden van het park naar het hotel. Een logisch gevolg is dan dat de wekker gewoon ‘s ochtends om kwart voor zes afgaat. Op het gemak douchen en ontbijten, om vervolgens fris en met een gevulde maag om zeven uur in de auto te zitten.

Eerste doel van de dag is Starbucks. We gaan naar binnen en ik bestel vier cappuccino van het formaat Tall. Mevrouw aan de kassa begint te tikken op het touchscreen van de kassa, en op het display wat voor mij zichtbaar is, vliegen de bedragen voorbij. Eindtotaal $9-en-nog-wat. Ik vind het goedkoop, aangezien het normaal toch een paar dollar duurder is, maar niets bevreemd mij nog in dit land. Zal wel weer een of andere ‘Happy Wednesday’ actie of iets dergelijks zijn. Ik hou dat allemaal niet bij en heb er dan ook geen zicht op. Terwijl ik met mijn creditcard in de aanslag sta, draait mevrouw zich met één van onze bekers in haar hand om, en begint er koffie in te tappen. Koffie die bijna net zo zwart is als haar huidskleur. Ik zeg dat we geen koffie maar cappuccino hebben besteld. Ze begint weer te tikken, en nu komt er een bedrag op het display wat mij logischer lijkt. Ik ga weer met mijn creditcard in de weer, en ze vraagt ice-cappuccino? Ik zeg haar dat we gewone cappuccino wensen. Ze begint verwoed te schrijven en weer op de kassa te tikken. Ik heb er alle vertrouwen in dat het allemaal goedkomt als ze de vier bekers doorschuift naar haar collega. Ze vraagt of ik de kassabon wil, maar denk dat ik bij het aanschouwen van het stuk papier door de bomen het bos niet meer kan zien, én dat de bon van een dusdanige lengte is, dat er haast een boom voor nodig moet zijn. Mijnheer gaat aan de slag met zijn vier ontvangen bekers, en terwijl wij wat staan te keuvelen, wordt er plotseling een lading ijs in de eerste van vier bekers gedeponeerd. Ijs-cappuccino… We zeggen dat we gewone cappuccino hebben besteld. Mijnheer vraagt warm? Ik bedenk me dat dat toch logisch is voor een gewone cappuccino of het moet zijn dat Italië de afgelopen 24 uur afgezakt is naar de Zuidpool, maar zeg gewoon netjes “Ja, inderdaad. Warm.”

We arriveren in Yosemite NP, en terwijl we naar Bridal Veil Falls rijden, maken we hier en daar een stop. Het valt ons op dat er een laag mist overal in het park hangt. Als we de eerste keer stoppen en uitstappen weten we dat de mist, rook is. Jammer maar helaas heet het dan. De rook ontneemt het zicht op de enorme bergen. Marieke en ik zijn al twee keer eerder in dit park geweest, en hebben toen zo goed als alle hoogtepunten gezien. We gaan verder naar het bezoekerscentrum om wat informatie in te winnen. Volgende stop is de Yosemite Falls. Beide keren dat we hier eerder waren, waren deze watervallen opgedroogd, zoals wel vaker het geval is later in het jaar. Maar vandaag hadden we geluk. Het water stroomt weldadig over de rand heen, en bereikt de grond die 739 meter lager de grond. We genieten en vervolgen onze weg.

We willen naar het uitzichtpunt Glacier Point. Hoewel dat hemelsbreed slechts 2 kilometer is, is de rit over de weg 51 kilometer lang. We besluiten om op de weg erheen te stoppen bij een ander uitzichtpunt, genaamd Tunnel View. Als we gestopt zijn, ontdekken we dat het uitzicht adembenemend is. Niet omdat het zo mooi is, maar door het feit, dat door alle rook niets te zien is. Weer een gevalletje van jammer maar helaas.

Flexibel als we zijn, besluiten we iets anders te gaan doen, en we komen uit bij een korte wandeling door Tuolumne Grove, waar Sequoia’s te zien zijn. Aan het begin van de wandeling besluiten Elly & Jack om om te keren, aangezien Elly het vermoeden heeft dat deze wandeling voor haar toch aan de pittige kant is. We gaan met zijn tweeën verder en wandelen ruim vier kilometer over een behoorlijk steil pad langs verschillende van deze gigantische bomen. Uit een boom is een stuk gehouwen, zodat men er doorheen kan lopen. De grootte van het gat, is dusdanig dat men er in vroeger tijden wellicht doorheen kon rijden, maar de weg is vandaag de dag verboden terrein voor auto’s.
Lees het verhaal
5 september 2017

Mr. Jack

Na afgelopen zaterdag de auto bij het hotel geparkeerd te hebben, was het vandaag tijd om deze te starten en echt te beginnen met onze rondreis. De eerste dagen gebruiken we altijd om een beetje te acclimatiseren. Normaal gesproken zouden wij zelf gisteren al de stad achter ons hebben gelaten, maar aangezien we vergezeld worden door Jack & Elly, dienen we ook met hen rekening te houden. En om San Francisco nu in een dag te bezichtigen is zelfs voor ons teveel. Maar in twee dagen is het prima gelukt.

Deze dag is een bijzondere dag, want Jack wordt 70 jaar. Bij het ontbijt op laag volume uit volle borst gezongen, en daar het cadeau gegeven. Na het ontbijt verlaten we San Francisco via de Golden Gate Bridge, en gaan we op weg naar Vacaville om te gaan winkelen voor kleding. Wat kan een man zich nu nog meer wensen op zijn verjaardag? Na de korte stop, waarbij de kledingkast weer een beetje werd aangevuld, reden we door naar Sacramento. Eerst wandelen door het oude Sacramento en daarna door naar de kathedraal en het State Capitol.


Al snel werd het tijd om verder te gaan, want er diende vandaag toch een redelijke afstand overbrugd te worden. Bij het avondeten wachtte Jack de volgende verrassing. Na genoten te hebben van het hoofdgerecht, kwam een select gezelschap van het personeel zingend aangewandeld met een dessert. Afgelopen zondag is hij ook al zo verrast door Rob & Tracy tijdens het diner. Toen werd hij al overvallen, maar ook vandaag had hij het totaal niet verwacht.



Na het avondeten dienen we nog ruim 120 kilometer te rijden. Bij het hotel aangekomen, blijkt onze reservering in het systeem niet bekend te zijn. Gelukkig voor ons, zijn er nog twee kamers vrij, en die kunnen we ook huren voor de prijs die booking.com ons heeft aangeboden. Morgen weer bijtijds opstaan om te gaan genieten van het eerste Nationale Park van deze reis.
Lees het verhaal
4 september 2017

Als een maagd

Het blijft in mijn ogen een vreemd fenomeen. De dag van de arbeid. Bij ons valt die op 1 mei, in de Verenigde Staten is deze dag op de eerste maandag van september. Volgens mij is Nederland zo ongeveer het enige land dat de dag van de arbeid niet viert. In Nederland doet men op die dag precies wat de naam aangeeft, namelijk gewoon werken. In de VS is het tegenovergestelde waar. Gewerkt wordt er niet zo veel. Bedrijven die doorgaans op zondag geopend zijn, zijn op deze dag gesloten of zijn later open dan gebruikelijk is op een zondag. Zo ook de Subway waar wij deze ochtend om acht uur wilden gaan ontbijten. Helaas voor ons, pas geopend vanaf 9 uur. Jammer, want we hadden een behoorlijk druk programma vandaag.

Flexibel als we zijn, passen we de dagplanning voor de deur van de Subway aan. Als eerste gaan we naar Lombard Street, het bochtigste straatje ter wereld.


Als we daar de nodige foto’s hebben gemaakt, gaan we op zoek naar een andere ontbijtlocatie. Al snel vinden we deze, en aangezien het net 9 uur is, kunnen we ook voor ontbijt terecht. Na het ontbijt en een korte discussie over een foutieve rekening nemen we de bus richting de beroemde Golden Gate brug. We maken de nodige foto’s, en als we op de brug staan na een korte wandeling spotten we plotseling een bultrug. Ook hier worden de nodige foto’s van gemaakt.


We vervolgen onze weg naar het Palace of Fine Arts en genieten van dit fraaie gebouw. Volgende is het Cable Car Museum, waarna we onze weg vervolgen naar Saint Mary’s Cathedral via China Town. Bij de kathedraal gearriveerd blijkt dat ook Jezus meedoet aan de dag van de arbeid aangezien de kathedraal vandaag is gesloten. We gaan op pad voor het diner. Na het eten hebben we een korte discussie over de rekening. Waar het deze ochtend over $1 ging, werd ons nu ruim $30 teveel aangerekend.

We wandelen nog even naar Pier 39 om de zeeleeuwen nog een keer te bewonderen, waarna we de bus terugnemen naar het hotel. We willen niet al te laat terug zijn, want hier heeft de welvaart de laatste jaren goed toegeslagen. We bezoeken San Francisco nu voor de 5e keer. De 1e keer zagen we behoorlijk wat zwervers, maar hadden er geen last van. Telkens als we de stad enkele jaren later opnieuw bezochten, werd het aantal zwervers groter, en hadden we er iets meer last van. Nu is het aantal zwervers aanzienlijk te noemen, en gaan we niet met een gerust hart ‘s avonds het hotel uit. Dit doen we dan ook maar niet.


Terwijl ik dit stukje zit te tikken, hoor ik plotseling harde muziek in de kamer. De balkondeur staat open, aangezien we geen airco op de kamer hebben. Ik werp een blik naar buiten en zie twee zwarte mannen met een steekwagen met daarop een luidspreker en een accu gemonteerd. Ik schat de luidspreker minimaal 1.20 meter hoog en het beroemde jaren 80 nummer, Push it van Salt N Pepa schalt over de straat. De mannen staan op de stoep te dansen. Korte tijd later stopt een politiewagen, en de muziek wordt zachtjes gezet. Als de politiewagen bijna de bocht om is, beginnen de mannen weer te dansen en wordt het volume weer opengedraaid. Dit is een glimp van het oude San Francisco dat ik te zien krijg. De stad die relaxed is, en waar alles kan. Ondanks alle daklozen en het beklemmende gevoel dat ze me geven, kijk ik door dit momentje toch stiekem weer uit naar een volgend bezoek aan deze stad. Ik glimlach als ik de mannen zie staan te dansen op de tonen van Like a Virgin van Madonna en ga weer zitten op mijn stoel. Verder tikken aan het avontuur van deze dag…..
Lees het verhaal
3 september 2017

The Rock and a Hard Place

De derde dag op reis alweer, en een dag waar we ontzettend naar uitkeken. Althans Marieke en ik dan. Of Jack en Elly er naar uit keken weet ik niet. Naar het laatste gedeelte van de dag wellicht iets minder dan wij.

Na het ontbijt gingen we aan de wandel. Eerste stop was een halte van de Cable Car, want een ritje met de Cable Car hoort eigenlijk gewoon bij bezoekje aan San Francisco. Halverwege de lijn uitgestapt om een bezoekje te brengen aan Grace Cathedral om vervolgens te wandelen, via China Town naar Pier 33, vanwaar de boot naar Alcatraz vertrok.

Ook Alcatraz is een must-see als je een bezoek aan San Francisco brengt. Voor ons was het een herhaaloefening, maar dat betekent niet dat wij minder hebben genoten van het gevangeniseiland dat ook wel bekend staat als The Rock.

Iedere trouwe lezer weten dat Rob & Tracy behoren tot onze beste vrienden. We zien ze minder vaak dan we zouden willen, maar dat komt mede door het feit dat ze woonachtig zijn in de V.S. Het is nu alweer twee jaar geleden dat we ze gezien hebben. Toen enkele weken geleden de mogelijkheid zich voordeed dat we elkaar dit jaar weer zouden ontmoeten werden we dan ook opgewonden. De tijd die we met elkaar zouden kunnen doorbrengen zou helaas wel kort zijn. Mede door het feit dat wij dit jaar met zijn vieren reizen, en dat Rob & Tracy ook een uitwisselingsstudent in hun midden hebben opgenomen. Als we een hele dag met elkaar door zouden brengen zouden ze alle drie het vijfde wiel aan de wagen zijn. En dat is iets dat we niet moeten willen. Maar een diner kan altijd wel. Een tafel werd gereserveerd bij het Hard Rock Cafe, en de tijd vloog voorbij. Het leek alsof we elkaar gisteren nog hadden gezien. Voor we er erg in hadden, was het al weer tijd om afscheid te nemen. We kunnen nu al niet wachten om Rob & Tracy weer te ontmoeten.

Subtiliteit is, zoals alom bekend is, een grote gave van mij. Vandaar ook de keuze van de titel van vandaag in het Engels. Zoals netjes is vermeld is The Rock, de bijnaam van Alcatraz. Het deel a Hard place, lijkt me logischerwijs na het lezen ook wel te verwijzen naar de plek waar we genoten hebben van het diner. Ook is het een verbastering van een nummer van The Rolling Stones en dat nummer is geschreven naar Keith Richards. En laat die laatste nu net weer een naamdrager zijn van een geocache die door onze Amerikaanse vrienden is verstopt en die niet geheel ontoevallig onze 1100e vondst was.
Lees het verhaal
2 september 2017

De dames

Kwart over vijf deze ochtend ging de wekker. Een mooie tijd om op reis te gaan. Eerst even ontbijten en dan naar het vliegveld. Waar het vele wachten zou kunnen beginnen. Want zoals velen weten, een vliegreis bestaat vooral uit wachten. Gelukkig zouden we tijdens het vliegen een in-flight entertainment system tot onze beschikking hebben, zodat het wachten tijdens het vliegen toch enigszins veraangenaamd zou kunnen worden. Helaas hadden we pech en weigerden twee van de vier systemen dienst. Dus geen film voor Marieke en mij om te kunnen kijken tijdens het vliegen. Ontelbare malen werd het systeem opnieuw opgestart, maar telkens had het geen nut. Uiteindelijk werd ons ieder €60,- ter compensatie aangeboden. Is ook leuk natuurlijk.

Eenmaal geland begon het wachten in de rij bij de douane in de V.S. Alles wat het vlotter dan 90 minuten zou gaan, beschouwen we als snel. Na 55 minuten wachten, werden we uit de rij gehaald, door een indiaan met een punt. We mochten in een vele kortere rij aansluiten en binnen het uur stonden we onze koffers van de band af te halen. Ook het ophalen van de huurauto ging vlotjes. En dankzij het feit dat we over-voorbereid op reis zijn gegaan, reden we in een keer naar de supermarkt, zodat we boodschappen zoden kunnen gaan doen.

Alles ging zo vlot, dat we al snel op zoek konden gaan naar de rode voordeur uit de serie Full House. Al snel kwamen we erachter dat de deur van het huis nooit rood is geweest, maar dit slechts voor de serie zo was gedaan. In ieder geval hebben we tijdens ons 5e bezoek aan San Francisco toch weer iets gezien dat we nog niet eerder gezien hadden. Na een dag van meer dan 24 uur zijn we nu toch wel moe, en toe aan wat slaap. Welterusten en morgen gezond weer op.
Lees het verhaal
1 september 2017

Efkes weg

Meer dan een jaar zijn we bezig geweest met de voorbereiding van deze reis. Is dat lang? Wellicht wel ja, maar men moet niet vergeten dat deze reis anders is dan alle andere die we eerder naar de VS hebben gemaakt. Deze trip zal ons voor de 9e keer alweer naar de andere kant van de oceaan brengen. Zoals we ook al begin december van het vorige jaar getikt hebben, zullen we deze reis echter met zijn vieren zijn in plaats van met zijn tweetjes. Jack en Elly zullen ons namelijk vergezellen.

De reacties die we hierop kregen, waren nogal uiteenlopend. Van heel enthousiast tot het welhaast aanreiken van een kaartje met de contactpersoon van de RPI. Want ondergetikte moest welhaast heel getikt zijn om er goesting in te hebben om iedere avond te gaan zitten tikken wat voor een getikte avonturen hij die dag met zijn wellicht minder getikte schoonouders had meegemaakt. Welnu, over het aangaan van deze reis is goed nagedacht. Ook door ondergetikte. En ook hij kijkt uit naar deze reis, die anders zal zijn dan alle voorgaande reizen. Maar dat is ook iets wat ik iedere eerste dag van een nieuwe reis opnieuw kan tikken. Immers geen een reis is hetzelfde, al is het maar door het feit dat men iedere reis, zelfs als de koffer lichter wordt, meer bagage meeneemt.

