Dzji-pi-es-ar -> dzjio-kesjing

Dat is waarschijnlijk het eerste wat je zal denken bij het lezen van deze titel. Gelukkig, of voor degenen die misschien nog een klein beetje hoop voor me hadden wel helaas, is dat niet het geval. Want wat willen die vreemde woorden nu allemaal zeggen? Om een kort verhaal voor de verandering maar eens lang te maken zal ik het een en ander uitleggen.
Volgend jaar staat Italië op de rol om te gaan bezoeken. Eigenlijk was dat dit jaar de bedoeling, maar door alle ellende met mijn elleboog is dat er niet van gekomen. Volgend jaar is dat dus ons reisdoel. De afgelopen maanden heb ik tijd genoeg gehad om het een en ander uit te zoeken en al zoekende kwamen we op de bestemming voor ná Italië. Over twee jaar dus in 2009 hebben we alweer een bestemming bedacht. Hoewel die niet heel orgineel is, omdat we er al eens geweest zijn, hebben we er nu al zin in. Het zullen weer de Verenigde Staten van Amerika worden. Het Wilde Westen om precies te zijn. Tijdens het zoeken naar mooie plekjes in Amerika, kwamen we plaatsen tegen die volgens ons toch wel zéér de moeite van het bekijken met eigen ogen waard zijn. Één daarvan is Coyotte Buttes. Klein nadeel van deze plaats is wel dat je er een vergunning voor nodig hebt. Die vergunning is via internet te krijgen. Je dient je dan in te schrijven op een site om 12:00 uur ‘s middags lokale tijd aldaar. De vergunningen voor 4 maanden daarop worden dan verkocht. Per dag zijn er 5 vergunningen te vergeven. Totaal dus 150 vergunningen voor een maand. Aangezien het een zeer gewilde plek is om te bezoeken, zul je begrijpen dat je heel erg veel geluk nodig hebt, om een vergunning te bemachtigen. De vergunningen worden op volgorde van aanvraag verstrekt. Ben je te laat, dan heb je pech gehad, en kun je het een maand later weer opnieuw proberen. Maar stel nu dat we het geluk hebben om een vergunning te bemachtigen, wat dan? Wel, dan is het een kwestie van afreizen naar het kantoortje op de parkeerplaats om de vergunning op te halen. Tesamen met de vergunning krijg je een getekende kaart van het gebied, waar ook de coördinaten van de bestemming te vinden is. In het gebied zijn (bijna) geen paden te bekennen en je bent dan ook afhankelijk van je eigen kennis om te navigeren met kaart en kompas. Óf het moet zijn dat je in het gelukkige bezit bent van een dzji-pi-es-ar oftwel in gewoon Nederlands: een GPSr. Dat is een draagbaar navigatieapparaat dat je gebruikt in plaats van kaart en kompas. Aangezien ik niet overweg kan met een kompas, leek het ons een erg handige gadget. Toen maar meer informatie over zo’n apparaat gaan zoeken op het internet.

Al snel kom je dan uit bij een paar bekende merken. Namelijk Magellan & Garmin. Magellan is voornamelijk bedoeld voor de waterratten onder ons en we hebben dus vrijwel meteen besloten om verder te gaan kijken bij Garmin. Ook omdat ons deze naam bekend in de oren klonk. En dan kom je automatisch terecht in het volgende woud. Zo ontzettend veel keus is er in deze voor ons onbekende wereld. Samen met het aantal mogelijkheden, groeit ook de prijs van zo’n apparaat. Gelukkig hebben alle bijzondere gebieden in Amerika waar je vergunningen voor nodig hebt dezelfde manier, dus een GPSr is niet nodig voor één bestemming. De volgende vraag voor ons was misschien wel heel erg logisch. Wat kun je er nu precies mee? Wel, in het apparaat voer je de locatie in waar je naar toe wilt, en het apparaat toont de route van de locatie van waar je jezelf bevindt naar de locatie waar je naar toe wilt gaan. In een rechte lijn welteverstaan. Een soort TomTom voor vogels dus. Aangezien wij niet het vermogen hebben om zelfstandig het luchtruim te kiezen om ons zo van A naar B te begeven, zou het ook wel gemakkelijk zijn als je op een kaartje op het beeldscherm kunt zien waar alle paden, rivieren etcetera zich bevinden. Dat helpt de keus tussen de apparaten al een stuk te beperken. Helaas is de prijs dan ook niet meer zo heel erg leuk om voor een paar natuurwonderen te besteden. En dan kom je bij de volgende vraag. Hebben we er hier in Nederland ook iets aan? En dan ga je weer zoeken op het internet. Per toeval stuitte ik op een site die geheel gaat over het fenomeen dzjio-kesjing. In goed Nederlands: geo-caching. Eigenlijk is dat ook weer geen goed Nederlands, dus maar iets simpeler vertaald, en dan kom je uit op het woord schatzoeken.
