Nicht zum verkauf
Kukukelekuu……. Kukukelekuu….. Ik draai me om en doe mijn ogen weer dicht. Maar net vijf minuten later is het weer prijs. Kukukelekuu…… Kukukelekuuuu…. De aanhouder wint zeggen ze wel eens, dus druk ik maar op de uitknop van de wekker op de telefoon. Het is tenslotte al vijf over zeven, dus is het weer tijd om op te staan. Nu moet ik zeggen dat vandaag de eerste keer is dat we de wekker hebben gezet, zodat we zeker op tijd uit bed zouden zijn. Tenslotte hebben we een rustvakantie, dus daar hoort uitslapen ook bij. Maar vandaag stond de training van de Spaanse rijschool op het programma, en daarom moesten we een beetje bijtijds opstaan, zodat we gewoon op ons gemakje konden ontbijten en dat we niet hoefden te rennen om op tijd te zijn bij de rijschool.

Wel één ding is zeker we hoefden niet te rennen om op tijd te zijn voor de training van 10 uur. We hadden zelfs tijd om koffie te drinken vóórdat de deuren open gingen. De training was precies wat ik er van had van verwacht. Niet meer, en niet minder. Marieke had er meer van verwacht, dus die was wel een beetje teleurgesteld. Met de nadruk op een beetje dan, want het was wel de moeite van het bezoeken waard. Het is zeker iets om gezien te hebben, zeker omdat in geen enkele andere stad op de wereld iets dergelijks is te zien. Wel jammer is dat je tijdens de training geen foto’s mocht maken. Heb ik me dus ook maar braaf aan gehouden. Ook omdat er continue twee heel boos kijkende mannen patrouilleerden om te kijken of dat iemand het lef had om maar naar zijn fototoestel te wijzen.

Hierna weer op pad, want Wenen is een grote stad waar ontzettend veel te zien is. Je komt ogen en vooral geheugenkaartjes te kort. Hier zou ik Polle Eduard weer kunnen citeren, maar ik denk dat iedereen nu wel weet wat ik zou gaan typen. Ik kan mijn tijd beter voor andere dingen gebruiken, er is tenslotte nog zoveel te doen.
Na de training eerst maar weer eens een kopje koffie gehaald om daarna middels een wandeling via het Hofburg-complex, het Altes Rathaus, de Votivkirche en de schitterende Freyunggallerij bij de Karlskirche te eindigen. Ik typ het hier in één regel, maar ik denk dat iedereen wel begrijpt dat we hier toch een enkele uren over hebben gedaan. Maar goed, de Karlskirche dus.

Toen we eenmaal binnen waren, dachten we dat we wéér eens pech hadden en dat ze alles in de steigers hadden gezet. Niets was minder waar bleek achteraf. Deze steigers behoorden toe aan een lift die je in een mum van tijd bracht tot 45 meter hoogte,vanwaar je op een groot platform de koepel kon bekijken. Bovenop dit platform stonden nog meer steigers. Via de trappen op deze steigers kon je helemaal tot boven in de koepel komen. De hoogte van het bovenste platform was maar liefst 62,5 meter.

Niet nadenken, kijken en foto’s maken was hier het devies. Dit omdat de steiger niet het idee gaf dat deze heel stevig in elkaar gezet was. Bij iedere stap die iemand zette, schudde het geheel heen en weer. Nadat we weer voet op vaste bodem hadden gezet zijn we richting het stadtpark gegaan. Na een korte wandeling van ongeveer een uur gaan we weer richting het hotel om daarna wat te gaan eten bij de oude ploeg.

O ja. Zoals al onze stukjes een titel hebben zo ook deze. Zoals alle titels een betekenis hebben die in het verhaal uitgelegd wordt, zo ook hier. Zoals gezegd, waren we vanmorgen ruimschoots op tijd bij de Spaanse rijschool om nog een kopje koffie te drinken. Zoals meestal het geval is, is het geen koffie, maar cappuccino, maar dat terzijde. Vorig jaar hebben we in Amerika kennis mogen maken met het fenomeen Starbucks. Een formule waar ze allerlei verschillende soorten koffie in een kartonnen beker á la McDonalds uitserveren. In Nederland is deze keten niet bekend, maar ook hier in Wenen zitten er verschillende. Zo was ook onze eerste koffiestop hedenochtend bij Starbucks. Gisteren hadden we al mokken van Starbucks gezien, en het leek ons wel leuk om deze een paar te kopen voor thuis. Helaas vertelde de verkoper ons dat ze de mokken niet meer hadden. ‘s Jammer. In de etalage van de Starbucks van vanochtend, stonden deze mokken ook opgesteld. In de winkel konden we deze mokken echter niet ontdekken, dus ook hier maar weer gevraagd. De verkoopster vertelde me dat deze mokken niet verkocht mochten worden van de chef. Na een uitleg dat ik dat jammer vond en dat ik al vele Starbuckswinkels over de hele wereld had bezocht én dat ik toch wel héél erg graag zou willen weten hoe ik dan aan zo’n mok kon komen, vroeg ze me om een moment geduld te hebben. Ze liep naar achter en nog geen minuut later, kwam ze terug met in een tas een mok ingepakt. Na mijn vraag wat deze mok zou moeten kosten zei ze: “Niets, van mijn chef mag ik geen mokken verkopen.” En ze lachte vriendelijk………..

