Het grootste gedeelte van de van deze korte trip zit er al weer op. Zoals altijd, zijn we over de helft voordat we het weten. Maar niet getreurd, als er geen einde komt aan deze vakantie, dan komt er nooit een volgende vakantie meer. Aan deze wijsheid houd ik me altijd maar vast. En het werkt.

Maar wat bracht de dag van vandaag ons. Nu wel, een bezoekje aan Valletta stond er op het programma. En omdat we geen zin hadden om tol te betalen en lang wilden zoeken voor een parkeerplaats, zijn we, wijs als we zijn, met de bus gegaan. Dit is een fluitje van een cent, omdat het busstation slechts 100 meter verwijderd is van ons appartement. Met een allerliefste glimlach heb ik het ook nog voor elkaar gekregen om twee dagkaartjes te scoren voor het bedrag dat normaliter alleen een ‘local’ hoeft te betalen. Na een uurtje onderweg te zijn geweest, bracht de bus ons heelhuids naar de hoofdstad van het eiland. Op de valreep heelhuids, aangezien iedereen nog maar ternauwernood uitgestapt was toen de buschauffeur zijn bus parkeerde tegen de achterliggende bus. Toch vervelend als je als buschauffeur op Malta eigenaar bent van je bus.

Zoals eigenlijk heel Malta, heeft ook Valletta ons positief verrast. Het is niet al te groot, dat moet gezegd worden, en na een uurtje of zes door de stad gedwaald te hebben, heb je alle bezienswaardigheden wel zo’n beetje bekeken en heb je ook nog even de tijd gehad om je dorst te lessen. Als je op Malta bent, is het toch wel een must om ridders te aanschouwen. In ieder souvenirwinkeltje kom je de ridders van Malta tegen. Dus daarom hebben we vandaag een museum bezocht waar tal van ridders, harnassen, kanonnen et cetera te aanschouwen waren. Dit gedeelte van het museum was niet onaardig, maar het paleisgedeelte was zeer fraai te noemen. Met schitterende schilderijen, wandschilderingen en wandkleden.

Wandkleden waren er overigens ook te zien in de Kathedraal. Dit was een van de weinigen kerken die we open treffen op Malta. Alle kerken zijn hier gesloten, je kunt er dus donder op zeggen, dat wanneer je en kerk open treft, je er ook entree voor dient te betalen. Dat was bij deze kerk ook het geval, maar je kreeg er ook direct een stukje museum bij. Met als pronkstuk het schilderij waarop Johannes de Doper afgebeeld staat. Helaas mochten we hiervan geen foto’s nemen.

Tussen alle bezigheden door, hebben we natuurlijk ook weer een aantal keren onze naam in een boekje mogen krabbelen, waardoor de 2100ste vondst wel erg dichtbij gaat komen. De cache met uitzicht over de grote haven, was één van de fraaiste van vandaag. Wie weet wat de 2100ste zal gaan brengen.

Moe maar voldaan, zijn we laat op de middag weer naar het busstation getogen, en bracht de bus ons weer veilig naar Bugibba, het eindpunt van de lijn en onze thuishaven voor deze week.