Het grootste verschil zit hem in het feit dat we nog nooit zoveel van een route hebben uitgestippeld. Normaal gesproken staat de route globaal vast. Onderweg zijn er dan vijf of zes dingen die we heel graag willen zien. Hotels zijn niet geboekt en we hebben alle vrijheid om de route aan te passen indien we dat wensen. Dit jaar is het anders. Iedere dag is ingedeeld. We weten wat we willen gaan zien. We weten waar de supermarkten zijn waar we boodschappen kunnen doen. We weten in welke plaatsen we ‘s avonds slapen. Alle hotels zijn immers al geboekt. We weten waar, welke restaurants zitten. Noem het maar op, grote kans dat het in ons allereerste roadbook vermeld staat.

Waarom zullen velen zeggen? Een korte uitleg hierover. Ondertussen hebben we toch wel het een en ander in de VS mogen bewonderen. Naar alle waarschijnlijkheid zal deze reis door de VS de enige voor Jack en Elly worden. We hebben een lijst gemaakt met alle bezienswaardigheden waarvan wij dachten dat deze de moeite waard zouden zijn. We hebben deze ingepast in verschillende stukjes van een route. Deze stukjes hebben Jack en Elly zelf aan elkaar gepuzzeld, en zo kwamen ze uit op hun ultieme roadtrip door het Westen van de VS. De reis zal bijna 10.000 kilometer beslaan. Waar die reis ons heen zal leidden (inderdaad, met korte ei (althans voorlopig dan toch), zal men de komende weken kunnen ontdekken. Vandaag was de eerste dag van deze reis. Met de trein naar Amsterdam. In de stad wat eten en daarna richting het hotel bij Schiphol. Morgen zullen we dan naar de VS vliegen, waar ons op zondag al een heus hoogtepunt zal staan te wachten.

Tijdens de voorbereidingen vroeg Elly aan mij of er ook muziek van Gerard van Maasakkers mee mocht. Na een positief antwoord begon ik als vanzelf te neuriën.

En zo is ’t altijd gegaon
Kijken wa’t er te beleven valt
En efkes weg van wa’t er allemaol moet worden gedaon
Tandenborstel kopen kunnen we overal
We hoeven de brug mer over, de wereld is groot
En we zijn los van beloftes en agenda
En we zijn los, tot we worden teruggefloten
“Hee, waarde gullie niet lang genoeg daor” Mer…

We zijn alleen mer efkes weg
Alleen mer efkes weg
Zo terug
Lees het verhaal
8 april 2017

Corfu

Soms zit het mee en soms….
Kom je erachter dat de gehuurde Peugeot 107 met ingeklapte spiegels te breed is om de straat in het dorpje door te rijden.

Het is alweer de laatste dag. Als we opgestaan en opgefrist zijn, pakken we op het gemak de koffers in. Dan is het tijd voor onze laatste brunch in het hotel. Dat overigens nog steeds erg rustig is. Zoals het overal op het eiland rustig is. De meeste restaurants zijn nog niet geopend, wat als gevolg heeft dat we ‘s avonds 10 kilometer dienen te rijden om een hapje te gaan eten.

Na de brunch laden we de koffers in de auto en gaan op weg naar het laatste item wat op ons lijstje stond, de Keizerstroon. We genieten van het uitzicht over het westelijke deel van het eiland en gaan bedenken wat we nu zullen gaan doen.

We besluiten om naar het strand te gaan. De weg erheen leidt ons over een weg die steeds smaller wordt. Als we in een dorpje komen, kronkelt de weg zich links en rechts. In de 1e versnelling manouvreer ik de auto tussen de huizen door. Als er een versnelling een ½ op de auto had gezeten, dan zou ik die zeker hebben gebruikt. Dan komen we op het punt dat het echt smal wordt. Zo smal zelfs dat het geen nut heeft om de spiegels in te klappen. Ik bedenkt me dat het niet verstandig is om nu een foto te maken, aangezien er aan mijn rechterzijde iemand zit, die het waarschijnlijk een beetje benauwd heeft. Gisteren reden we door een dorpje waar ik aan beide zijden van de spiegels nog zeker 5 cm ruimte had, en dat vond ze al niet plezant. Ik zet de versnelling in zijn achteruit en ga terug naar daar waar we vandaan komen. Met een kleine omweg komen we uiteindelijk bij de parkeerplaats van het strand aan. Het is een stevige wandeling naar het strand toe dat zich 100 meter lager bevindt. Als het strand zich aan ons laat zien, kunnen we niets anders doen dan genieten. Dit is zo fraai dat we er bijna spontaan strandmensen van worden.

Na het bezoek aan het strand begeven we ons langzaam richting het vliegveld. Eerste bezoeken we nog oude Venetiaanse scheepswerven en bewonderen we het Muizeneiland. Daarna is het tijd om alweer iets te doen wat voor ons niet standaard is. We nestelen ons op een terras en bestellen een ijsje. Op het gemak eten we het op en bekijken de mensen die voorbijgaan. Ook al is het niet gewoon voor ons, we genieten ervan. Nu moet men niet verwachten dat dit voor ons een standaard tijdverdrijf gaat worden. Zo leuk was het nu ook weer niet.

Dan is het tijd voor het event dat we hier hebben georganiseerd. Een paar Amerikanen uit Californië (Bakersfield) en een paar Canadezen uit een dorpje in British Columbia bezoeken ons. Het is weer gezellig en als we net afscheid hebben genomen komt er nog een Griekse geocacher aansnellen. Het is zo gezellig dat we plotseling een beetje krap in de tijd komen te zitten. Snel gaan we een hapje eten om vervolgens onze huurauto in te leveren met ruim 841 kilometer meer op de teller dan toen we deze ophaalden. Na gewacht te hebben op het vliegveld stappen we de bus in. Na zeker 100 meter gereden te hebben mogen we weer uitstappen om vervolgens het vliegtuig in te stappen.
Lees het verhaal
7 april 2017

De reis naar het oosten

Soms zit het mee en soms….
Loop je bergop te zwoegen door het restant van een modderstroom

Iedereen weet dat wij graag naar het westen reizen. Waarom dat is, is heel simpel te verklaren. De wijzen komen immers, zoals iedereen weet, uit het oosten. Vandaag stond echter de grote reis naar het oosten op de planning. Waarom dan in hemelsnaam zou men zich kunnen afvragen.

Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat we op zoek zouden kunnen gaan naar onze wortels. Kijken waar wij, de wijzen, vandaan komen. Echter, ik ben ervan overtuigd dat we die wortels niet in Griekenland zullen vinden. Dat is niet ver genoeg naar het oosten.

Waarom dan toch een voettocht, bergop maken naar een oud en vervallen klooster? Mensen die ons een beetje kennen, weten dat we gek zijn op statistieken als het gaat om geocaching. En als de mogelijkheid een getalletje in die statistieken weer wat verder op te rekken, dan laten we die mogelijkheid natuurlijk niet aan ons voorbijgaan.

Zodoende stond voor vandaag de meest oostelijke geocache van het eiland Corfu op het programma. Deze ligt boven op een berg in een oud, vervallen klooster. De weg erheen is niet zo heel lang, iets minder dan 2 kilometer, maar wel steil bergop. Tel daarbij op dat de regen van de afgelopen dagen de klei-achtige ondergrond van het pad naar de top zijn best heeft gedaan om het geheel tot een modderpartij te veranderen (en daarin ook nog eens in geslaagd is), en men kan zich voorstellen dat het toch een behoorlijke wandeling is geworden.

Maar we kunnen zeggen dat de wandeling de moeite waard was. Ook hier was het uitzicht weer fenomenaal en het klooster maakte toch wel indruk. Zo stond de klokkentoren nog grotendeels overeind net zoals de in- en uitgang. Heerlijk rondstruinen is het dan op zo’n locatie.,

Na alles ontdekt te hebben, en de voor ons tot nu toe meest oostelijk gevonden geocache te hebben gelogd, was het tijd om nog even te genieten van het schitterende uitzicht en de wandeling door de modder terug naar beneden te aanvaarden.
Lees het verhaal
6 april 2017

Met je hoofd in de wolken

Soms zit het mee en soms….
Maak je een net iets te kleine stap en sta je met je linkervoet in een ijskoude rivier.

Tijdens de brunch deze morgen om 9:00 uur maakten we de plannen voor de dag. Het was bewolkt, maar de zon deed zijn uiterste best om de wolken te verjagen. We besloten om een wandeling te maken door het dorpje Arillas. Onderweg stopten we bij een waterval. Vanaf de rand van de weg konden we zien dat deze waterval behoorlijk hoog was, maar hoe hoog precies, dat was niet te zien. Ik besloot om precies datgene te doen wat ik altijd doe op zo’n moment. Kijken of ik iets dichterbij kan komen. Op een, althans dat vind ik zelf, verantwoorde manier. Deze meest logische weg was lopen van rotsblok naar rotsblok door de rivier. Een van die stappen bleek net iets groter te zijn dan ik had verwacht. Het resultaat is dat Marieke de kerstsokken uit haar rugzak tevoorschijn haalt, zodat ik weer met droge voeten verder kan wandelen vandaag.

We rijden verder en beginnen aan de wandeling in Arillas. Een alleraardigst dorpje, niets bijzonders, maar we lopen heerlijk in het dorpje. Onderweg zien we weer veel, wat volgens ons de nationale tuinplant van Corfu is, Blauwe Regen.

Na bijna 6 kilometer te hebben gewandeld is het tijd om naar het figuurlijke hoogtepunt van deze vakantie te gaan, namelijk Canal d’Amour. Een smalle baai in het noorden van Corfu. Volgens de legende zullen de stellen die hier samen in zwemmen een liefdevol en vruchtbaar leven hebben. Ik denk dat eenieder wel begrijpt dat we geen enkel risico willen nemen, en dat we niet hebben gezwommen. Van het liefdevolle leven zijn we toch wel overtuigd, het andere is niet nodig. Ik ben er ook niet van overtuigd dat we dan met ons hoofd in de wolken zouden zijn.

Na dit bezoek vol liefde is het tijd om naar het letterlijke hoogtepunt van deze vakantie te gaan, namelijk de hoogste berg van Corfu, de Pantokrator. Hoewel de berg met zijn 906 meter niet uitzonderlijk hoog te noemen is, groeit er op de top bijna niets. We genieten van het uitzicht. Regelmatig moeten we even wachten met een foto maken als er weer een wolk voorbij komt waaien en ons uitzicht belemmert. We zijn liever op deze manier met ons hoofd in de wolken dan als zou blijken dat zwemmen in Canal d’Amour echt zou werken.

Na deze hoogtepunten gaan we weer naar Kerkyra. Afgelopen maandag zag ik in de verte een typisch Griekse windmolen staan, en die wilde ik wel eens van dichtbij bekijken. Zo gezegd zo gedaan, en op ons gemak wandelden we de kilometer naar de windmolen toe. Het begint iets harder te waaien als we naar het centrum van Kerkyra wandelen om van ons diner te gaan genieten.
Lees het verhaal
5 april 2017

De ezeltjes

Soms zit het mee en soms….
Ben je gewoon blij dat het na twee dagen vol met regen weer droog is.

Ik wilde bijna de dokter bellen toen vanmorgen bekend werd dat we naar Paleokastrits zouden gaan. Gelukkig was het ook nu weer niets ernstigs, maar bleek het om een beroemd klooster op Corfu te gaan. Hemelsbreed ligt het klooster iets meer dan een kilometer bij het hotel vandaan, over de weg is het bijna zeven kilometer rijden.

Eenmaal bij het klooster aangekomen, ontdekken we weer de ongemakken van onze dagelijkse brunch. Het klooster zelf gaat op een normale tijd, zeven uur, open, maar nu zijn er al enkele busladingen met toeristen gelost bij het klooster. We kijken hoe het loopt en genieten ondertussen van het uitzicht. Het zonnetje doet vandaag weer volop zijn best. Gelukkig maar, want na twee dagen in de regen rondgehobbeld te hebben, moet ik zeggen dat we er allebei wel genoeg van hebben.

Een buslading toeristen blijkt ook hier een buslading toeristen te zijn als op de rest van de wereld. Na tientallen keren “Nice, nice, very nice”, “fantastic”& “great” te hebben gehoord moet de bus weer verder en verdwijnen de toeristen als sneeuw voor de zon. Niet dat we nu alle tijd van de wereld hebben, maar we hebben wel eventjes het rijk voor ons alleen. We genieten van dit kleine pareltje op dit eiland. Als we willen gaan, gaat het pareltje nog meer glimmen als we aan de praat raken met een Orthodoxe monnik. Gekleed in een winterjas, vertelt hij in gebrekkig Engels aan ons dat hij een vriend is van Koning Filip van België.

We rijden door naar Angelkastro, een oud kasteel en genieten van de imponerende aanblik van dit stukje historie. Na het kasteel gaan we door naar CDR, oftewel Corfu Donkey Rescue. Of in goed Nederlands, de ezeltjesopvang. Hier worden oude ezels opgevangen zodat ze van hun oude dag kunnen genieten. Dit klinkt rooskleuriger dan het in werkelijkheid is, want het merendeel van de 40 ezels die hier momenteel zijn, zijn in hun leven mishandeld. Deze organisatie bestaat volledig van schenkingen. Heel vaak gebeurd het niet dat wij van zoiets als dit onder de indruk zijn, maar hier is dat wel het geval.

Na het bezoek aan de ezeltjes is het tijd om op zoek te gaan naar de vissen in de Ionische Zee. Terug in het hotel trekken we onze wetsuit aan, en gaan naar het strand, dat nog geen 300 meter verderop ligt. We trotseren het koude water, dat dankzij onze wetsuits toch niet zo heel koud lijkt te zijn en we gaan snorkelen. En we zien helemaal niets. Het water is kraakhelder, maar het enige dat we zien zijn kiezelstenen. Totdat er plotseling een grijs visje met zwarte streep door het beeld heen zwemt. Hier hadden we eerlijk gezegd toch wel verwacht om iets meer te zien, maar het voornaamste is dat we lol in het snorkelen hebben gehad.

Terug in het hotel blijkt dat het nog aan de vroege kant is. We besluiten om een geocache te gaan zoeken die een 4½ ster terrein waardering heeft. Als je bedenkt dat een geocache maximaal 5 sterren terrein heeft, kun je je voorstellen dat wijzelf niet overtuigd zijn van het feit dat dit ons gaat lukken. Na een uur te hebben gereden, stranden we op 2,8 kilometer van de cache voor een enorme plas water op de weg. We zijn er niet van overtuigd dat onze auto daar doorheen kan rijden zonder vast te komen zitten en besluiten om dat stukje maar te gaan lopen. Het uitzicht is fraai, maar eentonig en verveelt al vrij snel. We arriveren bij de cache en na wat klimwerk kunnen we deze ook als gevonden noteren. We rijden terug naar het hotel en kunnen terugkijken op een geweldige en zonnige dag.
Lees het verhaal
4 april 2017

De volgeling

Soms zit het mee en soms….
Heb je het idee dat je een of andere enge ziekte oploopt, maar in werkelijkheid blijkt het het eilandje Gialiskari te zijn dat je oploopt.

De Griekse taal is voor ons haast compleet onbegrijpelijk. Als we er al iets van kunnen bakken, dan klinkt het vaak meteen als een of andere enge ziekte. Hadden we misschien toch Atheneum moeten doen toen we nog jonger waren. Ik denk niet dat het laatste iets zou veranderen aan het feit dat het deze ochtend nog steeds regende. Tijdens de brunch werden de plannen voor de dag gesmeed.

Eenmaal onderweg werden deze plannen prompt gewijzigd en besloten we om als eerste een cache in een klein dorpje te gaan doen. Onderweg genoten we hier en daar van het uitzicht en in het volgende plaatsje werd genoten van een cappuccino en een latte machiato. Wederom werden de plannen aangepast en besloten we om een wandeling te maken naar een vervallen klooster.