The sound of music
Rare titel zullen jullie wel denken. Die twee vergissen zich, want de sound of music hoort toch echt in Salzburg thuis. Maar niets is minder waar. Vanavond hebben wij een weel heel speciale versie van “Do-re-mi” gehoord. Een groep van zo’n 30 Schotse voetbalsupporters, in volornaat, zongen als een perfect gemengd koor (ja wel, ook de vrouwelijke supporters hebben de oversteek gemaakt) dit nummer uit de overbekende musical. De mensen in het centrum van Wenen konden het wel waarderen, ze kenden hun klassiekers. En net nu ik dit stukje aan het typen ben met op de achtergrond de wedstrijd Oostenrijk-Schotland op de TV, zingen de Schotten het nummer weer uit volle borst, ze staan dan ook met 1-0 voor. Maar goed dit was dus vanavond toen we in het centrum op zoek gingen om iets te kunnen eten en te genieten van onze eerste Starbuck’s koffie in Wenen.

Maar de dag is begonnen met een bezoek aan het Hundertwasserhaus. Dit huis is in 1985 gebouwd en heeft iets weg van Casa Mila in Barcelona. Alleen dus niet van de hand van Gaudi, maar van die van Hundertwasser.

11 Jaar geleden toen ik al eens in Wenen ben geweest, hebben we hier koffie gedronken voor een bedrag van 9 gulden per kopje. (het kopje mocht je weliswaar houden). We hielden dan ook ons hart vast, voor de koffieprijs in het Eurotijdperk. Maar het viel reuze mee, Eur 2,70 voor een kopje cappuccino. (het kopje mocht je helaas niet meer meenemen voor dit geld.).

Op naar het Prater. Nu zijn wij geen van tweeën liefhebbers van de kermis, maar deze mochten we toch niet overslaan. We gingen uiteraard voor het Wiener-Riesenrad. En we hebben ook maar een rondje meegedraaid. Hij stopte deze reis maar twee keer. En het waaide nogal hard, waardoor de gondel wel wat op en neer ging. Maar ach dat mocht de pret niet drukken. Nog een paar foto’s gemaakt van het uitzicht, met onder andere het Ernst-Happelstadion.

Ik heb maar besloten om er niet helemaal heen te wandelen en genoegen te nemen met een uitzicht van bovenaf. We hebben immers nog zo veel te doen (Daar heb je Polle weer!). Na een dure en erg sterke kop chocolademelk en een sprong over het toegangspoortje van de wc (na Eur 7.00 te hebben betaald voor twee drankjes, wenste ik geen 50 Eurocent meer te betalen voor de wc) weer verder op pad.

We wilden vandaag ook het Central Friedhof met een bezoekje vereren. En niet om alle 2,5 miljoen graven te bekijken, maar wel om een indruk te krijgen en een paar dode componisten te zien. Daar aangekomen bleken ze ook nog een schitterende kerk en een mooie galerij te hebben. We hebben alleen het graf van Schonberg gevonden en dat van de vader van Strauss. Maar het was de moeite waard.

Yangyang & Longhui
Söndernangebot. Vier kaiserbroodjes voor €0,60 en 6 stuks voor €0,54. Dat zijn nu de aanbiedingen waar ik eerlijk gezegd niet heel erg veel van begrijp. Want hoewel we in eerste instantie vier broodjes wilden kopen, was een blik op het reclamebord ruim voldoende om te besluiten dat we toch echt wel zes broodjes moesten hebben. Want het is tenslotte voordeliger om er twee weg te gooien. ????