Op de site krijg je de coördinaten te zien van een locatie waar iemand iets heeft verstopt. Deze getallen voer je in de GPSr in, en dan kun je naar die locatie toe gaan. Dat zijn de meest eenvoudige. Ook zijn er complete speurtochten op de site te vinden. Je krijgt dan een startlocatie doorgegeven, tesamen met allemaal opdrachten. Deze opdrachten bestaan meestal uit het zoeken van getallen. Met behulp van de gevonden getallen, kun je dan de volgende locatie uitrekenen, waar je weer getallen moet zoeken om weer een andere locatie uit te rekenen. Totdat je de laatste locatie hebt uitgerekend en je naar de schat kunt lopen. Meestal zijn het routes van een kilometer of 7. De schat bevindt zich dan meestal op een steenworp afstand van het punt van waar je bent vertrokken. Je hebt dan een mooie wandeling gehad door meestal onbekende gebieden. Ook zijn er schatten verstopt, waar je eerst thuis een puzzel voor moet oplossen alvorens je op pad kunt gaan. Eigenlijk dus een ideale combinatie voor ons van drie verschillende hobbies: fotograferen, puzzelen en wandelen. Na lang nagedacht te hebben, hebben we besloten om een GPSr aan te schaffen. Nu twee maanden geleden. Onze eerste schatzoektocht was meteen een succes. En ik moet eerlijk toegeven, het werkt verslavend. Op het moment van schrijven hebben we 106 van deze schatten gevonden. Eerlijkheidshalve moet ik ook toegeven dat het ook wel eens voorkomt dat we een schat niet kunnen vinden.
Nu zul je wel zeggen 106 van die dingen, dan zullen die twee wel snel uitgezocht zijn. Niets is minder waar. Bij het bezoeken van de site van geocaching.nl ging er een wereld voor ons open. In Nederland liggen op dit moment bijna 4500 schatten verstopt. In België (waar we ook niet zo heel ver vandaan wonen) ruim 2500, en in Luxemburg 282. Als we naar ons andere buurland, Duitsland kijken, dan kom je tot de ontdekking dat daar bijna 40000 schatten zijn verstopt. En wereldwijd zijn het er ruim 495000 (!!!). En dagelijks komen er overal bij. Voorlopig kunnen we dus nog wel even vooruit. En hetgeen wat je zoekt? Dat varieert van een fotorolletje tot een emmer. Veel schatten zijn zogenaamde munitiekistjes, zoals hieronder te zien is.

Misschien het meest vreemde is nog wel het feit, dat die gekke dingen overal zijn verstopt. Toen wij in Namibië op bezoek waren in Swakopmund, zijn we op een bepaald moment een kopje koffie gaan drinken. Bij het hek van dat terras, nog geen drie meter bij ons vandaan, ligt een schat verstopt. In Zambia, bij de Victoria Watervallen, ligt precies op het punt waar wij met behulp van een statief een foto van onszelf hebben gemaakt, een schat. In Amerika zijn we op een bepaald moment vorig jaar gestopt langs de kant van de weg om een boterhammetje te eten. Achter het bankje waar we op hebben zitten eten, ligt een schat. En we hebben geen enkele keer iets gezien. Hoe kan dat? Eigenlijk heel simpel. Je hebt geen weet van het bestaan van die dingen. Je weet niet wat je zoekt, dus zelfs als je het ziet, dan denk je waarschijnlijk alleen maar: “Hadden ze dat niet even gewoon in de vuilnisbak kunnen gooien?” En je kunt ze gewoon niet zien. Leg bijvoorbeeld maar een schoenendoos op de bank. Op het moment dat je de kamer binnenloopt en naar de bank kijkt, dan zie je die doos meteen liggen. Leg nu eens een kussen over die doos, en je zult al een stuk meer je best moeten doen om die doos te kunnen zien. Zo is het ook in een bos. Leg een paar takken over een kistje (dat van zichzelf al groen is). Drappeer daar nog eens wat bladeren overheen en je zult jezelf wel kunnen voorstellen dat het geheel bijna niet te zien is. Zeker niet als deze camouflage zich ook nog eens een meter of twee van het pad af bevindt.