Nadat we dit bezocht hadden gingen we nog op zoek naar een ruïne. Het verhaal achter deze ruïne leert ons dat we inmiddels het eiland Corfu hebben verlaten en dat we middels een meter of vijf lange brug het eiland Gialiskari hebben betreden. Hoe het ook mag heten, we genieten van de prachtige natuur, ondanks de regen, de gladheid, de wind en de kou.

Eenmaal terug in de auto passen we de plannen alweer aan. Op naar het volgende dorpje en op naar het volgende strand. Kort nadat we de auto hebben geparkeerd worden we gevolgd door een hond. We lopen via de rotsen het strand op, het beestje volgt ons gedwee. Als we het strand weer verlaten en richting het oude fort van Kassiopi wandelen worden we nog steeds gevolgd door het aandoenlijke dier. Na een wandeling van ruim drie kilometer arriveren we bij het fort. Hoe schattig we de hond ook vinden, we moeten van hem af zien te komen. We willen hem immers niet meenemen, en ook niet het risico lopen dat hij onder een auto loopt bij de drukke weg waaraan we onze auto hebben geparkeerd. Als we de deuren van het fort hebben gepasseerd weten we het beestje voorbij de deuren te krijgen en snel sluiten we deze. Met een paar Droopy ogen kijkt hij ons door het laatste kiertje aan en onszelf schuldig voelend sluiten we ook het laatste beetje van de deur af. Als we het fort hebben bewonderd, hopen we dat hij weer op weg naar zijn baasje is en openen voorzichtig de deur. Gelukkig ons ‘vriendje’ is verdwenen. We gaan op een terras zitten en maken nog een korte wandeling naar een ander strand. Inmiddels is het bijna vier uur en wonder boven wonder klaart het voorzichtig op.

We besluiten om alsnog naar het kleine dorpje te gaan om daar de wandeling te doen die we deze ochtend in de auto bedacht hadden. Voorzichtig laat het zonnetje zich zelfs zien en we genieten van Perithia, zoals het plaatsje heet. Dit dorpje is bijna geheel verlaten en zou de naam spookstad eer aan doen. We struinen rond, en we genieten volop. Blij dat we alsnog besloten hebben om deze wandeling te gaan maken.
Lees het verhaal
3 april 2017

De drup

Soms zit het mee en soms….
Regent het heel de dag. Men pleegt wel eens te zeggen dat men krijgt wat men verdient. Nu ben ik het daar toch niet helemaal mee eens. Naar mijn bescheiden mening verdienen wij beiden het wel dat we tijdens onze korte vakantie droog weer zouden hebben. Helaas mocht het niet zo zijn. Al bij het ontwaken deze morgen hoorden we de regen op het dak van onze studio tikken. Het weerbericht bekijkend, leerden we dat het rond het middaguur droog zou zijn. Geen enkel probleem voor ons en na de brunch deze ochtend sprongen we in onze voiture en reden we naar het Achilleion. Beter bekend als de zomerresidentie van keizerin Elisabeth. Deze keizerin werd door intimi Sisi genoemd, en bijna 60 jaar nadat ze was vermoord kreeg ze wereldfaam door de Sissi-trilogie (inderdaad hier Sissi met dubbel S) die over haar werd gemaakt.

Met paleis Schönbrunn in het achterhoofd trotseren we vol verwachting die regen die neerdaalt op onze hoofden terwijl we van het parkeerterrein naar de ingang flaneren. Hier valt de eerste barst in de pracht en praal die bij Keizerin Sis(s)i hoort in onze ogen als we met open armen worden ontvangen door een meer dan gemiddeld chagrijnige portier. In gebrekkig Engels worden we naar een raam gestuurd om daar de entreebewijzen te kopen. Bij het raam gearriveerd worden we, zover mogelijk, nog onvriendelijker doorgestuurd naar een ander raam. Als hier rode lampen zouden branden, dan weten we zeker dat hier nimmer geld verdiend zou worden. De kreet “vriendelijkheid kost geen geld” flitst maar weer eens een keer door mijn hoofd. We betalen en gaan vrolijk verder naar de portier om onze zojuist vol trots gekochte tickets door de midden te laten scheuren. We gaan het paleis binnen en we melden ons aan voor de apparatuur voor de audiotour. Na het invullen van onze namen krijgen we apparaten 001 & 002 mee. We zijn de eerste twee bezoekers van de dag ontdekken we. Het neertikken van deze regel gaat sneller dan het uitreiken van deze apparaten, aangezien de jongedame aan de balie doodnerveus is en niet goed weet hoe ze alles in dient te stellen. Ze verontschuldigd zich met de woorden dat het haar eerste dag is. Al snel komt Marieke er achter dat apparaat 002 niet werkt. Terug naar de zenuwachtige jongedame dan maar. Ze weet nu helemaal niet meer wat ze moet doen, en gaat telefoneren. Na een vijftal minuten komt er hulp in de vorm van een, ervaren ogende, man. Hij pakt, totaal willekeurig, een ander apparaat en begint deze in te stellen. Marieke kijkt naar het nummer, en is ervan overtuigd dat deze wel moet werken aangezien het label 040 aangeeft.

We vervolgen de tour en al snel begeeft ook apparaat 001 het. Ik ben ervan overtuigd dat nummer 0499 er niet is, en besluit zonder audiotour verder te gaan. We genieten van het zomerverblijf. We kunnen niet zeggen dat we het ingetogen zouden noemen, maar het toont alles behalve de pracht en praal die men bij de naam Sis(s)i verwacht. Uiteraard kijken we verder dan onze neus lang is, en al snel valt ons op, dat dit zomerverblijf typische kenmerken van de Griekse stijl vertoont. Oftewel een groot gebrek aan onderhoud cq restauratie. We gaan weer naar buiten, de regen in, om van de tuin te genieten. De tuin is op het eerste gezicht fraai, maar ook hier zien we een chronisch gebrek aan onderhoud. Als Frans Josef dit zou weten, dan zou hij zich omdraaien in zijn graf, daar zijn we allebei van overtuigd.

Na het bezoek aan het Achilleion rijden we verder naar de hoofdstad, Kerkyra. Met iets meer dan 28000 inwoners is dit eigenlijk niet meer dan een dorp te noemen. De oude binnenstad staat op de werelderfgoederenlijst van UNESCO. We struinen door de steegjes en genieten we volop. Ondanks de regen. Natuurlijk is het minder leuk dan wanneer het droog is, maar de regen is een goed excuus om regelmatig van een kop cappuccino te gaan genieten en zo het inwendige van de mens weer iets te verwarmen en de kaart waarop alle hoogtepunten van de stad staan te bekijken. Na een uurtje of zes te hebben rondgestruind hebben we alle highlights bezocht en bewonderd, en kunnen we, ondanks de regen, terugkijken op een geslaagde dag.
Lees het verhaal
2 april 2017

Aye, Aye, Mate

Gisteren hebben we het al vermeld. Soms zit het mee en soms….
Is er pas vanaf negen uur ontbijt. Een beetje normaal mens noemt eten op dit tijdstip geen ontbijt meer, maar een brunch. Helaas is er niets aan te doen, en dus wachten we geduldig tot de klok bijna negen uur aangeeft.

Gisterenavond hebben we ons in het hotel geïnstalleerd. We zijn de eerste gasten van het jaar, en het is zodoende ook vanzelfsprekend dat wij vandaag de enigen aan het ontbijt zijn. Het ontbreekt ons werkelijk aan niets en hetgeen we overlaten is een snee brood en wat fruit. Dat laatste zal voor velen geen verrassing zijn.

Na het ontbijt vertrekken we richting de Black Rocks. Hier ligt een geocache die nog nooit eerder is gevonden. Voor ons bijna onvoorstelbaar aangezien deze er al sinds oktober zou liggen. We hebben gezocht en niets gevonden. Misschien dat deze alweer is verdwenen. Wel genieten we van het fraaie uitzicht en een stukje verderop zien we een schip liggen dat is vergaan. We wandelen erheen en genieten.

We gaan richting een andere baai. We hebben een wandeling gezien die tot een van de mooiste van Corfu behoren en willen deze graag wandelen. De wandeling heeft de fraaie naam “Pirate’s Bay” meegekregen. We beginnen aan de wandeling en al snel is duidelijk dat dit een behoorlijk zware tocht zal gaan worden. Het gaat over smalle, door ons zo geliefde, paadjes die eigenlijk geen paadjes te noemen zijn. Sporen zou men het wellicht beter kunnen noemen. Je ziet hoe je moet lopen, maar daar is ook alles mee gezegd. We volgen het spoor omhoog en omlaag. Na een tijdje zie ik een spoor waarvan ik zie dat het dood loopt, maar toch wil ik het gaan volgen. Gelukkig maar, als ik het einde bereik zie ik meteen waarom deze wandeling de naam heeft gekregen die het heeft. Pirates of the Carribean is niets vergeleken bij de avonturen die zich in mijn hoofd afspelen bij het aanschouwen van dit schitterende stukje natuur.

Maar we gaan verder, want we hebben de schat immers nog niet gevonden, en als er ergens piraten zijn geweest, dan moet er ook een schat verstopt zijn. We arriveren bij een groot kruis en dat blijkt het laatste punt te zijn. We hebben niet alle hints die de piraten hebben verstopt goed begrepen, maar met wat logisch nadenken komen we er toch achter waar de schat verstopt moet zijn. Eenmaal gevonden, stoppen we er wat in voor de piraten die nog na ons gaan komen. We volgen het eerder gelopen spoor terug naar de auto. Na een wandeling van iets meer dan drie uur, waarbij we bijna 800 meter hebben geklommen, komen we voldaan terug bij de auto. Na het diner en dit verhaaltje tikken is het tijd om te gaan dromen van allerlei avonturen. Aye, Aye, Mate.
Lees het verhaal
1 april 2017

Met de armen in de lucht

Soms zit het mee en soms zit het tegen. Zo is het leven nu eenmaal zullen velen zeggen. Deze ochtend zat het weer eens tegen. Voordat we de koffers gingen pakken, was er nog ruim voldoende tijd om een kop koffie te drinken en te kijken of er nog updates voor de site waren. Dus koffie zetten en inloggen op de site. Inderdaad waren er enkele updates. Een paar daarvan waren voor dingen die op de achtergrond draaien, en één ervan was voor het uiterlijk van de site. Alles geselecteerd en op automatisch updaten geklikt. En dat was nu iets wat ik niet had moeten doen. De update voor het uiterlijk van de site, haalt namelijk ook automatisch voorbeeldberichten en dergelijke binnen. Aangezien er automatisch een mail gestuurd wordt naar eenieder die zich daarvoor heeft aangemeld, werden er binnen no-time 1881 mailtjes verzonden door de site. Oeps met een hele grote O. Niet dat ik er nog iets aan kon doen, want zoals gezegd, worden die automatisch verzonden, Alle nieuwe berichten van de site verwijderd. Voor de zekerheid een backup teruggezet op de site en alles handmatig ge-updated. Het enige dat ik kan zeggen tegen eenieder die is overspoeld door mails is Sorry. Met een hele grote hoofdletter S. Dat dan weer wel. Wellicht dat we toch maar de keuze moeten maken om een layout te kopen in plaats van een gratis layout waar toch wel wat nadelen aan kleven. De eerste die we vonden was €79,- per jaar. Dit is in onze ogen een beetje over de top en als we wat meer tijd hebben, gaan we op zoek naar een betaalbaar alternatief dat ook nog eens aan onze smaak voldoet.

Na al deze ellende was het tijd voor wat leukere dingen. Namelijk het inpakken van de koffers. Niet voor een reis naar Amerika zoals sommigen van onze lezers dachten. Was het maar waar, maar dat duurt nog vijf maanden. Vandaag gaan we op weg naar een land waar we nog nooit eerder geweest zijn. Griekenland en dan wel Corfu om precies te zijn. De keuze hiervoor was niet zo heel moeilijk. We hadden namelijk een paar wensen waar de bestemming aan diende te voldoen.

Vliegen op zaterdag
Vliegen vanaf Eindhoven
Een redelijke kans op mooi weer
Het ene na het andere land viel af. En uiteindelijk bleven alleen Tenerife en Corfu over. Tenerife was in onze ogen onbetaalbaar dus besloten we om naar Corfu te gaan.

Zo gezegd zo gedaan. Vliegtickets, een auto en een hotel geboekt. Een reisgids gekocht en we zijn klaar om te gaan. Volgens mij hebben we ons nog nimmer zo minimaal voorbereid op een reis. Goed, de geocaches zijn geladen in de GPS, maar wat er nu precies te zien is op Corfu? Geen idee. We hebben een paar fraaie foto’s op het internet gezien. Gisteren opgezocht waar het hotel nu precies zit en de locatie proberen in te voeren op de TomTom. Toen kwamen we erachter dat het hotel geen exact adres heeft. Gelukkig hebben we wel de coordinaten, dus ook dat hebben we ruimschoots opgelost. Nu alleen nog tijd vinden om de reisgids te lezen.

Wellicht iets om in het vliegtuig te doen, ware het niet dat ik de kostbare tijd gebruik om dit verhaaltje te typen, zodat ik dat vanavond niet hoef te doen. De inschatting die we hebben is namelijk dat we pas rond de klok van 10 uur in het hotel geïnstalleerd zijn, en om dan nog iets te gaan tikken…. Ik denk niet dat ik daar heel veel zin in heb. Ik denk dat we dan de tijd beter kunnen besteden met kijken wat we morgen eens gaan doen. Ach, ik weet zeker dat we ons wel weten te vermaken tot het moment daar is dat we weer naar huis moeten.

Als ik het hierbovenstaande teruglees, dan valt me op dat er enkele keren het woord onbetaalbaar in staat. Alles behalve waar natuurlijk, maar hier 10 kilometer boven de grond zittende, komt er spontaan een titel voor dit relaas naar boven borrelen.
Lees het verhaal
7 oktober 2016

Nog een paar minuten

De nacht was rustig. Althans dat idee hebben we. We hebben niets gemerkt van een eventuele tropische storm, en als we naar buiten kijken, staat onze palmboom nog keurig voor het raam. Die palmboom was gisteren ons referentiekader hoe hard het waaide. Na het ontbijt gaan we uitchecken en naar het vliegveld. Ruim op tijd omdat we online niet kunnen inchecken vanwege wat ‘issues’ met ons ticket. Wat die ‘issues’ zijn? Geen idee. Op het vliegveld proberen we in te checken. Helaas lukt het niet en moeten we ons bij een medewerker aan de balie melden. Hij pakt de telefoon en gaat bellen. Op zich is dat heel logisch, aangezien het heel vreemd zou zijn als hij met een telefoonhoorn aan zijn oor zat, en niemand probeerde te bellen. ‘A couple more minutes, sir’.

Na een tijdje kwamen we erachter dat men in Miami ook weet wat een Brabants Kwartierke is. Ondertussen had de man al enkele keren dezelfde zin herhaald. ‘A couple more minutes, sir’. Bijna een half uur later is dan toch alles geregeld, en hebben we onze tickets. Volgens de man waren er ‘issues’ met onze tickets. Op de vraag wat die ‘issues’ waren kregen we geen antwoord. Hoe dan ook, we kunnen weg uit Miami. Ondanks dat hier het gevaar voor de orkaan is geweken, zijn we toch blij dat we hier weg kunnen. Het was gisteren al met al best een spannende dag.

Ook al hebben we onze tickets en zijn we inmiddels ingecheckt, nog steeds ben ik er niet van overtuigd dat we morgen thuis zullen zijn. We vliegen op Atlanta en hebben maar 45 minuten de tijd om over te stappen op het vliegtuig naar Schiphol. Er hoeft maar ergens iets tegen te zitten, en we zullen de aansluitende vlucht gaan missen. Omdat we ruim op tijd op het vliegveld waren, hebben we nog enkele uren te overbruggen hier. Veel winkels zitten er niet, maar gelukkig wel een Starbucks. Onder het genot van een kop cappuccino is het wachten toch iets aangenamer. Na een tijdje lopen we richting de gate, en wachten totdat we het vliegtuig in mogen stappen. Tijdens het taxiën heeft de piloot een aangename mededeling voor ons. De vlucht naar Atlanta zal 97 minuten duren. Dat is 25 minuten korter dan op onze tickets staat aangegeven. Als we eenmaal in de lucht zijn, ben ik er iets geruster op dat alles goed gaat komen. We landen op het vliegveld van Atlanta en dan begint de race naar de andere kant van het vliegveld.