Vandaag stond Schönbrunn op het programma. Bij de meeste mensen is dit paleis vooral bekend van de Sisi films. Maar om eerlijk te zeggen ben ik niet zo’n grote liefhebber van de Sisi films, dus ook daar ken ik het paleis niet van. Een reden te meer om het te gaan vereren met een bezoekje. Na een kort overleg, hebben we besloten om er een echte Sisi-dag van te maken en over te gaan op de aanschaf van een zogenoemde gold-pass. Hoewel niet echt goedkoop (€36,- p.p.), denken we dat we er ruim voldoende aan zullen hebben om ons de hele dag hier te vermaken. Met deze pas hebben we in het gehele park vrij toegang. Van het keizerlijk paleis tot aan het doolhof en alles wat zich daartussen bevindt.

Los zijn deze dingen allemaal maar een paar euro entree, maar we denken allebei dat we dan toch het een en ander links zullen laten liggen omdat het misschien niet zo heel erg interessant is. En dat is maar goed ook blijkt achteraf, want alles wat we hebben gezien is meer dan de moeite van het bezoeken waard.

Een van de hoogtepunten van de dag, waar we zeker geen los kaartje voor zouden hebben gekocht is de dierentuin in het park. Het bijzonder van deze dierentuin is dat er twee pandaberen zitten. Alhoewel zitten is misschien wel het verkeerde woord. De panda’s, Yangyang & Longhui (Mannetje & vrouwtje volgens de borden, waarschijnlijk hopen ze nog op wat andere actie dan eetactie van deze dieren. Panda’s brengen namelijk 55% van hun tijd door met eten en 44% van de tijd door met slapen. In de overgebleven 1% zullen ze waarschijnlijk wel moeten poepen. En als dat niet zo is…. wie weet.), liggen de gehele tijd dat wij ze hebben bewonderd op hun rug. Verder hebben ze in deze dierentuin ook nog koala’s en ijsberen. Ook zijn er keizerpinguïns, maar die waren helaas op vakantie. ‘s Jammer.

Ook hebben we hiervoor nog het palmenhuis bezocht. Dit is een grote kas, waar allerlei zeldzame en iets minder zeldzame planten gekweekt worden. Al met al, hadden we toegang tot 9 attracties binnen het park. Doordat het allemaal rond 17:00 uur gesloten zou zijn, hadden we zoveel te doen (Polle Eduard weer!!!), dat we op het einde nog moesten rennen om overal op tijd te zijn. Hierdoor hebben we het doolhof letterlijk links laten liggen.

Al met al was het weer een enerverende dag, waarop we zoveel hebben gelopen dat de voetjes nu weer een klein beetje pijn doen. Maar het was de moeite meer dan waard.

bunkeren
De eerste zonnestralen priemen tussen de gordijnen door voorzichtig in mijn ogen. Langzaamaan word ik wakker en sta op mijn gemakje op. Heerlijk even rustig een douche nemen om daarna lekker ontspannen te gaan genieten van het ontbijt. Als we dit allemaal achter de rug hebben, dan is het gedaan met het rustig aan, ontspannen of hoe je het ook allemaal wilt noemen. De zon brand volop en hoeft geeneens echt zijn best te doen om binnen afzienbare tijd het kwik wederom richting de 29 graden te jagen. En wij? Wij willen nog even wat hapklare brokken Linz gaan verorberen voordat we in ons zwarte gevaar richting Wenen gaan.

Op internet heb ik al wat foto’s gezien van Linz. Het is wel een aardige stad. Tenminste, voor zover ik dat kan beoordelen aan de hand van een tiental foto’s. Hoofdzakelijk kerken en een leuk plein. Dus we hebben in ieder geval een doel om te gaan bezoeken. Na wat kerken te hebben bezocht en het plein te hebben bezichtigd, zagen we dat er ook een speciaal tramlijntje was. In hoever kan een tramlijn nu speciaal zijn, zul je misschien wel zeggen? Wel deze lijn is de steilste tramlijn van Europa.

Dus dat is op zich wel iets wat de moeite waard zou kunnen zijn. En inderdaad, na een korte steile tocht naar boven konden we genieten van opnieuw een kerk en het uitzicht over de stad Linz. Met name ‘s avonds zal dit uitzicht fantastisch zijn. Maar ja. Er is nog zoveel te doen, zoals Polle Eduard het zingt. Geen uitzicht op Linz in het donker dus, maar op weg naar Wenen.

O ja, hoe was het hotel in Linz. Niets op aan te merken. Behalve dan de prijzen om de tafel te dekken. Maar het ontbijt was om het heel zachtjes te zeggen, vrij uitgebreid. Zalm, haring, notenkaas, kwark, ei met ham en spek, roerei. Eigenlijk alles wat je kon verzinnen om te eten bij een ontbijt was ergens aanwezig. Behalve…. Een gekookt eitje. ‘s Jammer.