Links in het menu, hebben we nu de kop djzio-kesjus aangemaakt. Daarin staat een banner met onze naam (zanaboza) en het aantal caches dat we hebben gevonden. Eronder staat een kaart. Als je daar op klikt, wordt er een grotere versie van deze kaart geopend. Al met al hebben we er een nieuwe leuke hobby bij. Die ook nog eens gezond is.
Hieronder een paar Nederlandstalige filmpjes over geocaching.
De eerste is uit 2005 en afkomstig uit België. De kwaliteit is niet geweldig, maar het legt wel het een en ander goed uit.
De tweede is een kort verslag van een evenement van afgelopen weekend en laat een multi-cache zien. De kwaliteit is een stuk beter.
[youtube jQybyi8MomA]
[youtube X-ZfyGYxyBc]
Via Mieke Telkamp naar de Groothertog
Vandaag stond Luxemburg-stad op het programma. Maar Tommie stuurde ons nog even langs Schiessentümpel. Maar even kijken of we op dit redelijk vroege tijdstip de waterval op de gevoelige plaat vast kunnen leggen zonder toeristen erop. En ja hoor dat ging uiteindelijk lukken.
Bij de watervallen treffen we alleen een Belgisch gezin en een groepje van 4 toeristen die precies in het beeld van de lens willen beslissen welke kant ze op zullen gaan. Wanneer je Mieke Telkamp’s ‘waarheen, waarvoor’ uit zou moeten beelden dan ziet het er zeker zo uit. Maar ach we hebben de tijd en na enkele minuten hebben ze het besloten. Hun wegen scheiden zich, twee naar links en twee naar rechts. Maar de waterval staat er goed op.
[youtube h47EpzdmvKo]
Door naar Luxemburg-stad. De hoofdstad van het land. Nou ja, HOOFDstad. De stad heeft 80.000 inwoners en is daarmee de kleinste metropool van Europa. Maar in 2007 is Luxemburg-stad voor de tweede maal uitgeroepen tot culturele hoofdstad van Europa. En inderdaad, na een dagje in ‘de stad’ is gebleken dat een bezoekje zeker de moeite waard is. Zoals heel Luxemburg met zijn ‘stelen’ doet ook de hoofdstad sprookjesachtig aan. Uiteraard hebben we even gekeken of de groothertog thuis was. En inderdaad de vlag hing uit, dus hij was thuis. Het raam op de eerste verdieping stond open, maar helaas hebben we geen blik van de koninklijke familie op kunnen vangen.
Daarna hebben we de Wenceslauswandeling gelopen. Voor deze route gold volgens het boekje het motto,1000 jaar in 100 minuten.
Dat we 1000 jaar overbrugd hebben, dat geloof ik direct, alleen die 100 minuten, tja dat ging ons weer eens niet lukken. Waarschijnlijk hebben we weer eens veel tijd verloren met het maken van foto’s. Maar ach dat zijn we gewend en we hebben de route keurig voor het donker volbracht. Door de route te lopen, moet er een flink stuk gedaald worden, om het dal te kunnen bereiken. Omdat dit geleidelijk gaat, merk je er weinig van. Tegen het einde van de wandeling, ga je met een lift weer naar boven om terug te keren naar het centrum van de stad. Pas dan merk je hoe veel lager het dal ligt.