Iedereen zegt dat Atlanta een groot vliegveld heeft. Voor zover mijn kennis reikt, is dit het grootste vliegveld ter wereld. Op de heenreis hebben we daar niets van gemerkt, we stapten uit bij gate 1, en liepen eigenlijk meteen de douane en daarna de bagagehal in. Vandaag landen we echter op gate A31. We moeten naar gate F6. Dit is helemaal aan de andere zijde van het vliegveld. Gelukkig gaat er een metro, maar door onze haast, missen we het bordje dat aangeeft dat de metro linksaf is. Uiteindelijk vinden we die dan toch, en dan begint de rit naar de andere kant van het vliegveld. Het kwartier lijkt wel een eeuwigheid te duren, maar dan zijn we toch bij vertrekhal F. Nu even naar gate F6 lopen, en we hebben het gehaald. Ruim op tijd. Wel dankzij die 25 minuten die de vlucht korter duurde, anders zou het allemaal wel héél erg krap zijn geworden. Ruim 8 uur later landt het vliegtuig op Schiphol. Minder dan een uur later zitten we in de auto op weg naar huis. Rond half negen zijn we thuis. Hebben inmiddels de boodschappen al gedaan en gaan een paar uurtjes slapen. Daarna naar Geel. Naar de spellendag van Het Geel Pionneke. Nog één dagje vakantie morgen. Bijkomen van de schitterende reis die we de afgelopen weken hebben mogen maken. Hier en daar was het met horten en stoten, maar feit is. We hebben genoten. Op naar de volgende trip.
Lees het verhaal
6 oktober 2016

De orkaan

Werkelijk alles hebben we voor onze trouwe lezers over. Het is immers voor u, dat wij besloten hebben om een dag langer te blijven. Niet voor onszelf, maar enkel en alleen om onze trouwe lezers een liveverslag te kunnen geven van het wel en wee in Miami tijdens de orkaan Matthew. En dat we daar iets voor over moeten hebben, daar kunt u van op aan.

Deze ochtend stond als eerste in het teken van het terugbezorgen van de auto bij de verhuurmaatschappij. Want dat is iets waar we niet onderuit konden, en volgens de autoriteiten was het verstandig om vanaf 12 uur vanmiddag binnen te blijven. Na de auto ingeleverd te hebben, gingen we naar het busstation. De metro reed inmiddels al niet meer. Vijf over half 10 zou de bus arriveren. Het beste van alles, het openbaar vervoer was vandaag gratis. Wel, dat is natuurlijk een kolfje naar de hand van een echte Nederlander. Tien voor half tien kwam er iemand langsgelopen van de beveiliging met de mededeling dat er vanaf 9:05 geen bussen meer reden. Verder waren er geen opties. Aangezien we een airport-hotel hebben, betekent dat we niet al te ver van het vliegveld afzitten. Volgens de routeplanner zou het iets meer dan 5 kilometer lopen zijn. Het was nog lang geen twaalf uur, en het waaide nog niet, dus zijn we aangewandeld. Eerste obstakel kwam al snel in beeld. Een wegopbreking. Een blik op de GPS leerde ons dat dit iets meer dan een kilometer om lopen betekende. Geen enkel probleem, en we wandelen verder. Inmiddels valt er af en toe een regenbuitje, maar nog steeds geen wind.

We komen bij een parkeerterrein aan. We willen dit oversteken, om de route aan de andere kant te vervolgen. In het midden van de weg staat een hokje. Net iets groter dan een hondenhok. Als we het passeren zwaait plotseling de deur open. Een of andere security-man, die aan zijn postuur te zien het werk al enkele tientallen jaren duurt. Als ik zijn leeftijd inschat, vermoed ik dat de man al vanaf zijn 16e verjaardag in het hokje zit. Ik leg hem uit dat we het parkeerterrein over willen steken om dan de weg op te lopen, bijt hij ons toe dat dat niet toegestaan is omdat het privé terrein is. Ik vraag hem of we de 128 meter over zijn terrein mogen oversteken, omdat we anders meer dan 1½ kilometer dienen om te lopen, en dat het wel heel sociaal zou zijn gezien er een orkaan op komst was als het zou mogen. Wederom bijt hij ons hetzelfde toe. Privé terrein! Normaal gesproken zou ik zeggen dat blaffende honden niet bijten, maar aangezien men hier iemand met het IQ van een laaggeschoolde mier al een pistool in zijn handen geeft, haak ik af. We lopen om.

Als we het stukje hebben omgelopen, stuitten we weer op een kleine omleiding omdat de weg is afgesloten. Ook een kilometer of 2. Nog steeds geen probleem, aangezien het nog steeds niet waait. We beginnen aan het laatste stuk van de wandeling. Een lange rechte weg, langs het hek van het vliegveld af, van een kilometer of vier. Als alles mee had gezeten, hadden we inmiddels al in het hotel gezeten, maar de route zal nu in totaal op 10 kilometer uitkomen. Iets meer als we bedacht hadden, en als we dat op voorhand hadden geweten, hadden we een taxi genomen. Aan de andere kant… We hadden nu dan minder te tikken gehad. We hebben inmiddels al vele regenbuitjes gehad. We zijn behoorlijk nat terwijl de temperatuur nog steeds boven de 30 graden is. Dat betekent dus nat van de regen én nat van het zweten. De weg is lang en saai. Heel veel auto’s rijden er niet. Als we halverwege zijn, stopt er plotseling een auto.

Een latino met baseballcap, vol tatoeages en in het bezit van de nodige piercings doet zijn raampje open en vraagt of hij ons een lift kan aanbieden. Normaal gesproken zou ik vriendelijk bedanken, maar vandaag is het toch anders. De regenbuitjes zijn van steeds langere duur, en we willen zeker op tijd in het hotel zijn. Het is inmiddels bijna 11 uur, als we verder zouden wandelen, zouden we zeker voor 12 uur bij het hotel zijn, maar zekerheid is ook wel fijn. We stappen in, en kletsen een paar minuten met de jongen alvorens hij ons afzet bij het hotel. We bedanken hem uitgebreid en vriendelijk en gaan naar onze kamer.


We eten een broodje dat we gisteren hebben gekocht, en zetten het nieuws op het Weather Channel aan. We beginnen op het gemak onze koffers opnieuw in te pakken, en bedenken dat we zometeen wel even in het zwembad kunnen gaan zwemmen.


Rond de klok van twee uur, inmiddels waait het nog steeds niet, en de regen is ook niet noemenswaardig te noemen, meld het nieuws dat het oog van de orkaan het eiland Groot-Bahama aan de noordzijde is voorbijgetrokken. Dat is goed nieuws, aangezien de orkaan nu veel noordelijker de kust van Florida zal bereiken, en Miami niet in gevaar komt. De waarschuwingen worden bijgesteld naar een zware storm, die pas in de loop van de nacht het hoogtepunt zal bereiken. De vliegtuigen landen en vertrekken nog steeds op het vliegveld hier.


Aangezien we voor u het best mogelijke live-verslag willen verzorgen, besluiten we om een kilometer of vijf te gaan wandelen. Kijken hoe het nu echt buiten is. We wandelen en zien niets. Geen auto’s op de wegen waar men normaal gesproken bumper aan bumper staat. Bijna geen auto’s op de parkeerplaats bij Wal-Mart. Een parkeerplaats waar we eergisteren nog ruim 10 minuten dienden rond te rijden alvorens we een parkeerplekje hadden.


Ook zijn alle winkels en restaurants gesloten. We zijn dus blij dat we gisteren ons eigen noodpakket hebben samengesteld, bestaande uit broodjes en kaarsen. Deze ochtend hebben we dat aangevuld met wat beleg uit de ontbijtruimte, aangezien gisteren het betaalbare beleg in de winkel was uitverkocht, en ik simpelweg weiger om $17 te betalen voor een pot pindakaas of chocoladepasta.


De berichten uit Nederland en België die ons bereiken, vertellen dat men op het nieuws ziet, dat men alles aan het barricaderen is. Dat zien wij niet. Bij welgeteld 1 pand is de voorgevel dichtgespijkerd. Inmiddels regent het nagenoeg constant, maar de wind is nog steeds niet noemenswaardig te noemen.


We wandelen terug naar het hotel en gaan een paar potjes biljarten. Wat dat betreft hebben we wel geluk met dit hotel, aangezien ze dit hier hebben. Iets wat we nog niet eerder hebben gezien in een hotel in de VS.


Inmiddels is het half negen en waait het redelijk. Nog niet spannend. Men verwacht hier vannacht windkracht 7 à 8 en morgen neemt het allemaal weer af. We hopen dat de vlucht van morgen wel doorgaat en niet alsnog geannuleerd wordt.
Lees het verhaal
5 oktober 2016

Vriend Matthew

Het verhaal van de dag is toch wel begonnen op het moment dat we bijna terug bij de parkeerplaats van de auto waren en ik een WiFi-signaal opving met de telefoon en zodoende de e-mail werd binnengehaald. Het doel van vandaag was om redelijk op tijd terug in het hotel te zijn, zodat we onze koffers deze avond zouden kunnen herinrichten om morgen de reis naar huis te aanvaarden. Zo gezegd, zo gedaan en dus op ruim op tijd terug bij de auto. Zoals eerder vermeld, werd de mail binnengehaald. Één van die mails had als onderwerp Urgent Information about your trip. Deze gelijk geopend en wat was het geval. Onze vlucht terug naar huis is geannuleerd. Gelukkig werd er tegelijkertijd wel weer een nieuwe boeking bij vermeld en kunnen we een dag later alsnog naar huis, maar om eerlijk te zijn, zijn we er niet echt blij mee.

We weten natuurlijk niet in hoeverre men het nieuws thuis volgt, maar er woedt een orkaan rondom Haïti, Cuba en de Bahama’s. Zo heel ver hiervandaan is dat nu ook weer niet, maar tot op heden hebben we nog nergens last van. Af en toe een fikse regenbui, maar dat is ook alles. Op dit moment zijn we in Miami, en als de voorspellingen kloppen, dan krijgt men hier alleen maar last van een tropische storm en geen last van de orkaan. Wel is men hier voor de zekerheid voorbereidingen aan het treffen voor het geval dat. Zo zijn winkels en restaurants eerder gesloten. Benzine is door het hamsteren al bijna overal uitverkocht. Deze storm bereikt morgenmiddag rond de klok van twee uur Miami. Eigenlijk zouden we dan al hoog in de lucht hangen, maar dat is nu dus 24 uur uitgesteld. We hebben dus ook maar wat kaarsen gekocht, en ervoor gezorgd dat we iets te eten in de hotelkamer hebben liggen. Voor het geval dat.

Dat was dat, vandaag hebben we Miami bezocht. Heel hoog stond deze stad niet op ons verlanglijstje, en waarschijnlijk daarom hebben we ons er ook niet zo in verdiept wat er nu precies in de stad te zien is. We hebben gisterenavond de reisgids ter hand genomen, en bedacht dat we vandaag een korte wandeling door het centrum zouden gaan maken en daarna nog een bezoekje zouden brengen aan Little Havanna. In de ochtend als eerste naar Downtown. Ik moet zeggen, dat Miami niet zo’n geweldige indruk op ons maakte. Zijn we verwend? Of… is het gewoon niet zo heel bijzonder allemaal? Wel zagen we hier en daar een paar fraaie beelden en gebouwen staan. We wandelden de brug over, om zo de skyline van de stad vast te kunnen leggen. Op dat moment vonden we Miami toch wel een imposante stad. We kunnen ons voorstellen dat je echt een wow-gevoel hebt als je zoiets voor de eerste keer ziet. We hebben dan ook van dit uitzicht genoten.

In de middag naar Little Havanna. Een bruisend deel van Miami dat is doordrenkt met Cubaanse invloeden en altijd swingt. Zo omschrijft de reisgids dit gedeelte van Miami. Ook hier gold weer dat wij het niet zagen. Uitgezonderd een paar punten dan. Maar over het algemeen, was dit gewoon een deel van Miami, waar men veel vuil op de straten achterlaat. Niet het meest plezante plekje om te zijn. Niet dat het onveilig was. Integendeel, maar het zag er gewoon niet allemaal zo heel florissant uit. Met een beetje strak uitkaderen is dat met een fototoestel allemaal heel gemakkelijk te camoufleren, maar dat verandert voor ons de indruk niet.

Morgen de auto inleveren, en afwachten op dat wat komen gaat. We hopen dat het allemaal een storm in een glas water blijkt te zijn en dat het gewoon overwaait.
Lees het verhaal
4 oktober 2016

Het waterballet

Vandaag stond een bezoekje aan het noordelijk deel van het Everglades NP op het programma. Hier zou meer nat grasland te zien zijn, en bovendien is er ook nog een uitkijktoren waar je op hoogte over de Everglades uit zou kunnen kijken. Zoals eerder gezegd, is het beeld dat wij, en ik denk ook de meesten, van de Everglades hebben, de ondergelopen weides, waar je met een propellerboot over heen kunt scheren. Dat laatste kunnen we vergeten in het Nationaal Park zelf, maar we hebben we bedrijven gevonden, waar je met een propellerboot kunt worden rondgevaren net buiten het park. Naar het bezoekerscentrum in het noorden is het bijna 85 kilometer rijden. Aangezien we vanmiddag ook nog met zo’n propellerboot mee willen, dienen we, zoals gewoonlijk, tijdig bij het hotel te vertrekken.

Het nadeel van de regio rondom Miami is dat het druk is. Een deel van de 85 kilometer wordt stapvoets afgelegd, en daardoor neemt de rit 2 uur in beslag. Als we de laatste afslag nemen, is het gedaan met de drukte, en kunnen we vlotjes doorrijden naar het bezoekerscentrum. Eenmaal gearriveerd, parkeren we de auto en wandelen we naar het bezoekerscentrum. We vragen naar de uitkijktoren, en het antwoord dat we te horen krijgen, doet ons vermoeden dat men heel graag wil dat dit park met superstip op nummer 1 van minst leuke Nationale Parken van de VS komt. Natuurlijk konden we de toren bezoeken. Als we dat wilden, dienden we wel even $40 te betalen. Per persoon welteverstaan. We zouden dan anderhalf uur later met een busje naar de toren worden gebracht. Voor een kwart van dat geld, kan ik naar de top van de Eiffeltoren, en laten we eerlijk zijn, dat staat toch iets meer tot de verbeelding dan de 15 meter hoge uitzichttoren van het Everglades NP. Als we vriendelijk bedanken, wordt ons verteld dat we ook met de fiets kunnen gaan. Om een oude, roestige, nog net niet uit elkaar vallende fiets met slappe banden te mogen huren dienen we $9 per persoon per uur te betalen. We dienen rekening te houden dat we de fiets minimaal drie uur nodig zullen hebben. Als we vertellen dat we ook dit een klein beetje ‘over-the-top’ vinden, wordt ons verteld dat we ook kunnen lopen. Een wandeling van 27 kilometer enkele reis welteverstaan. Gratis, dat dan weer wel.

Als we besluiten dat dit niet iets is wat voor ons is weggelegd, vragen we wat we nog meer kunnen doen vanaf dit bezoekerscentrum. We horen dat er twee korte wandelingen zijn. Één daarvan begint recht achter het bezoekerscentrum en als we dat volgen komen we op een ander pad uit. Als we dat pad anderhalve kilometer volgen, komen we aan het begin uit van een andere korte wandeling. Eindelijk iets dat ons als muziek in de oren klinkt. Als we goed en wel op pad zijn, zien we een kleine alligator de weg oversteken. We maken foto’s en vervolgen onze weg.


Als we bij het startpunt van de tweede wandeling zijn aangekomen, zakt mijn onderkaak richting het aardoppervlak. Inderdaad van verbazing. Het pad van de leuke korte wandeling is namelijk een beetje vochtig. En dan in die mate vochtig, dat als je aan de wandeling zou beginnen dat je knieën nat worden. Eigenlijk gewoon een ‘no-go’ dus. Nu ben ik van mening dat men dit ons bij het bezoekerscentrum best wel had kunnen vertellen.


