Nederland

Vol verwachting kijk ik naar links. Nog twee minuten geeft het bord aan en dan komt de bus. Het is niet echt druk op de weg, dus ik heb vrij zicht op alles wat komen gaat. Is dat toch niet zo’n heel groot probleem, want ik sta bij de Smalle Haven, en daar komt het openbaar vervoer samen met de hulpdiensten en taxi’s uit één richting en al het overige verkeer uit de andere. Drie minuten later verschijnt er in de verte een wit voertuig. Daar zal je hem hebben. ‘s Jammer. Het is de bus naar Luijksgestel. Ik kijk weer op het bord. Negenentwintig minuten geeft het nu aan. Óf ik moet aan een nieuwe bril, óf de bus die net passeerde het het verkeerde nummer op zijn voorgevel staan. Kijk even op het bord welke bussen er nog meer komen en hoe lang dat nog wachten is. Anders loop ik maar gewoon, zo heel erg ver is het tenslotte ook weer niet naar huis. De bus naar Helmond blijk over een kleine vijf minuten ook langs te komen. Besluit maar daarop te wachten en gewoon te hopen dat deze bus wel gewoon rijdt, ondanks dat het vakantie is en de bussen volgens een vakantiedienstregeling rijden. En dan verschijnt er vanuit mijn linkerooghoek een Ford Focus. Marieke zit aan de passagierszijde met een boek in haar hand. Achter het stuur zit een jongedame die ik niet 1-2-3 herken. Lang, blond haar. Dat zal Karin dus wel zijn. Ik denk dat het wel een verrassing voor Marieke zal zijn als ze mij hier zal zien, dus ik ga maar zwaaien. Maar Karin blijft maar naar links kijken en Marieke blijft maar in het boek kijken. Ik denk dat het boek wel de stadsplattegrond zal zijn, dan maar hopen dat ze het boek niet op haar kop houdt, dan komt het vast allemaal wel goed. Alleen het gevolg is dat ik maar blijf zwaaien. Ik neem aan dat Karin toch wel een keertje naar rechts zal kijken omdat uit die richting de auto’s vandaan komen. En ja hoor, ze kijkt. Een paar seconden later kijkt Marieke ook op. Ze is verrast en blij (tenminste dat hoop ik dan) om me te zien. Ze zwaait net zo enthousiast als ik daar sta te zwaaien.

Een paar minuten later gaat mijn telefoon. Zoals verwacht is het Marieke. Het eerste wat ik hoor is een hoop gelach. Karin bleek me toch iets eerder te hebben gezien dan ik had gedacht. Want toen ze naar rechts keer en me (voor de tweede keer) zag staan, sprak ze de woorden:”Nou, dan kun je daar wel blijven staan zwaaien, maar ik ken je niet hoor. Vreemd menneke.”

Wel, dat is nog eens een compliment. Ze zouden ze met een paar wasknijpers aan haar oren aan het hoogste balkon van de Porthastoren moeten hangen. Want zelfs al zou ze me niet kennen, dan zou ze toch verrukt moeten zijn over het feit dat er nog mensen op deze wereld zijn, die heel spontaan vriendelijk zijn en gaan staan te zwaaien. Zomaar…..

nieuwste oudste meest gestemd
Abonneren op
Gast
Karin

ik blief geen wasknijpers op mijn oren…