Uit de lift gekomen kom je op het Place du Saint-Esprit. In eerste instantie kon ik het niet zo één, twee drie vinden, omdat er aan de weg gewerkt werd. Na even gezocht te hebben stond ik op een plein met daaraan de winkel van het kledingmerk Esprit. Ik heb maar aangenomen dat dit het Place du Saint-Esprit is.
Omdat onze keeltjes na deze wandeling wel gesmeerd mochten worden hebben we een ‘Mac’ opgezocht. (Dit is overigens wel bijzonder in Luxemburg want deze fastfoodketen is niet in grote aantallen vertegenwoordigd). Het was hier dan ook best wel druk. Zo druk zelfs, dat het maken van een milkshake te veel tijd kostte. Een ijsje kon wel (ijsje heeft immers minder letters, en dat gaat sneller dan milkshake). Maar nee geen ijsje voor ons, dan maar naar de Quick-buurman.
Inmiddels was het wel weer tijd geworden om weer op huis aan te gaan. Zo’n 45 minuten en we zijn weer bij het huisje. De afstanden vallen hier reuze mee, daar kan Amerika nog iets van leren!
Zeg maar steel, want dat is korter en dat scheelt tijd
Die tekst hoorden wij gisteravond op de radio toe wij van het kasteel van Bourscheid naar het kasteel van Vianden reden. Beide kastelen zijn ‘s avonds verlicht en wij wilden dat even controleren. En ja hoor, ze waren beide verlicht. Het werd nog wel even benauwd voor ons, want het is natuurlijk niet de eerste keer dat ze ergens het licht uitdeden toen we gingen staan om een paar foto’s te maken. (Voor degenen die het niet meer weten, de verlichting van skischans bij Lillehammer ging twee jaar geleden uit net toen wij de hoek om kwamen gelopen.) Maar het licht bleef branden.

Maar goed, dus waarom steel, en waarom zou het tijd moeten schelen? Het eerste is vrij logisch. Steel is een afkorting van het woord kasteel en steel is korter dan kasteel, dus dat is snel verklaard. Maar waarom het tijd zou moeten schelen? Ik heb werkelijk geen idee, want als er iets is wat we hebben op het moment, dan is het wel tijd. Maar als ik dan terugkijk op wat we vandaag allemaal met onze ogen hebben mogen aanschouwen, dan moet het haast wel zo zijn dat we door het doorkruisen van drie tijdzones, drie uur tijd hebben gewonnen. Maar ja, Luxemburg is een klein land, dus de kans is waarschijnlijk bijna 0% dat we überhaupt één tijdzone hebben doorkruist (of het moet zo zijn dat de kaboutertjes een geintje hebben uitgehaald vandaag.), dus ergens moeten we tijd mee hebben verdiend. Misschien hebben we die tijd dan wel echt verdiend door het woordje kasteel af te korten tot het woord steel.
Nu is de vraag natuurlijk wat we dan allemaal hebben gezien in zo weinig tijd. Om het in het kort samen te vatten:
- Een paar watervallen
- Verschillende steile rotswanden (inclusief klimmers)
- Een stadscentrum
- Een basiliek (hoewel dat wel een heel groot compliment voor dit bouwwerk in Echternach is)
- Een abdij
- 9 stelen (Voor degenen die de bovenstaande tekst hebben gelezen weten dat we kastelen bedoelen).