We besluiten om terug te wandelen richting de auto en dan verder te gaan. Onderweg ontmoeten we een ouder stel. Ze zijn afkomstig uit Schotland en hebben al vele malen door de VS gereisd. Ze regelen altijd alles zelf en houden van vroeg opstaan. Plotseling zie ik onszelf over 30 jaar en glimlach. De man verteld ons dat hij een hele grote alligator heeft gezien en ons die graag wil laten zien. We gaan op zijn aanbod in, en korte tijd later zien we, verscholen, een reusachtige alligator liggen. Terwijl we nog wat staan te babbelen roept zijn vrouw. Ze wil met de bus mee die op het punt van vertrekken staat, en hij dient nog twee kaartjes te kopen. Zouden wij dat over dertig jaar wel doen, of zouden we dan nog te geldbesparend zijn?


We laten het Everglades NP voor wat het is en we besluiten om naar Big Cypress National Preserve te gaan. Veel weet ik niet over dit park dat tegen het Everglades NP aan ligt, maar ik heb gezien dat er een zogenaamde loop road is. Wellicht dat deze weg de moeite waard is om enkele uren te overbruggen voordat we op pad kunnen met de propellerboot. We rijden de weg op, en komen nagenoeg geen auto’s meer tegen. Wat ons opvalt is dat de mensen die langs deze weg wonen allemaal een laag hek rondom hun huis hebben. Zou dat tegen de alligators zijn? Het lijkt ons de meest logische verklaring. De weg is niet veel aan. Links bomen, rechts bomen en af en toe komen we een auto tegen. Na bijna een half uur over deze weg gereden te hebben, zet ik de auto stil. Voor me ligt een plas water over de gehele weg. Ik denk ongeveer een centimeter of 25, 30 diep. Aangezien ik totaal geen ervaring heb met het rijden door een plas van deze afmetingen vraag ik me af of het mogelijk is met een auto als wij hebben. Ik denk na, en bedenk me dat we soortgelijke auto’s tegemoet zijn gereden. Ik hoop dat ze niet ergens uit een of ander zijstraatje zijn gekomen, en geef gas. Voorzichtig, dat wel. Als ik te veel gas geef, denk ik dat de 367 PK’s van onze Dodge de achterwielen een golfslagbad laten creëren. Als ik te weinig gas geef, ben ik bang dat de auto af zal slaan. Wat dan? In gedachten sla ik een kruisteken en prevel ik een schietgebedje. Ik doe nog net mijn ogen niet dicht als de voorwielen het water raken.


Plotseling bevinden we ons in een muur van water. Overal waar we kijken zien we niets anders dan opspattend water. Vol spanning gaan we verder en raken heelhuids aan de andere kant van de plas water. Enkele minuten later herhaalt het hele circus zich weer als we wederom bij een enorme waterzee op de weg staan. Korte tijd later wederom één, en weer, en weer. Mijn vertrouwen in onze auto groeit met het trotseren van elke plas, en op het laatst kunnen we zelfs genieten als we alweer omringd worden door een muur van water.


De asfaltweg gaat over in een zandpad, en plotseling zijn de plassen op de weg verdwenen. Hier en daar zien we een opening tussen de bomen, en zien we wonderschone plaatjes. We stoppen met grote regelmaat en telkens als we stoppen, lijkt het alsof het stukje schitterende natuur dat we te zien krijgen een zoek en vind plaatje is. Waar we ook kijken, overal zien we plotseling iets. Dan een prachtig vogeltje. Dan weer een alligator. Dan weer alligatorgars van meer dan een halve meter. Hier begint het grote genieten.


We rijden verder en plotseling meen ik vanuit mijn linkerooghoek door een klein gaatje tussen de bomen iets te zien zitten.


Ik zet de auto in zijn achteruit, en stop om te kijken of ik inderdaad zag wat ik meende te zien. We kijken even, en zien dan inderdaad een Amerikaanse moerasschildpad wanhopig een paar straaltjes zon proberen op te vangen.


We genieten en de tijd vliegt voorbij. De tijd die we wel in de gaten dienen te houden, anders zijn we nog te laat voor de laatste rondvaart met een propellerboot van die dag. En dat is iets wat we toch niet willen missen. Ook al kost dat bijna $40 per persoon. We hebben het idee dat de boten wel iets groter zullen zijn dan de boten die we in alle series zien. Na een kort onderzoek hebben we immers al ontdekt dat een rondvaart met zijn tweeën door de wetlands op minimaal $350 komt. Wel, zó leuk lijkt het ons ook weer niet. We parkeren de auto, kopen kaartjes en gaan staan te wachten in de rij. Als ik de boten, waar ongeveer 20 personen tegelijkertijd in kunnen, sta te bewonderen begint het plotseling te stortregenen.


De ervaring van de afgelopen dagen heeft ons geleerd dat de regenbuien hier over het algemeen niet al te lang duren. Toch besluiten we om nog even snel de jassen uit de auto te halen. Voor het geval dat. De rondvaart begint, en als we de eerste bocht om zijn, begint de enorme motor achter me te brullen. We vliegen over het gras, dat gewillig ombuigt. Wild zien we niet, maar dit is het idee dat we hebben als men het over de Everglades heeft. Dit zijn de beelden die men wil zien. Dit is hetgeen men hier wil ervaren. Ik weet wel, dat die beelden door de Amerikaanse TV-series opgedrongen zijn, maar toch. Dit is precies dat wat we hier willen beleven. We genieten.


Voor we er goed en wel erg in hebben is de pret alweer voorbij, en moeten we afscheid nemen van onze stuurman. We kijken nog even naar de alligatorshow en wandelen door de kleine dierentuin alvorens we naar het laatste hotel van deze trip gaan.


Nog nagenietend van al het moois dat deze dag ons gegeven heeft, rijden we Miami binnen. We parkeren de auto bij het laatste hotel van deze trip. Ruim een half jaar geleden geboekt. Als we willen inchecken, blijkt dat de boeking niet bekend is bij het hotel. We laten de dame achter de balie de bevestiging zien. Ze kan ons een kamer voor een nacht aanbieden voor dezelfde prijs, maar hebben wij twee nachten geboekt. We hebben, ondanks dat de dag vandaag niet zo geweldig is begonnen, geluk vandaag. Want de dame achter de balie blijkt de eerste vriendelijke inwoner van Florida te zijn. Ze geeft ons het wachtwoord van de WiFi, en verteld ons dat we op het gemak een ander hotel kunnen gaan zoeken. Tot zolang houdt ze de laatste kamer van het hotel voor ons vast. Over het algemeen zijn hotels niet zo’n groot probleem in de VS, maar het is altijd wel fijn, als het eerste en het laatste hotel van de reis geregeld zijn. Bij alletwee ging het deze reis fout. Al snel vinden we een hotel dat nog wel kamers voor twee nachten vrij heeft. We bedanken de vriendelijke dame achter de balie en glimlachend zwaait ze ons uit terwijl wij dan op weg gaan naar het einde van onze rondreis.
Lees het verhaal
3 oktober 2016

De olifantendoders

Het spijt ons u te kunnen vertellen dat Everglades NP met stip in de top 3 van minst leuke Nationale Parken is terechtgekomen. Niet dat de natuur niet mooi is, integendeel. Maar het park en de wijze waarop alles wordt gepresenteerd weet telkens weer een nieuwe teleurstelling te bewerkstelligen.

In het begin van het park, waarschuwt men netjes dat er behoorlijk wat giftige planten en bomen in het park voorkomen, en dat men moet proberen om er niet tegenaan te lopen om er zo zeker van te zijn, dat men nergens jeuk of iets dergelijks van krijgt. Netjes, nietwaar? Ook waarschuwt men keurig dat men niet door hoog gras moet lopen, omdat daar giftige slangen en amfibieën zich in kunnen schuilen. Vervolgens komt men tot de ontdekking dat er vele wandelingen zijn die in de categorie, ‘een leuke afstand’ vallen.Vol goede moed gaat men op pad en begint men aan de eerste wandeling. Al snel komt men tot de ontdekking dat men geen tijd heeft om naar al het fraais in de natuur te kijken, omdat men continue bezig is om de muggen van zich af te slaan. O ja, ben ik vergeten te vertellen. We lopen hier met een lange broek, shirt met lange mouwen rond, terwijl de temperatuur boven de 30 graden is. Snel terug naar de auto om onszelf bijna van top tot teen met DEET in te smeren. We beginnen aan een nieuwe wandeling, en het scheelt iets, maar het is nog steeds geen pretje. Aan het einde van de dag ontdekken we hoe mensen hier een boottochtje maken. Geeft voor ons toch niet echt het idee van ontspanning.Gelukkig is het vandaag heel rustig in het park. Gelukkig aangezien de parkeerplaats bij het begin van de volgende wandeling welgeteld één auto kan herbergen. Als we naar het begin van het pad lopen, lezen we een bord dat het wandelpad niet onderhouden wordt en dat men er rekening mee moet houden dat het pad overwoekert kan zijn. Dit zien we al snel met eigen ogen, en met het verhaal over de giftige planten, bomen, slangen en amfibieën in het achterhoofd besluiten we om deze wandeling te laten voor wat die is. Jammer, want deze wandeling staat als zeer fraai aangegeven. Maar er zijn meer dan voldoende andere wandelingen die aan onze voorkeur voldoen, dus op zich is het verder geen probleem. Echter al snel ontdekken we dat daar het niet onderhouden van wandelpaden in combinatie met het verhaal over eerder genoemde giftige natuurfenomenen het ene na het andere wandelpad afvalt. Gisteren zagen we iemand met een huis,-tuin,- en keuken grasmaaier de berm maaien. Wellicht dat het voor het parkbestuur een wijs besluit zou zijn als in plaats daarvan de wandelpaden een keer onderhouden worden.Die paar wandelpaden die overblijven, maken toch dat we, ondanks de in overvloed aanwezige muggen, kunnen genieten van de bijzonder natuur die we hier te zien krijgen. Met dit geheel is niets mis mee. Als we zitten te lunchen, kunnen we een klein stukje verderop telkens de zeekoeien (die zich overigens niet zomaar op de gevoelige plaat laten vastleggen) even boven water zien komen om adem te halen. Ondertussen dat we daarvan zitten te genieten, houden we met de ene hand ons brood vast, terwijl we met de andere hand de muggen van ons lijf proberen te houdenWe doen nog enkele wandelingen en stoppen hier en daar langs de weg om vogels te bewonderen. Voor vogelliefhebbers is dit park een waar paradijs. Wel moeten ze dan als imker verkleed gaan om foto’s te maken, maar dat terzijde. Als we een foto van een paar vogels proberen te maken, zien we plotseling een waterkolk. Hier zwemmen enkele Alligatorgars rond. Deze snoeksoort kan wel drie meter groot worden. De exemplaren die wij rond zien zwemmen zijn ongeveer een centimeter of dertig.Door al deze ‘ellende’ en onduidelijke communicatie vinden wij, ondanks de bijzonder en schitterende natuur, dit park niet aanbevelenswaardig te noemen en verlaten we toch iets eerder dan verwacht het Everglades National Park. Net buiten het park parkeren we de auto en besluiten we om een stukje te gaan wandelen. Het gehalte muggen is hier nihil. Wel worden we gewaarschuwd voor ratelslangen, pythons en watermoccasins. We kijken dan ook goed uit voor deze dieren. Zo goed zelfs, dat een dood exemplaar van een centimeter of 10 ontdekt wordt.Wellicht dat het voor sommigen klinkt alsof we de laatste dagen niet zo’n plezier hebben in de plek waar we zijn. Niets is minder waar, zoals gewoonlijk genieten we volop (al moet ik zeggen dat ik niet zo geniet van de meer dan 40 muggenbulten op mijn lijf). Alleen is het misschien iets minder spectaculair als we hadden verwacht. Bovendien als we van iedere mug een olifant zouden maken, dan spijt het mij te moeten zeggen, dat wij vandaag een enorme hoeveelheid olifanten hebben gedood.
Lees het verhaal
2 oktober 2016

De Floridude

De meesten lezers hadden vandaag wellicht weer een foto van de een of andere tropische vis bovenaan het verhaal van de dag verwacht. Wij zelf in ieder geval wel, aangezien voor vandaag de tweede ochtend snorkelen gepland stond. De rederij die we gisteren hadden uitgezocht was bijna op het einde van The Keys. De rederij van vandaag bevond zich in het eerste gedeelte van The Keys. De kritieken waren unaniem lovend, en zo heel veel rederijen in het eerste gedeelte zijn er niet. Dus enkele maanden geleden een excursie alhier geboekt. Robbie’s heette de zaak. Met zo’n naam kan het eigenlijk niet misgaan zou men denken. Wel dus. We dienden ons om half negen te melden. Enkele minuten voor tijd waren we aanwezig en melden we ons aan de balie. “O, de excursie van negen uur? Die gaat niet door, jullie waren de enige twee aanmeldingen. Je kunt om twaalf uur mee. Komt niet uit? Oké, ik heb het geld al teruggeboekt naar je rekening. De e-mail volgt over enkele minuten.” Op de vraag waarom we gisteren niet verwittigd waren over het feit dat er niet genoeg boekingen waren kregen we als antwoord dat er alleen maar een telefoonnummer beschikbaar was. En tja, dat was internationaal. Toen ik opmerkte dat dat niet helemaal juist was, omdat het enkele seconden eerder zonder mij iets te vragen mij een e-mail had gestuurd, kwam als antwoord dat hij het pas net wist. Het speet de man dat we zo lang hadden moeten rijden. De toon waarop ons alles werd meegedeeld deed bij ons totaal niet het idee opkomen dat er ook maar iets van spijt bij de man te bekennen was. Het klonk als een standaard verhaal. Vriendelijk maar volkomen monotoon. Zonder ook maar ergens een spoortje van emotie of medeleven. Ook dit was voor ons weer een voorbeeld van de Amerikaan die in onze ogen geen Amerikaan zou mogen heten. We noemen ze in het vervolg maar gewoon de Floridude. Alles bij deze mensen is erop gespitst om het geld uit jouw broekzak te trekken. Het liefste zonder er maar iets meer voor te doen dan je dude te noemen. Want blijkbaar komt dat vriendelijk over.De tijd was voor ons nu te kort om een andere rederij te zoeken die een excursie deed, aangezien alle maatschappijen om negen uur uitvaren. Wat te doen? We besloten om een kop koffie te gaan drinken en aldaar iets op te zoeken op de laptop. Uiteindelijk vonden we een alternatief. Alhoewel het niet echt een alternatief was. Voor nagenoeg hetzelfde geld als de drie uur durende excursie (die dus niet doorging), konden we ook een heel uur snorkelen in Key Largo. We hadden nog tien minuten om ons te melden. En dat uur was ook nog eens afhankelijk van de drukte die er was. Als het niet zo druk was, duurde het korter. Na kort overleg besloten we deze optie ook maar als geen optie te beschouwen en gingen we op weg naar hetgeen we eigenlijk voor deze namiddag hadden gepland. De Everglades.We melden ons bij het bezoekerscentrum en ook hier was het personeel geen toonbeeld van vriendelijkheid. Na ons verhaal van hetgeen we naar op zoek waren qua wandeling kwam een standaard verhaal. Op zich niet erg, ware dat het verhaal van deze Floridude totaal niet aansloot bij hetgeen we aangaven te zoeken. Ach, wat zou het ook. We hebben al zo vaak ons eigen plan getrokken dat dat ongetwijfeld ook vandaag zou gaan lukken. We rijden naar de toegangspoort en melden ons netjes bij de ingang. Creditkaart in de aanslag om de $25 entree te betalen. “Willen jullie wel naar binnen?”, was de welkomstgroet die de vrouwelijke Floridude ons op snauwerige toon deed toekomen. In gedachten antwoorde ik: “Natuurlijk wil ik niet naar binnen muts, sorry, Dude. Daarom sta ik hier bij de toegangspoort met een creditcard in mijn hand die ik jouw wil overhandigen zodat je er een gedeelte van onze zuurverdiende centen van af kunt boeken.” In werkelijkheid kwam er gewoon een “Yes” als antwoord uit.Terwijl ik in het park aan het rijden was, deed Marieke snel haar huiswerk en vond een wandeling die niet al te lang was. We begonnen snel aan onze wandeling en al snel spotten we ons eerste wild van de dag. Een sprinkhaan, twee libellen en honderden muggen. De sprinkhaan liet zich gewillig op de gevoelige plaat vastleggen. De libellen werkten niet zo mee, en de muggen. Wel, daar waren wij gevoelig voor.Na de wandeling van iets meer dan een halve kilometer, alhoewel wandeling tekort doet, aan deze lange sprint die het eigenlijk was, telde ik bij terugkomst in de auto twaalf muggenbulten. Snel werd onze gebruinde huid ingesmeerd met DEET.Op weg naar de volgende wandeling. Het doel was het bezoekerscentrum bij Flamingo Bay. Inmiddels hadden we al geleerd dat er in de Everglades geen flamingos leven, wel andere roze vogels. Waarom ze het dan zelf Flamingo Bay noemen is ons een raadsel. Het bezoekerscentrum alhier is gesloten, alhoewel er volgens de brochure dagelijks een Floridude aanwezig zou dienen te zijn. De bus waarin plek is voor een vrijwillige donatie voor onderhoud van het park is wel aanwezig. Volgens mij heb ik nog geen uur eerder vijfentwintig dollar betaald voor onderhoud van het park, waarvan ik inmiddels met eigen ogen heb gezien dat daarmee in dit park in ieder geval niets gedaan wordt aangezien de picknicktafels verscholen zijn in een grasveld waar het gras meer dan een meter hoog staat, dus waarom zou ik überhaupt overwegen om iets te doneren? Als we naar buiten lopen zie we enkele mensen aan de rand van het water staan. Een zeekoe komt met zijn snuit naar boven. Het is niet veel wat het beest van zich laat zien, maar toch maakt dit beeld weer veel van de frustratie goed. Jammer genoeg blijkt de DEET niet te werken, en zien de muggen ons nog steeds als een zoete maaltijd.Ondertussen is het voor de verandering maar weer eens gaan regenen. The Sunshine State, herinneren jullie dit nog? Vier dagen zijn we nu in Florida, en we hebben voor de vierde dag regen. Gelukkig wordt het iedere dag wel minder. Nu is het slechts een korte, redelijk hevige bui. Onderweg naar de volgende stop staat er een auto langs de kant van de weg met de alarmlichten aan. Een Virginia kentekenplaat zit er op het voertuig. Links van de weg zien we een alligator liggen. Als we aansluiten rijden zij langzaam iets vooruit zodat wij kunnen aansluiten en ook foto’s maken. Kijk, dit is de vriendelijkheid die we kennen van de meeste Amerikanen. De auto rijdt verder en keert een stukje verderop, om vervolgens keurig te wachten zodat wij de foto’s kunnen maken die we willen maken. Wij bedanken de mensen vriendelijk door een keer te zwaaien en te lachen. Vriendelijk wordt er teruggelachen en gezwaaid. Dit moment zorgt ervoor dat het restje frustratie dat er nog zat ook is verdwenen.De laatste wandeling voor vandaag is ook een korte wandeling. Hier zien we eigenlijk voor het eerst het beeld dat wij van de Everglades hebben. Ook al dienen we te bekennen dat dit beeld vooral door series als CSI: Miami & Miami Vice is ingegeven.We wandelen door de wetlands zoals het met een mooi woord heet. Een rivier van 8 mijl (ruim 12 kilometer breed) die niet diep is, heel langzaam stroomt richting de oceaan en waar veel gras in groeit. We genieten en sluiten de dag toch nog met een goed gevoel af. Daar kan geen enkele Floridude en 32 muggenbulten iets aan veranderen.
Lees het verhaal
1 oktober 2016