Twee uur, 189 kilometer en één kop cappuccino verder zijn we aangekomen in Wenen. Net voor etenstijd. Een kleine teleurstelling is dat bij het hotel geen restaurant zit dat ook ‘s avonds geopend is. Gelukkig hebben we als snel een restaurant gevonden op amper 100 meter afstand van het hotel. Zum alten Plug heeft het restaurant. Voor de deur staat heel potstierlijk een Hummer H2 geparkeerd met kenteken W-PFLUG1. We worden al bang dat de gerechten op de kaart duurder zullen blijken te zijn, dan de aankleding van het restaurant doet vermoeden. We bestellen een grilschotel voor twee personen á €19,- Met de Hummer nog vers in het geheugen, zijn we ervan overtuigd dat we straks ongeveer een €50,- zullen moeten betalen. Helemaal als eenmaal de grilschotel op onze tafel staat. Op deze schotel bevinden vier grote spareribs, een spies met zes grote stukken vlees, een karbonade, een braadworst en een schnitzel. Het geheel is afgemaakt met zuurkool en gebakken aardappels. Nadat we al dit heerlijks op hadden gegeten en in plaats van scheel van de honger, scheel keken van té veel eten, vroegen we om de rekening. In plaats van dat we dubbel zagen, zagen we maar de helft, want de rekening bedroeg €24,70. Nog geen vijfentwintig euro voor al dat vlees en drie grote glazen fris. Het is bij ons nagenoeg onmogelijk om bij de Albert Heijn voor dit geld zoveel vlees te kopen, laat staan dat het ook nog eens gebakken en opgediend wordt.

Daarna met de metro naar het centrum. Na een bliksembezoek aan de Stephansdome en de Mac voor een beker cappuccino gaan we heerlijk genieten van onze welverdiende rust in het hotel.

En hoe is dan het hotel in Wenen zul je je misschien wel afvragen. Hypermodern, met een schuifwand in de kamer die de keuken aan het oog kan ontrekken. Of de badkamer. De keuze is reuze. Behalve dan als je kiest om ze allebei tegelijkertijd af te dekken. Zo groot is de schuifwand nu ook weer niet.
Tafeltje dekje
Links, rechts…. Links, rechts…. Links, rechts…. Links, rechts…. Links, rechts…. Links, rechts…. De ruitenwissers vliegen in een moordend tempo over de voorruit. Een kans om rustig ingeveegd te worden krijgen de rubbers niet. Gelukkig blijken de rubbers in de fabriek al getest te zijn en houden ze het zicht helder.
Regen dat was wat ons ten deel viel, toen we vanmorgen de auto aan het inpakken waren. En niet zomaar een paar druppeltjes. Nee, het leek wel of de zondvloed over ons werd uitgestort. Men krijgt wat men verdient zeggen ze wel eens, maar om nu heel eerlijk te zijn heb ik niet het idee dat één van ons tweeën zo’n stortbui ergens aan heeft verdiend. Jammer, maar helaas. Om nu snel in de auto te gaan zitten en alle spullen thuis te laten staan, lijkt me ook niet zo’n heel erg goed idee, dus hebben we maar een poging gewaagd om tussen de regendruppels door de auto te bereiken met de tassen in de hand. Dat was eerlijk gezegd niet zo’n heel groot succes. Van de voordeur naar de auto is om precies te zijn 350 centimeter. En laten die 350 centimeters naar de auto toe rennen met een tas in de hand, 15 seconden om diezelfde tas in de auto te zetten en die 350 centimeters weer terug naar binnen rennen, precies genoeg zijn om helemaal nat te worden. Een lekker begin van de vakantie dus.
Maar we zijn niet bij de pakken neer gaan zitten, en hebben gewoon nog een keer die 350 centimeters in recordtempo afgelegd en zijn op weg gegaan naar Linz. Rond een uur of tien werd de regen langzaamaan minder. Gelukkig maar, want hoe verder we van huis waren des te mistroostiger werden wij. Toen het lunchtijd was, had de zonnegod het definitief van de regengod gewonnen en al spoedig rees het kwik richting de 29 graden. Samen met het weer, werd ook onze stemming beter. Gelukkig was het rustig op de weg en konden we heerlijk doorrijden. En ik moet eerlijk zeggen dat de Cruise Control met deze afstanden simpelweg heerlijk is. Even voor half zes, waren we bij het hotel in Linz. En hier hebben we meteen kennis kunnen maken met een voor ons nog onbekend fenomeen met betrekking tot eten. Als je hier wilt eten, dan moet men €2,- per persoon betalen om de tafel te laten dekken.
Ben ik toch benieuwd waar ze je eten laten als je dat weigert te betalen…..