9 stelen zul je nu misschien wel denken? Inderdaad 9. Nadat we vanochtend in alle vroegte op weg zijn gegaan naar Klein Zwitserland om het eerste punt van ons wensenlijstje af te kunnen strepen (de waterval Schiessentümpel), zijn we doorgegaan naar Echternach, alwaar we na het genot van een heerlijk kopje koffie hebben genoten van een wandeling door het centrum. We hadden hier ook nog het geluk dat we de basiliek en de abdij met onze eigen ogen hebben mogen aanschouwen. O ja, onderweg naar Klein Zwitserland hebben we even een tussenstop gemaakt in Beaufort om daar de ruines van het (ka)steel te gaan bewonderen. Maar goed, Echternach dus voorbij en wat dan te doen? We kwamen uit op de zeven kastelen route. (Die benaming is dus eigenlijk verkeerd, de titel van dit verhaal in ogenschouw genomen. Het zou dus eigenlijk de zeven stelen route moeten heten. Misschien is het verstandig om consequent de eerste twee letters van het bewuste woord te laten vallen, anders wordt het wel heel erg verwarrend voor iedereen.) De zeven stelen route dus. Onderweg naar het beginpunt, kwamen we al een heel leuk steeltje tegen. Werd het dus gelijk de acht stelen route. En met dat ene steel van Beaufort erbij kom je dus op negen. Luxemburg zou zich met recht het land van stelen mogen noemen. We zijn nu amper twee dagen hier en we hebben in totaal al twaalf stelen gezien. Namelijk:
- Clervaux
- Bourscheid
- Vianden
- Beaufort
- Bourglinster
- Koerich
- Septfontaines
- Ansembourg
- Hollenfels
- Mersch
- Schoenfels
- Marienthal
Als ik zo allemaal terugkijk naar wat we vandaag hebben gezien, dan moet het afkorten van het bewuste woord welhaast de oorzaak zijn van zoveel tijdswinst dat dit allemaal mogelijk is geweest.
Hieronder de dag in beeld.








Deze hond dacht misschien dat we de steel van Septfontaines wilden hebben, dus kwam hij even snuffelen.




Gele stenen
Vandaag stond het nationale park Yellowstone op het programma. Het is een ontzettend groot en schitterend park. Eigenlijk teveel om in één dag te kunnen zien.

Het heeft ongeveer de breedte van Eindhoven naar Bergen op Zoom en de lengte van Eindhoven naar Groningen. We hebben ons best gedaan om de hoogtepunten eruit te halen.
De folder leerde ons dat er veel wild in het park leeft, maar dat met name de beren zich schuil houden voor (meer…)
Dozen en oranje mapjes
Vandaag zouden we weer een klein hoogtepunt gaan bezoeken. En dan met de nadruk op klein. En een hoogtepunt is dan ook nog het verkeerde woord. Het zou beter zijn om van een middelpunt te spreken. Vlakbij Rapid City ligt namelijk het geografische middelpunt van de Verenigde Staten van Amerika. Niet heel bijzonder maar wel leuk om te zien. Het stond namelijk op onze landkaart aangegeven en zou niet zo heel ver van de route af liggen die we zouden gaan volgen naar onze volgende bestemming. Slechts een kleine honderd kilometer zou het om zijn. Vanmorgen dus rond acht uur aangereden. Voor de meesten bij jullie was dat de tijd dat het weekend bijna begon. Wij lopen namelijk 8 uur achter op jullie. Na een kleine 30 mijl kwamen we bij de afslag richting Castle Rock. De weg werd leger en leger en rechter en rechter. Na een uur rijden zonder een noemenswaardig aantal auto’s te hebben gezien (2) kwamen we aan bij Caste Rock. Castle Rock is een plaats waar met recht het bord “Welkom in … dit was…” zou kunnen staan. Het dorpje bestaat namelijk om precies te zijn uit 1 huis en 2 schuren. Wel vroegen we ons af wat een paar personen die in één huis wonen, met een -tigtal auto’s moeten. Nu zagen de meeste daarvan er wel uit ofdat ze al enkele decennia geen meter meer gereden hadden, maar goed, ze stonden er toch maar. Maar goed, nu moesten we linksaf slaan. Zo gezegd, zo gedaan. Aan het einde van de weg weer links af slaan om weer terug richting de higway te gaan. Aan deze weg zou het middelpunt van Amerika moeten liggen. Er leek geen einde aan de weg te komen. Één lange rechte weg. Op het moment dat we echt gingen denken dat we alleen op de wereld kwamen, passeerden we een auto met aanhanger die in de berm stond. Op de aanhanger stond, geloof het of niet, Wij verkopen verpakkingsmaterialen en dozen (wel in het Engels natuurlijk). Ben je ik weet niet hoe ver van huis, bijna precies in het midden van Amerika, staat er iemand in de berm die je even doodleuk aan je werk herinnert. Het verhaal zou wel helemaal compleet zijn geweest als er iemand een klein stukje verder oranje mapjes zou staan te verkopen. Een behoorlijk eindje verder stond het bord (meer…)