De sleutelparade

Kwart over vijf gaat de wekker. Zelfs voor ons is dat vroeg te noemen. Maar zoals men dat zo mooi noemt, nood breekt wet. We dienen namelijk tussen acht uur en half negen bij de rederij Starfish in Marathon te staan. De geschatte reistijd vanaf het hotel is anderhalf tot twee uur. Aangezien we zeker op tijd willen zijn, dienen we toch op tijd te vertrekken. We hebben ook nog eens de pech dat we niet heel geweldig hebben geslapen vannacht. Op het hotel was niets aan te merken. Maar het heeft bijna de hele nacht geonweerd. Ook de wind was behoorlijk heftig te noemen. We kunnen eigenlijk alleen maar hopen dat het weer in de ochtend wat opklaart. Mocht de snorkeltour die voor vandaag gepland staat afgelast worden, dan wordt er een uur voor aanvang van de tour een mail gestuurd. Beetje vreemd in onze ogen, aangezien we er om 8 uur dienen te zijn en de tour om 9 uur begint. In alle vroegte vertrekken we bij het hotel, en iets na achten komen we op de plaats van bestemming aan. We vullen alle nodige paperassen in, en rond de klok van negen varen we uit. Het onweert en regent niet meer. Langzaamaan begint de lucht iets open te trekken, maar het waait nog hard. De zee is behoorlijk ruw.Perfect weer dus om voor de eerste keer van je leven in open zee te gaan snorkelen. We springen in het water, en het duurt even voordat we de slag te pakken hebben. Maar dan is het dan toch echt tijd om te genieten. Het is net alsof we door een aquarium zwemmen. Ik ontdek dat vissen wel iets weg hebben van vogels. Ze zijn razendsnel en hebben geen goesting om te wachten tot het moment dat je een goede foto hebt gemaakt. Gelukkig zijn we over een paar foto’s wel redelijk tevreden.

De tijd vliegt voorbij, en voordat we er erg in hebben worden we teruggefloten door de kapitein en moeten we terug aan boord komen. We zien dat de zee inmiddels een stuk rustiger is geworden. Eigenlijk hadden we dat helemaal niet door toen we nog in het water lagen. Voordat we goed en wel aan de terugtocht beginnen, maken we nog snel een foto van de vuurtoren van Marathon die in volle zee staat, en eigenlijk niet meer is dan een roestig ijzeren frame met daarop een lamp. Maar toch heeft het geheel wel iets, en begrijpen we waarom dit op menig briefkaart en kalender is vereeuwigd.The Florida Keys! Een must-see volgens diverse mensen. We hebben ons laten verleiden, en inderdaad, het snorkelen is geweldig. Maar The Keys, is meer dan alleen maar snorkelen. Het is… Tja, wat is het eigenlijk? Dat vragen we ons ook af als we naar het meest westelijke puntje rijden. “De weg erheen is al grandioos!”, roemt men als men over The Keys praat. We rijden over die roemruchte weg. Ik kijk links en zie bomen. Ik kijk rechts en zie bomen. Ik kijk voor me en zie auto’s. Ik kijk in de achteruitkijkspiegel en zie auto’s. En dat kilometer na kilometer. Oceaan zie ik nergens. Men kan wel zeggen dat ik bezig ben om van eiland naar eiland te rijden. Maar daar merk ik niet veel van. De weg is ruim 180 kilometer lang en saai. Een kilometer of 20 zijn wel leuk, en dan heb ik het met name over de 7-Mile-Bridge en het laatste stukje richting Key West, als de eilandjes niet zo groot zijn, en ik de oceaan wel kan zien. We arriveren in Key West en na de auto geparkeerd te hebben, komen we na een korte wandeling terecht in iets wat ik het beste kan omschrijven als ‘De hel voor P&M’. Toeristisch op en top. Souvenirwinkel na souvenirwinkel. We gaan er een naar binnen om het broodnodige rugzakspeldje aan de collectie toe te kunnen voegen. Als we willen vragen wat deze zou moeten gaan kosten, blijkt er geen personeel in de winkel aanwezig te zijn. We gaan een deur verder. Hier is wel iemand van het personeel aanwezig. Niet al te vriendelijk worden we welkom geheten. We vinden niet wat we zoeken, en gaan de volgende deur binnen. En de volgende deur. Hier is ook iemand van het personeel aanwezig. De eigenaar schatten we in, en ook hij komt niet al te vriendelijk over, aangezien hij simpelweg een potentiele klant staat uit te schelden. Als deze weg is, foetert hij vrolijk verder over de klant tegen ons. Wat er gespeeld heeft weten we natuurlijk niet, maar feit is dat men niet zo over zijn klanten dient te spreken. Zeker niet tegen volslagen vreemden. We gaan snel de deur weer uit en bij de volgende stop vinden we precies wat we zoeken. Een speldje dat verkocht wordt door redelijk vriendelijk personeel. We wandelen verder, en besluiten om een kop koffie te gaan drinken bij die welbekende Amerikaanse keten. Het is hier zo toeristisch, dat men ervan overtuigd is dat die domme toerist de spullen toch wel koopt, dat men het niet nodig vindt om hier ook maar enige vorm van meubilair binnen te zetten. Tot nu toe hebben we nog geen hoge pet op van The Keys. De mensen die hier zijn om jou zuurverdiende centjes binnen te harken, zijn niet echt vriendelijk te noemen. Het gaat zowat richting het arrogante toe. Dit is alles behalve wat we van Amerika gewend zijn.We besluiten om naar het monument te gaan dat op ieder souvenir te zien is. Dit baken toont dat we nog 90 mijl van Cuba verwijdert zijn, en vol trots staat er op het monument dat dit het zuidelijkste puntje van het vasteland van de Verenigde Staten is. Op zich toch ook weer vreemd, aangezien we een uur eerder toch echt ruim 700 meter meer zuidwaarts hebben gestaan. Daar was overigens niets te zien. Maar goed. Het zij zo. Bij het monument is het druk. Inderdaad, met toeristen. Althans dat dacht ik, want als we netjes zijn aangesloten achteraan in de rij, blijken het fotomodellen te zijn. Uitvoerig wordt er geposeerd bij het monument. De een vindt zichzelf nog mooier dan de ander. Geflaneerd wordt er hier overal. Vele vrouwen lopen rond met een flair van ‘Kijk mij, heb ik geen mooie bikini?’ Jawel mevrouw, en die 7 zwembandjes eronder kleden ook heel fraai af.


We zien een man lopen met een kniebroek. Op zich niet bijzonder. Gewoon een man. Type sportschool en kapsalonfreak. Op allebei zijn kuiten heeft hij een tatoeage. Beide zoompjes in zijn kniebroek zijn een klein beetje opgehaald, zodat beide tatoeages helemaal te zien zijn. We lopen verder. Zowel Marieke als ik snappen niet waarom het hier zo toeristisch is. Men kan nergens met goed fatsoen gaan zitten om iets te drinken. De mensen zijn haast arrogant te noemen. De gebouwen zijn niet geweldig onderhouden en op straat is het ook nog eens een rommeltje. Ondanks deze, min of meer toch wel verwachte, domper, kunnen we wel zeggen dat we wederom een geweldige dag hebben gehad. Én we kunnen zeggen, dat we op The Keys zijn geweest! Ik weet alleen niet of ik daar trots op dien te zijn.
Lees het verhaal
30 september 2016

Veel rijden en ook nog shoppen

We zullen er wat voor over moeten hebben om te kunnen snorkelen op de Keys. De sleutel hiertoe zit hem niet alleen in de snorkelcursus die we thuis nog even gevolgd hebben en ook niet alleen in de aanschaf van de benodigde uitrusting. Nee, het zit hem ook in het aantal extra kilometers die we ervoor over moeten hebben. In ons oorspronkelijke plan, waren de Keys niet in ons reisschema opgenomen. Maar omdat uit diverse hoeken het advies kwam om toch zeker ook dit deel van de USA aan te doen, zijn we overstag gegaan. Dat houdt niet alleen in dat we vandaag een lange rijdag hebben, maar ook morgen om Key-West te bereiken, moet de motor wat overuurtjes maken. We zullen na morgen weten of het de vele extra kilometers waard geweest is.

Het grootste deel van de dag hebben we dan ook op de weg gezeten. Gelukkig niet alleen snelweg, ook wat B-weg zodat er onderweg nog wat te zien viel en we nog enkele caches konden oppikken.

Bij de voorbereiding hebben we deze dag een stop ingepland bij het Okeechobemeer om daar onze lunch te nuttigen en een paar geocaches te gaan doen. Zo dachten we onze innerlijke mens tevreden te kunnen stellen en ook nog en passant de benen gestrekt te kunnen hebben. Maar de plek bleek minder oké dan gedacht. Het uitzicht was minder fraai, maar erger nog, de muggen waren talrijk aanwezig. En dan is het hier nog maar de vraag of het om een ‘zieke’ mug gaat. Van de ene kant kun je dit natuurlijk verwachten als je wilt picknicken bij een meer, aan de andere kant tijdens de swamp-tour, waren we volledig voorbereid met lange mouwen en lange broek en was dit helemaal niet nodig. Daar bleken geen muggen ze zitten omdat de libelle de muggenlarven opgegeten heeft. Dan denk ik dat alle libelles vanuit het okeechobemeer verhuisd zijn…


Dan maar een stukje verderop kijken. Hier bleek het uitzicht fraai en was het muggengehalte oké te noemen. Na de lunch ging de rit weer verder. We probeerden om voor de spits ons hotel te bereiken om zo de files te kunnen omzeilen. Dat is prima gelukt. Zodat we nog even de tijd hebben genomen om te shoppen. Niet één van Paul’s favoriete bezigheden, maar hij hoeft er dan ook maar eens per jaar aan te geloven. En hij had deze reis geluk, want het was, zeker voor Amerikaanse begrippen, een zeer beperkte shoppingmall. Maar desondanks zijn we erin geslaagd om een aantal aankopen te doen voor een aantrekkelijke prijs. En daar doen we het als echte Nederlanders natuurlijk voor!
Lees het verhaal
29 september 2016

See you later

Zoals ik gisteren al heb getikt, dienen we een grote afstand te overbruggen in enkele dagen. Het eerste gedeelte van vandaag bestond dan ook weer uit het overbruggen van enkele honderden kilometers. Rond het middaguur arriveerden we in het doel van vandaag. Paines Prairie Preserve State Park. Een hele mond vol, voor een park wat in de reisgids slechts een paar regeltjes aandacht kreeg, maar na nader onderzoek van Marieke toch wel de moeite waard bleek te zijn. Het park was behoorlijk groot, maar er waren niet zo heel veel wandelingen die voor ons in aanmerking kwamen. De meeste waren enkele tientallen kilometers lang, en eigenlijk bedoeld om met de fiets te doen. Gelukkig voor ons waren er ook een paar kortere. De eerste wandeling die we hadden uitgezocht, was ruim zes kilometer lang. Precies in ons straatje dus. Bij het naderen van het begin van het wandelpad, zagen we een bord staan, waarvan we overtuigd zijn, dat verschillenden van het thuisfront het niet fijn zouden vinden als ze op voorhand zouden weten dat we zo’n pad zouden gaan lopen.


Na eens goed gekeken te hebben naar het beestje linksboven, zagen we dat hij er wel mee kon lachen, en besloten we om gewoon door te lopen. De onderste regel verklaarde wel veel. Bij het verlaten van de auto, en het omdoen van de rugzakken, hadden we het idee dat we ergens de flappen in Burgers Bush hadden gemist. Aangezien dit, aldus het bord, geen dierentuin is, is het logisch dat we de flappen niet zagen. Maar kortom, het was warm en benauwd. Bij iedere stap die we zetten, parelden er druppels zweet naar beneden. Maar heel veel tijd hadden we niet om erop te letten, want al snel zagen we het eerste wild.


Vervolgens werden we verrast door een enorme hoeveelheid vlinders die men normaal gesproken alleen in een vlindertuin ziet. Maar zoals het bord al aangaf. Dit is geen dierentuin. Dit is voor het echt.


We wandelden verder, en korte tijd later werden zagen we een steiger staan. Ik liep erheen, en zag dat de toegang tot de steiger was afgesloten door middel van een ketting. Jammer. Ik keek naar beneden, en mijn hart sloeg een keertje over bij de aanblik van het beestje dat daar lag.


Ik moet zeggen dat mijnheer er toch een beetje minder vrolijk uitzag als het exemplaar op het bord. Gelukkig was hij op veilige afstand. Zolang hij dat ook in de gaten had, zou er niets aan de hand zijn. Na de nodige foto’s te hebben gemaakt, wandelen we verder. Het ene na het andere exemplaar wordt gespot. De een nog verder weg dan de ander. We zouden haast de ontelbare vogels vergeten die we onderweg zien. Gelukkig lukt het ons vandaag wel om enkele exemplaren vast te leggen voor degenen die niet gaan komen.


We komen aan bij het einde van het pad, en genieten van een schitterend uitzicht over een meer. Waar we ook kijken, overal zien we wel de een of andere vogel.


We lopen terug, en genieten. Plotseling zien we iets verder een man staan. Hij heeft geen camera in zijn hand, maar staat daar gewoon. We lopen verder. Plotseling schrikken we en zien we waarom de man daar staat te staan. Een van de vriendelijke heren heeft besloten het begrip ‘op veilige afstand’ iets in te perken, en ligt op enkele tientallen meters voor onze neus. Er is maar één manier om dit gebied te verlaten en dat is via het pad van enkele meters breed dat voor ons ligt. De man kan omkeren en terug gaan naar de auto. Maar wij? Eigenlijk hebben we geen andere optie dan af te wachten totdat het pad voor ons weer vrij is. Plotseling zie ik vanuit mijn linkerooghoek een stuk slangenvel aan een plant hangen. Ik wil Marieke erop wijzen als ik ontdek dat de rest van de slang nog gewoon in het vel aanwezig is. We proberen een foto van de slang te maken.


Maar nog voordat we alles hebben scherpgesteld en uitgekaderd, dan gebeurt het. De heer die daar zo ogenschijnlijk op zijn gemak lag, besluit om ergens anders heen te gaan, en wandelt aan. En dan moet men keuzes maken. Een foto van het slangetje, of een foto van een alligator die oversteekt? Soms valt het leven niet mee, en beiden besluiten we om voor de alligator te gaan. Voordat we het weten is het beest overgestoken Dat dit geen dierentuin is. is ons inmiddels wel duidelijk. Zo groot hebben we ze nog in geen enkele dierentuin gezien.


We draaien om naar de slang. Ook die is er inmiddels vandoor. Behoorlijk onder de indruk van dit enorme beest wandelen we verder. Onderweg zien we nog talloze vogels, vlinders en alligators. Dit is een geweldig park, dat in onze ogen toch wel iets meer dan een paar regeltjes aandacht in een reisgids mag hebben. We beginnen aan de volgende wandeling. Iets korter. Als we weg willen gaan, begint het te regenen. We besluiten om de jassen aan te doen, en zien wel hoe het loopt. Ook dit deel is mooi, en komt aardig overeen met hetgeen we in Burgers Bush mogen zien.


Het begint inmiddels behoorlijk te regenen, en al snel hebben we het idee dat we in een moesson zijn belandt. Gelukkig blijken onze jassen en schoenen toch echt waterdicht te zijn, en is alleen maar onze broek doorweekt. Gestaag wandelen we verder, en na een tijdje gaat het iets minder regenen. Het pad dat we volgen wordt steeds smaller en smaller. Voorzichtig gaan we verder en nemen we iedere stap weloverwogen. Als ik een stuk of zes slangen voor mijn voeten heb zien wegglijden, besluit ik dat het ver genoeg is, en draaien we om. Terug naar de auto.


Het wordt al laat, en in plaats van de laatste wandeling die we uitgezocht hadden, besluiten we om de auto te parkeren, en het meer van een andere kant te bekijken. We hebben vanavond immers nog een event gepland.
We rijden naar de plaats Ocala en sluiten deze geweldige dag af met een gezellig treffen met andere geocachers.
Lees het verhaal
28 september 2016

De oorwurm

Rond het middaguur reden we Florida binnen. De 47e staat die we in de VS mogen bezoeken in al die jaren. Nog slechts drie te gaan. North Dakota, Alaska & Hawaii. Het zal nog wel even duren voordat we ook die drie staten kunnen afvinken. Maar goed. Florida dus. Ook wel bekend als ‘The Sunshine State’. De staat waar altijd de zon schijnt. Behalve vandaag dan.

Het is dag 19, en qua afstand zijn we pas op 2/3 van het totaal. Ergens dienen er dus flink wat kilometers gemaakt te worden. Vandaag was de eerste van de twee dagen waarop we behoorlijk wat kilometers dienen te maken. De reis startte in New Orleans en eindigde in Tallahassee, de hoofdstad van Florida. Onderweg maakten we nog een korte stop in die andere staat waar een wereldberoemd nummer over is gemaakt. Als we het bord op de staatsgrens zien staan, beginnen we automatisch te neuriën. Gegarandeerd dat het nummer zich in je oor nestelt als je op onderstaande foto klikt.



De eerste stop in Florida was er een die noodzakelijk was. Althans dat bleek achteraf. Op een bord langs de weg stond een bord met daarop de vermelding ‘Buy you SunPass, needed for toll roads, here’. Dat we tol dienden te betalen in gedeelten van Florida, dat wisten we wel. Aangezien we al enkele jaren op rij een boete hebben moeten betalen omdat op sommige tolwegen alleen maar met een pas kon worden betaald, besloten we om toch maar even te gaan informeren. En inderdaad, op de wegen rondom Miami kan alleen maar middels een pas worden betaald. Dus van de gelegenheid maar gebruikt gemaakt om de SunPass te kopen.



Daarna door naar Tallahassee, de hoofdstad van Florida en tevens de eindbestemming voor vandaag. Het weer was niet zo heel geweldig zou je kunnen zeggen. Het kwik bleef vanmiddag steken op een schamele 25 graden. En eerlijk gezegd, is dat wel even wennen als je al een tijd temperaturen van boven de 35 graden gewend bent. Toen het ook nog eens begon te regenen, hoopten we dat de SunPass niet alleen maar op tolwegen werkt, maar ook op andere. Onderweg passeerden we nog een tijdzone, waardoor we nog een uur ‘verloren’. Het was al vrij laat toen we in Tallahassee de auto hadden geparkeerd, dus heel veel tijd om dingen te bekijken hadden we niet. De eerste stop was het nieuwe Capitol gebouw. Hier mochten we naar de bovenste verdieping om zo de donkere wolken over de stad goed te kunnen bekijken. Hierna nog even een foto maken van het oude Capitol gebouw. En tussen de druppels door nog een korte wandeling gemaakt. Op weg naar het hotel kwamen we nog een spellenwinkel tegen. Waarschijnlijk dat we toch een ingebouwde radar voor dit soort winkels hebben, want we hadden dit niet van te voren opgezocht.
Lees het verhaal
27 september 2016

De paraplu en de zon

There is a house in New Orleans
They call the Rising Sun

Velen zullen de eerste regels van dit uit de 18e eeuw stammende Engelse lied kennen. De moderne versie is bekend geworden door de zanger Dave van Ronk. In 1962 coverde een of andere zanger Bob Dylan het nummer en zette het op zijn eerste LP. Dave van Ronk kon het nummer niet meer live spelen, omdat iedereen dacht dat hij het van Bob Dylan had gecoverd. Toen in 1964 The Animals een wereldhit hadden met het nummer, kon Bob Dylan het niet meer live spelen, omdat iedereen dacht dat hij het gecoverd had. Het nummer is ontelbare malen gecoverd, en niemand zal het origineel uit de 18e eeuw nog kennen, maar waarschijnlijk heeft iedereen de versie van The Animals in het achterhoofd.

Maar de eerste twee regels maakten ons nieuwsgierig. Waar in New Orleans is het huis van de reizende zon? Na de speurtocht naar Robert Johnson, was het tijd voor de volgende zoektocht op het internet en in boeken. Vele verhalen zijn er ook hier over geschreven, maar over het algemeen het meest waarschijnlijk is de versie waarin wordt verhaald dat het nummer gaat over een bordeel dat bestuurd werd door Madame Marianne Le Soleil Levant, waarbij de achternaam van Madame Marianne niets meer en minder betekent dan De Reizende Zon. Dit bordeel zou gevestigd zijn geweest op 828 Saint Louis Street. Vandaag de dag bestaat het huis nog, en zit er een advocaat in. Eigenlijk is er dus niets veranderd. Zowel in de 18e eeuw als vandaag de dag, wordt men in het pand genaaid.


Gisteren hebben we al veel van de bezienswaardigheden van New Orleans gezien. vandaag wilden we gaan rondwandelen in het beroemde French Quarter. Geen echte hoogtepunten kan men hier vinden, het gaat om het totaalplaatje. Eigenlijk precies zoals in steden zoals bijvoorbeeld Venetië. Het is alles bij elkaar wat het tot een geweldig leuke stad maakt.


Geweldig leuk. Inderdaad. Gisteren tikten we nog dat het tegenviel, maar dat was over New Orleans by Night. De verhalen die men daarover kan lezen scheppen toch een bepaald verwachtingspatroon en daar kon de stad simpelweg niet aan voldoen. Althans niet in onze ogen. Maar vandaag scheen de zon, en dan is alles anders. We deden wat we het liefste doen in een stad zonder noemenswaardige hoogtepunten. Dwalen door de steegjes. Zwerven richting de bekende gebouwen. Dolen langs onverwachte kleinigheden. En dat konden we hier.

We werden verrast door het ene na het andere leuke beeld. Maar wat wellicht het hoogtepunt van de dag was, was het feit dat een geocache ons leidde naar een graffiti afbeelding van de bekende Britse artiest Banksy. De afbeelding wordt sinds enkele jaren beschermd door een plaat plexiglas, nadat bouwvakkers in 2014 de afbeelding om de hoek hadden verwijderd. De afbeelding van het meisje met de paraplu wordt geschat op een kleine $1,1 miljoen.

Aan het einde van de dag kunnen we zeggen dat deze stad ook een geweldige stad is. We hebben genoten, net zoals we dat in Venetië destijds hebben gedaan. Het totaalbeeld dat deze stad geeft, maakt het zeker de moeite waard om hem te bezoeken.
Lees het verhaal
26 september 2016

De ontruiming

Keurig in het gelid staan we bij de mijnheer van de beveiliging. We halen onze zakken leeg, en deponeren alles in de, van vliegvelden bekende, plastic bakken. Vervolgens gaan deze door een röntgenapparaat en zoals gewoonlijk heeft mijn cameratas wat extra aandacht en vragen nodig. Geduldig beantwoord ik deze en ga ook zelf door de metaaldetector. Alles is goedgekeurd en we mogen naar binnen. We melden ons keurig aan de balie van het State Capitol van Louisiana, zoals de mijnheer van de beveiliging ons verteld had te moeten doen. Ook hier beantwoorden we weer keurig alle vragen die de mevrouw aan de balie had. Wat we verkeerd hebben gezegd, is waarschijnlijk iets waar we altijd naar zullen moeten blijven gissen, maar feit is dat plotseling alle alarmbellen gingen rinkelen en dat het hele gebouw geëvacueerd diende te worden.


Daar stonden we dan. Buiten op de trap die normaal gesproken uitsluitend toegankelijk was voor de gouverneur en zijn werknemers. Een andere mijnheer van de beveiliging vertelde ons dat het waarschijnlijk slechts een oefening was en dat we 10 minuten later weer door de hoofdingang naar binnen mochten. Ruim een half uur later, waarschijnlijk was het een test hoe lang we in de volle zon konden blijven staan, mochten we weer naar binnen. We gingen naar de bovenste verdieping en genoten van het uitzicht. Na het bezoek van wederom een provinciehuis van een Amerikaanse staat was het tijd om verder af te reizen naar het zuiden.


Naar New Orleans om precies te zijn. Ruim anderhalf uur later dan gepland kwamen we in deze stad aan. We maakten een stop bij het Katerina Hurricane Memorial en gingen lunchen in het City Park.


Na onze lunch nog een stukje gewandeld door dit verrassend leuke park. Om heel het park te bekijken hadden we helaas geen tijd voor, omdat we ook nog even langs de Mid City Yacht Club wilden gaan, welke wordt uitgebaat door familie van Rob & Tracy. Helaas waren ze vandaag niet aanwezig, dus hebben we maar een briefje achtergelaten ,waarin we ze vertelden dat ze de groeten van onze twee Amerikaanse vrienden moesten hebben.


Het werd al laat, en we dienden snel naar het hotel te gaan, het is immers weer tijd om wat kleren te wassen. Maar eerst nog even een bezoekje brengen aan het Armstrong Park. In dit park staat een beeld van een van de bekendste toeteraars ter wereld, Louis Armstrong. Als ik eenmaal bij het beeld sta, kan ik eigenlijk maar één ding bedenken:

I see skies of blue and clouds of white
The bright blessed day, the dark sacred night
And I think to myself what a wonderful world.


Aangezien we deze avond ook nog even de stad van de jazz in wilden gaan (ook omdat we een event hadden georganiseerd), dienden we dus op tijd te zijn. Na het avondeten dus de stad in. Eerlijk gezegd viel ons de hoofdstad van de jazz een beetje tegen. Toeristenwinkels en bordelen hadden de overhand boven gezellige barretjes waar live muziek uit klonk. Nee, wat dat laatste betreft valt New Orleans ons enorm tegen. Juist de stad waar we wat dat betreft het meeste van hadden verwacht kan ons op dat gebied het minste van de drie muziekhoofdsteden die we deze trip hebben bezocht bekoren.


Wat ons betreft is de top 3 van muziekhoofdsteden in Zuid-USA als volgt:
3. De hoofdstad van de jazz. New Orleans
2. De hoofdstad van de blues en geboorteplek van de rock ‘n roll. Memphis
1. De hoofdstad van de country. Nashville
Laatst genoemde was een waar feest op straat en in de bars. Zelfs wij als anti-stappers genoten hier volop van de muziek en sfeer. Echt een aanrader wat dat betreft.
Lees het verhaal
25 september 2016

De gemakstoerist

Iedereen die ons een klein beetje kent, weet dat wij het liefst zo min mogelijk de gemakstoerist uithangen. Aangezien de spellingscontrole meteen het woord gemakstoerist rood onderstreept, zal ik maar even verklaren wat ik hiermee bedoel. Een gemakstoerist is iemand die geld betaalt, en verder wordt alles voor hem geregeld. Hij hoeft niet na te denken waar hij heen dient te gaan, dat wordt voor hem geregeld. Hij hoeft niet na te denken waar hij de mooiste foto’s kan maken, dat weet de gids. Diezelfde gids maakt ook graag even een foto van jou zodat je iedereen kunt laten zien dat je toch écht op die plek bent geweest. Enzovoorts, enzovoorts, enzovoorts….


Maar soms ontkomt men er gewoon niet aan. Ook wij niet. Wij wilden heel graag een rondvaart door het Atchafalaya-moeras maken. Dit is een moerasgebied in het zuiden van de staat Louisiana. Hier leven veel soorten vis en vogels, maar ook de cipres-bomen die in het water staan met hun wortels maken het een heel bijzonder gebied. Talloze aanbieders van boottochten door dit moerasgebied zijn er te vinden, maar om de een of andere, ons onbekende reden, hebben zij allemaal, vaag uitziende, websites die in het jaar 19-stilletjes lijken te zijn ontworpen. Alles behalve vertrouwenwekkend dus. De prijzen van een rondvaart, zijn ook van een dermate niveau, dat je niet zomaar blindelings even je creditkaart laat plunderen om vervolgens niets te krijgen. Uiteindelijk de keuze gemaakt voor een aanbieder. Datum en tijd waarop we wilden geprikt. Of we vervolgens eventjes $450 wilden overmaken omdat verder nog niemand geboekt had voor die datum. Als er meer mensen zouden boeken, zouden we het geld teruggestort krijgen. Dat werd hem dus ook niet. Na lang zoeken kwamen we terecht bij iemand die blijkbaar is geselecteerd als dé bewaker van het Atchafalaya-gebied. We konden niet online boeken. We dienden zelf contact op te nemen om een afspraak te maken. Betaling uitsluiten à contant na afloop van de rondvaart. Zo gezegd, zo gedaan. Na een mailwisseling wisten we dat het minimaal aantal deelnemers 2 was en het maximaal aantal deelnemers 6. Dat klonk ons als muziek in de oren. We kregen een adres waar we deze ochtend om half tien dienden te staan. De eerlijkheid gebied ons wel te vertellen, dat we niet heel veel vertrouwen hadden in het feit dat er ook daadwerkelijk iemand op de afgesproken plek zou staan deze ochtend. Ruim op tijd zijn we op punt nul. We maken een praatje met een paar lokale bewoners. De overstromingen in dit gebied vielen wel mee volgens hen. Aan de andere kant van de rivier (richting Baton Rouge) was het wel erg. Ze vroegen of we een tocht door het moeras gingen maken. Na een bevestigend antwoord te hebben gegeven, vertelde de vriendelijke mannen ons lachend dat onze afspraak waarschijnlijk wel zou komen. Ze gingen ontbijten zeiden ze, en draaiden een fles Bourbon open om die vervolgens aan de mond te zetten voordat ze met hun auto wegreden. Waarschijnlijk zou onze afspraak wel komen…. Maar wonderwel, tien minuten voor half tien, komt er een pick-up truck aangereden, met daarachter een trailer met daarop een boot. Onze afspraak. We zijn maar met zijn tweeën vandaag vertelt hij ons. Eigenlijk dus een privé-toer waarvoor we bij de andere organisatie $450 dienden te betalen. Na een korte rit naar de rivier wordt de boot te water gelaten en kunnen we op pad.


Op water beter gezegd. Na een korte uitleg van onze gids, Albert Wilson, een student moeraswetenschappen aan de universiteit van Baton Rouge, gaan we met een noodvaart de rivier op. We vertrouwen erop dat hij weet waar de mooie plekjes zijn. Na een korte tijd vermindert hij plotseling snelheid en laat ons een ibis zien. Natuurlijk heeft deze vogel geen geduld, en voordat wij onze camera hebben scherp gesteld is de vogel gevlogen.


We varen verder. Regelmatig legt Albert de boot stil en vertelt ons allerlei wetenswaardigheden over dit moerasgebied en de vogels die we zien. We horen dat het gebied overwoekerd wordt door de waterhyacint. Fraai om te zien, maar de plant is niet inheems, en hoort er niet thuis. Wel is de bloem te eten, en als echte gemakstoeristen nuttigen we korte tijd later verschillende van deze, naar kruidige sla smakende, bloemen.


Met het fotograferen van de vogels hebben we niet zo heel veel geluk, al weet Marieke wel een visarend op de chip vast die leggen die hoog in de boomtoppen zit.


De vissen hebben we niet geprobeerd te fotograferen, ondanks dat we een onderwatercamera hebben. De schrik dat er plotseling een alligator geïnteresseerd is in het toestel is toch te groot. Wellicht dat we dat niet hadden hoeven te zijn, want we hebben vandaag geen enkele alligator gezien. Ook dat laatste was één van de redenen om voor deze organisatie te kiezen. Overal maakten zij duidelijk dat ze niet garandeerden dat ze alligators, of überhaupt maar iets van dieren konden laten zien. Deze leven immers in het wild en doen hun eigen ding zo staat op hun website uit 19-stilletjes te lezen.


Wild of niet, we genoten van dit prachtige en bijzondere landschap. Vele schitterende plekjes hebben we gezien. Maar toch, gezeten achterin de boot voelde ik me een gemakstoerist. Ik had totaal geen invloed op de plekjes waar ik een foto wilde maken. Zag ik een mooi doorkijkje, legde onze Albert de boot 50 meter te ver stil, waardoor de compositie toch weer nét niet helemaal was zoals ik hem graag zelf had gezien. Nee, de keuze om voltijd gemakstoerist te worden is voorlopig nog niet aan mij besteed.


Na de rondvaart van twee uur, gingen we verder. Zelf op pad. We hadden tijdens het bekijken van een documentaire een shot gezien, van de Atchafalaya-brug. Deze brug is 29,29 kilometer lang en gaat in zijn geheel door het moerasgebied. Het beeld dat we te zien kregen, was weliswaar van bovenaf genomen, maar wellicht konden we dit door de mens geschapen spektakel zelf ergens vastleggen. We reden de brug op, en zagen een imposante brug. Maar op je gemak fotograferen met 100 kilometer per uur op een brug is niet heel verantwoord te noemen. Na de brug verlaten te hebben, maakten we onze lunch en verorberden deze. We keerden onverrichterzake terug richting het beginpunt van de brug, en net voordat we de brug verlieten, zag Marieke enkele auto’s staan naast de brug. We namen de afslag, en met de GPS in de hand, gingen we op zoek naar de plek waar de auto’s zouden moeten staan. We stapten uit en konden hetgeen vastleggen wat we graag wilden.


De volgende stop was de oude katoenplantage Rosedown Plantation. Na gisteren een vakantiehuis van de eigenaar te hebben bezocht wilden we natuurlijk ook een katoenplantage zien. De keuze viel op deze. We betaalden voor de rondleiding door het huis en toegang tot de tuin. We wandelden de tuin in, en waren toch behoorlijk teleurgesteld in hetgeen we te zien kregen. Ik denk aan Rob & Tracy die afgelopen week een tuin in Italië bezochten en zich afvroegen waarom een gedeelte van het entreegeld niet aan onderhoud van de tuin werd gespendeerd. Datzelfde was hier van toepassing. Beelden van wit Carrera marmer stond er in de folder te lezen. Hoe goed we ook keken, we zagen alleen maar groene beelden. An sich was de tuin wel fraai, maar had honderd keer beter kunnen zijn, als er ook maar enige vorm van onderhoud gepleegd zou worden.


De rondleiding door het huis was wel de moeite waard. Hier kregen we veel informatie te horen en, net zoals gisteren, veel pracht en praal te zien.


En toch, het geheel was niet compleet. Want wat misten we? Juist, de plantage en de slavenhuizen. Nergens waren deze op deze plantage te vinden. Vreemd op zich als een organisatie zich plantage noemt. Misschien dat we morgen meer geluk hebben.
Lees het verhaal
24 september 2016

Het spookhuis

Ik kijk naar rechts. Naar Marieke. Gelukkig ook zij heeft haar gordel om. Met twee handen houd ik het stuur stevig vast. Alles rammelt en schudt. Ik ben ervan overtuigd dat we ieder moment wereldgeschiedenis kunnen gaan schrijven. Maar op de een of andere manier gaat het nog niet lukken. Voorzichtig buig ik mijn hoofd iets naar beneden en kijk ik op het instrumentenpaneel. Ook daar zit alles nog op zijn plek. Snel controleer ik alles. Temperatuur? Check en oké! Brandstofniveau? Check en oké? Snelheid? 15MPH! Aan de hand dat alles rammelt en schudt, zou men er toch van overtuigd moeten zijn dat het ieder moment kan gebeuren. Ik kijk in de achteruitkijkspiegel en zie daar een enorme rookwolk. Dat is een heel goed teken. Voorzichtig duw ik met mijn rechtervoet het pedaal iets verder naar beneden. 16…. 17… 18…. Nog niets. Nog iets verder dan! 19…. 20…. 21…. Nog steeds niets! Met de moed der wanhoop doe ik een ultieme poging door het pedaal nog verder naar beneden te duwen. Ik heb het idee dat ieder moment alles uit elkaar kan vallen. Uiterst voorzichtig controleer ik de snelheid. 25MPH!!!! Ik laat het gaspedaal voorzichtig weer iets naar boven komen, en ben een beetje teleurgesteld in het feit dat wij niet de eerste mensen zullen zijn die met een auto op een onverharde weg opstijgen.

Toen we gisteren in Jackson zaten te genieten van een kop cappuccino, lazen we in een lokale krant de volgende kop. Rodney, Mississippi, is it a ghost town? Read it next Sunday. De laatste twee woorden in de eerste regel trokken onmiddellijk onze aandacht, aangezien we beiden gek zijn op spookstadjes. Het vraagteken werd voor het gemak maar genegeerd. En we hebben niet tot zondag de tijd om te wachten wat er in de krant zou komen te staan. We zochten op waar Rodney zou moeten liggen, en wonderwel zou het in onze route voor vandaag kunnen passen. We dienden daar alleen iets eerder voor op te staan. Zo gezegd, zo gedaan en deze ochtend ging de wekker weer op de normale tijd. Kwart voor zes. Het spookstadje zou op iets meer dan een uur rijden van het hotel vandaan liggen. Alles ging voorspoedig, en het kwik steeg buiten weer gestaag aldus de boordcomputer. Op tien kilometer voor de bestemming nemen we de afslag. Al snel verdwijnt het asfalt en rijden we over een onverharde weg. Zo hoort het eigenlijk ook als je onderweg bent naar een spookstadje. Vaak zijn we al voor verrassingen komen te staan, zoals in 2010 toen we onderweg naar Cody waren en plotseling voor een enorme poel stonden, waar we met onze auto niet doorheen konden. Resultaat was dat we een omweg dienden te maken van ruim drie kwartier om daarna een honderdtal meter voorbij de poel het zandpad weer op te draaien. Met dat nog in het achterhoofd volgen we dit zandpad. Eigenlijk is het nog niet eens zo heel slecht. Alles loopt voorspoedig en voordat we het weten, parkeren we de auto in Rodney, Mississippi. Meteen werd het vraagteken dat gisteren in de krant stond al duidelijk. Dit is namelijk geen spookstadje. Er wonen nog gewoon mensen. Aan alles is te zien, dat dit nog niet zo heel lang het geval is, maar het is bewoond. Wel staan er verschillende verlaten, half ingestorte gebouwen met daarin nog wat meubilair. Zoals het een fatsoenlijk spookstadje betaamt. We lopen door het stadje. Als we bij de kerk zijn gearriveerd, zie we dat, heel uitnodigend de deur openstaat. Voorzichtig zetten we een voet over de drempel, en de vloer kraakt, maar zal ons zonder enige twijfel houden. Het licht schijnt fraai door de ramen, en voor een van de ramen staat een stoel. De nodige foto’s worden gemaakt en we lopen terug naar de auto. De navigatie wordt ingesteld op de volgende bestemming. Natchez, Mississippi. De weg is onverhard en stukken slechter dan de zandweg waarover we naar Rodney zijn gereden. Ondanks dat de snelheid laag ligt, schudt alles aan de auto. Na een kilometer of 12 komen we bij een enorme poel aan die de weg blokkeert. We besluiten om om te keren, en de weg terug te volgen. Ruim 20 kilometer stof happen later, draaien we weer de harde weg op.

In plaats van netjes naar de navigatie te luisteren, besluiten we om de andere kant op te rijden. We hebben op de hand-GPS een paar caches zien liggen. We komen terecht op een universiteit, en Marieke kan wederom een stadion van haar lijstje afstrepen. Na een wandeling van een klein half uur over de campus gaan we dan eindelijk op pad naar Natchez, Mississippi.

We parkeren de auto bij de eerste mansion van een katoenplantage. Vandaag is het National Park Day, wat inhoudt dat de toegang gratis is. Als echte Nederlanders zijn we daar natuurlijk niet vies van. We bestellen twee kaartjes voor de rondleiding. De volgende start pas 2½ uur later. We rijden naar het centrum en wandelen daar rond. We genieten van de vele fraaie gebouwen. Terug bij de mansion leren we dat er geen plantages in Natchez waren, maar dat een mansion een vakantiehuis voor een plantage-eigenaar was. De rondleiding duurt bijna een uur, en we genieten van dit fraaie vakantiehuis, dat na de burgeroorlog maar liefst 18 jaar heeft leeggestaan en destijds dus eigenlijk ook een spookhuis was. Na de rondleiding, waarin we leren dat 85% van het interieur nog het orginele is, bewonderen we nog enkele andere vakantiehuizen. We volgen daar geen rondleiding, want beiden hebben we het idee dat het dan toch meer van hetzelfde wordt. Als we alles hebben gezien dat op ons lijstje stond is het tijd om te gaan dineren.

Door naar het hotel. We arriveren laat op de avond, en als we in de kamer zijn, ontdekken we dat we geen WiFi hebben. We vragen en krijgen een andere kamer, maar ook die heeft geen WiFi bereik. Dat is iets dat we pas een keer eerder hebben meegemaakt tijdens onze rondreizen door de VS. In de lobby is wel, zij het tergend langzaam, internet beschikbaar. Volgens de receptioniste kwam dat door de overstromingen van een week of 6 geleden. Wat voor excuus ze ook willen gebruiken, het hotel adverteert dat er in iedere kamer WiFi beschikbaar is. Vervolgens vind ik dat als we ruim $120 voor een overnachting neer dienen te tellen, dat we krijgen waar we voor betalen. En het lijkt me dat 6 weken ruim voldoende is om iets te herstellen. We besluiten om het verhaal van de dag maar op de kamer te tikken, om het vervolgens in de lobby online te zetten. Zonder foto’s, want om die te kunnen uploaden zal waarschijnlijk uren duren.
Lees het verhaal
23 september 2016

De warmte

We zijn al weer over de helft van deze rondreis. Inmiddels hebben we iets meer dan 4000 kilometer gereden. Wat de afstand betreft zitten we al ruim over de helft, al komen er nog wel een paar lange reisdagen aan. Voordat we vanuit Nederland vertrokken, gaven de weersvoorspellingen voor onze trip niet veel goeds aan. Regen, regen en nog eens regen. Gelukkig voor ons, hebben ook hier de weermannen het wel eens mis. Behalve een stortbui vorige week zaterdag, gevolgd door een regenachtige zondag, hebben we strak stralend weer gehad. Temperaturen van boven de 35? zijn meer regel dan uitzondering. Neem deze ochtend. Om half tien was het kwik al bij 30? aanbeland. Later op de dag werd het zelfs 37?. Gelukkig voor ons, is het over het algemeen goed te doen, en is het alleen maar warm. Vandaag was het anders. Het was warm. Héél warm. Niet benauwd zoals in Nederland meteen het geval is al het warmer dan 23? graden wordt. Het was gewoon ontzettend warm. Zo warm zelfs, dat de Mississippi-rivier drie aftakkingen vormde op mijn lichaam. Één aan de voorzijde, één aan de achterzijde en de derde bron was boven op mijn hoofd. Maar mij hoor je niet klagen. Liever dit dan regen. Alhoewel je wel van beide doorweekt raakt.

Aan het einde van de geweldige dag van gisteren, zagen we vanuit onze ooghoek, een fraai plaatje. We hadden geen goesting om om te keren, aangezien we gisteren op tijd in ons krotje wilden zijn, maar de markeertoets op de GPS die altijd aanstaat, werd wel meteen ingedrukt, zodat we vandaag zo terug konden rijden naar dit plekje. Zo gezegd zo gedaan. En nog voordat we uitgecheckt waren in het hotel (dat kon pas na 8:00 uur ‘s morgens), stonden we al te genieten van een fraai stukje natuur, zoals we dat de komende weken nog enkele keren hopen te zien.


Na dit stukje natuurgeweld, was het tijd om de sleutel van de hotelkamer in te leveren, en verder te rijden naar het doel van vandaag. De slagvelden van Vicksburg. Om eerlijk te zijn, hebben we ons niet al te veel verdiept in deze slagvelden. Mede omdat deze overal met alle mogelijke superlatieven werden aangeprezen. Op zich is het al wel vreemd om een slagveld aan te prijzen, maar vooruit.


Achteraf gezien, hadden we misschien wel iets meer moeten bekijken over dit Nationale Park. In 2006 en 2014 hebben we Gettysburg NMP al bezocht. Dit heeft destijds een onuitwisbare indruk op ons gemaakt. Vicksburg NMP is eigenlijk meer van hetzelfde. Honderden oorlogsmonumenten (1325 om precies te zijn) die langs de weg staan. Als de persoonlijke delen uit het verhaal worden gehaald, wordt er hetzelfde verhaal verteld als in Gettysburg NMP. Niet dat het niet de moeite waard is. Integendeel zelfs. Maar als je één park al eens hebt gezien, is het wellicht wel genoeg, en is het geen noodzaak om het andere ook te bezoeken.


We waren dan ook vrij vlot door het park, waardoor we plotseling nog enkele uurtjes tijd over hadden. Aangezien we op slechts drie kwartier rijden van de hoofdstad van Mississippi af zitten, besloten we om daar even heen te rijden en een stukje te gaan wandelen. Natuurlijk ook meteen van de gelegenheid gebruik gemaakt om het State Capitol van Mississippi te bekijken. Al met al weer een hele leuke, en een hele warme dag.
Lees het verhaal